LAUNDRY TODAY OR NAKED TOMORROW
De wasserette[1], voor velen een bezoek van wekelijkse routine. Voor mij daarentegen was de wasserette een compleet onbekende zone, maar daar bracht ik de vorige weken verandering in. Ik koos deze ruimte als mijn twijfelgebied voor mijn onderzoek naar codes uit het dagelijkse leven. De opzet van de masterproef is de positie, het gebruik en de impact van codes zowel binnen de private als publieke ruimte te gaan observeren en registreren.
DE WASSERETTE, EEN SEMI-PUBLIEKE RUIMTE
De wasserette is een materiële ruimte die gecreëerd wordt door de spullen die in de ruimte zijn samengebracht. Door naar de ruimte te kijken als soort van verzamelplaats is het mogelijk zicht te krijgen op de betekenis die de ruimte en de objecten in de ruimte hebben. Rochberg-Halton is het hierbij met mijn stelling eens “Ruimtes en objecten in ruimtes vormen een gestalt: het geheel betekent meer dan de optelling van de afzonderlijke delen. De ruimte waar we ons in bevinden staat nauw in relatie tot onze identiteit”.[2] “Dé ruimte bestaat niet. Een ruimte is altijd specifiek en wordt voortdurend gecreëerd door mensen of het nu publieke, privaat of semi-publieke ruimtes zijn” stelt Alfrede De Gregorio. [3] De wasserette, een semi-publieke ruimte. Eerst en vooral kunnen we ons gaan afvragen waarom? Wat maakt een ruimte semi-publiek? Wat zijn de parameters, normen en waarden van een semi-publieke ruimte? Ik zie de semi-publieke ruimte als een ruimte welke niet 24uur per dag toegankelijk is en niet in handen is van de gemeenschap. Een semi-publieke ruimte is meestal gelegen op de begane grond en geeft het publiek de vrije keuze om de ruimte te betreden. Het publiek zal de semi-publieke ruimte vaak maar betreden wanneer er nood of interesse is deze ruimte te gaan gebruiken. Deze laatste parameter heb ik zelf ook aan de lijven ondervonden, observeren in de wasserette verliep meestal participerend, op enkele keren na. Hierbij voelde het voor mezelf niet juist aanwezig te zijn in de ruimte, ik ‘mocht’ daar niet zijn. Wat mij tijdens mijn observaties op viel was de overgangszone tussen publiek en semi-publiek, een soort van hybride zone. Deze hybride zone, de stoep werd in vele gevallen fervent gebruikt om te ijsberen wanneer personen wachten op hun wasgoed.
HUISELIJKHEID INFILTREERT ZICH IN DE WASSERETTE
De impact van culturele codes kon ik vooral waarnemen op vlak van huiselijkheid. De eerste code die me hierbij opviel was het dragen van pantoffels in de wasserette. Dit fenomeen zag ik bij heel wat personen terugkeren. Daaruit is mijn onderzoeksvraag ontstaan, deze luidt als volgt: “Wil het feit dat mensen pantoffels dragen zeggen dat de wasserette aanzien wordt als private ruimte? Of is er net nood aan extra huiselijkheid in de wasserette?“ Het dragen van pantoffels was niet de enige manier om de persoonlijkheid te infiltreren in de wasserette. Het eten van boterhammen, een dutje doen, luidkeels zingen, het meebrengen van keukenpapier, het gebruik van eigen waspoeder,.. zijn hier ook voorbeelden van. Deze huiselijke insteek is voor mij een interessant spanningsveld, enerzijds de normen en waarden respecteren van de semi-publieke ruimte, anderzijds een huiselijke sfeer scheppen.
[1] Wasserette ’t Hoekske, Antoon Sanderusstraat 9000 Gent
[2] (2013). Route N16. Public spaces for private experience. In J.D. Jeroen Boomgaard
(P 28). Art Paper Editions.
[3] (2013). Route N16. Public spaces for private experience. In J.D. Jeroen Boomgaard
(P 27). Art Paper Editions.










