De afgelopen maanden speelden kunst en cultuur een grote rol in de Arnhemse lokale politiek. Het ging over een kunstencluster (de vorm van een gebouw), over ArtEZ (de organisatievorm van een onderwijsinstelling) en over de Modebiënnale (een vorm waarin tweejaarlijks Arnhem Modestad op de kaart werd gezet). En natuurlijk is de vorm van belang en waren de discussies zinnig, maar af en toe ontbrak het besef van de inhoud.
Ik zeg kan, want dit potentieel wordt nog veel te weinig benut. Een belangrijke kanttekening uit het zeer kritische evaluatierapport van MoBA 2013 bijvoorbeeld: de verbinding met ArtEZ is gemist, zoals op zo veel punten de organisatie de aansluiting bij het potentieel van Arnhem als cultuur- en modestad heeft gemist.
Dit terwijl kunst juist zo verbindend kan zijn. Arnhem is een stad van makers, en die identiteit loopt binnen de muren van ArtEZ naadloos door. In dit maken zit het potentieel voor de stad. Maken is onderzoeken door te doen en is daarin een bron van nieuwe ideeën. In het recente D66 Cultuurlab vervaagden in makend onderzoek de grenzen tussen theatermakers, wetenschappers en publiek. Ieder van deze groepen verliet de twee uur durende sessies met zijn eigen inspiratie en nieuwe ideeën. Het ging niet om de vorm maar om verbindingen tussen mensen: de inhoud.
De creatieve stad, het wondermiddel voor succes uit de jaren '00, is geen economisch maar maatschappelijk principe. In Coehoorn Centraal wordt met kunst een deel van de stad vernieuwd, dat door de commerciële projectontwikkeling was afgeschreven. Het is het levende bewijs dat als we de kunst verbinden met de stad we dingen mogelijk maken die anders onmogelijk zouden zijn. Het gaat om verbinden, niet alleen de verschillende disciplines binnen een kunstacademie, maar ook buiten de kunsten zelf. Met de stad, met wetenschappers, met politici. Inspiratie is gebaat bij verschillen, op zoek naar contrast tussen de kunsten en de maatschappij, tussen de kunsten en de wetenschap. Met slechts verbinden met hen die het met je eens zijn, komt deze stad niet verder.
Kunst gaat niet enkel over de vorm, is niet helder, niet overzichtelijk, niet economisch meetbaar. Kunst is het vreemde vertrouwen en het vertrouwde vervreemden, het is autonoom en verbonden, inspiratie en eigenheid. Kunst is dubbelzinnig en onduidelijk, altijd hybride. Kunst voedt twijfel, maar de twijfel voedt met de vragen die het oproept ook nieuwe ideeën en innovatie: vooruitgang. Dát is de werkelijke economische kracht van kunst.
Een nieuwe coalitie moet de resterende vier ton bezuinigingen op cultuur schrappen. Daarvoor pleiten D66-lijsttrekker Hans Giesing en CDA-lijsttrekker Ine van Burgsteden. Nu het College tot vlak voor de verkiezingen niet met een invulling komt, is duidelijk dat de cultuurbezuiniging niet verantwoord is, zo oordelen CDA en D66 gezamenlijk.
http://arnhem.d66.nl/2014/03/17/d66-en-cda-willen-cultuurbezuiniging-van-tafel/