Een dag zonder, ga ik daar dan niet dood aan?
Daar zat ik dan, op de fiets onderweg naar school. Ik voelde ineens dat mijn zak leeg was, paniek! Al mijn zakken doorgevoeld, maar geen spoor van dat ding. Toen schoot het door mijn hoofd: hij ligt nog thuis. Het moest er een keer van komen, telefoon thuis laten liggen. Van 7 uur ‘s ochtends tot 8 uur ‘s avonds telefoonloos. Klinkt dat alleen al niet als een hartaanval stimulerend geval? Ik vond het in ieder geval niet heel fijn voelen. Maar waarom dan? Waarom zijn we allemaal zo verslaafd aan onze telefoon en wat gebeurt er als we deze (bijna primaire) levensbehoefte niet meer hebben?
Tegenwoordig lijkt het, zoals bijna elke ouder wel eens zegt, alsof onze telefoon met onze hand is vergroeid. Ondanks dat ik van mezelf weet dat ik het ook heel fijn vind om mijn telefoon te gebruiken, is het mij ook niet onopgemerkt gebleven dat het vandaag de dag meer gaat om het krijgen van de meeste likes, enorme groepsgesprekken voeren, foto’s delen en noem maar op.
Vinden we het dan echt zo belangrijk om ons hele leven online te zetten (zegt degene met een blog, ha) of is het meer het lege gevoel wat we overhouden? Voor mij geldt vooral het laatste, want wat voelde ik me kaal en leeg zonder telefoon. Wat mij opviel was dat ik me niet kaal voelde om het feit dat ik mijn telefoon niet had, maar meer omdat IEDEREEN een telefoon in de hand had en ik niet. Ik vergelijk dit met het dragen van kleding. Stel, iedereen heeft kleding aan, maar jij als enige niet. Dan voel je je ontzettend naakt natuurlijk. Maar stel je nu eens voor dat je bijvoorbeeld naar de sauna gaat, waar iedereen naakt is. Voel je je daar net zo naakt?
Nu is het naast het lege gevoel ook niet fijn om niet bereikbaar te zijn natuurlijk, je kunt niet even naar huis bellen om te laten weten dat je nog leeft. Maar ik ben ook van mening dat het tegenwoordig lijkt alsof je altijd maar bereikbaar moet zijn, want het is een schande als je niet binnen een uur gereageerd hebt op de achtendertigste foto van de hond van één van je vrienden. Dat is ook precies de reden waarom ik begonnen ben met het ‘blauwevinkjessysteem’ van WhatsApp uit te zetten, heerlijk dat niet meer iedereen kan zien wanneer ik wat gelezen heb.
Lekker rustig, dat was het dan ook wel weer. Ik was al langer van plan om mijn telefoon eens een week(!) niet te gebruiken. Even alles uit, even lekker ‘natural’. Al was dit dan onverwacht onbereikbaar, heb ik genoten van de rust. Het niet hebben van mijn telefoon heeft er bij mij voor gezorgd dat ik me op school ook beter kon concentreren. Zonder zo’n trillende telefoon in je zak hoef je ook niet na te denken over of er al een twaalfde like op je nieuwe profielfoto is, je vrienden een nieuwe ‘nu wiskunde’ selfie hebben gestuurd of dat je misschien het huidige meningsverschil in een groepschat mist. Zo kan je je beter richten op de les en neem je de stof beter in je op. Superhandig, want dat scheelt je thuis weer wat tijd!
Ik wil dan ook weer niet zeggen dat telefoons een slecht communicatiemiddel zijn (heck no, ik zou het contact met enkele van mijn beste vrienden niet hebben zonder mijn telefoon), maar we mogen ze soms best wat minder gebruiken. Dat is moeilijk, maar probeer het anders eens met een groepje, dan kan je elkaar steunen in de onwijs 'zware tijden'. Laat bijvoorbeeld je telefoon eens thuis, of als je toch echt bereikbaar moet blijven voor bijvoorbeeld je ouders, laat dat mobieltje dan in je kluis of tas. Één dagje telefoonloos, één dagje eens een andere kijk op de wereld. Like je vrienden niet alleen op Facebook, maar vertel ze gewoon dat je hun hoofd leuk vindt (of hun hond, goudvis, ouders, opgeruimde slaapkamer, etc), of dat jullie toch echt weer eens iets samen moeten gaan doen. Want is sociaal, persoonlijk contact niet iets waar we allemaal wel eens behoefte aan hebben?
Oh, en bang om iets te missen? Dat was ik ook wel, maar het bleek ontzettend mee te vallen. Maar 327 berichten in 12 gesprekken. Ik heb er geen gelezen. En guess what, ik leef nog, ik ben niet verstoten door mijn vrienden en de volgende dag was weer precies als alle anderen. Want wat we ‘missen’ zijn meestal toch discussies over welke nagellak er het best bij de schoen past of welke kleur een bepaalde jurk heeft, deze gesprekken zijn - als ik dat mag zeggen - niet van levensbelang. En als er dan toch iets belangrijks is, dan mogen ze me dat persoonlijk komen vertellen. Als je me zoekt, kijk naast je, ik sta zo’n vijf meter van je verwijderd.