Atelier hoogdruk, diepdruk en zeefdruk in actie


#dc comics#batman#dc#bruce wayne#tim drake#dick grayson#dc universe#batfamily#batfam#dc fanart



seen from Germany
seen from Senegal

seen from Malaysia

seen from Australia
seen from China

seen from Malaysia
seen from United States
seen from China
seen from United States
seen from United States
seen from China
seen from United States
seen from Malaysia
seen from Türkiye
seen from Germany
seen from China
seen from United States
seen from United States

seen from Malaysia
seen from United States
Atelier hoogdruk, diepdruk en zeefdruk in actie
#geboortekaartje #letterpress #kleuropsnee #diepdruk #graphicdesign #armadillo #newbaby #illustration https://www.instagram.com/p/BmEd15iAGpc/?utm_source=ig_tumblr_share&igshid=1kveg1t1fnd59
#weddinginvitation #pepperplant #letterpress #diepdruk #graphicdesign #illustration #botanical #wedding #typingmachine #linedrawing #layers https://www.instagram.com/p/Blx0jSlg1zz/?utm_source=ig_tumblr_share&igshid=1l9qew5apdudh
Drukwerk (18/11/2013)
Drukwerk, het lijkt zo vanzelfsprekend tegenwoordig. We zijn slechts één klik verwijderd om documenten af te drukken met een redelijke kwaliteit. Als we het professioneler willen aanpakken dan slaan we het bestand op als een PDF en de drukker zorgt voor de rest. Desktoppublishers houden zich ook digitaal elke dag bezig met het creëren van drukwerk. Deze invloed is er voornamelijk gekomen na de jaren 80 toen de verkoop van persoonlijke computers steeg en in de zakenwereld terecht kwam.
Maar aan hetgene wat we momenteel hebben is veel geschiedenis voorafgegaan. Zo komen we van handgeschreven publicaties, tot drukpersen van 3000kg tot een simpele kleine printer van nu. Het drukwerk kent dus een rijke geschiedenis en er valt heel wat over te vertellen.
Voordat een document gedrukt kan worden gaat er eerst heel wat vooraf. Dit proces wordt stap voor stap uitgelegd en terwijl duiken we soms terug in de geschiedenis om een duidelijke evolutie tussen toen en nu te zien.
Eerst is er het ontwerp.
Prepress
Vervolgens is er de prepress. Dit is de stap tussen vormgeving en het ontwerp.Het is de de drukwerkvoorbereiding, de stap voordat het effectief wordt gedrukt. Hierbij komt dekstoppublishing bij kijken. Desktoppublishers staan in voor het document afdrukklaar te maken.
Zij moeten de documenten opmaken (lay-outen) op een creatieve manier en met de nodige (creatieve) skills. Enkele van deze skills kan het WYSIWYG zijn.Met andere woorden: ervoor zorgen dat alles wat wordt opgemaakt er ook effectief goed uitziet én dat hetgene wat gedrukt wordt er ook even goed uitziet als het op het scherm wordt getoond.
Wat moet er allemaal aanwezig zijn of afgehandeld worden bij het prepress-gedeelte?
Er moet een register zijn. Dit wil zeggen dat elke kleur afzonderlijk wordt gedrukt en dat er vervolgens kleur op kleur wordt gedrukt. Hierbij wordt er ook gebruik gemaakt van paskruisen. Dit zijn kruisjes op het document die de drukker helpen. Op deze manier komt elke kleur perfect op de juiste, gevraagde plaats.
Vervolgens moet een document ook voorzien zijn van snijmerken. Op deze manier kan je marges inbouwen voor je bestand zodat je weet dat de drukker op of tot die plaats het document kan afsnijden. Ook zijn snijmerken handig om te weten waar het document nog moet worden bijgesneden moest die nog niet perfect zijn.
Trapping is nodig als men niet kan drukken in register. Men gaat sommige kleuren dan groter maken dan dat ze bedoeld zijn. Zo'n 1.5mm tot 3 mm. Op deze manier zijn mogelijke afwijkingen tussen verschillende kleuren minder tot niet zichtbaar.
