Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie. Op dit blog houden we de ontwikkelingen bij. Oordeel zelf en probeer de gratis demo op https://cumulus.co
Waarom kost een lesmethode ⏠30,- per leerling per jaar?
In augustus 2020 start het nieuwe programma economie vwo. Alle uitgeverijen schrijven nieuwe lesmethodes. Docenten krijgen de kans om een nieuwe lesmethode te kiezen. De meeste uitgeverijen hebben de prijzen voor hun nieuwe lesmethodes bekend gemaakt. Waarom kosten de meeste lesmethodes economie gemiddeld zoân ⏠30,- per leerling per jaar? En waarom doet Cumulus hier niet aan mee? Je leest de antwoorden in dit blog.
De belastingbetaler draait op voor het gebrek aan concurrentie
Het gebrek aan concurrentie tussen zowel de educatieve uitgeverijen als de distributeurs houdt de leermiddelenmarkt in een wonderlijke wurggreep. Sinds 2008 ontvangen middelbare scholen ongeveer ⏠300,- per leerling per jaar van de overheid voor de aanschaf van leermiddelen, via de Wet Gratis Schoolboeken. Een leerling heeft gemiddeld tien schoolvakken (onderbouw en bovenbouw). Kunt u raden wat een papieren lesmethode dan kost? Inderdaad, zoân ⏠30 per leerling per jaar. En wat kost een volledig digitale lesmethode? Inderdaad, ook ⏠30 per leerling per jaar. Zoals SEO economisch onderzoek stelt in haar laatste rapport over de Wet Gratis Schoolboeken: âAlle partijen in de keten zien het bedrag dat als vergoeding binnen de lumpsum is gekenmerkt als richtprijs voor een leermiddelenpakket.â Dat komt alle partijen mooi uit, behalve wellicht de belastingbetaler die uiteindelijk opdraait voor de kosten van de schoolboeken.
Een sigaar uit eigen doos
Het gebrek aan concurrentie tussen de grote educatieve uitgeverijen houdt deze relatief hoge prijzen in stand maar de distributeurs Van Dijk, Iddink en OsingadeJong spelen hierin ook een rol. Zij eisen van de educatieve uitgevers hoge kortingspercentages op de inkoop van leermiddelen. Een deel van deze korting wordt teruggegeven aan de middelbare scholen, maar het gebrek aan concurrentie tussen de distributeurs leidt volgens scholen tot steeds lagere kortingen. Omdat educatieve uitgeverijen noodgedwongen de prijzen van lesmethodes verhogen, is de korting die middelbare scholen krijgen bovendien een sigaar uit eigen doos.
Direct leveren aan scholen
In een markt met statische papieren lesboeken die minstens vijf jaar meegaan, is de toegevoegde waarde van distributie door een centraal boekenhuis nog wel in te zien (los van het feit dat de huidige situatie tot te hoge prijzen leidt).
Echter, als veel van het fysieke materiaal digitaal wordt en papieren werkboeken bovendien elk jaar worden geactualiseerd (bijvoorbeeld in het geval van Cumulus) is het onduidelijk wat de waarde van een extra schakel in de distributieketen is. Uitgevers kunnen dan veel beter zelf direct gaan leveren aan de scholen. En dat is precies wat Cumulus doet.
Het gevolg is wel dat middelbare scholen bij meerdere partijen moeten bestellen: zowel bij het boekenhuis als bij individuele uitgeverijen. Maar daarvoor krijgen ze wel een beter product tegen een lagere prijs. Wie wil dat nou niet?
* * *
Over Cumulus
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie. Oordeel zelf en probeer de gratis demo op cumulus.co. Bestel een proefexemplaar van het werkboek economie 4 vwo op cumulus.co/proefexemplaar.
Het eerste eindexamen bedrijfseconomie komt eraan!
Op dinsdag 19 mei maakt de eerste lichting havo-leerlingen het nieuwe eindexamen bedrijfseconomie. Docenten en leerlingen zijn in de lessen op school bezig met de laatste onderwerpen. Daarna is er (hopelijk) voldoende tijd voor examentraining. Cumulus helpt leerlingen met Supersamengevat en een âstappenplanâ per onderwerp op cumulus.co. Daarnaast worden er binnenkort extra opgaven toegevoegd die kunnen worden gebruikt in de examenvoorbereiding. Je leest er meer over in de rest van deze blogpost.
Een âzachte landingâ
Jan Straver (CvTE) en Jan Stevens (Cito) hebben de laatste jaren vaak gesproken van een âzachte landingâ bij de nieuwe eindexamens: âHet CvTE weet dat bij de implementatie van een nieuw vak voorzichtigheid geboden is. Het zal dan ook niet zo zijn dat het nieuwe centraal examen compleet afwijkt van wat het veld gewend is.â
Het, in maart 2018 gepubliceerde, voorbeeldexamen bedrijfseconomie havo licht een tipje van de sluier op. Uit het voorbeeldexamen blijkt dat er veel aandacht zal worden besteed aan de ânieuweâ onderwerpen in het examenprogramma. Denk bijvoorbeeld aan onderwerpen als marktonderzoek, personeel, huren en samenleven (trouwen, scheiden, erven en schenken). We raden dan ook aan om extra aandacht te besteden aan deze onderwerpen in de examenvoorbereiding: behandel bijvoorbeeld een deel van het voorbeeldexamen in de lessen en geef de leerlingen aan het einde van de reguliere lessen een kopie van het voorbeeldexamen mee naar huis.
Let ook op (kleine) aanpassingen in het examenprogramma!
Uit het voorbeeldexamen blijkt bovendien dat het Cito de nieuwe onderwerpen probeert te combineren met âgouwe ouweâ vragen over de balans, resultatenbegroting, kengetallen en hypotheekuitgaven. Voor docenten die met Cumulus werken is het geen nieuws maar let goed op dat er ook voor de âoudeâ onderwerpen wijzigingen staan in de nieuwe syllabus. Het begrip 'dividendpercentage' ("percentage van de nominale waarde van het geplaatste aandelenkapitaal") staat bijvoorbeeld niet meer in het examenprogramma. Het CvTE sluit aan bij de praktijk en geeft in opgaven het brutodividend in euro's (per aandeel). Daarnaast behoort ook het begrip stockdividend niet meer tot het havo programma.
Supersamengevat van het hele examenprogramma
Leerlingen kopen voor hun eindexamenvoorbereiding vaak een bundel met examenopgaven of een samenvatting van het examenprogramma. Cumulus heeft haar eigen samenvatting van alle theorie uit het gehele examenprogramma: Supersamengevat voor bedrijfseconomie havo bestaat uit 88 paginaâs met samenvattingen per onderwerp, inclusief rekenvoorbeelden en stappenplannen.
Extra houvast en structuur voor de leerling
Ter voorbereiding op het eindexamen biedt Cumulus de leerlingen - naast het papieren werkboek - extra structuur en houvast met voor elk onderwerp een âstappenplanâ. Dit stappenplan bestaat uit de volgende onderdelen:
Leerdoelen: wat moet een leerling kennen en kunnen?
Samenvatting: een uitgebreide samenvatting van de theorie inclusief rekenvoorbeelden en stappenplannen
Begrippen: definities van de belangrijkste begrippen uit het onderwerp
Uitlegvideoâs: extra uitleg met behulp van videoâs
Opgaven: kleine, grote en examenopgaven voor in de les en thuis
Nieuw: extra opgaven in Cumulus
In januari worden in Cumulus voor elk onderwerp tenminste twee extra (examen-)opgaven toegevoegd. De extra opgaven worden niet opgenomen in het werkboek en zijn dus alleen digitaal beschikbaar. Docenten en leerlingen kunnen de extra opgaven naar eigen inzicht inzetten tijdens de examenvoorbereiding.Â
De komende weken worden de extra opgaven stapsgewijs toegevoegd in Cumulus (voor zowel bedrijfseconomie als economie). Heb je zelf een mooie opgave gemaakt die je wilt delen met andere docenten? Geef het door aan de redactie!
Veel succes!
We wensen alle docenten en leerlingen de komende periode veel succes met de laatste loodjes en de voorbereiding van het eerste eindexamen bedrijfseconomie. Oefenen, oefenen, oefenen!
* * *
Over Cumulus
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie.
Bestel een proefexemplaar van het werkboek economie 4 vwo!
Begin januari verschijnt het nieuwe Cumulus werkboek economie voor 4 vwo met alle opgaven en samenvattingen van de eerste drie themaâs: Geldzaken, Welvaart en Speltheorie.
De basis voor elk onderwerp in het nieuwe examenprogramma economie wordt in de lessen op school gelegd. Cumulus start daarom met het maken van digitale lessen (in powerpoint formaat) die de docent meteen kan presenteren maar ook eenvoudig kan downloaden en aanpassen.
In de les werken de leerlingen meestal aan opgaven uit het papieren werkboek. Alle opgaven bij de lessen zijn opgenomen in het werkboek. In het werkboek staat ook een samenvatting van alle theorie, inclusief rekenvoorbeelden en stappenplannen.
Naast het papieren werkboek biedt Cumulus de leerling op cumulus.co extra structuur en houvast met voor elk onderwerp een âstappenplanâ. Dit stappenplan bestaat uit de volgende onderdelen:
Leerdoelen: wat moet een leerling kennen en kunnen?
Samenvatting: een uitgebreide samenvatting van de theorie inclusief rekenvoorbeelden en stappenplannen.
Begrippen: definities van de belangrijkste begrippen uit het onderwerp.
Uitlegvideoâs: extra uitleg met behulp van videoâs.
Opgaven: kleine, grote en examenopgaven voor in de les en thuis.
Werkboek ontvangen?
Bestel meteen een proefexemplaar van het werkboek 4 vwo op cumulus.co/proefexemplaar en ontvang het werkboek in januari. Je kunt ook het digitale lesmateriaal uitproberen. Oordeel zelf en probeer de gratis demo op cumulus.co.
---
Over Cumulus
In augustus 2020 start het nieuwe programma economie vwo. Het Cumulus team werkt aan een nieuwe versie van Cumulus economie voor vwo. Begin januari 2020 verschijnt de inhoud van de eerste themaâs Geldzaken, Welvaart en Speltheorie op cumulus.co, volledig aangepast voor het nieuwe programma. Kijk voor meer informatie over de lesmethode op https://cumulus.co/lesmethodes/economie/bovenbouw
Dinsdag 1 oktober 2019, 19:30, Muntstraat 7 Utrecht. De auteurs van vijf uitgeverijen (Cumulus, LWEO, Malmberg, Noordhoff en Van Vlimmeren) komen samen in Utrecht voor extra uitleg over het nieuwe examenprogramma economie vwo door prof. dr. Bas Jacobs. Er worden veel vragen gesteld, Jacobs heeft er zin in. Rond 21:30 vertrekken de aanwezigen. Een enkeling geeft de volgende morgen om 8:30 weer les.
Nieuw programma, nieuwe lesmethode!
Het is zover! Na het focusgroepenonderzoek in 2017, de aanbevelingen in het rapport âAmbitie en realiteit in het economie examenâ en de installatie van de commissie Jacobs in 2018, is sinds juli 2019 de nieuwe syllabus economie vwo 2023 beschikbaar. Wat betekent dit? In mei 2023 maken de eerste leerlingen het nieuwe eindexamen economie vwo. Deze lichting start komend schooljaar met het nieuwe examenprogramma in 4 vwo. Alle uitgeverijen schrijven nieuwe lesmethodes. Docenten krijgen de kans om een nieuwe lesmethode te kiezen. Het Cumulus team is gestart met de ontwikkeling van de nieuwe lesmethode economie vwo. Op 1 januari 2020 verschijnt de inhoud van de eerste themaâs op cumulus.co.
Wat gaat er precies veranderen?
Hoewel de commissie Jacobs zich âexclusief op de macrodomeinen in de syllabus (domeinen H en I)â zou richten, zijn er ook in de domeinen D, E en F wijzigingen aangebracht. De belangrijkste wijzigingen op een rijtje:
Domein D: de commissie Jacobs stelt een aantal wijzigingen voor om het welvaartsbegrip eenduidig te maken en consequent toe te passen in de hele syllabus. Dit heeft ook gevolgen voor de surplusanalyse in domein D. Jacobs stelt dat de surplusanalyse voornamelijk geschikt is om de doelmatigheid van allocaties te analyseren, maar niet om de brede maatschappelijke welvaart te analyseren. We zullen daarom niet meer spreken van âde omvang van het totale surplus als een indicator van maatschappelijke welvaartâ. In plaats daarvan is het totale surplus een âmaatstaf voor de economische doelmatigheid van de economische uitkomst.â Je leest er meer over in een achtergrondartikel van Jacobs of in het verantwoordingsdocument bij de nieuwe syllabus.
