Di2 - Dunne darm: Protozoaire infecties
Coccidiose
Ziektebeeld veroorzaakt door coccidiën die het darmepitheel kapot maken tijdens ongeslachtelijke en geslachtelijke voortplanting. Gebeurt alleen waarneer de infectiedruk hoog genoeg is.
In eerste instantie is er malabsorptie (verlies van oppervlakte) met eiwitlekkage (protein losing enteropathie), maar als de submucosa aangetast wordt kan de ontstekingsreactie bloedvaten aantasten wat leidt tot bloedverlies en anemie. Als hierbij de epitheellaag van het darmepitheel verloren gaat kan het ziektebeeld nog gecompliceerd worden door secundaire bacteriele infecties (Clostridium perfringens, E. coli) en enterotoxinen.
Uiteindelijk is het ziektebeeld een combinatie van malabsorptie, malsecretie (secreetcellen zijn kapot), maldigestie (enzymen op de epitheellaag zijn verloren + verstoring entero-hepatische kringloop).
Pathogenen zijn: - Eimeria spp. (herbivoren, vogels, exoten) - Cysto-isospora spp. (carnivoren) - Isospora spp. (varkens, mens)
Eimeria spp.
Eimeria Tenella is relevant voor de kippenhouderij, zorgt voor een ernstige acute coccidiose.
Cysto-isospora spp.
Isospora spp.
Ziektebeeld wordt ook wel isosporose genoemd.
Isospora suis is relevant voor de varkenshouderij, zorgt voor vooral aantasting van het jejunum en ileum. Er is wit/witgele diarree met vetdruppels door de verstoring van enterohepatische kringloop wat leidt tot een tekort aan galzouten
Giardiose
Ziektebeeld veroorzaakt door giardia spp. (flagelaat) doordat deze het darmepitheel bedekken.
Doordat het epitheel bedekt is vindt er beide malabsorptie en maldigestie plaats en klinische symptomen kunnen van geringe acute dunne darm diarree (dat vanzelf weer weg kan gaan) oplopen tot een protein losing enteropathy.
De diarree kan vet bevatten en soms treedt er braken op.
Levenscyclus
Cyste wordt opgenomen, in de darmen komen de trofozoïeten vrij dat zich hecht aan het darmepitheel van het duodenum, jejunum en ileum (en in sommige gevallen ook het colon). De trofozoïeten planten zich ongeslachtelijk voort en ondergaan dan encystatie. De cyste belanden in de faeces (en soms hierbij ook een trofozoïet zelf) en kunnen dan andere dieren herinfecteren.
Verschillende varianten van giardia spp. zijn zoonotisch.













