De leeuwentemmer van Gaza
RAFAH – De Gazastrook zit potdicht, afgesloten door Israël en Egypte en met harde hand geregeerd door Hamas. In die ellende brengt een uitgerangeerde brandweerman twee leeuwen groot.
Gepubliceerd in Vrij Nederland, september 2015.
All photo's by Thomas Schlijper
In de huiskamer van Sa’ad Adin Al-Jamin (54) in de stad Rafah in het zuiden van de Gazastrook wordt op de deur geklopt. Buiten klinken opgewonden kinderstemmetjes. Een man met een grote snor en een morsig colbert, een van de inwonende broers van Al-Jamin, opent de deur op een kier en houdt een wijsvinger voor zijn mond. Stil zijn, gebaart hij tegen de kinderen. Twee jongetjes in schooluniform komen glippen naar binnen en kijken met grote ogen naar de attractie in de huiskamer. Max and Moena, twee welpjes van drie maanden oud, liggen vredig op de bank te slapen. Een plastic bak met een laag bloed op de bodem herinnert aan de maaltijd die ze zojuist hebben gegeten. ,,Heel Gaza staat bij mij voor de deur om naar Max en Moena te kijken,” zegt Al-Jamin. Hij glundert van trots en steekt een sigaret op, de derde in tien minuten. ,,Ik moet vaak mensen wegsturen omdat het te druk voor ze wordt.”
De drie maanden oude welpjes in zijn huis zijn uitgegroeid tot lokale legendes, symbolen voor de afsluiting én de veerkracht van Gaza. Max en Moena werden geboren in de kleine dierentuin van Rafah uit ouders die jaren geleden door ondergrondse tunnels uit Egypte werden gesmokkeld. Drie keer al was de moeder van Max en Moena in Gaza zwanger,telkens stierven haar kinderen kort na de geboorte door oorlog, stress of slechte zorg. Terwijl de ouders op leeftijd raakten en de hoop op nieuwe leeuwen slonk, werd in buurland Egypte de regerende Moslimbroederpartij van Mohammed Morsi afgezet middels een gewelddadige coup. De nieuwe president, legergeneraal Sisi, vervolgt de Moslimsbroeders en andere politieke tegenstanders sindsdien meedogenloos. Morsi zit in de cel en werd in mei ter dood veroordeeld op beschuldiging van verantwoordelijkheid voor gewelddadige rellen waarbij Egyptische politieagenten omkwamen.
Het politieke tumult in buurland Egypte heeft grote gevolgen voor Gaza. Hamas, de islamistische Palestijnse beweging die de kuststrook sinds 2007 met harde hand bestuurt, is ideologisch verwant aan de Moslimsbroeders en onderhield goede banden met Morsi. Tot zijn val liet Egypte de ondergrondse smokkeleconomie min of meer ongemoeid. De naar schatting 1200 ondergrondse tunnels vormden Gaza’s voornaamste levenslijn voor goederen, en belastingen op de smokkelwaar waren de belangrijkste inkomensbron van Hamas. Sommige tunnels waren zo groot en geavanceerd dat er vrachtwagens doorheen konden rijden. Gazanen gingen geregeld op de thee bij familie aan de Egyptische kant van de grens, om diezelfde dag weer door een tunnel terug te keren. En er liepen leeuwen door, zoals de ouders van Moena en Max.
Maar na zijn coup draaide Sisi Hamas direct de duimschroeven aan. Hij beschuldigde de beweging van terroristische aanslagen op het Egyptische leger in de Sinaï-woestijn. De tunnels naar Gaza werden onder water gezet of met explosieven vernietigd. Een kat-en-muis-spel volgde waarbij Hamas langere, lager gelegen tunnels groef die dieper in Egypte uitkwamen om aan detectie te ontkomen. Uiteindelijk besloot het Egyptische leger tot een rigoureuze oplossing. De woonbuurten die het dichtst bij de grens met de Gazastrook lagen en waar veel tunnels uitkwamen, werden met de grond gelijk gemaakt. Bewoners moesten evacueren. De nekslag voor de ondergrondse smokkeleconomie kwam tijdens de vijftig dagen durende oorlog tussen Israël en Hamas in de zomer van 2014. Het Israëlische leger (IDF) constateerde dat Hamas wapens, strijders en cement door de tunnels smokkelde en bombardeerde het grensgebied uit de lucht. Vanaf een huis aan de rand van Rafah met uitzicht op de grens met Egypte zijn de verwoestingen nog altijd te zien. Een desolaat woestijnlandschap wordt slechts onderbroken door tientallen uitstulpingen die zijn afgedekt met wit plastic. ,,Dat zijn de ingangen van dichtgegooide tunnels,” zegt Abdallah Abu Ermana (34) op het dak van zijn huis aan de rand van Rafah. ,,Vroeger werkten ik met mijn broers dag en nacht in de tunnels. Nu zijn ze dicht en zitten we werkloos thuis.”