Domein E: in domein E zijn de eindtermen met betrekking tot rente aangescherpt, is âde elementaire balans en resultatenrekening van bedrijfshuishoudingenâ geschrapt en zijn de eisen van het Stabiliteits- en groeipact toegevoegd.
Domein F: in domein F is het herhaalde spel weer toegevoegd en zijn een aantal beperkte wijzigingen gemaakt in de eindtermen.
Naast bovenstaande kleine wijzigingen heeft de commissie Jacobs de inhoud van de domeinen H en I stevig aangepakt.
Domein H: meer structuur en samenhang
De kritiek van de commissie Jacobs op domein H is mild: âNaar het oordeel van de commissie kent de huidige structuur te weinig samenhang.â De nieuwe indeling van domein H is daarom als volgt:
H.1 Macro-economische kringloop
De commissie start domein H met de âmacro-economische boekhoudingâ. Hierbij wordt er meteen flink gesnoeid in de oude syllabus: het onderscheid tussen bruto en netto toegevoegde waarde, de relatie tussen nationaal inkomen en nationaal product (bruto en netto) en het systeem van de nationale rekeningen (inclusief de staat van middelen en bestedingen) staan niet meer in de nieuwe syllabus.
Verder zijn in dit sub-domein de eindtermen met betrekking tot de macro-economische kringloop expliciet gemaakt. Dat betekent meer houvast voor docenten en uitgeverijen.
H.2 Structurele groei
Het nieuwe sub-domein H.2 gaat over structurele groei en vervangt het oude subdomein H.3 over economische groei. De commissie âvindt het belangrijk om de productiefunctie te introduceren als het overkoepelende organiserende principe om na te denken over structurele groei.â
De commissie kiest ervoor âom de standaard-wetenschappelijke notatie te gebruiken voor de productiefunctie f, de totale factorproductiviteit A, de kapitaalgoederenvoorraad (en land) K en de beroepsbevolking L.â De commissie gaat verder en maakt in eindterm H.2.3 expliciet wat de factoren zijn die de totale factorproductiviteit beĂŻnvloeden en merkt op dat âde productiefunctie alleen grafisch-verbaal wordt bevraagd.â
H.3 Inkomen, welvaart en welzijn
Sub-domein H.3 vervangt de oude syllabustekst bij H2.4 over het enge en ruime welvaartsbegrip (waarbij niet precies werd uitgelegd wat men daarmee bedoelde). In de nieuwe syllabus spreken we niet meer van welvaart in enge en ruime zin en wordt welvaart niet langer geassocieerd met bbp. In plaats daarvan wordt een definitie gegeven van de brede welvaart van een huishouden: âDe (brede) welvaart van een gezinshuishouden is de waarde van behoeftebevrediging van schaarse goederen zoals consumptie van goederen en diensten, vrije tijd, milieu, leefomgeving, collectieve goederen, infrastructuur, risico (negatief), ongelijkheid (negatief), veiligheid.â Maatschappelijke (brede) welvaart wordt vervolgens gedefinieerd als een optelsom van (brede) welvaart van alle huishoudens.
De commissie kiest er ook voor om welzijn te definiĂ«ren in de nieuwe syllabus: âDe totale behoeftebevrediging van schaarse en niet-schaarse goederen. Niet schaarse goederen zijn goederen waarvoor geen materieel of immaterieel (nuts)offer hoeft te worden gebracht. Voorbeelden van niet-schaarse goederen kunnen liefde en aspecten van gezondheid zijn (âsterk gestelâ).â
H.4 Ongelijkheid en herverdeling
In sub-domein H.4 is de Lorenzcurve geschrapt uit de syllabus. Omdat de GINI-coĂ«fficiĂ«nt is behouden, blijven we de Lorenzcurve gebruiken in de lessen als âdidactische opstapâ. Op eindexamens zal de Lorenzcurve echter niet meer voorkomen.
Verder heeft de commissie in H.4 het begrip vermogensongelijkheid toegevoegd en een aantal begrippen met betrekking tot belasting expliciet gemaakt. Denk hierbij bijvoorbeeld aan heffingskortingen, aftrekposten en bijtellingen. Ook is er een eindterm opgenomen over âuitkeringen en toeslagen als instrumenten voor herverdeling en verzekeringâ.
H.5 Arbeidsmarkt en werkloosheid
De commissie heeft er voor gekozen de arbeidsmarkt en werkloosheid een grotere rol te geven in de nieuwe syllabus. Begrippen (zoals arbeidsaanbod en arbeidsvraag) worden in H5.1 expliciet gemaakt. Daarnaast vindt de commissie het belangrijk dat leerlingen âde verschillende soorten werkloosheid (structurele, conjuncturele) kunnen onderscheiden en begrijpen.â Voor sommige lesmethodes (zoals Cumulus) betekent dit geen wezenlijke verandering van de inhoud.
Domein I: stevige kritiek, een nieuw macromodel
Waar de commissie Jacobs in haar verantwoordingsdocument nog redelijk mild is met haar kritiek op de inhoud van het oude domein H, fileert zij drie paginaâs lang de inhoud van domein I en levert daarmee stevige kritiek op vorige syllabuscommissies: âDe oude syllabus kent een groot aantal problemen in domein I: de samenhang tussen de verschillende onderdelen ontbreekt, de economische mechanismen zijn vaak niet helder en er staan slordigheden en fouten.â
Met haar opmerkingen (te vaag, slordig, fout) bekritiseert de commissie indirect ook de rest van de syllabus. Het is wachten op de âcommissie Jacobs IIâ die de rest van de syllabus onder handen gaat nemen.
De commissie Jacobs stelt voor om domein I in te delen in vier onderdelen:
Beschrijving conjuncturele verschijnselen
Begrotingsbeleid
Monetair beleid en de centrale bank
Conjunctuuranalyse aan de hand van IS-MB-GA-model voor een gesloten economie
I.1 Beschrijving conjuncturele verschijnselen
Bij de beschrijving van conjuncturele verschijnselen kiest de commissie ervoor om begrippen te introduceren die later in het programma terugkomen. De focus ligt daarom op vijf begrippen: het bbp, het ânieuweâ concept de output gap (Y - Y*), de reĂ«le rente, de inflatie en de werkloosheid. De output gap komt later terug in het IS-MB-GA model.
De conjunctuurklok en de verkeersvergelijking van Fisher zijn geschrapt en het concept NAIRU is vervangen door het meer gangbare begrip natuurlijke werkloosheid.
I.2 Begrotingsbeleid
Sub-domein I.2 wijzigt niet (veel) ten opzichte van de oude syllabus (oude sub-domein I.3). De belangrijkste onderwerpen blijven anticyclisch begrotingsbeleid, automatische stabilisatoren en inverdieneffecten.
I.3 Monetair beleid en de centrale bank
Naar onze mening heeft de commissie Jacobs goed werk geleverd door de zeer beperkte eindtermen uit de oude syllabus met betrekking tot monetair beleid flink uit te breiden. De belangrijkste wijzigingen op een rijtje:
Begrippen als geldschepping, geldhoeveelheid en prijsstabiliteit worden expliciet gemaakt.
Geldhoeveelheidsbeleid van de centrale bank wordt geschrapt (de centrale bank voert rentebeleid en er bestaat een negatief verband tussen de rente en de geldhoeveelheid).
Om leerlingen niet in de war te brengen door de suggestie te wekken dat rentes niet negatief kunnen worden, wordt het begrip âzero lower boundâ vervangen door âeffectieve ondergrensâ. Het begrip liquiditeitsval verdwijnt ook. Jacobs merkt op: âVoor alle praktische toepassingen is de liquiditeitsval gelijk aan de situatie waarin de rente op de effectieve ondergrens staat. De ondergrens op de rente wordt dan ook als synoniem gebruikt voor de liquiditeitsval.â
De commissie Jacobs pleegt ook broodnodig onderhoud met betrekking tot wisselkoersen en de betalingsbalans. Verschillende wisselkoerssystemen worden nu uitgelegd (vast en zwevend), het verband tussen het rentebeleid van de centrale bank en de wisselkoers wordt duidelijk gemaakt en er wordt een expliciet verband gelegd tussen de wisselkoers en het saldo op de lopende rekening van de betalingsbalans.
De commissie introduceert ook het trilemma van de monetaire politiek in de nieuwe syllabus: âopen economieĂ«n kunnen maar twee van de volgende drie zaken kiezen: vrij kapitaalverkeer, zelfstandig monetair beleid of een vaste wisselkoers.â
Tot slot voegt de commissie een aantal eindtermen over de EMU toe. De commissie vindt het âproblematischâ dat deze ontbreken in de oude syllabus.
I.4 Conjunctuuranalyse aan de hand van IS-MB-GA-model voor een gesloten economie
In december 2016 publiceert Jacobs het artikel âEconomie voor goede, slechte en - vooral! - barre tijdenâ. In het stuk betoogt Jacobs âdat het bestaande vo-economieprogramma mogelijkheden biedt om de macro-economische analyse te verdiepenâ. Wat stelt Jacobs in het artikel uit 2016 voor? De toevoeging van het IS-MB-GA model.
Drie jaar later staat het IS-MB-GA model in de nieuwe syllabus. Het is de grootste verandering in het nieuwe examenprogramma. In een volgende blogpost zullen we uitgebreid ingaan op het model. Houd ons blog in de gaten.
Feedback
Cumulus is continu in ontwikkeling. Als docent kun je via het platform feedback geven op al het lesmateriaal. Samen met de redactie worden deze suggesties en verbeteringen verwerkt. Zo werken we samen aan betere lessen. Heb je opmerkingen, suggesties of goede ideeën naar aanleiding van deze blogpost? Reageer onder het blog of stuur een bericht aan de redactie.
* * *
Over Cumulus
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie.
Hoe kunnen we Cumulus nog beter maken voor de leerling?
Cumulus heeft altijd de docent centraal gesteld bij de ontwikkeling van nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie. Het is nu tijd voor een belangrijke volgende stap: Cumulus nog beter maken voor de leerling. In deze blogpost lees je wat dit betekent en wat je de komende tijd kunt verwachten.
De docent centraal
In 2015 startte Cumulus met het artikel Wat?! Adaptief en gepersonaliseerd leren? in het Tijdschrift voor het Economisch Onderwijs (TEO) van de VECON. We verbaasden ons over de ontwikkeling van nieuwe digitale lesmethodes door de grote uitgeverijen: âplatteâ tekst in een zwaar beschermd, digitaal jasje, waar leerlingen zelfstandig, adaptief en gepersonaliseerd mee zouden kunnen werken achter een tablet of computer. Het ânieuwe lerenâ 2.0, of misschien wel 3.0.
Leerlingen hebben dus een docent nodig. Een docent die een verhaal in de klas vertelt, die de leerlingen weet te verbazen en te enthousiasmeren en die de leerlingen aan het werk krijgt.
Cumulus vond in 2015 dat het anders moest. Niet de zelfstandig lerende leerling centraal, maar de docent centraal. Of zoals een docent uit Goes het verwoordde: âEen lesmethode aangepast aan de docent. De docent centraal waardoor leerlingen beter kunnen leren.â
Lessen vormen de basis van Cumulus
Cumulus start niet met het schrijven van een boek maar met het maken van digitale lessen. Dat is wat veel docenten zelf ook al doen ("met een boek heb je nog geen lessenâ). Waarom zouden we dat niet centraal doen en vervolgens de lessen continu verbeteren met feedback en opmerkingen van docenten? Cumulus lessen zijn verrijkt met praktische opdrachten, kort en langer beeldmateriaal, actualiteit, afwisselende werkvormen en heel veel opgaven. Docenten kunnen de lessen in powerpoint meteen presenteren maar ook eenvoudig downloaden en aanpassen.
Voor (diepe) verwerking van de leerstof is en blijft papier nodig. Dat hoeven we aan docenten niet uit te leggen. Alle opgaven bij de lessen zijn daarom opgenomen in het werkboek. In de les werken de leerlingen meestal aan opgaven uit het papieren werkboek.
Op basis van de lessen schrijven we een samenvatting van alle theorie, inclusief rekenvoorbeelden en stappenplannen. Deze samenvatting nemen we ook op in het werkboek. Hiermee hebben de leerlingen per leerjaar een papieren werkboek met alle theorie en opgaven en tegelijkertijd toegang tot alle digitale inhoud op cumulus.co.
