Verlamd
Ik voel het in elk deel van mijn lichaam, maar ik durf er nog niet aan toe te geven. Ik durf hét nog niet toe te geven, niet aan mezelf, en al helemaal niet aan jou. Ik wil er niet voor uitkomen dat ik verliefd ben. Een vriendin van me kwam laatst met het statement “jij bent gewoon sowieso fucking snel verliefd!” En dat heeft me aan het denken gezet. Dit keer voelt anders, het voelt als een echte match, een perfect plaatje. Ik ben alleen zo bang om dit straks terug te lezen met tranen in mijn ogen. Bang voor het besef dat ik er weer voor ben gevallen. Bang dat ik compleet, extreem en volledig verliefd werd, op een gast die mijn vertrouwen heeft beschaamd, mijn hart heeft opgepakt en er mee omging als een tweedehands speeltje. Leuk op het begin, maar de lol is er snel vanaf en binnen de kortste keren laat je het verstoffen in een hoekje. Een gast waar ik mezelf voor openstel om mijn hart te geven. Een gast die zo liefdevol lijkt, maar ondertussen zonder dat ik het bewust doorheb zijn hand in mijn borstkast steekt, mijn hart in één ademhaling vastpak en het zonder aarzeling mijn lichaam uitrukt om het vervolgens als een dode vogel op de grond te smijten, weg te lopen en niet meer om te kijken. Ben jij anders? Ik durf het niet te zeggen. Het is vooraf niet te zeggen, de enige manier om erachter te komen is door mezelf weer eens kwetsbaar op te stellen. Ik wil gewoon niet weer teleurgesteld worden. Ik wil niet huilen. Ik wil mezelf niet dom voelen. Waarom laat ik me door deze angst zo verlammen? Waarom spookt die stem altijd in m’n achterhoofd? Het komt dichtbij, misschien iets te dichtbij. Ik moet constant aan je denken en elke keer als ik mezelf erop betrap voel ik me bijna schuldig tegenover mezelf. Ik wil niet verdrinken in mijn angst. Ik wil zorgeloos verliefd zijn, lachen als een kind en onbezonnen verdwalen in je ogen. Zonder dat stemmetje in mijn achterhoofd. “Hij gaat je kwetsen” “Hoezo zou hij anders zijn dan zijn voorgangers?” “Waarom zou hij jou leuk vinden, of leuk blijven vinden?” Ik haat het wie ik geworden ben, de angst die me leidt en ervoor zorgt dat ik vreemde keuze maak, mezelf afsluit voor jou om dichterbij te komen. Ik ben in volledige tweestrijd en laat de tijd mijn problemen weer eens oplossen. “Ik zie wel hoe het loopt, ik kijk het gewoon aan”