Tijdens een inspectie van een afgedekte tunnelingang op zo’n tweehonderd meter met de grens van Egypte wordt duidelijk waar hij op doelt. Al snel komt een bebaarde man van middelbare leeftijd op een ouderwetse motor aangereden. ,,Wegwezen hier, het is gevaarlijk,” zegt hij, zonder zich te identificeren. Vrijwel gelijktijdig komen drie jonge mannen aangelopen. Een van hen draagt een ouderwets machinegeweer losjes aan een schouderband. Ze maken een nerveuze indruk. ,,Als mensen te dicht bij de grens komen openen de Egyptische soldaten direct het vuur, zonder iets te vragen,” zegt een van hen.
De vijandigheid van het nieuwe Egyptische regime en de sluiting van de tunnels betekende de economische doodsteek voor Rafah, een stad van zo’n 45.000 inwoners die grotendeels leven van de smokkel. In het centrum van de stad hangen winkeliers verveeld kettingrokend op de stoep. Bijna de helft van de zaken in de winkelstraat zijn dicht, in de rest komen nauwelijks klanten. De winkeliers moeten nu leven van de verkoop van goederen die dagelijks met vrachtwagens via Israël worden ingevoerd. Maar die zijn veel duurder dan de smokkelwaar uit Egypte. Met een werkloosheidscijfer dat al jaren schommelt tussen de 40 en 60% kunnen maar weinig Gazanen zich deze prijzen veroorloven. Een jaar na de oorlog met Israël leven veel inwoners van Rafah nog altijd van voedselbonnen die door hulporganisaties van de Verenigde Naties worden verstrekt.
Voor leeuwentemmer Al-Jamin pakte de tunnelsituatie gunstig uit. Door de economische depressie en teruglopende bezoekersaantallen moest de directeur van de kleine dierentuin in Rafah Moena en Max met pijn in het hart verkopen. Hij had alleen nog geld om hun ouders te verzorgen. Verschillende vooraanstaande families uit heel Gaza boden tegen elkaar op. Zulke statusverhogende huisdieren wilde iedereen wel hebben. Uiteindelijk won Al-Jamin door 8.500 Amerikaanse dollars voor de welpjes te betalen, het equivalent van drie gemiddelde jaarsalarissen in Gaza. ,,En dat is nog niet alles,” zegt hij. ,,Iedere dag koop ik voor 30 sjekel (ongeveer € 7, red.) melk en vlees voor ze. Er gaat ook heel wat speelgoed doorheen, want ze eten bijna al hun knuffels op.”
Naast Moena en Max onderhoudt Al-Jamin een gezin van zes kinderen. Vier zonen en dochters wonen nog thuis. Zij slapen in afgesloten vertrekken waar de leeuwen niet mogen komen. Twee volwassen dochters zijn getrouwd en wonen in bij de familie van hun echtgenoot, zoals gebruikelijk in de conservatieve Gazaanse maatschappij. Van origine is Al-Jamin brandweerman, maar hij werkt al jaren niet meer. Toch krijgt hij zijn salaris doorbetaald, net als duizenden anderen uitgerangeerde Gazaanse ambtenaren. Dat zit als volgt. In 2007, twee jaar nadat het Israël leger zich terugtrok en de joodse nederzettingen in Gaza ontruimde, nam Hamas met veel geweld de macht over van de Palestijnse Autoriteit. Tientallen leden van de aan de Palestijnse Autoriteit gelieerde Fatah-partij werden standrechtelijk geëxecuteerd en van gebouwen gegooid, anderen vluchtten naar de Westelijke Jordaanoever. Het ambtenarenapparaat werd gezuiverd. Brandweermannen zoals Al-Jamin die lid zijn van Fatah werden vervangen door Hamas-loyalisten. Om de totale ineenstorting van de economie en een mogelijke burgeroorlog te voorkomen, werd besloten de salarissen van het ambtenarenapparaat van de Palestijnse Autoriteit in Gaza door te blijven betalen. Deze situatie duurt nu al acht jaar. De Europese Unie is de grootste geldschieter van dit disfunctionele ambtenarenapparaat.