Cumulus voor de leerling
De docent centraal stellen in een lesmethode werkt. Meer dan 80 middelbare scholen werken inmiddels met Cumulus. Nu is het tijd voor een volgende stap. Tijdens de Cumulus docentenmiddag in 2018 hebben docenten nagedacht over de vraag hoe we Cumulus nog beter kunnen maken voor de leerling. Leerlingen gebruiken Cumulus op dit moment op verschillende manieren maar alle leerlingen hebben behoefte aan houvast, structuur en feedback. En dat kan nog een stuk beter in Cumulus.
De komende jaren gaan we Cumulus verder verbeteren voor de leerling. We behouden wat we hebben voor de docent maar verbeteren de inhoud voor de leerling. Dat doen we in twee stappen:
Stap 1: we beginnen met het op een betere manier presenteren van alle bestaande, vertrouwde inhoud. In het nieuwe Cumulus helpen we leerlingen nog beter om stapsgewijs de inhoud te doorlopen, bijvoorbeeld bij de voorbereiding op een toets of schoolexamen.
Stap 2: we ontwikkelen stapsgewijs nieuwe inhoud en nieuwe modules voor de leerling waarbij de nadruk ligt op interactiviteit en feedback.
Ons doel met het nieuwe Cumulus voor de leerling: we willen dat een leerling zelfstandig een onderwerp kan bestuderen. Huh? Het Cumulus team is toch heel kritisch op het concept van de zelfstandig lerende leerling? Jazeker. Wat ons betreft wordt de basis voor elk onderwerp in de lessen op school gelegd. Echter, de leerling zal op een gegeven moment zelf aan de slag moeten. Bijvoorbeeld voor een toets, een schoolexamen of als hij / zij een paar lessen gemist heeft. Cumulus moet de leerling hierbij helpen.
Bestaande inhoud beter presenteren
Voor de start van het nieuwe schooljaar (begin augustus 2019) lanceren we de nieuwe omgeving voor de leerling. In deze eerste versie werken we zoveel mogelijk met de bestaande, vertrouwde inhoud. We presenteren deze slechts op een duidelijkere manier aan de leerlingen.
Om een leerling zelfstandig een onderwerp te laten doorlopen, moeten onderwerpen voor de leerlingen goed afgebakend zijn. Alle Cumulus lesmethodes hebben op dit moment een duidelijke structuur: het programma bestaat uit een aantal samenhangende themaâs, elk thema bestaat uit een aantal onderwerpen en een onderwerp bestaat uit meerdere lessen.
Sommige van deze onderwerpen zijn echter te groot voor de leerling om (zelfstandig) te kunnen behappen. Voor de leerling wordt een aantal onderwerpen daarom verder opgedeeld in (meestal twee) deelonderwerpen. Een voorbeeld voor zowel economie als bedrijfseconomie laat zien wat we bedoelen:
Om de leerling meer houvast en structuur te geven, bieden we voor elk (deel-)onderwerp een âstappenplanâ aan met de volgende onderdelen: leerdoelen, samenvatting, begrippen, opgaven en uitlegvideoâs. Op mobiele telefoons en tablets ziet dat er als volgt uit:
Een korte toelichting bij de verschillende onderdelen:
Leerdoelen: we beginnen elk onderwerp met de leerdoelen. Voor, tijdens en na het bestuderen van een onderwerp kan de leerling controleren wat zij / hij moet kennen en kunnen. Bij het opstellen van de leerdoelen sluiten we aan bij de meest recente syllabi en proberen zo concreet mogelijk te zijn.
Samenvatting: we gaan ervan uit dat de basis voor elk onderwerp wordt gelegd in de lessen (met een belangrijke rol voor de docent). De leerling heeft vervolgens nog behoefte aan een samenvatting van de belangrijkste theorie. Als de theorie is teruggebracht tot de essentie kan de leerling zo snel mogelijk aan de slag met het maken van opgaven.
Begrippen: de belangrijkste begrippen van elk onderwerp komen terug in de samenvatting maar sommige leerlingen vinden het fijn om een lijstje met de definities van de verschillende begrippen te bestuderen.
Opgaven: na het (kort) bestuderen van de theorie, moet de leerling zo snel mogelijk aan de slag met het maken van een aantal opgaven. Voor elk onderwerp zijn er drie typen opgaven in volgorde van toenemende moeilijkheid: kleine opgaven, grote opgaven en examenopgaven (havo en /of vwo).
Uitlegvideoâs: heeft de leerling behoefte aan meer uitleg, dan kan hij / zij een uitlegvideo bekijken. We maken hierbij gebruik van bestaande uitlegvideoâs. In de toekomst gaan we deze stapsgewijs aanvullen met en vervangen door Cumulus-uitlegvideoâs.
Nieuwe inhoud ontwikkelen
Na het lanceren van het nieuwe Cumulus voor de leerling gaan we stapsgewijs nieuwe inhoud en nieuwe functionaliteit voor de leerling ontwikkelen. We geven een aantal voorbeelden (die nog verder uitgedacht moeten worden):
Kleine opgaven: wij zijn voorstander van het maken van grote opgaven op papier. Echter voor kleine controlevragen werkt digitaal prima. Het moment âpak nu je boek erbij en maak opgave 3 op bladzijde 54â onderbreekt vaak het ritme van een les. In plaats daarvan wil een docent meteen door met het maken van een aantal vragen, als het even kan in toenemende moeilijkheid. De gegevens en de vraag staan op het scherm, de leerlingen maken de vraag in hun schrift, de docent loopt rond, het antwoord wordt besproken en een volgende vraag volgt. Een cyclus van een paar minuten. Voor elk onderwerp is er in Cumulus op dit moment een set van dergelijke kleine opgaven in powerpoint beschikbaar. Deze kleine opgaven zijn echter ook heel geschikt om door de leerling in de browser te maken. De leerling kan dan - na het bestuderen van de theorie - relatief snel controleren of hij / zij de kennis en vaardigheden van het onderwerp beheerst en vervolgens aan de slag gaan met grotere opgaven uit het werkboek.
Leerdoelen: in de eerste versie van de nieuwe omgeving voor de leerling, nemen we de leerdoelen simpelweg op per onderwerp. In een volgende versie zien we voor ons dat de leerling deze leerdoelen kan afvinken en zo voor zichzelf een overzicht bijhoudt van de voortgang bij het voorbereiden van een toets of schoolexamen.
Favorieten: leerlingen moeten voor zowel economie als bedrijfseconomie gedurende een aantal jaar een flinke hoeveelheid inhoud behappen. Wat was ook alweer belangrijk? Wat vond ik een moeilijk onderwerp? Welke opgave is een perfecte oefening voor het onderwerp? Welke uitlegvideo heeft mij enorm geholpen? Het zou fijn zijn als een leerling deze âfavorietenâ kan opslaan en eenvoudig terugvinden.
Feedback
Cumulus is continu in ontwikkeling. Als docent kun je via het platform feedback geven op al het lesmateriaal. Samen met de redactie worden deze suggesties en verbeteringen verwerkt. Zo werken we samen aan betere lessen. Op de plannen die we in deze blogpost hebben gepresenteerd, ontvangen we ook graag feedback. Heb je opmerkingen, suggesties, goede ideeën? Reageer onder het blog of stuur een bericht aan de redactie.
Over Cumulus
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie.
Cumulus combineert het beste van digitaal en papier, in de vorm van onbeperkte toegang tot digitaal lesmateriaal en voor elk leerjaar een papieren werkboek. Scholen kunnen het werkboek - inclusief een supersamenvatting van de theorie - zelf downloaden en afdrukken of eenvoudig bestellen bij Cumulus.
Om te profiteren van de lage prijs van het werkboek (⏠7,-), plaats je voor 1 mei een bestelling met behulp van ons bestelformulier. Je bestelt de werkboeken op basis van de leerlingenprognose voor komend schooljaar, eventueel inclusief een paar extra exemplaren. Voor de start van de zomervakantie worden de werkboeken vervolgens op school afgeleverd.
Nabestellingen
Natuurlijk kun je na 1 mei ook nog werkboeken bestellen. Omdat nabestellingen in kleinere oplages gedrukt worden, betaal je ⏠12,- per werkboek. Nabestellingen worden binnen drie werkdagen op school afgeleverd.
Toegang tot digitaal
Het bestellen van digitale licenties voor de Cumulus lesmethodes en toetsmakers kan het hele jaar. Plaats ook hier voor 1 mei een bestelling en profiteer van een korting op de toetsmakers.
Factuur aan het begin van het schooljaar
In de eerste twee weken van het schooljaar vragen we je om het definitieve leerlingenaantal door te geven voor de digitale toegang. Vervolgens sturen we een complete factuur voor het werkelijk aantal leerlingen en de bestelde werkboeken. Bestel je later in het schooljaar nog werkboeken of digitale accounts? Dan ontvang je hiervoor een aparte factuur in december.
VEELGESTELDE VRAGEN
Op 1 mei weet ik nog niet het definitieve leerlingaantal. Wat moet ik doen?
Een lage prijs voor schoolboeken en op het laatste moment bestellen, gaan helaas niet samen. We vragen je dus om voor 1 mei een bestelling te plaatsen. Op dat moment hebben de meeste scholen een redelijk goede inschatting van de leerlingenaantallen voor het komende schooljaar. Gezien de lage prijs van het werkboek, kun je altijd een paar extra exemplaren bestellen. Heb je toch te weinig besteld? Geen nood, nabestellingen worden binnen drie werkdagen geleverd.
Wanneer worden de werkboeken geleverd?
Als je voor 1 mei bestelt, worden de werkboeken voor de zomervakantie geleverd. Als je na 1 mei bestelt, worden de werkboeken binnen drie werkdagen geleverd. Je betaalt dan wel ⏠12,- per werkboek, in plaats onze normale prijs van ⏠7,-.
Kan ik het hele jaar door bestellen?
Ja dat kan. Echter, om te profiteren van de lage prijs van het werkboek, moet je voor 1 mei bestellen.
Kan ik de Cumulus werkboeken ook bij Van Dijk of Iddink bestellen?
Nee, dat kan op dit moment niet. Wij zijn in gesprek met de boekenhuizen maar hebben nog geen overeenkomst gesloten over de levering van onze lesmethodes. Voor komend schooljaar kan er alleen direct bij Cumulus worden besteld.
OVER CUMULUS
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie.
Keert de Phillipscurve terug in het examenprogramma economie?
In mei 2018 zijn twee commissies gestart om de syllabi economie voor havo en vwo te verbeteren. De commissies hebben âde ambitie om eind 2018 met voorstellen voor nieuwe syllabusteksten te komen.â Dat is in ieder geval niet gelukt maar binnenkort horen we vast meer van het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Wat kunnen we verwachten? Eerder schreven we een uitgebreid stuk over de nieuwe havo-syllabus. In deze blogpost gaan we in op de nieuwe vwo-syllabus.
âAmbitie en realiteit in het economie examenâ
In 2005 publiceert de Commissie Teulings een nieuw examenprogramma economie voor havo en vwo. Na een aantal jaar proefdraaien met zogenaamde pilotscholen, vindt in 2012 het eerste nieuwe eindexamen economie voor de havo plaats. Sinds die tijd zijn er geen grote veranderingen in de syllabi doorgevoerd.
De onrust onder docenten economie na de wijzigingen in het vwo-programma (Philipscurve) is de aanleiding voor het CvTE om in het najaar van 2017 een focusgroepenonderzoek te starten: âHet CvTE wil graag wensen en ideeĂ«n van docenten horen voor eventuele verbeteringen van de syllabi.â In vijf focusgroepen van gemiddeld zeven docenten economie wordt er op een aantal locaties in het land lustig op los ge-post-it.
De leiders van de focusgroepen - Yolanda Grift en Marc Schramm (beiden Universiteit Utrecht) - zitten niet stil want in januari 2018 verschijnt het rapport âAmbitie en realiteit in het economie examenâ met de belangrijkste uitkomsten van het onderzoek. De samenvatting: âhet havo-programma wordt als overladen ervaren en over het vwo-programma is onvrede over de modelmatige onderbouwing van domein I over macro-economie.â
Een paar maanden later starten twee commissies met het verbeteren van de syllabi economie voor havo en vwo. De ambitie is om binnen zes maanden met voorstellen te komen.
