Herzuiling is ons antwoord op de Deughegemonie
Vorige maand slingerde ik de discussie over een Nieuwe Zuil opnieuw aan. Dit was onder meer op Sauls Place HQ, de website van Forum voor Democratie en in een publicatie van De Andere Krant. Ik ben al deze actoren dankbaar voor de aandacht die zij schenken aan dit belangrijke en levensbepalende onderwerp. Er zijn ook reacties gepubliceerd in De Andere Krant, door Karel Beckman en Willem Engel. Gaarne neem ik de gelegenheid te baat om hierop te reageren, en zal deze reacties eveneens integraal citeren.
Allereerst een korte recapitulatie van waar deze discussie in de kern over gaat. Miljoenen Nederlanders staan kritisch tegenover massa-immigratie, het idee van de maakbare samenleving, de opkomst van woke en de islam, en het cultuurmarxisme van de technocratische elite. Dit zijn patriotten, gewortelde burgers en vrijdenkers die houden van Nederland, maar geen podium hebben binnen het gesubsidieerde culturele landschap – waar ze wel aan moeten meebetalen. Dankzij de toetreding van Ongehoord Nederland tot het publieke bestel lijkt hier nu voor het eerst verandering in gekomen. Technocratisch bestuur laat weinig ruimte voor levensbeschouwelijke pluriformiteit en besluitvorming via dialoog. Dit zien we voortdurend op dossiers als corona, stikstof en klimaat.
Wat is een zuil?
De zojuist omschreven beweging die hunkert naar realisme, kan alléén stand houden als hij geworteld raakt in een nieuwe zuil. Een sterke zuil biedt samenhang en morele steun. Hiermee biedt zij een antwoord op de cancel culture en de heersende deughegemonie, die onze vrijheid en identiteit bedreigen. In deze tijd waarin de samenleving steeds verder fragmenteert en traditionele bindingen vervagen, pleit ik voor een Nieuwe Zuil – een moreel en sociaaleconomisch baken voor patriotten en vrijdenkers die buiten het gesubsidieerde culturele landschap vallen.
Zonder een sterke zuil wordt de samenleving blootgesteld aan de invloed van Big Tech, influencers, en populistische leiders die geen verantwoording afleggen aan een historisch gegroeide gemeenschap. In een verzuilde samenleving is het duidelijk wie de morele en intellectuele leiders zijn, en dat geeft transparantie en controle over wie de massa’s stuurt. In tegenstelling tot de huidige situatie waarin individuen geen rekenschap meer afleggen, zorgt de zuil voor binding en moreel toezicht vanuit de gemeenschap, in plaats van via de anonieme technocratische surveillance van de overheid.
Voordat wij verder gaan naar de antwoorden van Willem Engel en Karel Beckman, wijs ik graag op mijn boek over dit onderwerp, Kerkgangers en Zuilenbouwers, voordelig te bestellen via de Duitse versie van Amazon:
Kerkgangers & Zuilenbouwers : Lukkassen, Dr. Sid: Amazon.de: Books
Reactie van Karel Beckman: De tijd van zuilen is voorbij
“Sid Lukkassen heeft ongetwijfeld gelijk waar hij het belang onderstreept van gewortelde gemeenschappen. Maar moet dat persé in de vorm van een ‘zuil’? Wat is precies een ‘zuil’? In het verleden was er sprake van een aantal min of meer ‘gelijkwaardige’ bevolkingsgroepen (‘zuilen’) die in Nederland langs elkaar heen leefden en elkaar tolereerden. Die hadden niet alleen eigen omroepen, maar ook eigen kranten en tijdschriften, (sport)verenigingen, en zelfs eigen winkels. Je had een christelijke (protestantse), katholieke en socialistische zuil.
Die zuilen besloegen echter niet de hele maatschappij. In de loop der tijd voelden steeds meer mensen geen binding meer met één van die zuilen. Daar was zelfs een woord voor: ontzuiling. Liberalen bijvoorbeeld hebben nooit echt een zuil gehad. Ik herinner me nog dat quasi-liberale publieke omroepen als Avro en Tros het verwijt kregen dat ze niet echt voor een ideologie stonden (dat heette ‘vertrossing’). Volgens sommigen hadden ze daarom helemaal geen recht op een plaats in het omroepbestel.