Al-Jamin haalt zijn schouders op. ,,Tijdens de oorlog bombardeerde Israëlische vliegtuigen deze buurt. Het winkelcentrum om de hoek stond dagenlang in brand, maar ik mocht van Hamas niet helpen bij het blussen. Het complex ging geheel verloren. Laatst kwamen Hamas-mannen de veiligheid van mijn situatie met Moena en Max inspecteren. Ik heb er niets meer over gehoord. We negeren elkaar eigenlijk, Hamas en ik.”
De schizofrene politieke situatie waarin Fatah-ambtenaren zoals Al-Jamin zich bevinden loopt als een rode draad door de Gazastrook. Ondanks verschillende toenaderingspogingen lukt het Hamas en Fatah niet een stabiele eenheidsregering te vormen die de geografisch gescheiden Palestijnse Gebieden kan besturen en vredesonderhandelingen met Israël kan voeren, mochten die weer beginnen. De aanhoudende Palestijnse verdeeldheid resulteert in een wonderlijke grensprocedure voor de weinige buitenlanders die in Gaza worden toegelaten. Na de zwaarbewaakte, ommuurde grensovergang met Israël volgt eerst een lange voettocht door een stalen kooi die leidt naar een checkpoint van de Palestijnse Autoriteit. Daar krijgen bezoekers een verblijfsvisum voor een aantal dagen. Vanaf het checkpoint van de Palestijnse Autoriteit verdeelt de plaatselijke taximaffia ritjes naar het Hamas-checkpoint een paar honderd meter verderop waar opnieuw controle en een visum volgt. Hamas en Fatah coördineren in de praktijk wel met elkaar, maar laten voor het oog van de camera’s geen kans onbenut om elkaar zwart te maken, zoals een echtpaar dat in scheiding ligt.
Ook Israël doet mee aan deze ingewikkelde politieke dans. Hoewel de Israëlische premier Benjamin Netanyahu tijdens de recente oorlog met Hamas continu verwees naar het politieke manifest van de beweging, waarin staat dat Hamas ‘heel Palestina zal bevrijden’ en Israël zal vernietigen, deed zijn leger geen poging Hamas van de troon te stoten ten gunste van een meer gematigd regime. Net als de Palestijnse Autoriteit lijkt Israël zich voorlopig neer te leggen bij de ijzeren grip van Hamas op de Gazastrook, al zullen de politiek leiders dit nooit met zoveel woorden zeggen. Het leidt tot een omslachtige manier van communiceren waarbij misverstanden snel tot oorlog kunnen leiden. Zo kwamen de raketten die de afgelopen maanden incidenteel vanuit Gaza op Israël werden afgeschoten niet van Hamas, maar van rivaliserende kleinere milities in Gaza. Hamas probeert deze beschietingen juist te voorkomen uit angst voor Israëlische represailles.
Die angst is niet ongegrond. Israël weet ook dat verschillende milities de raketten afvuren, maar reageert standaard met bombardementen op faciliteiten van Hamas. ,,Wij houden Hamas verantwoordelijk voor alles wat er in Gaza gebeurt,”zegt majoor Ariye Salicer, een woordvoerder van de IDF. ,,Hamas is verreweg de sterkste militie in Gaza en heeft de macht stevig in handen. Daarna komt de Islamitische Jihad met zo’n 10.000 strijders. Volgens onze informatie zijn er nog zo’n vijftien kleinere, radicalere organisaties actief zoals Islamitische Staat, die de macht in Gaza willen overnemen. Maar Hamas weet goed hoe het met concurrerende bewegingen om moet gaan,” voegt hij er grimmig aan toe.
