Groeipijn
Vorige week (week 6) was kort samengevat ‘a bitch’. Onze normaal best rustige, leesbare Mikail was continu huilerig, zeurderig, en het ergste van alles: hij kon maar niet slapen, wat de boel verergerde. Zodra hij in slaap dreigde te vallen, schrok-ie wakker alsof er een bom was ontploft. Nu heeft hij overdag wel vaker moeite met in slaap vallen, maar afgelopen week spande de kroon. De arme jongen wilde wel, maar omdat het maar niet lukte bleef hij huilen, steeds hysterischer. Alles wat normaal prima werkt (bij papa in de armen, in de voorverwarmde wieg, in de box, in de wagenwieg, muziekdoosje aan, muziekdoosje uit) werd nu krijsend op geprotesteerd. Zelfs onze noodplan, een rit met de auto over de drempels van onze Vinexwijk, mocht niet baten. Enkel en alleen in mama’s armen en met de tepel in de mond werd hij rustig. De hele dag, een heel week lang. Om claustrofobisch van te worden. Als ik hem ook maar even loskoppelde, begon het hysterische gehuil. Hartverscheurend. Eten sloeg ik dus maar over, net als bezoeken aan het toilet. Je snapt al: dit houdt een mens niet lang vol. Maar: hij gelukkig ook niet. Sinds deze week is-ie - godzijdank - weer de oude en slaapt hij weer, in z’n wieg, in papa’s armen en zelfs op de bank in de rumoerige woonkamer. Halleluja! Sprong 1 hebben we overleefd.








