Hij [de schrijver] heeft zijn boek met de zuiverste intenties geschreven, hij levert verdorie tegelijkertijd slag én met de canon én met de avant garde en met de god in het diepst van zijn gedachten.
Deze zin komt uit de Kellendonklezing van Peter Buwalda (NRC, 9 maart 2013).
Buwalda parafraseert de Amerikaanse schrijver Jonathan Franzen, die schrijvers indeelt in twee categorieën: Mr. Difficult, de moeilijke autonome literatuurfreak die niet naar de pijpen van zijn lezerspubliek wil dansen; en het mals schrijvende "erelid van de leesclub", dat op aanvraag pageturners produceert. Het dilemma van de moderne schrijver -- daarover ging ook Buwalda's lezing.
Maar het gaat mij nu om die ene zin. Een goede zin, en wel om drie redenen:
Ten eerste, welke schrijver gebruikt nog het werkwoord slag leveren? Een mindere schrijver gebruikt hier strijden of worstelen, maar slag leveren is natuurlijk veel mooier.
Ook fraai is de vermenging van stijlen: waar slag leveren nogal gedragen en ouderwets klinkt, doen zowel de term verdorie en de opsomming (én..., én ...) veel meer denken aan spreektaal. Die vermenging van registers binnen een enkele zin is een mooi kunstje, dat ook Gerard Reve verstond.
Tenslotte, alsof het niets is, knipoogt Buwalda naar Willem Kloos' beroemde dichtregel "ik ben een god in het diepst van mijn gedachten."
En dat alles niet in een roman maar 'gewoon' in een lezing. In zijn debuut toonde Peter Buwalda zich ook al zo'n goede stilist. Ik kijk uit naar zijn volgende roman.












