Intimiteit

seen from United States
seen from United States
seen from France
seen from China
seen from Estonia

seen from France
seen from China

seen from Netherlands
seen from United Kingdom
seen from Türkiye
seen from United States

seen from Spain
seen from Netherlands

seen from United States
seen from China
seen from Malaysia

seen from United Kingdom
seen from Angola

seen from United States
seen from Netherlands
Intimiteit
Vertalen: een inleiding, deel 1
1 Talen en vertalen: het intrigerende samenspel van standaardtalen en groepstalen Taal is een fascinerend fenomeen dat de mensheid al eeuwenlang verbindt en definieert. De diversiteit aan talen over de hele wereld weerspiegelt niet alleen culturele verschillen, maar vormt ook een complex web van communicatie. In deze verstrengelde taalkundige wereld is vertalen een kunst op zich. Dit artikel…
View On WordPress
Inleiding tot ChatGPT-4
GPT-4 is een geavanceerd AI-taalmodel dat een beter begrip en betere generatie van mensachtige tekst biedt, met verbeterde mogelijkheden voor fine-tuning, natuurlijk taalbegrip en generatie voor verschillende taken. ChatGPT-4 een inleiding 00:00 🤖 ChatGPT is een AI-taalmodel dat mensachtige tekst kan begrijpen en genereren, ontworpen om te helpen bij verschillende taken, en GPT4 is de nieuwere…
View On WordPress
inleiding
Welkom docenten,
Het einde van de opleiding nadert en merk dat ik ontzettend veel zin heb om m’n vleugels uit te slaan buiten de academie en dat deze stap me de groei zal opleveren op de punten waar ik tot nu toe altijd erg onzeker over ben: keuzes maken, achter mijn keuzes staan, gelijkwaardig samenwerken en mezelf laten zien. Binnen de bubbel van de opleiding doe ik vaak net goed genoeg wat van me gevraagd wordt en vermaak ik mezelf een aapje dat een net goed genoeg dansje doet voor de docenten. Dat draagt niet bij aan mijn verantwoordelijkheidsgevoel en wilskracht.
Vanuit feedback van het afgelopen jaar en het vorige competentie assessment kreeg ik mee dat ik meer initiatief mag tonen om mezelf te positioneren, assertiever mag worden, meer mag durven en ruimte in mag nemen. Hier sluit ik me volledig bij aan, ik voel vaak dat ik wel interessante dingen aanraak maar hier niet adequaat een podium aan geef en daardoor processen laat verwateren en verdwijnen. Ik mag meer handelen in plaats van alles uit willen denken
Nu richtlijnen en criteria vanuit de academie straks verdwijnen denk ik dat het tijd is dat ik voor mijn eigen kaders en uitdagingen ga zorgen om zo sturing geven aan wat ik ga maken en doen binnen de kunsteducatie. Tijdens mijn vorige assessment zocht ik nog naar concrete punten waar ik sterker in kon worden, die heb ik inmiddels helder. Een actieve verantwoordelijke houding is het belangrijkste om deze punten aan te pakken.
In dit portfolio lees je hoe ik mezelf het afgelopen jaar wat meer heb laten zien buiten de academie, op stage, tijdens mijn minor en als maker.
Veel plezier met het lezen, via de kopjes links kun je het meest overzichtelijk door de competenties navigeren.
Alle Paul Thomas Anderson films te zien in de Schuur
Alle Paul Thomas Anderson films te zien in de Schuur
Vanaf medio februari zijn op acht woensdagen de films van regisseur Paul Thomas Anderson te zien bij de Schuur tijdens het PTA retrospectief. Bij alle films vindt een inleiding plaats. Met de nieuwste film van regisseur Paul Thomas Anderson die nu bij de Schuur draait, is het een bijzonder goed voor een overzicht van deze unieke filmmaker, bekend van There Will Be Blood (2007) en Magnolia…
View On WordPress
Inleiding
Waarom dit onderzoek?
Bijna een decennium geleden werd de wereld wakker geschud door het verschrikkelijk verhaal van Gabriel Fernandez uit Palmdale, California. Zijn leven was een aaneenschakeling van pijn en marteling. Toen hij uiteindelijk in mei 2013 op de spoeddienst terecht kwam, was zijn strijd al zo goed als verloren. Hij stierf de volgende dag. De gemeenschap schreeuwde het uit: “Nooit meer! Gerechtigheid! Bescherm de kinderen!”
Tot op heden is kindermishandeling een groot maatschappelijk probleem. En ondanks het feit dat bovenstaande feiten de media haalde en velen woedend gemaakt heeft, zien we toch dat dergelijke situaties nog steeds voorkomen.
Welke onderzoeksvragen?
Het bovenvermelde heeft ons wel aan het denken gezet. Had het verhaal van Gabriel en talloze anderen in de wereld anders kunnen uitdraaien als ze eerder op de spoeddienst van het ziekenhuis terecht gekomen waren? Hoe had een dergelijke interventie kunnen lopen? En daarom zijn we dan ook aan dit onderzoek begonnen.