Volgens Lukkassen leven we nog steeds in een verzuilde maatschappij, maar dat is twijfelachtig. We leven in een gefragmenteerde maatschappij. Kijk maar naar het aantal partijen in de Tweede Kamer. De islam is misschien een uitzondering en er zijn nog wat kleine christelijke groepen, maar dat zijn nauwelijks zuilen te noemen. Lukkassen noemt de cultuurmarxisten de op dit moment allesoverheersende zuil, maar een zuil die alles overheerst is geen zuil.
Hij heeft wel gelijk dat onze gefragmenteerde samenleving wordt gedomineerd door een technocratische, globalistische, cultuurmarxistische consensus. Wil je je daar tegen verweren door een terugkeer naar de verzuiling, dan zul je op zijn minst een aantal verschillende zuilen moeten opzetten. Eén ‘tegenzuil’ zal weinig kans maken tegen de heersende macht en loopt het risico te worden weggevaagd. Veel mensen (waaronder veel lezers van De Andere Krant) zullen zich bovendien niet thuis voelen bij een ‘patriottistische’ of ‘rechts-realistische’ zuil, omdat ze zich niet ‘rechts’ voelen.
Maar ik denk dat de tijd van ‘zuilen’ voorgoed voorbij is. Mensen willen niet meer in hokjes zitten. Volgens Lukkassen heeft individuele vrijheid de bescherming nodig van een zuil, maar zuilen kunnen wel degelijk repressief en benauwend zijn. Nostalgie naar de jaren vijftig is precies dat: nostalgie. Er is geen reden om aan te nemen dat dit zo’n ideale tijd was.
Hoe moet het dan wel? Wat ik voor me zie zijn heel veel verschillende grassroots ‘bewegingen’ – denk aan antroposofen, libertariërs, christenen, moslims (die horen er ook bij), conservatieven, beroepsverenigingen, nieuwe vakbonden (heel belangrijk!), die met elkaar het streven naar vrijheid delen – én die zich verenigen in een overkoepelende beweging, die onze grondrechten in ere herstelt, en ons eigen parlement ‘terugpakt’. Geen eenvoudige opgave, dat is duidelijk. Het lijkt me in ieder geval een goede zaak als de rechts-realisten van FVD en Lukkassen hun eigen biotoop creëren, en als anderen dat ook doen. Vervolgens kunnen we proberen ons te verenigen.”
Reactie van Willem Engel: Een eigen zuil is er al
“De verzetsbeweging moet zich ontwikkelen om relevant te blijven. Hij bestaat op dit moment vooral als een overblijfsel van het verzet tegen de Covid-maatregelen. Toen er een gemeenschappelijk doel was kon er met de nodige horten en stoten wel worden samengewerkt, dat lijkt nu ver weg.
Ik zie wel met name in de nieuwe media verbeteringen, ON zonder Karskens doet het veel beter, Blckbx heeft ook een goede draai gemaakt na de desillusie van de PVV. Ook zijn er veel initiatieven die meer zelfbeschikking promoten. Wat ontbreekt is inzicht. Te weinig mensen zien wie en wat de sturende krachten zijn, waar zij naar toe sturen en wat de valkuilen zijn.
De hoop op een verlosser vanuit de politiek of vanuit de VS of Rusland blokkeert eigen leiderschap. Ook is het ambivalente gedrag naar media, wetenschap en rechtspraak een groot probleem. Omdat mensen in het verzet veelal niet objectief zijn en niet hun eigen grenzen kennen, pakken ze de kersen uit deze gremia zonder te zien wat goede wetenschap is of goede rechtspraak of goede media. Het is belangrijk dat we mensen gaan opleiden tot journalisten, zodat iedereen zich blijft uitspreken. Een strak hiërarchische organisatie is niet de weg, het is simpelweg niet mogelijk.
Een eigen zuil bestaat al. Als ik met mensen spreek die zich niet lieten prikken dan merk ik diepe wonden over wat de overheid hen aandeed. Zij werden buitengesloten en vergeten dat niet meer. Het vertrouwen is weg en komt met het huidige beleid niet terug. Echter, dit rechts noemen is een fatale fout. In het verzet zit net zoveel 'links' (de termen zijn oud en verdeel en heers, maar voor de sake of argument gebruik ik ze). Een zuil geeft het valse idee dat er politiek wat te halen zou zijn. De zuil is er al, hoe activeren we die, daar moet het over gaan, mijns inziens.