De opdracht voor de vwo-commissie
Het CvTE schrijft op examenblad.nl het volgende over de opdracht van de vwo-commissie:
âDe vwo-commissie, onder voorzitterschap van prof. dr. Bas Jacobs, richt zich exclusief op de macrodomeinen in de syllabus (domeinen H en I). De opdracht van de syllabuscommissie is om de invulling van beide macrodomeinen opnieuw tegen het licht te houden met het doel meer samenhang in de eindtermen aan te brengen en macromodellen een betere inbedding te geven dan in de huidige syllabus het geval is. Welk model of modellen dit zullen zijn is aan de commissie. Het resultaat moet leiden tot een stevig macro-economisch deel in het vwo programma. Het al in een eerder stadium schrappen van de Phillipscurve en NAIRU in de syllabus vwo voor 2019 is een tijdelijke maatregel.
Het CvTE hecht eraan te vermelden dat het examenprogramma ruimte geeft aan docenten economie om ook in het schoolexamen aandacht te besteden aan macro-economie, op een manier zoals zij dat belangrijk achten voor hun leerlingen.â
Het hete hangijzer in de opdrachtomschrijving van de commissie Jacbos is natuurlijk het (nieuwe) macromodel. Welk model gaat het worden? Wie de recente en minder recente publicaties over dit onderwerp leest, komt tot drie mogelijke kandidaten.
Keynesiaans macromodel
In een recent artikel in Factor D pleit oud-docent Henk Vercoulen ervoor âde Keynesiaanse macro-modellen weer in ere te herstellen.â Het is nog niet zo lang geleden dat het Keynesiaanse model verdween uit het examenprogramma. In het bezemexamen van 2014 moesten de leerlingen nog aan de slag met de opgave âMeer lasten of minder lusten?â.
Vercoulen vindt dat we met een vraaggerichte benadering aansluiten bij de actualiteit (de laatste crisis) en dat âeen vraaggerichte benadering voor leerlingen belangrijk is om de werking van de economie te leren inzien.â
Om niet te vervallen in een zoveelste âtechnologische exercitie waar niet veel economisch begrip uit resulteertâ denkt Vercoulen voor het vwo âop de eerste plaats aan Keynesiaanse modellen met een aantal vergelijkingen en dito onbekenden, maar wel met een gegeven eindvergelijking op basis waarvan leerlingen dan redeneringen en berekening moeten uitvoeren.â Hij verwijst hierbij naar het model in de opgave Gelijke monniken, gelijke kappen uit 2012.
Economie voor goede, slechte en barre tijden
We hebben vaker een pleidooi gehoord voor herinvoering van het Keynesiaanse macromodel. Er valt ook zeker wat voor te zeggen. Toch is de kans klein dat de commissie Jacobs met dit model op de proppen komt. Twee andere kandidaten voor een ânieuwâ macromodel zijn in 2016 namelijk al aangereikt door commissievoorzitter Jacobs.
In december 2016 publiceerde Jacobs (samen met docent economie Ferry Haan) het artikel âEconomie voor goede, slechte en â vooral! â barre tijdenâ. In hun stuk betogen zij âdat het bestaande vo-economieprogramma mogelijkheden biedt om de macro-economische analyse te verdiepen.â Wat stellen Jacobs en Haan voor? Een uitbreiding van het reeds in het examenprogramma opgenomen AV-AA-model en een toevoeging van het IS-MP-model.
Een uitgebreid AV-AA-model
Jacobs en Haan willen het standaardmodel van geaggregeerde vraag (AV) en geaggregeerde aanbod (AA) uitbreiden. Geen nieuw of ander macromodel dus maar een verdieping van het, reeds in het examenprogramma opgenomen, AV-AA-model.
Jacobs en Haan analyseren in hun artikel eerst de evenwichtsniveaus van inkomen en prijzen in een economie op korte termijn. In hun analyse blijft de Phillipscurve (die op korte termijn gelijk is aan de geaggregeerde aanbodcurve) een onderdeel van het programma. Dat zou betekenen dat het âin een eerder stadium schrappen van de Phillipscurve en NAIRUâ inderdaad een âtijdelijke maatregelâ is.
Vervolgens analyseren Jacobs en Haan de gevolgen van een vraagrecessie, zowel in normale als in barre tijden, wanneer de economie in de liquiditeitsval zit. De analyse in barre tijden is een duidelijke uitbreiding van het huidige programma. Jacobs en Haan schrijven het volgende: âDe nul-ondergrens wordt bereikt wanneer de besparingen sterk toenemen of investeringen sterk dalen, bijvoorbeeld vanwege vergrijzing of balansherstel na de Grote Recessie. De effectieve vraag neemt dan zo veel af dat de centrale bank de nominale rente niet meer voldoende kan laten dalen om het evenwicht tussen de geaggregeerde vraag en het geaggregeerde aanbod in de economie te herstellen. Zodra de nul-ondergrens op de rente wordt bereikt, gebeurt er iets bijzonders. De AV-curve daalt niet meer, maar stijgt in het algemene prijsniveau. De reden dat de AV-curve niet meer daalt maar stijgt, is dat lagere prijzen (deflatie) leiden tot een hogere reĂ«le rente zodra de nominale rente op de nul-ondergrens staat. De reĂ«le rente is immers gelijk aan de nominale rente minus de verwachte inflatie.â
Een stijgende AV-curve? Een interessante analyse maar reken maar dat een groot deel van onze vwo-leerlingen afhaakt. Simpelweg te verwarrend.
Jacobs en Haan gaan verder en analyseren vervolgens bij een stijgende AV-curve het effect van een negatieve vraagschok en bijbehorend overheidsingrijpen. Ze bespreken hierbij achtereenvolgens de timiditeitsparadox, de spaarparadox en de zwoeg- en flexibiliteitsparadox.
Het IS-MP-model
Een laatste kandidaat voor een macromodel wordt ook in het artikel van Jacobs en Haan beschreven. Naast een uitbreiding van het AV-AA-model stellen zij namelijk voor om het IS-MP-model toe te voegen aan het examenprogramma. Jacobs en Haan schrijven dat het IS-MP-model âis gebaseerd op het standaard IS-LM-model waarbij de LM-curve wordt vervangen door een Taylor-regel voor het beleid van de centrale bank: de MP-curve. De reden is dat in de praktijk de centrale banken niet de geldhoeveelheid vaststellen, maar de nominale rente. Het IS-MP-model stelt leerlingen daarom in staat te begrijpen hoe centrale banken zowel conventionele als onconventionele monetaire politiek voeren.â
Vercoulen is zijn artikel kritisch over herinvoering van (een variant van) het IS-LM-model. âIk vind dat we ervoor moeten waken weer eens dezelfde fout te maken als met de Phillipscurve door de hobby van bepaalde specialisten in het programma te laten sluipen.â
Waarom een nieuw macromodel?
Dan rest de vraag: waarom moet er eigenlijk een (nieuw) macromodel worden opgenomen in het examenprogramma vwo? Het CvTE stelt dat het voorstel van de commissie Jacobs âmoet leiden tot een stevig macro-economisch deel in het vwo programma.â Maar we hebben toch al een stevig macro-economisch deel in het examenprogramma? Inderdaad met twee vreemde eenden in de bijt (de Phillipscurve en het GV-GA-model) die inhoudelijk niet veel toevoegen aan de rest van de inhoud in de domeinen H en I, en die dan ook recentelijk zijn verwijderd uit het programma. Welk probleem probeert de commissie Jacobs dan op te lossen?
Een veelgehoord argument voor een macromodel wordt verwoord door docent economie Maarten Delvaux in een artikel in Factor D: âDoor te abstraheren kun je soms beter analyseren. Een model is een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid. We gaan daarbij uit van vooronderstellingen. Het is goed om die vooronderstellingen te bespreken en ter discussie te stellen, maar redeneren binnen vooronderstellingen kan waardevol zijn. Enige vorm van modelmatig denken, zeker op het vwo, is goed.â Delvaux heeft gelijk maar de vraag is of hiervoor een (nieuw) macromodel nodig is. In veel andere onderwerpen in het vak economie (zowel havo als vwo) wordt er modelmatig gewerkt.
Binnenkort weten we meer
Niemand weet waar de syllabuscommissie mee gaat komen. Worden de adviezen van Jacobs gebruikt door de commissie Jacobs? Of komt de commissie met een ander macromodel op de proppen? Het kan in ieder geval geen kwaad om in de tussentijd het artikel van Jacobs en Haan (nog eens) te lezen.
We schreven eerder dat er veel eindtermen gaan verdwijnen uit de havo syllabus. Ook voor het vwo zal er flink wat vertimmerd worden. Bestaande lesmethodes moeten op de schop en scholen krijgen de kans om een nieuwe lesmethode economie te kiezen.
* * *
Over Cumulus
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie.
Vanaf vandaag is voor Cumulus bedrijfseconomie de inhoud uit het vijfde en laatste thema âDe naamloze vennootschapâ beschikbaar. Met onderwerpen als het eigen vermogen van de nv, de jaarrekening en kengetallen. Hiermee is Cumulus bedrijfseconomie compleet!
Cumulus bedrijfseconomie bestaat uit vijf samenhangende themaâs. De themaâs volgen een persoon die eerst zijn persoonlijke financiĂ«n op orde brengt (in het thema Geldzaken), vervolgens een eigen onderneming start (in het thema Ondernemerschap), de financiĂ«n van de eenmanszaak op orde brengt, de rechtsvorm wijzigt naar een besloten vennootschap en uiteindelijk na jaren van vallen en opstaan de onderneming naar de beurs brengt.
Voor alle onderwerpen in het programma schrijft Cumulus digitale lessen die de docent kan downloaden, direct gebruiken in de les maar ook aanpassen. Naast de digitale lessen biedt Cumulus voor elk leerjaar een papieren werkboeken met alle opgaven uit de lessen en een samenvatting van de theorie.
Het vijfde thema âDe naamloze vennootschapâ vertelt het verhaal van de oprichting van de naamloze vennootschap. Na het vastleggen van het maatschappelijk aandelenkapitaal in de statuten, volgt een aandelenemissie op de beurs. Aan het einde van het eerste jaar moet voor de eerste keer het resultaat verdeeld worden (âwie krijgt wat?â). Het bestuursverslag wordt geschreven en de jaarrekening wordt gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel. Vervolgens wordt, zowel intern als extern, het beleid van de onderneming beoordeeld aan de hand van een aantal kengetallen.
Voor de leerlingen en de docent is deze verhaallijn uitgewerkt in drie onderwerpen:
1. Eigen vermogen: dit onderwerp bestaat uit de onderwerpen aandelenemissie en winstverdeling. Natuurlijk vergelijkbaar met het oude examenprogramma maar ook met een aantal kleine maar goede veranderingen. Zo zit het begrip 'dividendpercentage' ("percentage van de nominale waarde van het geplaatst aandelenkapitaal") niet meer in het examenprogramma. We sluiten aan bij de praktijk en geven in opgaven het brutodividend in euro's (per aandeel). Daarnaast behoort het begrip stockdividend alleen tot het vwo programma.
2. De jaarrekening: dit onderwerp draait vooral om het herhalen en opfrissen van eerdere theorie (uit het thema 'De eenmanszaakâ) over de balans, resultaat en liquiditeit. In de context van de nv komen er een aantal nieuwe begrippen voorbij maar verder is het veelal bekende theorie.
3. Kengetallen: het onderwerp Kengetallen is een bekend onderwerp uit het oude examenprogramma. De grote onderwerpen zijn liquiditeits-, solvabiliteits- en rentabiliteitsratioâs (inclusief hefboomwerking). Voor het vwo is het DuPont schema een nieuw begrip.
Bekijk nu alle inhoud op cumulus.co en stuur vooral opmerkingen en suggesties! Je kunt natuurlijk ook vast een deel van de lessen testen bij het vak M&O.
Met de inhoud uit het vijfde en laatste thema is Cumulus bedrijfseconomie compleet! De komende weken voegen we voor het vwo een enkele les toe aan het zesde klas programma (bijvoorbeeld over off-balance sheet risicoâs) en controleren we alle eindtermen uit de syllabus nogmaals. Daarnaast werken we natuurlijk continu aan de verbetering van onze lesmethodes. Met bijdragen van docenten is Cumulus continu in ontwikkeling.
* * *
OVER CUMULUS
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie. Lees meer over de slimme combinatie van digitaal en papier op cumulus.co.
In mei 2018 zijn twee commissies gestart om de syllabi economie voor havo en vwo te verbeteren. De commissies hebben âde ambitie om eind 2018 met voorstellen voor nieuwe syllabusteksten te komen.â Met het einde van het jaar in zicht, kijken we in deze blogpost eerst naar de nieuwe havo-syllabus. Over een paar weken volgt een stuk over de nieuwe vwo-syllabus. Wat kunnen we verwachten? Komt er een nieuwe havo-syllabus in 2020? En wat betekent dit voor de lesmethodes economie?
