"Het was 6 mei 2002, de dag dat Pim Fortuyn werd doodgeschoten. “Ik wilde schrijver worden; ik was pianist, schreef poëzie, wilde mooie dingen maken, kunst. En toen realiseerde ik me dat al het mooie om ons heen onder vuur ligt.
Onze politieke elites lijden aan oikofobie, het tegenovergestelde van xenofobie: een ziekelijke afkeer van de eigen cultuur. Die verdunnen ze door massa-immigratie, door zelf- bestuur over te hevelen naar Brussel, door afschuwelijke gebouwen neer te zetten, door rare, onbegrijpelijke kunst en atonale muziek, door de kerken te beschimpen, onze hele traditie te grabbel te gooien. Ik dacht: wat is hier aan de hand?!”"












