‘Zonder mijn docent, zat ik nu niet meer op de havo’
Geschreven voor het AD/Foto Marco de Swart
Vijftien leraren vertelden in de serie 'In de klas’ over de liefde voor hun vak en hun leerlingen. Als afsluiting is het woord aan de scholieren. Wat vinden zij eigenlijk van hun docenten?
Zelfverzekerd springt Jerry de Brabander (24) het laatste stukje van de trap af. De student ‘Ondernemen’ geeft een stevige hand en heeft meteen een vraag: Hé, hoe lang gaat dit gesprek ongeveer duren? Jerry werkt graag mee, maar moet zo wel weer de les in: ,,Aanwezigheidsplicht, weet je’’. Tja, zo werkt dat nou eenmaal, op het hbo.
Op het eerste gezicht heeft Jerry, die nog ‘heerlijk’ bij zijn ouders in Honselersdijk woont, niks gemeen met de scholieren die in de hal op hem wachten.
De bedachtzame Danny Oosterlee (15) en de Estelle Berkhout (16) zitten stilletjes op een bankje. Ze zijn leerlingen van de ReconPro, een school met praktijkonderwijs voor chronisch zieke kinderen. Danny wordt er dagelijks vanuit Maassluis met een taxibusje heengebracht. Hij heeft een lichte hersen- en hartafwijking. ,,En soms heb ik veel pijn aan mijn gewrichten.’' Estelle lijdt aan een energie-stofwisselingsziekte, waardoor ze ‘veel sneller moe is dan andere kinderen’.
En dan is er nog Etienne Oirbans (16) uit Gorinchem, die in havo-4 zit van Lyceum Oudehoven in Gorinchem. Hij speelt nonchalant met zijn smartphone, en wacht ontspannen tot hij aan de beurt is om over zijn school te vertellen. Ze komen uit verschillende werelden, leiden totaal andere levens, maar hebben óók overeenkomsten. Vraag hen wat ze wat van hun leraren vinden, en de jongeren zijn opmerkelijk eensgezind.
,,Een ontzettend goeie vent.’’ Zo karakteriseert Jerry marketingdocent Jacob-Jan van der Marel, die hij tijdens zijn vorige opleiding op het mbo leerde kennen. Voorheen werkte de Westlander fulltime in de bouw en bij een loodgietersbedrijf. Maar het is mede aan Van der Marel te danken dat hij het hogerop zoekt en verder studeert. De docent lepelde geen droge stof op uit een saai lesboek, maar gaf Jerry inspirerende voorbeelden uit het bedrijfsleven, ‘waar ik echt iets mee kon'. ,,Ik heb nu een baantje bij een bloemen- en plantentransportbedrijf en bel Jacob-Jan nog regelmatig voor advies. Twee dagen geleden bijvoorbeeld: ‘Als een klant heeft beloofd dat ‘ie zou bellen, maar toch niks laat horen: Wat doe je dan?’, vroeg ik. Er achteraan gaan, of is dat te opdringerig?’'
Ook Danny en Estelle zijn vol over hun docent Mieke Willemstein, van wie ze computerles krijgen. Estelle: ,,Ze legt de dingen heel goed uit.'' Danny: ,,Ik heb dyslexie en als de klas gaat typen, zegt mevrouw Willemstein: ‘Het geeft niet hoor, als het te snel gaat’. Dan helpt ze mij altijd.’' En als er een leerling flauwvalt, of een epilepsieaanval krijgt, wat op hun school nou eenmaal regelmatig gebeurt, is de lerares er ook altijd als de kippen bij. Danny: ,,Eerst schrok ik erg als er opeens iemand op de grond lag. Nu roep ik gewoon rustig de juf.'' Kritiek - nee, dat hebben hij en Estelle niet. Niet op hun lieve lerares, in elk geval. Op het schoolgebouw hebben de twee wél iets aan te merken. Estelle: ,,Dat zou er wat kleuriger uit mogen zien. Het is nogal grijs.'' Danny: ,,Het is een oud gebouw en het lekt. Pas regende het hard en kwam er overal water naar beneden. Toen hebben we emmers neergezet om het op te vangen.’'
Etienne Oirbans legt zijn smartphone naast zich neer. Vervolgens prijs hij zijn drama-docent Fons de hemel in; de enige leraar die hij nog nooit bij zijn achternaam (Van Rongen) heeft genoemd. Afgelopen jaar zat Etienne nog in 4-vwo, ‘maar toen ging het een tijdje niet goed met me’. Hij had 'nul motivatie', spijbelde en ging ondertussen stappen in Rotterdam. Etienne stond op het punt om met school te ‘kappen’. ,,Ik was er helemaal klaar mee. Maar Fons heeft me enorm gepusht om verder te gaan. ‘Kom op, doorzetten!’’, zei hij steeds.''
Etienne en Fons ‘appen’ vaak. ,,Maandenlang heeft hij me elke ochtend een berichtje gestuurd: ‘Ben je al wakker?'' Het klinkt misschien gek, zegt Etienne, 'maar eigenlijk zie ik Fons niet als docent, maar als vriend. Zonder hem had ik nu op het mbo gezeten.'' Dat is niet meer aan de orde. Het gaat weer goed met Etienne. Een paar weken terug speelde hij in een uitverkochte schouwburg een hoofdrol in Charlie & the Chocolate Factory, een schoolvoorstelling die Fons geregisseerd had. ,,Ontzettend tof om te doen.’’ En zijn diploma, daar hoeft niemand zich meer zorgen over te maken. ,,Dat haal ik, zeker weten. En daarna ga ik industriële vormgeving studeren.’'
Dat is een hbo-studie aan Hogeschool Rotterdam; dezelfde onderwijsinstelling waar Jerry de Brabander leert om ondernemer te worden. ,,Mijn eigen bedrijf beginnen’’, zegt hij, ''dat lijkt me erg tof.'' Terwijl Jerry broedt op het gouden idee om succesvol zaken mee te doen, kijkt Danny Oosterlee minder ver vooruit. ,,Ik loop één dag per week stage bij Albert Heijn. Daar ben ik vakkenvuller en schuif ik de producten naar voren, zodat de klanten alles kunnen pakken.’' Geld krijgt Danny daar niet voor: ,,Maar het is leuk werk en de mensen zijn erg aardig. Als ik genoeg oefen, mag ik het misschien wel blijven doen.''
Estelle is intensiever met de toekomstig bezig. Ze slikt dagelijks spierontspanners omdat de linkerkant van haar lichaam spastisch is, en werd onlangs geopereerd aan haar scheefstaande linker voet. Het allerliefst rent Estelle snel weer als een kievit over het voetbal- en hockeyveld. ,,Ik ben hartstikke fanatiek, ik gá maar door.’’ Later wil ze graag sportjournalist worden ,,Want ik heb ook wel iets met media.’’ Estelle heeft trouwens nog een nieuwtje voor het AD, zegt ze glimmend van trots.,,Ik weet niet of ik het mag verklappen, maar onze school bestaat binnenkort 60 jaar. We vieren het op 24 april.’' Danny: ,,We gaan thuis met onze ouders pannenkoeken bakken, en die samen in de klas opeten. Het wordt echt een groot feest.'’