âAmbitie en realiteit in het economie examenâ
In 2005 publiceert de Commissie Teulings een nieuw examenprogramma economie voor havo en vwo. Na een aantal jaar proefdraaien met zogenaamde pilotscholen, vindt in 2012 het eerste nieuwe eindexamen economie voor de havo plaats. Sinds die tijd zijn er geen grote veranderingen in de havo syllabus doorgevoerd.
De onrust onder docenten economie na de wijzigingen in het vwo-programma (Philipscurve) is de aanleiding voor het CvTE om in het najaar van 2017 een focusgroepenonderzoek te starten: âHet CvTE wil graag wensen en ideeĂ«n van docenten horen voor eventuele verbeteringen van de syllabi.â In vijf focusgroepen van gemiddeld zeven docenten economie wordt er op een aantal locaties in het land lustig op los ge-post-it.
De leiders van de focusgroepen - Yolanda Grift en Marc Schramm (beiden Universiteit Utrecht) - zitten niet stil want in januari 2018 verschijnt het rapport âAmbitie en realiteit in het economie examenâ met de belangrijkste uitkomsten van het onderzoek. De samenvatting: âhet havo-programma wordt als overladen ervaren en over het vwo-programma is onvrede over de modelmatige onderbouwing van domein I over macro-economie.â
Een paar maanden later starten twee commissies met het verbeteren van de syllabi economie voor havo en vwo. De ambitie is om binnen zes maanden met voorstellen te komen.
De opdracht voor de havo-commissie
Het CvTE schrijft op examenblad.nl het volgende over de opdracht van de havo-commissie:
âVernieuwing syllabus economie havo en vwo vanaf 2020
De havo-commissie, onder voorzitterschap van dr. Yolanda Grift, richt zich op alle in het centraal examen geĂ«xamineerde domeinen. De opdracht van de commissie is om de specifieke eindtermen te beoordelen. De commissie kijkt of de huidige eindtermen voldoende duidelijk zijn uitgewerkt, of meer samenhang tussen eindtermen mogelijk is en of eindtermen geschrapt kunnen worden om het totale programma voor havo minder omvangrijk te laten zijn.â
De kans is groot dat commissievoorzitter Grift het advies van focusgroepenleider Grift gaat volgen in het voorstel voor een nieuwe syllabus. Wat zijn de precieze aanbevelingen uit het focusgroepenonderzoek? En wat kunnen we dus verwachten in de nieuwe syllabus voor de havo?
De samenvatting op pagina 6 rept vooral van overladenheid van het havo-programma. Wie echter verder leest dan de samenvatting, ontdekt drie belangrijke punten van kritiek :
1. Het havo-programma is overladen
2. De ordening in domeinen is onduidelijk
3. De eindtermen zijn onduidelijk
Is het havo-programma echt overladen?
In het rapport van Grift en Schramm wordt overal gesproken over âervaren overladenheid van het havo-programmaâ. Het woord âervarenâ staat er niet voor niets. Niemand kan bewijzen of het programma daadwerkelijk overladen is. Misschien ligt het wel aan de lesmethodes of aan de docenten?
Op het moment dat een syllabus geschreven wordt, weten de commissieleden eigenlijk niet hoeveel lestijd het programma (precies) gaat kosten. Het Ministerie van OCW plakt echter wel een specifiek aantal studielasturen op een vak. In het geval van economie havo: 400 studielasturen. Bij het maken van een planning denkt een docent echter niet in studielasturen maar in lesuren. Een veel voorkomend aantal lesuren voor economie is 3 lesuren per week van 50 minuten in 4 havo en 4 lesuren per week in 5 havo. Op andere scholen is de verdeling juist andersom: 4 lesuren per week in 4 havo en 3 lesuren per week in 5 havo.
Rekening houdend met vakantieweken, toetsweken, een reis-/excursie-/activiteitenweek, examentraining en de eerste week en de laatste weken van het schooljaar zijn er 136 effectieve lessen beschikbaar voor het gehele havo examenprogramma (bron: planning economie havo).
Cumulus is de enige lesmethode die alle eindtermen vertaalt in lessen die de docent direct kan gebruiken maar ook naar eigen inzicht kan aanpassen. Deze vertaalslag van de vakinhoud naar individuele lessen leidt automatisch tot een lesplan per onderwerp en bovendien tot inzicht in het totaal aantal benodigde lessen voor het gehele examenprogramma: 143 lessen voor economie havo.
Het aantal beschikbare lessen is kleiner dan het aantal benodigde lessen. Het programma is dus overladen. âAch, het scheelt maar 7 lessenâ, zal de buitenstaander zeggen. De overladenheid wordt echter duidelijker als je het havo-programma, in onderstaande figuur, vergelijkt met het vwo-programma. In het vwo-programma heeft de docent keuzeruimte (hoewel dat met een nieuwe vwo-syllabus in 2020 wel eens afgelopen kan zijn, maar daarover in een volgende blogpost meer).
Een belangrijke, algemene oorzaak van de overladenheid wordt in het rapport van Grift en Schramm genoemd: âDe geringe differentiatie tussen de havo- en vwo-syllabus, waardoor het havo-programma als overladen ervaren wordt en deels te modelmatig is.â
Wat gaat er verdwijnen?
Er moet dus meer gedifferentieerd worden tussen de havo- en vwo-syllabus. Een deel van de oplossing is het schrappen van eindtermen. Waar moet er volgens de docenten uit de focusgroepen worden geschrapt in het havo-programma? Dit zijn de belangrijkste aanbevelingen:
Domein D (Markt): volgens de docenten kan het (arceren) van het surplus en de marginale analyse geschrapt worden (âEr is redelijke overeenstemming over het schrappen van het rekenkundig beheersniveau van de marginale analyse in domein D.â)
Domein E en G (Ruilen over de tijd, Risico en informatie): overlap met het vak Bedrijfseconomie en de rol van bedrijven moet voorkomen worden. âDaarbij worden de specifieke eindtermen E1.2, E2.2, G3.3, G4.1 en G4.2 vaak genoemd.â
Domein H (Welvaart en groei): âUnaniem schrappen van het onderscheid objectieve en subjectieve.â en âUnaniem de Nationale Rekeningen laten vervallen. De toegevoegde waarde is onduidelijk.â âVoorstel om H2.1 t/m 2.5 te schrappen.â
Domein I (Goede tijden, slechte tijden): âUnaniem wordt aangegeven dat het GA-GV-model het doel voorbij schiet op het havo. Eveneens unaniem wordt aangegeven dat het model van Fisher geen meerwaarde heeft.â
Tot slot worden er een aantal specifieke eindtermen genoemd, zoals bijvoorbeeld de concepten voorraad- en stroomgrootheid (E1.1 en E2.2), het verband tussen de rentestand het een koersverandering van aandelen en obligaties (G3.3) en de eindterm over convergentie en divergentie van ontwikkelingslanden en ontwikkelde landen aan de hand van de ontwikkeling van en determinanten voor het BBP (H2.4).
Binnenkort weten we meer. Er gaan in ieder geval flink wat eindtermen verdwijnen uit de havo syllabus. Bestaande lesmethodes moeten op de schop. Scholen krijgen de kans om een nieuwe lesmethode economie te kiezen.
De ordening in domeinen is onduidelijk
Naast de overladenheid van het programma komt er nog een duidelijke kritische noot uit het rapport van Grift en Schramm naar voren. Een kritische noot die niet wordt genoemd in de samenvatting. Op heel veel plekken in het rapport en in bijlage 2 worden suggesties gedaan om eindtermen in een ander domein te plaatsen. De oorzaak lijkt een mislukte indeling in domeinen te zijn. Herkent u de rode draad of ordening in de CE-domeinen uit de syllabus?
ïżŒïżŒD. Markt
E. Ruilen over de tijd
F. Samenwerken en onderhandelen
G. Risico en informatie
H. Welvaart en groei
I. Goede tijden, slechte tijden
Het is niet eenvoudig om een rode draad aan te brengen in een economie programma dat leerlingen kennis en vaardigheden wil bijbrengen âover de volle breedte van de economische wetenschapâ. Echter, de huidige ordening in domeinen is onduidelijk en zorgt soms voor verwarring: er zit overlap in de titels van de domeinen, die bovendien niet (altijd) duidelijk maken waar het om gaat.
We verwachten niet dat de commissie-Grift de domeinen gaat veranderen. Het probleem zit echter niet zo zeer in de syllabus maar meer bij de educatieve uitgeverijen, die soms letterlijk de domeinindeling uit de syllabus gebruiken. Het is aan de uitgeverijen om een betere ordening in de onderwerpen aan te brengen. Cumulus economie bestaat bijvoorbeeld uit zes themaâs waarbij rekening is gehouden met de complexiteit van de onderwerpen en afwisseling tussen micro- en macro-economie:
Onduidelijke eindtermen
Het laatste punt van kritiek dat uit het focusgroepenonderzoek naar voren komt, is de âvaagheidâ van sommige eindtermen âmet betrekking tot economische verbanden, beschrijving van concepten.â
In 2016 bleek al eens dat de syllabus niet duidelijk genoeg is. In de opgave âSlaat accijns een deuk in een pakje boter?â gingen vraag 19 en 20 (veel) verder dan volgens de syllabus, volgens lesmethodes en volgens docenten werd verwacht van een havo-leerling. âDe invloed van overheidsingrijpen via heffingen of subsidies op het marktresultaatâ stond toch alleen in de vwo-syllabus? De havo-syllabus spreekt slechts van âhet ingrijpen van de overheid met behulp van prijsregulering: minimumprijzen en maximumprijzenâ.
Het CvTE dacht hier anders over: âDe syllabus geeft in combinatie met het uitgangsmateriaal bij de betreffende vragen voldoende houvast.â Met een verwijzing naar de algemene eindterm âfactoren waardoor de vraag- en/of aanbodcurve kunnen veranderenâ (D1.4) werd de kwestie opgelost.
De eindtermen moeten dus duidelijker worden. Een mogelijke oplossing is het opnemen van de âbelangrijkste begrippenâ per cluster eindtermen. De commissie Grift kan hierbij leren van de vakvernieuwingscommissie bedrijfseconomie. Volgens sommige docenten wordt de syllabus hiermee teveel âdichtgetimmerdâ. Echter voor een (immer) overladen havo-programma kan het geen kwaad om duidelijker de grenzen van de inhoud aan te geven.
2020, 2021 of 2022?
We zijn zeer benieuwd naar de voorstellen van de commissie Grift. Durft de commissie het aan om serieus te schrappen in het programma? Worden sommige onderwerpen misschien naar het schoolexamen verplaatst? Op examenblad.nl wordt gesproken van âVernieuwing syllabus economie havo en vwo vanaf 2020â. Dat zou betekenen dat de huidige lichting havisten reeds aan het nieuwe examenprogramma begonnen is. Volgens de VECON âwordt er gewerkt aan aangepaste syllabi voor het liefst 2021 of anders 2022.â
Vanaf vandaag is voor Cumulus bedrijfseconomie de inhoud uit het vierde thema âDe besloten vennootschapâ beschikbaar. Met onderwerpen als investeringsselectie, organisatie en personeel.
Cumulus bedrijfseconomie bestaat uit vijf samenhangende themaâs. De themaâs volgen een persoon die eerst zijn persoonlijke financiĂ«n op orde brengt (in het thema Geldzaken), vervolgens een eigen onderneming start (in het thema Ondernemerschap), de financiĂ«n van de eenmanszaak op orde brengt en uiteindelijk na jaren van vallen en opstaan de onderneming naar de beurs brengt. In de tussenliggende jaren wordt de eenmanszaak omgezet in een bv en krijgt de groeiende onderneming te maken met de notaris, wellicht met een accountant en met onderwerpen als investeringsselectie en personeelsbeleid.
Voor alle onderwerpen in het programma schrijft Cumulus digitale lessen die de docent kan downloaden, direct gebruiken in de les maar ook aanpassen. Naast de digitale lessen biedt Cumulus een papieren werkboeken met alle opgaven uit de lessen en een samenvatting van alle theorie.
Het vierde thema âDe besloten vennootschapâ bestaat uit vier onderwerpen:
1. Investeringsselectie (alleen schoolexamen): het onderwerp investeringsselectie behoort voor zowel havo als vwo tot het schoolexamen. Naast begrippen als cashflow, terugverdientijd en netto contante waarde komt in dit onderwerp ook de bedrijfswaardering aan de orde. Van alle leerlingen (havo en vwo) wordt verwacht dat zij kunnen rekenen met de contante waarde van een kleine reeks (ongelijke) bedragen. De vwo-leerlingen kunnen hierbij eventueel de somformule gebruiken uit het onderwerp âSparenâ.