Tijdens de prepress zijn er soms nog enkele aanpassingen nodig om het document te optimaliseren, deze kunnen bijna allemaal worden uitgevoerd via software op de computer:
Doordat er op verschillende kwaliteiten/types van papier wordt gedrukt kan de ene druk nogal variëren van de andere druk. Zo kan het soms zijn dat de inkt wat meer uitloopt en daardoor kunnen de gedrukte punten 10% tot 40% verschillen. Als je dus op voorhand weet op welk soort papier je gaat drukken kan je deze punten al kleiner maken waardoor het evenwicht zich herstelt na het drukken.Deze onderneming noemen we puntaangroeicorrectie.
Opmerking: bij kleurenafbeeldingen is dit nog moeilijker wat dan zal je kleur per kleur een puntgroeicorrectie moeten doen. Dit heeft dan weer de term kleurcorrecties. Niet elke kleur heeft evenveel correcties nodig. Zo heeft blauw meer correcties nodig dan rood.
Verder zal de drukker tijdens het proces ook zorgen voor de juiste impositie. Dit is het monteren van de vorm. Hier rangschikken we da pagina's van het document in de correcte volgorde voor het vouwen en het binden acteraf. Na de impositie wordt het document uitgeflitst. Daarnaast moeten we ervoor zorgen dat de documenten opgeslagen zijn als een PDF-formaat. Dit is universeel de beste en makkelijkste mogelijkheid om documenten te overhandigen aan de drukker.
Om te printen wordt (werd) er gebruikt gemaakt van Computer to Film. Hier wordt de afdruk op een dunne film gedrukt. Die film wordt op zijn beurt op een lithografische plaat gedrukt zodat die plaat voor enorm veel kopieën gehanteerd kan worden. Een nadeel bij Computer to Film is dat zeer veel tijd, kennis en moeite vereist.
Daarom wordt het systeem steeds meer vervangen door een snellere en efficiëntere techniek, Computer to Plate. Hierbij wordt alles direct gedrukt op een printplaat.
Druktechnieken
Er zijn vier belangrijke druktechnieken die ontstaan zijn doorheen de geschiedenis. De hoogdruk, diepdruk, vlakdruk en zeefdruk. Tegenwoordig gaat de evolutie zeer snel en zijn er ook al enkele elektronische druktechnieken zoals xerografie (laserprint, toner printing).
1. Hoogdruk
De oudste druktechniek is de hoogdruk. Hetgene wat gedrukt moet worden ligt hoger dan de rest van het blad. De bekenste en de meest hedendaagse vorm kennen we als stempelen. Dit is ook een vorm van hoogdruk.
De hoogdrukkunst bestaat al zeer lang. Zo is er de boekdruk, de meest klassieke vorm van hoogdruk, in het Engels spreken ze van letterpress. Het nadeel aan hoogdruk is dat het een zuur dure en veeleisende techniek is. Door de commercialisering is het vrijwel verdwenen door de offset. Er is echter wel een uitzondering. Zo wordt flexografie nog steeds gebruikt. Deze drukvorm is een soort van gigantische flexibele rubber. Dit wordt gebruikt bij verpakkingen, van kartonnen dozen tot blikjes. Deze vorm zorgt voor een hele andere vorm dan offset.
2. Diepdruk
Deze techniek is niet geschikt voor tekst maar wel voor afbeeldingen en illustraties. Dit is het vrijwel het tegengestelde dan hoogdruk. Hier ligt hetgene dat gedrukt moet worden juist lager. Op de koperplaat worden stukjes uitgekrast. In deze stukjes komt dan de inkt terecht. Vocht zorgt ervoor dat inkt wordt opgenomen. Dus wordt er een vochtig blad papier op de koperplaat geplaatst en vervolgens gaat dit door een ets pers terwijl er een enorme druk wordt uitgeoefend de koperplaat waartussen het papier zich bevindt. Op die manier zuigt het papier de inkt uit de drukplaat op.
Voorbeelden van diepdruk: - Gravure en etsen: dit is een artistieke vorm van drukken zonder industriële toepassing.Uitzondering is rotogravure. Dit zijn grote koperen cilinders. Deze worden gebruikt bij verpakkingen en tijdschriften in grote oplages. Bv. brochures van de Ikea.