Dat Hamas in de ogen van rivaliserende milities te soft tegen Israël is geworden, voedt de hardnekkige geruchten dat Israël en Hamas in het geheim onderhandelen over een tienjarige wapenstilstand. Egypte zou daarbij als bemiddelaar optreden. Maar de kans op succes lijkt klein. Sinds de machtsovername door generaal Sisi doet de vijandigheid in Gaza jegens Egypte nauwelijks onder voor de haat tegen Israël. Door de vervolging van Hamas en het vernietigen van de smokkeltunnels wordt Egypte niet als onpartijdige bemiddelaar gezien.
Tijdens een bezoek aan de Israëlische marinebasis in de stad Ashdod op 38 kilometer ten noorden van de Gazastrook, wordt eens te meer duidelijk waar de Gazaanse aantijgingen tegen Egypte op gebaseerd zijn. Vanwege de geografische nabijheid was deze basis tijdens de zomeroorlog die door de IDF ‘Operatie Beschermende Ring’ wordt genoemd, het epicentrum van de marineactiviteiten voor de Gazaanse kust. Israëlische oorlogsschepen vuurden raketten af en sleepten ‘verdachte boten’ weg naar Ashdod. In vredestijd patrouilleren twee Israëlische marineschepen 24 uur per dag langs de grenzen van de viszone, een rechthoekig gebied dat de landgrenzen volgt en een paar kilometer de zee in reikt. Hier mogen Gazanen vissen, erbuiten varen is ten strengste verboden. De IDF heeft enkele buitenlandse journalisten uitgenodigd op de basis om aandacht te vragen voor een heugelijke gebeurtenis. Twintig Gazaanse visserboten die het afgelopen jaar in beslag werden genomen wegens het negeren van Israëlische bevelen worden deze maand opgeknapt en teruggegeven aan hun eigenaren. Op de basis mag niet worden gefotografeerd worden; de aanwezige commandanten moeten anoniem blijven. Tijdens het bezoek was continu een Israëlische communicatieofficier aanwezig die Nederlands spreekt.
,,Wij zijn heel bezorgd om de smokkel uit Egypte. Daarom patrouilleren onze schepen ook langs de zeegrens tussen Gaza en Egypte, en niet alleen aan onze kant,” zegt E., de hoogste officier van de basis. Aan boord van een van de patrouilleboten laat een Israëlische kapitein het radar zien. Op het scherm bewegen rode en blauwe stipjes langs de grenzen van de viszone vrijelijk door elkaar heen, terwijl over de radio schunnige grappen in het Hebreeuws worden gemaakt. ,,Wij zijn blauw, Egypte is rood. We werken uitstekend samen, want ook zij zijn bezorgd om de smokkel met Gaza. De gele vlekjes in onze buurt zijn Gazaanse vissers. Ze komen altijd dicht bij ons de buurt. Wij zijn bang dat er zelfmoordterroristen aan boord zijn. Als ze niet weggaan krijgen ze daarom een schot voor de boeg of nemen we de boten in beslag.” Op de kade van de basis liggen twintig vaalgele platte vissersboten van tien meter lang. Op de plek waar de motor hoort te zitten is het staal doorboord met tientallen kogelgaten. ,,Waarschuwingsschoten,” zegt de kapitein. ,,Deze boten hebben straf. Maar volgende maand willen we ze teruggeven als gebaar van goede wil.”
Max en Moena zijn ondertussen wakker geworden. Ze spelen met een stoffen leeuw die bijna niet van de echte dieren is te onderscheiden. Een van Al-Jamins zoon pakt Moena op en laat haar met haar nagels door zijn nagels krioelen. De schoolkinderen schateren het uit in een mix van angst en fascinatie. ,,Ongevaarlijk,” zegt Al-Jamin. ,,Alleen voor de tanden moet je nu al echt uitkijken.”
Hij zwijgt even en pakt een nieuwe sigaret uit het borstzakje van zijn colbert. ,,Ik houd gewoon van die leeuwen. Als ik zie hoe de kinderen met ze spelen word ik gelukkig. Ik zie dat het helpt."