In het begin van dit project ben ik me eerst gaan oriënteren naar de richtinggevende kunstenaar, Hans Op de Beeck. Zelf kende ik hem niet. De eerste beelden van deze kunstenaar werden gevormd door de meest grote bron, het internet. Hierbij had ik enkele werken van hem bekeken op zijn site, maar ook vele filmpjes.
Hieruit waren er vele verschillende stijlen terug te vinden, er vormde zich niet echt een geheel. Op die manier kreeg ik niet direct een duidelijk beeld bij de werken. Ik kon gaan door denken op mijn interpretatie van de werken, maar ik wou het ook eens van zijn kant gaan bekijken. Daarvoor ben ik bij mijn tweede stap meer gaan opzoeken rond de visie van zijn kunst en zijn persoonlijkheid die dat weergeeft. Kortom, een bibliografie.
Vanuit deze informatie (dat je gestaafd kan terug vinden in mijn logboek) ben ik op een ander manier naar zijn werken gaan kijken. Hieruit kon ik steeds enkele elementen uit halen die bij zijn kunstvisie past. Doorheen de jaren van Hans Op de Beeck en zijn werken kan je ook herhalende werkjes terug vinden. Werken/thema’s die nog eens terug komen.
Op die manier is het zeer leuk om de evolutie te zien.
Doorheen deze kennismaking via het internet had ik ook een interview van Hans Op de Beeck terug gevonden. Dit was met radiozender Klara waar hij ambassadeur van de week was. Hierin vertelde hij, ‘Ik tracht kunst te maken dat voor iedereen herkenbaar en toegankelijk is, zonder enige voorkennis van hedendaagse kunst.’. Dit was voor mij het meest belangrijkste en het herkenbare element waarbij ik mij tot aangetrokken voelde.
Dit element is iets dat mij zelf als persoon mee vorm geef. Iedereen, iedereen mag mee beleven wat een ander ook mag, binnen hun eigen kunnen, interpretatie, tijd,...
Binnen kunst is het zeer belangrijk dat iedereen de kans krijgt om te proeven en te beleven.
Dit vormt voor mij de basis van mijn project.
Hieruit was ik mijn eerste stapjes gaan zetten richting mijn project, maar die stapjes heb ik teruggezet na de lezing die ik mee was gaan bijwonen in het MAD, te Hasselt. Ik kon duidelijk stellen dat ik voor mezelf meer uit het project kon halen dan mijn eerste denkpiste.
Het gaf geen enkele meerwaarde voor mezelf en mij leerproces, waardoor ik niet echt overtuigd was. Op die manier had ik heb niet moeilijk om opnieuw open kaart de denken. Wat voor mij nu achteraf helemaal geen slecht plan was, want nu kan ik stellen dat ik zeker achter mijn project sta.
Om terug te komen op de lezing van Hans Op de Beeck, was ik zeer verrast. Hij gaf tijdens de presentatie van zijn werken een boeiend verhaal meer, waarbij je zeer dicht bij de werken kwam te staan. Daarnaast presteerde hij het ook om er een vleug humor in weer te geven.
Kortom was ik doorheen de lezing zeer meegaand in zijn verhaal in combinatie met zijn werken. Nadien ben ik met de notities die ik bij de lezing heb gemaakt gaan brainstormen, waarbij alles kan en open staat (zie logboek). Samen met de basis ‘kunst dat voor iedereen toegankelijk en herkenbaar is’ ben ik met veel enthousiasme weer van start gegaan.
Hieruit kwamen er voor mezelf enkele belangrijke elementen te boven, waarop ik mijn basis verder gebouwd heb.
het sociale/ de samenkomst
Deze elementen ben ik uit gaan werken rond mijn thema ‘gedachteloos onderweg’.
Namelijk op de fiets, waarbij ik me direct bij kon vinden. Het geeft iets speciaal weer voor mezelf. Jaren aan een stuk elke dag opnieuw, heen en terug, heen en terug,…
Onderweg gedachteloos starten, even alles los laten, een luisterend oor,… Kortom een stukje van mezelf dat ik in mij project ga weergeven.
Gedachten uitwerking; Ik en mijn fiets dat beelden gaat vastleggen vanuit een camera ter hoogte van het fietslicht. Hobbelig over de wegen van Beerse naar Turnhout. Dit beeld vormt het digitale dat ik wou weergeven op een oud bewaking-scherm. Het 3D werk wou ik gaan projecteren op een muur daarachter. Hiermee was ik ter bespreking gegaan ‘tussentijdse bijsturing’. Hieruit kwam ik terug bijgestuurd uit. De camera was een leuk idee, maar niet het hoofddoel. Het 3D beeld was niet 3D. Hierbij ben ik tijdens de bespreking zelf nog gaan nadenken, waarbij het even later nog eens besproken werd. Het idee was een weekschema van mijn afgelegde fietsroute bijhouden en deze gaan weergeven aan de hand van een stratenplan. Hiermee ben ik dan ook aan de slag gegaan voor mijn project.
Een hele week heb ik mijn schema bijgehouden. Deze ben ik dan letterlijk en figuurlijk in kaart gaan brengen door de routes uit te gaan tekenen. Niet enkel de gewone banen, maar ook de sluiproutes werden weergeven. Bij het uitvoeren had ik enkele keren uitgetekend aan de hand van Google Maps. Deze weergave gaf niet zo’n precieze details weer. Daardoor ben ik overgeschakeld naar de gemeente/stads- stratenplannen. Deze gaven meer een detailweergave weer. Hiermee ben ik dan ook ijverig gaan verder werken. Ik heb met verschillend materiaal geëxperimenteerd, lijntypes,… Op die manier kwam ik bij de eerste presentatie tot een weergave van zeven dagen die elk hun eigen fietsroute voorstelde. Het filmpje dat ik in het begin mee had opgenomen is daarbij niet meer besproken. Hierbij vond ik voor mezelf dat het weekschema op zich zeer sterk was en daarbij geen extra ondersteuning nodig had. Het zou alleen maar eentonig worden. Tijdens de eerste presentatie waren er ook nog enkele elementen waaraan ik moest werken (zie logboek). Deze ben ik dan ook gaan toepassen naar de eind jury. Om kort in te gaan op een bepaald element, heb ik bijvoorbeeld volledig transparantie in mijn werk gebracht. Dit belemmerd dus niets om gedachteloos te kunnen staren. Ik zou zeggen kruip eens op de fiets en zonder dat je het weet kan je mijn project ervaren. Veel plezier met het eindresultaat.