2. Organisatie (alleen schoolexamen): het onderwerp 'Organisatie' is nog steeds onderdeel van het examenprogramma en bovendien nog steeds een schoolexamen-onderwerp. Het bestaat uit de deelonderwerpen 'organisatiestructuren', 'leiderschap' en 'organisatietheorieën' (alleen vwo).
We hoeven er niet om heen te draaien: in het oude programma was dit een onderwerp dat op veel scholen niet behandeld werd. Dat is jammer want het is een aardige afwisseling van al het rekenwerk in de rest van het programma.
Hoe zorg je er - als lesmethode - nu voor dat het onderwerp wel in de lessen voorbij komt? Bijvoorbeeld door het relatief klein te houden, door het aan te laten sluiten bij de actualiteit en andere vakgebieden (denk bijvoorbeeld bij leiderschap aan primatoloog Frans de Waal en zijn onderzoek naar het alfamannetje), door het meer te laten zijn dan een droge opsomming van leiderschapsstijlen en organisatietheorieĂ«n en, tot slot, door een kritische blik te hanteren en deze mee te geven aan de leerlingen. Zoals hoogleraar Janka Stoker stelt: "Er wordt zoÌ veel onzin over leiderschap geschreven." En zoals Jos Verveen in een opiniestuk schreef: "Managen? Wat een onzin".
3. Personeel: een ânieuwâ eindexamenonderwerp met begrippen als de arbeidsovereenkomst (individueel en collectief), de overeenkomst van opdracht, beloningsvormen, ontslagrecht en de ondernemingsraad. In het voorbeeldexamen havo dat in maart 2018 verscheen, laten het Cito en CvTE met opgave 3 (vraag 19 en 20) en 4 zien wat er verwacht wordt van de eindexamenkandidaten. De betreffende opgaven hebben we natuurlijk opgenomen in de lesmethode.
4. Kostprijsberekening (alleen vwo): dit onderwerp verschijnt binnenkort. Met onder andere de integrale kostencalculatie, de variabele kostencalculatie en de verschillenanalyse (inclusief verkoopresultaat, budgetresultaat, prijsverschillen en efficiencyverschillen).
Bekijk nu alle inhoud op cumulus.co en stuur vooral opmerkingen en suggesties! Je kunt natuurlijk ook vast een deel van de lessen testen bij het vak M&O.
De komende maanden verschijnt de inhoud uit het laatste thema âDe naamloze vennootschapâ. Voor 1 januari 2019 is Cumulus bedrijfseconomie compleet!
In een volgende blogpost gaan we uitgebreider in op de vernieuwing van de syllabus economie voor havo en vwo. Komt de Phillipscurve terug in het vwo-programma en wat gaat er veranderen in het havo-programma?
OVER CUMULUS
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie. Lees meer over de slimme combinatie van digitaal en papier op cumulus.co.
Lesmateriaal veroudert snel. Cumulus is daarom continu in ontwikkeling. Maar hoe werkt dat eigenlijk?
Van een gemiddelde lesmethode verschijnt er eens in de vijf jaar een nieuwe druk. Dan zit de afschrijvingstermijn van de bestaande boeken er op en bestellen scholen een nieuwe druk. Bij Cumulus lesmethodes werkt dit anders. Een lesmethode is namelijk nooit af. De actualiteit haalt voorbeelden in, de syllabus wordt aangepast, docenten bedenken nieuwe lesideeën of er verschijnt online een boeiende docu over de grootste winkel ter wereld. Cumulus is daarom continu in ontwikkeling.
CONTINU IN ONTWIKKELING
Als docent kun je via het platform feedback geven op al het lesmateriaal. Samen met de redactie worden deze suggesties en verbeteringen verwerkt en bijgehouden op de updates-pagina. Doordat er wekelijks updates verschijnen van het lesmateriaal profiteert iedereen van de bijdragen van anderen. Natuurlijk maken we gedurende het schooljaar geen hele grote aanpassingen. Die bewaren we voor het einde van het schooljaar. Er zijn dus twee soorten aanpassingen:
Continu: bijna dagelijks passen we de inhoud aan op basis van feedback van docenten. Van (spel-)fouten en een extra stapje in het antwoordmodel tot het toevoegen van nieuw, actueel beeldmateriaal en links naar (kranten-)artikelen. Ook maken we gedurende het jaar kleine verbeteringen aan de website.
Continu in ontwikkeling. Dat is voor sommige docenten even wennen. Een aantal docenten heeft de feedback-knop gevonden en stuurt met enige regelmaat kleine en grotere opmerkingen. Geweldig! Een aantal docenten spaart opmerkingen op en verstuurt deze per mail aan de redactie. Natuurlijk prima. En een aantal docenten stuurt nooit feedback. Ook prima!
Een enkele docent voelt zich bezwaard (âIk hoop niet dat ik als zeurpiet overkomâ), maar voegt er aan toe: âIk wil dat je weet dat ik geloof in de kracht van jullie methode, zeker doordat ik bijvoorbeeld feedback kan geven en dit ook serieus wordt genomen en al tot vele aanpassingen heeft geleid.... en de snelle reactie van jullie om er iets mee te doen!â Cumulus wordt elke dag beter, juist door de feedback van docenten. Iedereen heeft goede ideeĂ«n maar deze worden veel te weinig gedeeld.
HET NIEUWE BEDRIJFSECONOMIE
Voor het vak economie (onderbouw en bovenbouw) werken we nu al een aantal jaar op deze manier. Lessen en opgaven worden steeds beter door feedback van docenten. Voor bedrijfseconomie zijn we in augustus begonnen aan het eerste jaar van een nieuw examenprogramma. Met een grote groep docenten doorlopen we langzaam het gehele programma en bij elk onderwerp wordt er wel feedback geleverd en verwerkt. In het eerste onderwerp âOntvangsten en uitgavenâ zijn we begonnen met een grote overkoepelende praktijkcasus met bronnen: de financiĂ«le situatie / chaos van de familie de Boer. We bekijken de maandelijkse ontvangsten en uitgaven van Eva, Mark en hun twee kinderen. Onderwerp als lenen, sparen, beleggen en samenleven worden vervolgens verder uitgewerkt in de rest van het thema Geldzaken.
Een paar voorbeelden van feedback die we ontvingen over het eerste onderwerp:
âGevraagd wordt de MAANDELIJKSE ontvangsten in te vullen. Dit kan tot verwarring leiden bij de leerlingen dat ze het naar een maand gaan omrekenen. Ik zou er voor kiezen om het over de ontvangsten te hebben, zonder maandelijkse.â (over de opgave âOntvangstenâ, vraag 3 en 8; is verwerkt)
âDe link âbekijk hierâ, naar het Nibud bij ontvangsten en uitgaven werkt niet.â (is verwerkt)
âIk vind het een ontzettend leuke opgave!!â (over de opgave âUitgavenâ)
âDe opgave is voor de havo te groot. Ik heb daarom van tevoren al alle categorieĂ«n gegeven, toen gingen ze een heel uur aan de slag en vulden ze het in. Misschien een idee omdat ook te verwerken in het werkboek.â (over de opgave âUitgavenâ; is verwerkt voor havo)
âGraag toevoegen, afronden op twee decimalen.â (is verwerkt)
DISCUSSIE OVER BOX 1
Verder was er discussie over box 1. Box 1 staat niet in de syllabus bedrijfseconomie maar de hypotheekrenteaftrek wel. Om de hypotheekrenteaftrek goed te begrijpen, heeft een leerling kennis van box 1 nodig. In het oude examenprogramma werd de hypotheekrenteaftrek vaak versimpeld tot ârente x belastingtariefâ terwijl de leerlingen niet echt begrepen wat ze precies deden. We hebben er dus voor gekozen om box 1 op te nemen in de lesmethode. Het hoort wat ons betreft bij financiĂ«le zelfredzaamheid en het helpt bovendien bij het berekenen van de schenk- en erfbelasting in het onderwerp âSamenlevenâ.
Het is echter wel een pittig onderwerp voor (een deel van) de leerlingen en daarom misschien een idee om het te verplaatsen naar het onderwerp âLenenâ waar het terugkomt in de context van de hypotheekrenteaftrek (en de bruto- en netto maanduitgaven). Dan worden de leerlingen er niet te snel mee geconfronteerd.
Intussen zijn de meeste docenten al een tijd bezig met het onderwerp lenen. Ook hier maken we continu (kleine) wijzigingen waar iedereen van profiteert. Bovendien kregen we al de suggestie om het onderwerp âLenenâ vanaf volgend schooljaar op te splitsen in twee onderwerpen: âConsumptief kredietâ en âHypothekenâ. Dat geeft de leerlingen nog iets meer structuur en houvast. Gaan we dus doen.
SAMEN WETEN WE MEER
âIk vind tot nu toe dat jullie echt een bijzonder goede lesmethode hebben ontwikkeld.â, schreef een docente. Dat vinden wij natuurlijk ook. Maar het kan altijd beter. En het wordt alleen beter door feedback van docenten die met de lesmethode werken. Blijf dus vooral de feedback-knop gebruiken. Geef het door als je op een bepaalde plek behoefte hebt aan een extra opgave. Laat het weten als je vindt dat er een extra les nodig is voor een bepaald onderwerp en deel mooie lesideeĂ«n, artikelen en videofragmenten uit de actualiteit. Samen weten we meer en alleen met elkaar kunnen we werken aan steeds betere lessen economie en bedrijfseconomie.
Je kunt reageren onder dit blog. In een volgende blogpost gaan we uitgebreider in op de vernieuwing van de syllabus economie voor havo en vwo. Komt de Phillipscurve terug in het vwo-programma en wat gaat er veranderen in het havo-programma?
* * *
OVER CUMULUS
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie. Lees meer over de slimme combinatie van digitaal en papier op cumulus.co.
Op donderdag 14 juni vond de eerste Cumulus docentenmiddag plaats in Amsterdam. Zoân 20 docenten uit heel Nederland kwamen samen om mee te denken over het verder verbeteren van de Cumulus lesmethodes. Een docent omschreef de middag als âniet alleen nuttig maar ook bijzonder door de kleine groep, de sfeer en de gemeenschappelijke wil om Cumulus nog beter te maken.â
<
p>
Heel veel nieuwe inhoud
Na de opening vertelden we aan de hand van de vijf principes van effectuation (een nieuw begrip bij bedrijfseconomie) hoe Cumulus is ontstaan, welke trends we in het onderwijs zien, zoals gepersonaliseerd leren en tabletgebruik, en welke positie we daarin consequent hebben ingenomen. Vervolgens bespraken we de belangrijkste inhoudelijke verbeteringen voor komend schooljaar:
Economie onderbouw: het nieuwe onderbouw programma is uitgebreid van 6 naar 9 themaâs. We hebben feedback van docenten verwerkt, nieuwe opgaven toegevoegd en alle inhoud geactualiseerd. Het nieuwe programma geeft de docent meer keuzevrijheid, bijvoorbeeld om extra aandacht te besteden aan het nieuwe vak bedrijfseconomie of juist aan het vak economie,
Economie bovenbouw: eind juli verschijnt de nieuwe inhoud voor komend schooljaar. Een klein deel van de lessen verdwijnt (denk aan de Phillipscurve en NAIRU voor vwo), er worden nieuwe opgaven toegevoegd en er verschijnt een nieuwe (uitgebreidere) versie van Supersamengevat,
Bedrijfseconomie: sinds juni 2017 heeft Cumulus stapsgewijs een volledig nieuwe lesmethode bedrijfseconomie gelanceerd. De inhoud van de laatste twee themaâs verschijnt stapsgewijs na de zomervakantie.
Tot slot kwamen voor de lunch vijf leerlingen aan het woord over het gebruik van Cumulus in en buiten de lessen. De gehele openingspresentatie is op Slideshare te bekijken:Â https://www.slideshare.net/HenkDouna/cumulus-docentenmiddag-14-juni-2018
Aan de slag in werkgroepen
Na de lunch was het tijd om aan de slag te gaan! De docenten vormden vier groepen en bogen zich over de volgende twee vragen:
Hoe kunnen we Cumulus nog beter maken voor leerlingen?
Hoe kunnen we Cumulus nog beter maken voor docenten?
Voor de eerste vraag zetten we de Pain-Gain kaart in om een beeld te krijgen van de âpijnâ die een leerling dagelijks ervaart in de lessen en bij het gebruik van een lesmethode. Vervolgens kregen de groepen de opdracht om na te denken over manieren om deze pijn te verlichten. Het was interessant (maar natuurlijk niet geheel onverwacht) om te zien dat de verschillende groepen onafhankelijk van elkaar tot dezelfde conclusies kwamen. Wat concludeerden zij dan? Hier gaan we na de zomervakantie in een nieuwe blogpost uitgebreider op in.
