Gister ben ik weer in het Wilde Westen geweest. De woeste wereld van de verhuur. Met een Amerikaanse klant. Daardoor heb ik een aantal dingen geleerd:
1. Amerikanen zijn geen cowboys meer.
2. Amerikanen vinden hele andere dingen leuk dan ik.
3. Amerikanen zijn eigenlijk veel aardiger dan ik ben.
4. Het Wilde Westen is aan het veranderen.
Ik kreeg de opdracht om het perfecte appartement te vinden. Twee slaapkamers, gemeubileerd én in een leuke buurt (Jordaan dus). Budget: zo rond de €1800,- per maand. Een dag later moest hij weer terugvliegen naar LA. Het moest dus gister gebeuren. Challenge accepted...
Mijn eerste doel was om zoveel mogelijk mooie appartementen online te vinden. Nadat ik 10 toppers had gevonden hoefde ik ze alleen nog maar in te plannen. Dat dacht ik tenminste. Helaas. Het schijnt tegenwoordig mode te zijn om appartementen die allang verhuurd zijn, nog minimaal een week of 3 online te laten staan. Het kost immers een hoop geld, zo’n plaatsing op pararius of funda, dus waarom zou je die exposure opgeven? ‘Nee sorry die is al verhuurd. Maar ik heb nog wel een…’ Ik wil je stomme en veel duurdere appartement helemaal niet zien! Ik wil die ene waar ik voor belde. Lang leve het Wilde Westen…
Na 25(!) telefoontjes had ik dan 5 appartementen gevonden die nog niet waren verhuurd. Op zich wat weinig, but what are you gonna do about it? De Amerikaan had een mooie fiets gehuurd, de zon brak zowaar door… we konden op pad! Uiteraard vond de Amerikaan alles awesome en amazing. Behalve de dingen die ik dan weer leuk vond. Geen probleem, hij moet er een jaartje wonen. Ikke niet. We hadden trouwens heel veel geluk met de makelaars die ons rondleidden. Het leek erop of de cowboys een dagje vrij hadden, en gewoon aardige mensen hadden gevraagd om voor ze in te vallen. Oprechte interesse, geen rare verhaaltjes en geen geldklopperij. Het Milde Westen dus eigenlijk.
Toen we na de laatste bezichtiging, met een amazing Haineken in de hand, de uiteindelijke keuze probeerden te maken merkte ik hoe aardig de Amerikaan eigenlijk was. Geen neppe ‘The Hills’ vriendelijkheid dus. Hij was oprecht dankbaar dat we een paar hele mooie appartementen hadden gevonden. Hij was blij dat het zo moeilijk was om te kiezen uit wat we hadden gezien. Dus ik ook. Hij moest natuurlijk wel wachten tot zijn vrouw wakker werd en haar mail kon checken. Wellicht kwam er nog een veto. Wat me ook opviel was dat hij geen echte onderhandelaar was. Amerika is toch groot geworden door gehaaide businessmen? Met alles wat ik van de huurprijs kon afhalen was hij al blij. Gelukkig wil ik wel altijd het onderste uit de kan. Ik mocht voor hem een voorstel uitbrengen voor huis A. Dat was iets duurder dan huis B, maar wel wat groter.
Uiteraard kreeg ik vannacht een berichtje dat het toch huis B moest zijn. Geen probleem. Ik had die makelaar al gewaarschuwd dat ze een voorstel kon verwachten. De Amerikaan zit nu in het vliegtuig dus hoort pas of we succes hebben als hij straks geland is. Als het is gelukt (reken ik op) is het een succesvol uitstapje geweest naar het Wilde Westen. Op deze manier vind ik het ook niet zo erg. Laat de Amerikanen maar komen!
Sjoerd Kok,
Cocq Makelaars