het afscheid dat ik ga nemen
15/06/2020
Het is niet dat ik straks aan de andere kant van de wereld leef, maar wel ver weg van hier. Ben ik bang? Nee. Ik heb er zin in. Er zit iets in mij, wat ik van jongs af aan heb gehad, de drang om te vluchten. Ik kijk niet meer terug op de dagen die achter me liggen, ik ren en begin opnieuw. Vandaag kijk ik om me heen, naar alles wat ik ga missen. Naar alles wat ik achter me ga laten. Mijn thuis, waar ik ben opgegroeid, ben geboren. Mijn ouders. Mijn broers. Mijn vrienden. Mijn stad. De liefde die ik ervaren heb is gebonden aan hier. Straks breek ik die binding en ben ik vrij. Is alles vrij. Dan is die liefde overal. Vooral in mij. Het lijkt een fucking eenzame toekomst te worden, maar ik verlang er naar. Er is niemand die dan op me hoeft te letten. Ik ben op zoek naar mijn doel of ben bezig die te creëren. Afgelopen maanden heb ik in mijn hoofd geleefd, meer gedacht dan gedaan gekregen. Ik voel een soort toewijding, maar geen idee waarnaar toe. Het bewijst me in elk geval dat ik bereid ben om me over te geven aan die energie. Ik denk wanneer dat een richting krijgt, ik niet te stoppen ben. Het is eng om dichter bij jezelf te komen en te ontdekken dat gelukkig zijn geen doel is en ook niet is waar ik naar verlang. Dan is het ook niet erg dat ik een stapje terug heb gedaan. Ik voel me een beetje zoals die zijstroom van het kubisme, waar kunstenaars dingen uit elkaar halen en anders in elkaar zetten in hun schilderijen. Alles bevragen, totdat het leven geen lijf meer heeft om het hemd vanaf te vragen. Het liefst koop ik een auto en rij ik weg. Ergens naar toe en schrijf ik alles van me af. Sta ik stil en neem de moed om toch achterom te kijken en alles te verwerken. Ik heb niet veel nodig om te gaan en te leven. Het voelt zo onwerkelijk deze soort van gewaarwording. Ik heb veel verdriet en voel het tot in mijn botten, maar toch heb ik al maanden niet gehuild. Alles is verloren. Ik heb niks meer te verliezen. Ik kan alleen nog maar winnen. Het voelt gewoon alsof ik eindelijk weer kan ademen, maar het is nog steeds licht in m’n hoofd. Oh man, de wereld ligt echt voor me open.