Voor de tweede vraag gebruikten we een variant van de 20/20 vision werkvorm. We hadden een aantal ideeĂ«n voor het verder verbeteren van Cumulus op een rijtje gezet. De vraag was welke ideeĂ«n het meest waardevol zijn voor de docent en dus als eerste verder uitgewerkt en ontwikkeld moeten worden. Het expliciet opnemen van lesdoelen in Cumulus, het zelf kunnen samenstellen van het lesprogramma en het ontwikkelen van uitlegvideoâs in een netwerk van docenten kwamen als prioriteiten naar voren.
Wat gaat er nu gebeuren?
Het was voor ons een zeer waardevolle middag. De belangrijkste uitkomsten van de middag gaan we de komende maanden verder uitwerken. Via ons blog en de nieuwsbrief houden we jullie natuurlijk op de hoogte.
Tot slot vier veelgestelde, praktische vragen die tijdens de docentenmiddag werden gesteld (en ook regelmatig in onze inbox binnen komen):
Wanneer moet ik het definitieve leerlingenaantal doorgeven?
Een groot aantal scholen heeft reeds op cumulus.co/bestellen een bestelling geplaatst op basis van een voorlopig leerlingenaantal. Een aantal scholen wacht met bestellen tot de laatste week van het schooljaar. Na de rapportvergaderingen is vaak het definitieve leerlingenaantal bekend. Als je ervoor kiest om de werkboeken door Cumulus te laten leveren, is de uiterste besteldatum donderdag 19 juli. Voor die datum kun je ook wijzigingen doorgeven in het leerlingenaantal. Tip: bestel ook werkboeken voor de docenten!
Wanneer worden de werkboeken verstuurd?
Cumulus levert de werkboeken, per regio (noord, midden, zuid), in de eerste week van het nieuwe schooljaar.
Kunnen jullie nu vast een docentenexemplaar van het werkboek toesturen?
Maar hoe moet ik mij dan voorbereiden op het nieuwe schooljaar?
Elke docent heeft op cumulus.co toegang tot de laatste versie van alle werkboeken en kan deze eenvoudig zelf afdrukken. Dat is sneller en goedkoper dan het toesturen van papieren exemplaren. Daarnaast is er voor elke lesmethode een planning beschikbaar. Deze kan de docent gebruiken bij het opstellen van een PTA.
Onderwijsvernieuwers en andere ideologen aan de zijlijn van het onderwijs verwijzen vaak naar de industriĂ«le revolutie als het gaat over het huidige onderwijs. Ongeveer zo: âHet onderwijs is een zwaar verouderd systeem gebaseerd op de industriĂ«le revolutie. In onze snel veranderende samenleving moet het echt helemaal anders.â
Nou valt dit wel mee, dat hoeven we aan docenten niet uit te leggen. Jaap Dronkers noemde de âsnel veranderende samenlevingâ altijd pseudo-sociologie en elke docent weet waar het om draait in het onderwijs. Bart-Jan Spruyt verwoordde het alweer een tijdje geleden duidelijk in Trouw: âOnderwijs is en blijft een vorm van kennisoverdracht. Er is een curriculum. Er zijn dingen waarvan wij als samenleving vinden dat kinderen die moeten weten. Dingen die de leraar weet, en de leerling niet. Dat mag ouderwets klinken, maar het is en blijft de kern.â
We kennen ze allemaal: docenten die nog steeds met schaar, papier en lijm een toets of schoolexamen maken. Met pen wordt de nummering van de vragen aangepast, de boel wordt gekopieerd en klaar is Kees of Petra of Claire of ⊠Misschien doet u het zelf ook nog wel eens?
Digitaal knippen-en-plakken komt natuurlijk veel meer voor. Maar ook dat is veel werk, voor (sommige) docenten is het opmaken van een toets in Word een gruwel. Doordat het proces teveel tijd kost, blijft er minder tijd over voor de inhoud van de toets (zoals het niveau van de opgaven, de spreiding van de onderwerpen of het zelf maken van een grote, complexe opgave). Een gevolg is bovendien dat toetsen en schoolexamens op grote schaal hergebruikt worden. Toetsen gaan circuleren onder leerlingen (en worden gedeeld via Facebook-groepen), inhalers krijgen vaak dezelfde toets als de rest van de klas, nieuwe, actuele (soms betere) opgaven worden niet gebruikt voor toetsen.
Dromen
Je zou toch denken dat de technologie ons hierbij een handje kan helpen? Waarom bestaat er niet een âeenvoudigâ digitaal programma waarmee een docent toetsen kan samenstellen, bewaren, downloaden, aanpassen en afdrukken? Een stuk digitaal gereedschap waarmee je opgaven online bekijkt en selecteert, waarbij de nummering van de vragen automatisch wordt aangepast, waarbij de uitwerkbijlage en bronnen aan het einde worden toegevoegd, waarbij er meteen een titelblad met klas, onderwerp, duur en weging wordt aangemaakt en waarbij het antwoordmodel ook klaar staat. Dat klinkt toch als een droom?
En zou het niet geweldig zijn als in dit programma een continu groeiende set opgaven zit, waar docenten aan kunnen bijdragen. Waar docenten suggesties kunnen doen voor het aanpassen van de moeilijkheidsgraad, voor het toevoegen of verwijderen van een vraag of voor het toevoegen van een zelfgemaakte opgave. En het zou helemaal mooi zijn als centraal gemaakte verbeteringen automatisch worden verwerkt in alle reeds bewaarde toetsen van een individuele docent. Droom lekker verder, zult u misschien zeggen.
Hoewel, de oplettende lezer weet waar dit naar toe gaat. Na economie, lanceert Cumulus met trots de toetsmaker voor bedrijfseconomie. Opgaven zijn ingedeeld op niveau, thema en onderwerp, en kunnen door de docent digitaal samengevoegd worden tot een nieuwe toets of schoolexamen. Met bijdragen van docenten worden de opgaven continu verbeterd en aangevuld. Een bewaarde toets is klaar voor gebruik. Inclusief voorblad, nummering van de vragen, formuleblad, bronnen, uitwerkbijlages en antwoordmodel. Download de toets in Word en pas de inhoud naar eigen inzicht aan.
Probeer de toetsmaker nu in onze gratis demo of profiteer van het introductieaanbod en bestel direct via cumulus.co.
Over Cumulus
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie. Lees meer over de slimme combinatie van digitaal en papier op cumulus.co. Of bezoek onze stand tijdens de VECON-studiedag op 22 maart in Tilburg. Neem voor meer informatie contact op met de redactie.
Romantisch: man vraagt vrouw ten geregistreerd partnerschap
'Ik zei meteen: ja misschien wel verstandig'
Het was het mooiste moment uit het leven van de 29-jarige Betty. Gisteren vroeg haar grote liefde Karel haar ten geregistreerd partnerschap. Plaats van het romantische delict was Bettyâs favoriete all-you-can-eat restaurant in Bavel. âHet was zo schattig,â glundert Betty. âZomaar plotseling, midden in het buffet, legde hij zijn vork neer, en ging op zijn knieĂ«n. Voor een seconde of vijf keek hij mij indringend aan en vroeg toen of ik zijn fiscaal partner wilde zijn om zo samen verschillende belastingvoordelen te genieten, oplopend tot wel 15 procent!â Betty straalt nog steeds als ze eraan terugdenkt. âIk zei meteen: ja misschien wel verstandig.â (bron: speld.nl, beeld: pexels.com)
Op 1 augustus 2018 start het nieuwe programma bedrijfseconomie voor havo en vwo. âBijscholing Bedrijfseconomieâ is een serie blogposts over de nieuwe onderwerpen in het examenprogramma, met lesideeĂ«n, leestips en (af en toe) huiswerk. In deel 3 gaan we in op âsamenlevenâ, een nieuw onderwerp in het examenprogramma.
Nieuwe onderwerpen: beleggen en samenleven
We schreven eerder dat financiële zelfredzaamheid een belangrijke plaats heeft gekregen in het nieuwe examenprogramma. Het vertaalt zich in onderwerpen als lenen, sparen, beleggen en samenleven.
Cumulus brengt samenhang tussen deze onderwerpen in het thema Geldzaken door te beginnen met een grote overkoepelende praktijkcasus: de financiële situatie van de familie de Boer.
In het onderwerp âOntvangsten en uitgavenâ beginnen de leerlingen met het scheppen van orde in de maandelijkse ontvangsten en uitgaven van Eva, Mark en hun twee kinderen. Eva en Mark (geregistreerd partners) hebben een lineaire hypotheek, doorlopend krediet en DUO-studieschuld, sparen op een spaarrekening en -deposito, hebben verschillende verzekeringen afgesloten en krijgen te maken met een erfenis van een tante en schenkingen van hun ouders. Ze beleggen via het pensioenfonds van ambtenaar Mark. Al deze onderwerpen komen in de rest van het thema uitgebreid terug.
Het onderwerp âsamenlevenâ is een gloednieuw onderwerp in het nieuwe examenprogramma dat bestaat uit vier delen: trouwen, scheiden, erven en schenken. De eindtermen voor havo en vwo zijn identiek.
Samenleven
In domein B staan onder eindterm 11.4 (de financieÌle en wettelijke consequenties van samenwonen, trouwen, scheiden, schenken en erven noemen) de volgende vijf sub-eindtermen:
11.4.1 de verschillende registratievormen voor samenwonen noemen.
11.4.2 de verschillen tussen âhuwelijkse voorwaardenâ en â in gemeenschap van goederenâ noemen.
11.4.3 de wettelijke consequenties van scheiden op het gebied van scheidingsprocedure, partnerpensioenrechten en alimentatie noemen.
11.4.4 de wettelijke en fiscale consequenties inzake schenking als gevolg van de schenkovereenkomst noemen.
11.4.5 de wettelijke en fiscale consequenties inzake erven op het gebied van erfgerechtigden, aanvaarden of verwerpen van de erfenis en de successierechten noemen.
De belangrijkste begrippen die in de syllabus worden genoemd vormen samen een hele waslijst:
samenwonen zonder samenlevingscontract
samenwonen met samenlevingscontract
trouwen
geregistreerd partnerschap
in gemeenschap van goederen
op huwelijkse voorwaarden/ partnerschapsvoorwaarden
scheidingsprocedure
partnerpensioenrechten
alimentatie / onderhoudsverplichting
overeenkomst om niet
onder bewind
uitsluitingsclausule
schenkbelasting
belastingvrijstelling
vrijstellingen bij schenkingen aan ANBI
testament
erfgenamen
onterven
legitieme portie
verwerpen
aanvaarding onder voorrecht van boedelbeschrijving / beneficiair aanvaarden
zuiver aanvaarden
successierechten
En daar schrokken de meeste deelnemers tijdens de eerste nascholingsbijeenkomst bedrijfseconomie nogal van. Moeten de leerlingen dit echt allemaal kennen? Het antwoord van lerarenopleider Henri van den Hout: âJaâ.
Wat kunnen we verwachten?
De eindtermen uit de syllabus leggen de nadruk op het handelingswerkwoord ânoemenâ. De door het CvTE gepubliceerde voorbeeldopgaven Stephen en Imke en Chris en Carolien (beide opgenomen in Cumulus) laten echter zien dat er meer van de leerlingen zal worden gevraagd dan ânoemenâ. Met behulp van context en extra uitleg in de vorm van bronnen komen de beheersingsniveauâs âtoepassenâ en âanalyserenâ ook voorbij. De verwachting is dat dit binnenkort in een licht herziene versie van de syllabus wordt verwerkt. Het zal waarschijnlijk ook een onderwerp van gesprek zijn tijdens de workshop van Jan Stevens en Jan Straver op de VECON studiedag op 22 maart. Het CvTE en Cito verzorgen op de studiedag een workshop over het nog te publiceren voorbeeldexamen Bedrijfseconomie havo. De deelnemers krijgen ter plekke een exemplaar van het concept voorbeeldexamen uitgereikt. Inschrijven dus!
Al met al is de conclusie dat - net als bij het nieuwe onderwerp Beleggen (vwo) - een groot aantal docenten voor dit onderwerp flink wat kennis moet bijspijkeren. Om te beginnen door meer te lezen over de juridische consequenties van trouwen, scheiden, erven en schenken (bijvoorbeeld via notaris.nl, belastingdienst.nl en rijksoverheid.nl).