Er komt de komende tijd nog heel veel op ons af. The great reset, Agenda 2030, Agenda 21, De vierde industriële revolutie, One Health, het zijn allemaal termen en programma's voor social engineering. Dit soort pogingen werden gedaan onder alle totalitaire regimes. Mao was ook goed in namen: de Grote Sprong Voorwaarts en Laat Duizend Bloemen Bloeien. Deze agenda’s brachten het volk onder controle en roeide de oppositie uit. Het doel van dit alles is de intensieve menshouderij. Dat is een moeilijk te bevatten begrip. Zeker de Nederlander kan zich niet voorstellen dat de overheid dit doet en hoe het leven zou zijn zonder rechten. Dat ongeloof is funest. Als er niet wordt ingezien dat de coup al is geweest en dat het echt levensbedreigend wordt, is er weinig te redden.”
Naschrift door Sid Lukkassen
Hartelijk dank voor uw visies, en voor de moeite die u heeft genomen om deze op schrift te stellen en te publiceren. Waar Willem Engel stelt dat er al een basis van een zuil bestaat, benadruk ik graag dat deze zonder organisatiekracht blijft hangen in vrijblijvendheid.
‘Repressief’ karakter van een zuil
Laat ik allereerst ingaan op Beckmans tegenwerping dat een zuil in enige mate “repressief” zou zijn. Een zuil is hoe dan ook niet minder repressief dan de huidige toestand, waarin de machthebber ons dwingt om bij te dragen aan cultuurgoed en instellingen, die onze culturele en levensbeschouwelijke voorkeuren demoniseren. Op onze scheppende kracht wordt belasting geheven, dat gaat naar instellingen die ons leren om onszelf en onze afkomst te haten – dit is niet alleen repressief en benauwend maar zelfs vervreemdend.
Bovendien is de Nederlandse grondwet gebaseerd op de verzuiling: inderdaad worden omroepen betaald per levensbeschouwelijke voorkeur. Onze tegenstanders maken hier gebruik van, en omdat wij hoe dan ook belastinggeld afdragen, is het onverstandig om onszelf niet te organiseren. Dit organisatieproces is de ‘herzuiling’.
De “vertrossing”, die Beckman aanstipt, is juist hét probleem geweest. Denk aan de statements van Wim Kok “Nederland is af” en Neelie Kroes “we moeten onze ideologische veren afschudden”. Juist vanuit deze grondstemming, keerde links zich af van de arbeider als oorspronkelijke doelgroep. Links versmolt met de globalisten en de multinationals om de technocratische bovenlaag te vormen, waaronder wij vandaag niets meer te kiezen hebben. Hoe dan ook zetten ideologisch getinte aannames zich vast in de geest, en wie handelt, verwerkelijkt daarmee hoe dan ook een zekere ideologie. De vertrossing leidt er enkel toe, dat er niet meer actief bij deze onderhuidse ideologie wordt stilgestaan.
Verder denk ik dat het opbouwen van meerdere zuilen naast elkaar, voor ons een lastige klus wordt, omdat de machthebber de drempel opschroeft: een omroep zal méér leden nodig hebben om televisietijd te krijgen. Voor nieuwe politieke partijen zal een hogere kiesdrempel gelden. Zonder de zuil zijn wij als los zand, dat snel verstuift.
De verwijzing naar een eigen winkel, vind ik juist een uitmuntend idee. Waar je nog wel de traditionele Zwarte Piet hebt, en eten koopt waar geen fijngemalen insecten in zijn verwerkt. Waar voedsel komt van onze eigen boeren, enzovoorts. In de hedendaagse maatschappij is wat er op je bord ligt al een ideologisch debat (vega versus bio-industrie, haram versus halal). Dus laat er dan ook een winkelketen zijn die ONZE voorkeur bedient en waarborgt.
Ab Gietelink zegt te werken aan een artikel over ‘de toekomst van de verzetsbeweging in de brede zin’ – hij wil ook aandacht schenken aan het initiatief van een Nieuwe Zuil. Het probleem hierbij, zo meent hij, is dat de ‘coronawappies’ van Willem Engel, de plek hebben ingenomen van de provo’s van vroeger. Luizen in de pels van de gevestigde macht, die met ludieke acties provoceren. Ook de kritische theorie en het cultuurmarxisme, schaart hij onder deze beweging, omdat deze intellectuele stroming een onderbouwing leverde voor de kritiek op de macht van grote farmaceutische bedrijven en oorlogsindustrie. Dit zou precies de strijd zijn van vandaag, verwijzend naar de coronamaatreglen en de invloed van de NAVO in Oekraïne.
