Het moment waarop ik Roy Beukenkamp ontmoette voelde zo onwerkelijk voor mij. Waarom was hij daar? en waarom kwam ik hem uitgerekend tegen toen ik zo in een dip zat? Moest het gewoon zo zijn? Ook al heb ik tot de dag van vandaag nog steeds geen antwoord op al mijn vragen, één ding is zeker, het was motiverend. Vanaf de dag dat hij tegen mij heeft gezegd dat ik nooit moest opgeven heb ik dat ook niet gedaan.
Vrijwel vlak na de ontmoeting ben ik op voetbal gegaan en heb ik me jaren lang uit de naad gewerkt om goed te worden. Ook kreeg ik voor mijn 9e verjaardag een weekpasje waarmee ik iedere week naar de voetbal wedstrijden van ADO Den Haag kon gaan. Iedere week zat ik weer met mijn vader of soms zelfs met mijn opa. Beiden waren we dan helemaal in het groen en geel gekleed, net als de kleuren van de club zelf.
Ook heb ik zelfs een aantal trainingen van het team mogen zien. Dat vond ik vooral erg leuk omdat ik alle spelers dan ook kon ontmoeten. Voordat ik naar de eerste training ging had ik een boekje gemaakt met alle namen van de spelers, inclusief een foto erbij geplakt. Vervolgens vroeg ik ze een voor een of ik een handtekening van ze mocht. Als er dan soms een speler niet was, waar ik wel op gerekend had kon ik daar ook ontzettend van balen. Maar ach, volgende keer beter dacht ik dan.