Een zeer groot en belangrijk voordeel bij diepdruk is dat je zeer precies kan werken en dat je makkelijker vervalsing kan tegengaan.Elk punt moet apart worden gerepliceerd. Het moeilijke is dat alle krassen kleiner worden naar het einde toe. Dit maakt het moeilijk om na te maken.
3. Vlakdruk
Vlakdruk Werd eerder al gebruikt in de 18de en 19de eeuw, maar werd verfijnd in de 20ste eeuw, deze verfijnde techniek noemen we offset en dit is ook de huidige standaardtechniek.
De inkt ligt in het vlak van de drukpers. Er is vrijwel geen tastbaar verschil tussen de delen die wel of geen inkt krijgen.
De drukinkt is vettig, dit zijn pigmenten. Pigmenten zijn kristallen die een bepaalde kleur hebben en vermalen worden tot poeder. Dit poeder wordt vervolgens opgelost in een drager, lijnolie. Het is een feit dat kalksteen zeer goed en graag vet absorbeert. Dus wordt er met iets vettigs (houtskool, wasco's,...) getekend op de kalksteen.
Vervolgens wordt de steen met een heel dun laagje nat gemaakt. Een chemische reactie volgt dan want water en vet stoten elkaar af. Als er dan een blad over wordt gelegd zal er enkel inkt worden opgenomen enkel op die plaatsen waar er iets vettig was op de kalkstenen. De plaatsen waar water was opgenomen gebeurt er niets.
Steriografie is ook een vorm van offset druk. Hier drukken we niet rechstreeks op het papier maar eerst op een rubber doek en in spiegelbeeld. De inkt die dan is afgezet op de rubberdoek die zal vervolgens worden afgezet op het papier.
4. Zeefdruk
Een van de recentste druktechnieken. Deze werd uitgevonden in de 20ste eeuw. De partijen die je wil drukken zijn hele kleine gaatjes in een gaas, en de partijen die niet gedrukt willen worden zijn dicht gemaakt en laten niets door.
Dit is te vergelijken met Nylonstof, hele fijne nylonstof weliswaar. Nylon heeft hele kleine gaatjes waar vloeistof, drukinkt door kan. De partijen, locaties die we niet willen drukken maken we met lak dicht waardoor er niet door kan.
Vervolgens laten we inkt lopen op het gaas, op de partijen waar wel kleine gaatjes zijn zal de inkt hier door lopen. Op deze manier worden t-shirts gedrukt.
Een specifieke toepassing is tampondruk. Hiermee kan men op 3D dingen drukken. Het werkt met tampons (sponzen) die je gaat drukken en waarmee de spons vervolgens rond het voorwerp wordt geklemd.
Nieuwste technieken
Zoals eerder vermeld zijn er ook al nieuwere technieken dankzij de razendsnelle technologische evolutie. Xerografie is zo'n techniek.
Xerografie drukt geen inkt maar zeer fijne poeder. Dit is een elektrische techniek waarbij de toner en het papier elektrostatisch geladen worden. Ondertussen heeft laserprint (een afleiding van xerografie) op technologisch vlak wel het maximum bereikt.
Het beeld wordt aangebracht met een laserstraal waarbij bepaalde deeltjes positief worden geleden. De toner wordt op zijn beurt negatief geladen. En zoals in de wiskunde trekt + en - elkaar aan.
Een andere techniek is Inkjet. Foto's kan je best printen met inkjet, deze heeft zijn technologisch maximum nog niet bereikt en kunnen alsmaar fijner worden gemaakt. Bij deze techniek spuit/sproeit de inkt op het blad en zo wordt de afdruk gecreeërd.
Fotogravure
Zoals de techniek zelf als zegt: foto(gravure). Deze techniek dient dus om beelden, foto's of illustraties om te zetten om te kunnen afdrukken. Een gedrukte foto is echter geen echte foto, want drukken is iets binair. M.a.w iets krijgt inkt of niet.
Nu is de uitdaging om de pixels die we zien op ons scherm zodanig om te zetten naar inkt/geen inkt zodat de foto er toch zeer verfijnd en scherp mogelijk uitziet. Toch blijft het slechts een reproductie/simulatie van grijswaarden, toon en kleur.