Deze analyse is echter onjuist op meerdere gronden. Ten eerste omdat Willem Engel zich juist beroept op klassiek grondrechten – het recht van individuen om tegen de macht van de overheid te worden beschermd. De linkse provocateurs van destijds, beriepen zich juist op het positief recht: zij eisten dat de overheid actieve wetgeving maakte om allerlei ‘progressieve’ idealen te verwezenlijken – idealen waarvan we vandaag de dystopische gevolgen ondergaan.
Het tweede belangrijkste punt is dat deze doctrine van het natuurrecht, waar de discussie ‘Willem Engel versus corona’ wezenlijk over gaat – namelijk het recht op de onschendbaarheid van eigen leven, gezondheid en bezit, en weerstand tegen een overheid die de eigen bevoegdheden op deze gronden te buiten gaan – is juist het tegengestelde van waar het de cultuurmarxisten van de Frankfurter Schule om te doen was. Immers, het natuurrecht en de verdediging van klassieke grondrechten, gaat terug op een orde die zich onttrekt aan de utopie van een maakbare samenleving. Hierom hebben progressieven die orde altijd afgedaan als ‘kapitalistisch’, ‘aristocratisch’ en zelfs als ‘feodaal’.
Verbinding en verenigende druk
Wat het commentaar van Willem Engel betreft: een zuil vestigt zeker niet de valse hoop dat er politiek “wat te halen” zou zijn. Een zuil is het morele maatschappelijke bolwerk áchter de politiek. Die aan de bel trekt en van zich laat horen, wanneer de politici dingen doen waarin de achterban zich niet meer kan vinden.
Het willen verdedigen van rechten, waar hij zich voor inzet, is zinloos als er geen verenigd machtsblok onder het volk bestaat. Zoals de filosoof Spinoza al uiteenzette, wordt recht gegarandeerd door macht, en zonder de pressie van zo'n machtsblok heeft de machthebber geen aandrang om jouw rechten te garanderen. Zie de aanwezigheid van een moslimblok: hierdoor wordt er plots veel meer omwonden omgegaan met wettelijke vrijheden die voorheen onomstreden waren, zoals recht op satire, religiekritiek en demonstratievrijheid. Recht steunt op de mores van de publieke opinie, die druk uitoefent op de omgangsvormen en de uitvoerende macht. Een zuil is nodig om deze tegendruk vanuit onze kant op een georganiseerde wijze vorm te geven.
Afsluitend de discussie over links en rechts. Het linkse denkbeeld is de utopische voorstelling dat de wereld één wordt, en dat we instellingen behoeven die deze eenmaking faciliteren. Dit leidt tot transnationalisme en technocratische machtsuitoefening, ondersteund door apocalyptische angstbeelden (klimaat, corona, Rusland). Rechts daarentegen staat voor realisme (niet alle culturen zijn compatibel) en voor een bottom-up benadering van soevereiniteit: de overheid wordt door de bevolking betaald en hierom hoort de overheid de bevolking te dienen in plaats van andersom. De machthebber heeft verantwoording af te leggen aan de samenleving, in plaats van dat de samenleving zich moet conformeren aan de (utopische) ideologische voorkeuren van de bovenklasse.
Dit onderscheid links/rechts is, mijns inziens, helder en begrijpelijk voor iedereen. Graag nodig ik zowel lezers van De Andere Krant als enige andere conservatief uit om dit onderscheid als uitgangspunt te nemen. Laten we als gemeenschap samenkomen en nadenken over onze toekomst. Of je nu links of rechts georiënteerd bent, deze Nieuwe Zuil biedt een baken van onafhankelijkheid in een versplinterde wereld. Tot slot wijs ik graag nogmaals op mijn boek over dit onderwerp, Kerkgangers en Zuilenbouwers:
Kerkgangers & Zuilenbouwers : Lukkassen, Dr. Sid: Amazon.de: Books
Volg Sid Lukkassen via Telegram: https://t.me/SidLukkassen Steun Sid Lukkassen via BackMe: https://sidlukkassen.backme.org