Om het onderzoek haalbaar te maken zullen we ons richten op onze eigen habitat, namelijk België en een staat in de Verenigde staten waar we de meeste persoonlijke contacten hebben, New Jersey. We zullen ons in dit onderzoek ook beperken tot fysieke kindermishandeling van kinderen tussen 4 en 12 jaar oud.
Wij gaan onderzoeken wat de huidige procedures zijn in België en in New Jersey wanneer er fysieke kindermishandeling vermoed wordt bij de spoedopname van een kind, hoe de spoedmedewerker hier mee omgaat, welke wegen deze dient af te leggen om de nodige instanties op de hoogte te brengen, hoe zij omgaan met de ouders (mogelijke daders) en het kind zelf (slachtoffer) en hoe de sociale werker hier dan ook aan te pas komt. Ons onderzoek is ook vergelijkend van aard.
Concreter omschreven zijn onze onderzoeksvragen de volgende:
Welke procedure moet een spoedarts/spoedverpleger volgen wanneer hij fysiek misbruik van een kind vermoedt in België en New Jersey?
Welke rol speelt de sociale dienst van het ziekenhuis in deze procedures?
Aanleiding van dit onderzoek
Aanleiding onderzoek
Ik bezoek ontzettend graag musea en heb nu al een paar jaar een museumkaart die ik verslijt. Naar kunstmusea ga ik vaak alleen en dan dompel ik mezelf helemaal onder, neem de tijd, maak schetsen, doe nieuwe inzichten en inspiratie op, ga in gesprek met bezoekers of suppoosten en ga verzadigd met de trein terug naar huis. Ik zie het als een verrijking van mijn leven. Toch zijn er enkele dingen die ik me soms afvraag of zelfs schuren omtrent musea en de onzichtbare ideeën die daar omheen hangen. Ik zal een paar voorbeelden noemen:
Op mijn eerste dag in onze DKBV klas als zenuwachtige eerstejaars gingen we als uitstapje naar Boijmans. Iedereen kende het museum al en ik werd verontwaardigd aangekeken toen ik zei dat ik het niet kende. ‘Ben je daar dan nog nooit met je ouders naartoe geweest ofzo?’ Nee. Dat was ik niet. Hoort dat bij je opvoeding? Ik kreeg weer flashbacks naar vroeger wanneer ik zei dat ik the Lion King nog nooit had gezien, wij hadden thuis rip-off Disneyfilms van de Aldi.
Toen ik laatst in Tent was voor een tentoonstelling focuste ik me op de ruimte en hoe ik er doorheen bewoog. Het was een beetje koud, voornamelijk witte muren om me heen met af en toe een kunstwerk aan de muur of midden in de ruimte. Als een soort plechtig ritueel liep ik er doorheen om even bij elk kunstwerk tot stilstand te komen en het een knikje te geven. Ik dacht aan mijn vader; die zou hier toch nooit zo rondlopen en überhaupt in zon ruimte willen zijn? Waar is de warmte, het plezier, de ontmoeting? Wat leer ik hier eigenlijk? Ben ik wel een dochter van mijn vader of heb ik me gedurende de jaren aan een andere norm geconformeerd?
Als missionaris de mensen bekeren
Zoals je leest benoem ik in deze twee incidenten al twee keer mijn achtergrond omdat ik deze overal mee naartoe neem. Hier kan ik me niet van ontdoen. De tweestrijd tussen mijn innerlijke museumbezoeker en gewoon, Sharan, merk ik vaak wanneer ik van een woke dagje kunstacademie weer in de trein zit naar Breda, ‘de realiteit’. Waar ik meer mensen ken die helemaal niks met musea hebben dan wel; vuilnismannen, zorgmedewerkers, hoveniers, muzikanten, uitkeringstrekkers en gewoon, mensen. Die wel genieten van kunstvormen en cultuur, alleen niet in het museum. Valt er iets te overbruggen of mogen er verschillende werelden bestaan waar kunst en cultuur genuttigd wordt? Heeft het museum een noodzakelijke functie wanneer deze maar een select publiek trekt? Hier denken musea overduidelijk al jaren over na en ze zetten allerlei middelen in om het publiek van het kunstmuseum te verbreden. Lukt dit? Werkt dit? En wat voor consequenties en valkuilen heeft het?
Bij wijze van inleiding
‘Ik ken niemand zoals jij’, zegt een goede vriend soms tegen mij; hij is manisch-depressief.
Toen mijn longen in negentien tweeënzeventig voor het eerst naar adem hapten noemden mijn ouders mij Edwin. Inmiddels leven we in het jaar tweeduizend eenentwintig. Een groot deel van mijn leven heb ik alleen doorgebracht. In die jaren zocht ik naar een persoon of stroming waarbij ik hoopte het gevoel te krijgen ‘dit is mijn thuis’. Toen ik trouwde maakte ik zes jaar later kennis met Rudolf Steiner.
Gek genoeg drongen de volgende woorden van mijn moeder nooit tot mij door: ‘Ik had je misschien toch maar beter naar een vrije school gestuurd.’ Nooit zal ik ze vergeten. Andere woorden van haar die ook indrukt hebben gemaakt waren: ‘Het is niet erg.’ Ik liet iets in de keuken vallen en ik voelde mij plots verlicht; zonder schuld. Het moet iets van glas zijn geweest, want alles wat ik mij herinner is tranen, scherven en opluchting.