Bij fotogravure zijn er enkele belangrijke termen:
Kleurenseparatie: Bij een kleurenfoto gaan we de kleuren scheiden, opdelen in bepaalde kleuren. Dit doen we meestal in de vierkleuren druk. Dit bestaat uit de drie basiskleuren (siaaan, agenta en geel) en zwart. Het zwart zorgt voor extra contrast, dit is ook vaak de Key Color (K). Maar ook wordt er gesproken over duotoon of tweekleurendruk (bv. zwart-witfoto, sepia, ...) of over een meerkleurendruk.
Opmerking: in programma's zoals photoshop en dergelijke vormen RGB (Red, Green, Blue) de drie basiskleuren. Dit is puur vanwege technische redenen. Als we dit daarna willen drukken zal de drukker dit omzetten in CMYK, de vier traditionele basiskleuren.
Deze technische reden hebben te maken met de termen subtractief en additief. Op een scherm wordt RGB gebruikt omdat een scherm ligt geeft waardoor de kleuren anders zijn dan wanneer we dit op een blad drukken. Want voor papier moet er omgevingslicht zijn. Daarom moet de drukker dus ook omschakelen van RGB naar CMYK.
Bij kleurenseparatie is er ook 'under color removal'. De partijen die het donkerste zijn gaan we uit de platen halen en die gaan we vervangen door het zwarte.De reden hiervoor is omdat hele donkere kleuren vaak overdrukt worden door de 4 kleuren, waardoor de droogtijd zeer lang is.
Rasteren: Na de kleurenseparatie in vier kleuren moet elk van deze kleuren gerasterd worden.De pixels die 256 mogelijkheden hebben in verschillende tinten, moeten gerasterd worden. Hoe meer raster hoe nauwkeuriger en hoe beter de resolutie.
Lijnwerk vs. halftone: De engelse term die we geven aan foto's in het algemeen als we deze gaan drukken is halftone. Lijnwerk wordt niet gebruikt voor afbeeldingen maar voor logo's of letters. Bij lijnwerk is er namelijk een veel hogere resolutie nodig. Deze techniek is analoog, dus inkt of geen inkt.
De linkse afbeelding is halftone, de rechtse afbeelding is continuous tone. We merken dat de pixels bij conituous tone moeilijker te onderscheiden zijn. De reden hiervoor is omdat de kleuren lichtjes in elkaar overvloeien.
Er bestaan twee rastertypes waarmee je de continuous tone kan omzetten naar een halftone. Dit gebeurt met behulp van rasterpunten. Amplitude Modulation (AM): Een conventioneel, traditioneel raster. De grootte van de punten zijn variabel. Frequency Modulation (FM): Stochastisch raster. Punten staan dichter of verder van elkaar. Moderne drukkers maken voornamelijk gebruik van FM. Zoals op de afbeelding zichtbaar is, geeft FM (2de afbeelding) een veel fijner beeld. Dit komt omdat bij FM de puntjes willekeurig geplaatst worden en allemaal even groot zijn.
Resolutie
Zoals we allemaal weten: hoe hoger de resolutie van een afbeelding, hoe hoger de kwaliteit. Deze resolutie wordt op verschillende manieren uitgedrukt.
Zo spreekt men bij schermen over ppi: pixels per inch. Bij printers en drukwerk is dit dpi: dots per inch en ten slotte is er ook nog lpi: lines per inch. De dots van een printer zijn veel kleiner dan pixels zijn.
Om te weten wat de verhouding is tussen lpi en ppi bestaat er een formule:
lpi x 2 x % (percentage waarin men wil afdrukken) = ppi
Het minimum pixels per inch voor foto's is 300ppi, voor lijnwerk (logo's, letters) is dit 1200ppi.
Papier
Zoals we eerder vermeldden, is het type papier dat gehanteerd wordt bij het drukken zeer belangrijk om te weten (zie puntaangroeicorrectie).
Papier heeft heel wat eigenschappen waar de drukker rekening mee moet houden:
Zo is er verschil in het gewicht, dikte, opacitieit (doorlatendheid), ...
- Gewicht: uitgedrukt in grammage (g/m2). - Dikte (caliper): uitgedrukt in micrometer. Papier kan soms heel opdikkend zijn. Dit wil zeggen dat het dikker is dan het eigenlijk weegt. - Opaciteit (doorlatendheid): goed, kwaliteitsvol papier is niet lichtdoorlatend. - Formaat: A0, A1, A2, ...