wachten
in het wilde weg lijnen trekken, doorheen mijn lijf als een landkaart het universum dat in dozen steekt opgeborgen voor als het ooit enig belang krijgt ik doorkruis de dikke haag om een nieuwe stem eigen te maken
EXPECTATIONS
No title available
No title available
d e v o n

bliss lane
occasionally subtle

Andulka
h

ellievsbear
PUT YOUR BEARD IN MY MOUTH
ojovivo

titsay
NASA

@theartofmadeline
Keni
Game of Thrones Daily

pixel skylines
Misplaced Lens Cap

No title available
🩵 avery cochrane 🩵
seen from Iraq
seen from Bangladesh
seen from United States
seen from United States

seen from Algeria
seen from United States

seen from Germany
seen from Malaysia

seen from Netherlands
seen from United States
seen from Argentina

seen from China
seen from United Kingdom

seen from Canada

seen from United States

seen from Germany
seen from Philippines
seen from Colombia

seen from T1
seen from Greece
@pleixa
wachten
in het wilde weg lijnen trekken, doorheen mijn lijf als een landkaart het universum dat in dozen steekt opgeborgen voor als het ooit enig belang krijgt ik doorkruis de dikke haag om een nieuwe stem eigen te maken
cyaan
mijn sterkste spinsel is dat van mijn moeder die haar jas aantrekt om te vertrekken er komt koude lucht uit die gedachte en na ongeveer vijftig keer is het een wezen geworden zelfs in een warme baai, waar het altijd warm is kan het over me heen trekken de zon verandert dan louter in spot met wat zoute zeelucht die niets helpt ik doe er goed aan om niet aan ontsnappen te denken want vroeger vroeg ik me af hoelang nog ik hierdoor heen moet leven, maar vanaf nu vier ik met een ironische glimlach mijn overleven
afval in de ochtend
kaboes tram vervelend snel maak een schaal met jouw handen adem en adem op het glas
golf
je wordt niet echt blij als ik zonder adem val je beschouwt het als iets dat ik jarenlang ervoor gebotteld heb en nu gulzig drink maar ik en hem braken een dam in stukken met onze hielen waardoor de dames niet meer konden wassen in het stenen bekken dat gebeurde net op de grens tussen zomer en volwassen tussen kunnen en verslagen
bladzilver
uit de karaf een stroop waarin mijn keel blijft stokken en mijn tanden knarsen luid, bijna niet verstaanbare woorden zonder een dubbele bodem
iedereen staat aan de bushalte zoveel mogelijk in de schaduw voor koel te blijven maar ik voel dat ik juist oplos in het blauw voor de mensen die vanuit vol daglicht zouden kijken
over helden gesproken
ze had nood aan nieuwe bronnen een geheim woord voor krachten op de achtergrond een naam voor de leegte zoals de pupil enkel de opening is in de iris
ik kan me schuldig voelen over hoe makkelijk haar glimlach bij me naar binnen glipt en urenlang over mijn beenderen trekt
een grootse macht die ons beïnvloed en de vorm van een schip rondom ons uitlijnt samen bevaren we, alle velden in een omtrek van vierenveertig duizend kilometer
feestmaal
samen kruisen we twee takken om een vuur te bouwen boven ons hoofd gloeit er nog warmte na van onze adem ik knoop mijn hemd dicht met goud van de zon jij drapeert jouw huid met koraal iedereen wil onze religie kennen maar het is louter een kwestie van ademen en de juiste ramen openzetten
de rokerszon
leg tot rust op de rand van mijn oogleden achter mijn hoofd daar schieten kleine bliksemschichten met geknisper van mijn geïntrigeerdheid voortbewegend door de nabije toekomst de roker walmt doorheen de avond hekelbrandjes stichtend aan mijn voeten rustige klauwen als handen om oren te bedekken en een hand uitdagend knijpen in de juiste temperatuur van een zomer, beleven, aan de duistere kant van de zon
kalfater
ik luister naar het organisch duister rond mijn oren waaruit jouw bek de waarheden pluist tot op de celwand maar zonder onderscheid tussen het onware en het ware, kruipt alles naar wat goud is je kan blijven opruimen maar na je allerbest blijft er nog altijd de opruimte over
Ik vraag me af wat mensen van me vinden als ik voorbij loop op straat.
(via horenluisteren) Niets, ze zijn te druk bezig met af te vragen wat jij van hen vindt.
Rolluit
blekende handen, hemels alles wat wat niet meer fout hoeft te zijn kegel weg, weg weg weg een dag uit diep zuur uit je keel grijs in de avond, uitbollen in nep leer en zakken chips koop een diepe poel inkt drenk jouw lange haren wacht tot al het licht door alle lagen van je huid gefilterd zijn
kabbel zondag
mijn klein hoofd verward stralen van de binnenzon vuren nog wat passen op de houten vloer elke straat een luchtstroom doorheen mijn lijf
lot tikt mij op de wangen een tekening voor gespiegeld te lezen
kelk
mijn vel was niet mijn vriend vandaag het liet mij roteren rond elk benaderend doel twijfelend getij en ongemak in mijn hoofd was het erger ik was mijn basisschool zelve alsof ik in Pandora's doos zat en hem niet langs binnen durfde open doen het laat mij geloven dat ik vanavond een slaap zonder dromen wil uit voorzorg geen, zodat ik zeker geen nachtmerrie bekom een volle kelk aan de mond en zo'n, zo'n dorst ik wil wel drinken maar kan ik dan verdrinken
eind in kleermakers zit
zevenenvijftig drums, en oren die transponeren een beetje helderheid vliegt van de mond een pil, en nu moet ik voorzichtig zijn zodanig niet verliefd worden op mijn eigen emoties
in de zuidkant van alles
met jouw geur in mijn nek en goed uitwasbare glimlach zweef ik boven de landkaart van onze herinneringen van gisterennacht ik geniet van je gemompel in de legende de schaal kan ik niet inschatten maar ik land zomaar ergens nog net voor het licht van de volgende dag
feest met je ziel als een camcorder
de leiband trekt terug maar dit feest is nog niet ten einde ik vang een vroege avondhemel en plooi ze in een kader om ons heen kom, en zit kom je lach versmelten samen met het blauw alle dovende lichten ademen we binnen en voor elke komende dagen zijn we net iets meer, een brede aanplak zuil met genoeg kleuren om weer hier te zijn
nodig hebben
ik gom op mijn vingers op mijn nagels en op de plooien waar ze buigen nu kan ik niet meer reiken om te voelen of mijn haren uit mijn zicht halen
ik zal een aantal seizoenen moeten wachten tot ze terug openbloeien