In Cumulus hebben we de eindtermen van het CvTE onder andere vertaald in een aantal grote opgaven waarin de leerlingen zelf op zoek gaan naar de benodigde gegevens. Ter voorbereiding op de lessen kunnen docenten deze opgaven natuurlijk ook maken met behulp van de gratis demo.
Geef opmerkingen door aan de Cumulus redactie
Heb je na het maken van de opgaven suggesties voor het verder verbeteren van de lessen en opgaven in het onderwerp âsamenlevenâ? Geef het door aan de Cumulus redactie. Cumulus is namelijk continu in ontwikkeling. Een lesmethode is nooit af. De actualiteit haalt voorbeelden in, de syllabus wordt aangepast, docenten bedenken mooie, nieuwe lesideeĂ«n. Als docent kun je via het platform feedback geven of aanvullingen leveren op al het lesmateriaal. Samen met de redactie worden deze suggesties en verbeteringen verwerkt, wekelijks verschijnen er updates aan het lesmateriaal.
In de volgende blogpost is het thema âOndernemerschapâ aan de beurt.
Zoals altijd zijn we benieuwd naar reacties op dit blog. Reageer onder âcommentsâ!
* * *
Over Cumulus
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie. Lees meer over de slimme combinatie van digitaal en papier op cumulus.co. Of bezoek een regiobijeenkomst, bijvoorbeeld op 21 februari in Zoetermeer en op 22 februari in Almelo. Neem voor meer informatie contact op met de redactie.
Cumulus lesmethodes zijn alleen direct te bestellen bij Cumulus. Onze producten zijn bewust niet beschikbaar bij boekenhuizen zoals Van Dijk en Iddink. Lees in dit blog meer over onze beweegredenen.
De belastingbetaler draait op voor het gebrek aan concurrentie
Het gebrek aan concurrentie tussen zowel de educatieve uitgeverijen als de distributeurs houdt de leermiddelenmarkt in een wonderlijke wurggreep. Sinds 2008 ontvangen middelbare scholen ongeveer ⏠300,- per leerling per jaar van de overheid voor de aanschaf van leermiddelen, via de Wet Gratis Schoolboeken. Een leerling heeft gemiddeld tien schoolvakken (onderbouw en bovenbouw). Kunt u raden wat een papieren lesmethode dan kost? Inderdaad, zoân ⏠30 per leerling per jaar. En wat kost een volledig digitale lesmethode? Inderdaad, ook ⏠30 per leerling per jaar. Dat komt alle partijen mooi uit, behalve wellicht de belastingbetaler die uiteindelijk opdraait voor de kosten van de schoolboeken.
Een sigaar uit eigen doos
Het gebrek aan concurrentie tussen de grote educatieve uitgeverijen houdt deze relatief hoge prijzen in stand maar de distributeurs Van Dijk en Iddink spelen hierin ook een grote rol. Zij eisen van de educatieve uitgevers hoge kortingspercentages op de inkoop van leermiddelen. Een deel van deze korting wordt teruggegeven aan de middelbare scholen, maar het gebrek aan concurrentie tussen de distributeurs leidt tot steeds lagere kortingen. Omdat educatieve uitgeverijen noodgedwongen de prijzen van lesmethodes verhogen, is de korting die middelbare scholen krijgen bovendien een sigaar uit eigen doos.
Direct leveren aan scholen
In een markt met statische papieren lesboeken die minstens vijf jaar meegaan, is de toegevoegde waarde van distributie door een centraal boekenhuis nog wel in te zien (los van het feit dat de huidige situatie leidt tot te hoge prijzen).
Echter, als veel van het fysieke materiaal digitaal wordt en papieren werkboeken bovendien elk jaar worden geactualiseerd (bijvoorbeeld in het geval van Cumulus) is het onduidelijk wat de waarde van een extra schakel in de distributieketen is. Uitgevers kunnen dan veel beter zelf direct gaan leveren aan de scholen.
Het gevolg is wel dat middelbare scholen bij meerdere partijen moeten bestellen: zowel bij het boekenhuis als bij individuele uitgeverijen. Maar daarvoor krijgen ze wel een beter product tegen een lagere prijs. Wie wil dat nou niet?
Cumulus combineert in haar lesmethodes economie en bedrijfseconomie (havo/vwo) het beste van digitaal en papier. Vanaf vandaag is alle inhoud uit het derde thema De Eenmanszaak beschikbaar. De Eenmanszaak is âgesneden koekâ voor docenten m&o: het fundament van de bedrijfsadministratie (zonder journaalposten!). Voor het eerst is er nu een lesmethode die alle inhoud over de balans, resultaat en liquiditeit heeft uitgewerkt in 30 digitale lessen en meer dan 50 opgaven in het papieren werkboek. Oordeel zelf en probeer nu de gratis demo op cumulus.co.
Cumulus bedrijfseconomie bestaat uit vijf samenhangende themaâs en een zesde thema met keuze-onderwerpen. De themaâs volgen een persoon die eerst zijn persoonlijke financiĂ«n op orde brengt (in het thema Geldzaken), vervolgens een eigen onderneming start (in het thema Ondernemerschap), de financiĂ«n van de eenmanszaak op orde brengt en uiteindelijk na jaren van vallen en opstaan de onderneming naar de beurs brengt.
Het derde thema De Eenmanszaak bestaat uit vier onderwerpen:
1. De beginbalans: voor de startende eenmanszaak beginnen we met het opstellen van de beginbalans op basis van een investerings- en financieringsbegroting.
2. Opbrengsten en kosten: om een liquiditeitsbegroting, resultatenbegroting en eindbalans te kunnen opstellen, is flink wat kennis nodig. In het onderwerp âOpbrengsten en kostenâ wordt hiervoor de basis gelegd.
3. De eindbalans: met behulp van de kennis uit de vorige onderwerpen kunnen de leerlingen een complete liquiditeits- en resultatenbegroting opstellen. Vervolgens kan de stap worden gezet naar (verbanden met) de eindbalans.
4. Break-even analyse: de break-even analyse past prima in de context van de startende eenmanszaak en sluit bovendien goed aan bij de kennis uit de vorige onderwerpen.
Bekijk nu alle inhoud op cumulus.co en stuur vooral opmerkingen en suggesties!
Over Cumulus
Cumulus combineert in haar lesmethodes economie en bedrijfseconomie het beste van digitaal en papier. Maar hoe werkt dat eigenlijk?
De lessen vormen de basis van Cumulus
Cumulus start niet met het schrijven van een boek maar met het maken van digitale lessen. Dat is wat veel docenten zelf ook al doen ("met een boek heb je nog geen lessenâ). Waarom zouden we dat niet centraal doen en vervolgens de lessen continu verbeteren met feedback en opmerkingen van docenten?
Alle lessen kun je downloaden, direct gebruiken in de les maar ook aanpassenâŠomdat we allemaal eigenwijze docenten zijn en zelf willen bepalen wat we wel en niet gebruiken.
Opgaven in het werkboek
Voor (diepe) verwerking van de leerstof is en blijft papier nodig. Dat hoeven we aan docenten niet uit te leggen. Alle opgaven bij de lessen zijn daarom opgenomen in het werkboek. Zowel grote opgaven waarin de leerlingen stapsgewijs door een onderwerp worden geleid als oude examenopgaven. In de les werken de leerlingen meestal aan opgaven uit het papieren werkboek.
Supersamenvatting in het werkboek
Tot slot schrijven we op basis van de lessen een zogenaamde supersamenvatting van alle theorie. We eindigen dus met het schrijven van het âtheorieboekâ. Per onderwerp is een supersamenvatting beschikbaar met theorie, rekenvoorbeelden en stappenplannen. Deze supersamenvatting nemen we ook op in het werkboek. Hiermee hebben de leerlingen per leerjaar een werkboek inclusief supersamenvatting en tegelijkertijd toegang tot alle digitale inhoud op cumulus.co.
Zelf doen of bestellen
Het werkboek inclusief supersamenvatting kun je per leerjaar zelf downloaden en afdrukken voor de leerlingen. Je kunt het ook eenvoudig bestellen via Cumulus.
Op 1 augustus 2018 start het nieuwe programma bedrijfseconomie voor havo en vwo. âBijscholing Bedrijfseconomieâ is een serie blogposts over de nieuwe onderwerpen in het examenprogramma, met lesideeĂ«n, leestips en (af en toe) huiswerk. In deel 2 gaan we in op beleggen, een grote verandering in het examenprogramma (vwo).
Veel vorm, te weinig inhoud
Vorige week startte de tweede ronde van de nascholingsbijeenkomsten bedrijfseconomie. De eerste bijeenkomsten in Zwolle, Eindhoven en Amsterdam hadden als thema âFinanciĂ«le zelfredzaamheidâ. Hoewel de workshops inspirerend waren, was âveel vorm, te weinig inhoudâ een terugkerende reactie van de cursisten. Er was veel aandacht voor activerende werkvormen zoals een debat, rollenspel en groepsopdracht en te weinig voor de nieuwe vakinhoud. De docenten bleven daardoor met vragen zitten. Wat gaat er nu precies veranderen in het nieuwe programma? Welke kennis moet ik zelf bijspijkeren voordat ik met de lessen begin? En hoe kan ik dat het beste doen?
Wie verzorgt de vakinhoud?
De vraag is wie deze taak op zich neemt. Moet de docent het zelf maar uitzoeken? Het lijkt er voorlopig op dat de nascholingsbijeenkomsten deze vakinhoudelijke taak niet volledig gaan vervullen. En misschien is dat ook wel een onmogelijke opgave.
Vanuit de VECON horen we helaas ook weinig over de nieuwe vakinhoud. In de laatste editie van het Tijdschrift voor het Economisch Onderwijs stond geen enkel inhoudelijk artikel over het nieuwe examenprogramma.
Blijft over: de schrijvers van de lesmethodes. Zij kennen het nieuwe examenprogramma het beste en kunnen dus ook een belangrijke rol vervullen in de voorlichting.
Nieuwe onderwerpen: beleggen en samenleven
We schreven eerder dat het thema financiële zelfredzaamheid uit vier belangrijke onderwerpen bestaat:
1. Lenen: naast consumptief krediet komen de lineaire hypotheek en de annuĂŻteitenhypotheek aan de orde (allemaal bekend uit het huidige programma). Nieuw is de vergelijking tussen het kopen en huren van een woning.
3. Beleggen: voor havo blijft dit onderwerp beperkt tot een aantal algemene eindtermen. Voor vwo is dit een nieuw en pittig onderwerp geworden, waarbij vooral veel tijd zal worden besteed aan het kopen en schrijven van call en put opties.
4. Samenleven: een gloednieuw onderwerp in het nieuwe examenprogramma dat bestaat uit vier delen: trouwen, scheiden, erven en schenken.
In dit blog besteden we aandacht aan beleggen.
Beleggen (havo)
In domein B staan voor havo de volgende eindtermen met betrekking tot beleggen:
11.2.12 de vermogenstitels waarin belegd kan worden zoals aandelen, obligaties en beleggingsfondsen noemen.
11.2.13 de verschillen in risico en rendement tussen de vermogenstitels uitleggen.
In de nieuwe syllabi worden daarnaast per onderwerp de âbelangrijkste begrippenâ genoemd. Voor beleggen betekent dit: aandelen, obligaties, beleggingsfondsen en de effectenbeurs.
De inhoud die wordt gevraagd is dus zeer beperkt en kan prima worden behandeld in de bredere context van bijvoorbeeld de verplichte spaarvorm van het bedrijfspensioen (eindterm 11.2.10). In de lessen in onze gratis demo zie je hoe je dat kunt aanpakken.
Beleggen (vwo)
In domein B staan voor vwo de volgende eindtermen met betrekking tot beleggen:
11.2.13 de vermogenstitels waarin belegd kan worden noemen.
11.2.14 de verschillen in risico en rendement tussen de vermogenstitels analyseren.
De verschillen met havo lijken minimaal maar het handelingswerkwoord âanalyserenâ is van een andere orde dan âuitleggenâ. De belangrijkste begrippen die genoemd worden zijn: vermogenstitels, aandelen, obligaties, beleggingsfondsen, effectenbeurs, call-opties en put-opties.
Met de laatste twee begrippen ontstaat er een heel groot verschil tussen havo en vwo. Het analyseren van de verschillen in risico en rendement bij call- en put-opties betekent een serieuze verandering in het examenprogramma.
Bovendien wordt er in domein E de volgende eindterm aan toegevoegd: de risicoâs van opties en termijncontracten analyseren in relatie tot short posities en long posities (21.13).
Zowel het kopen als schrijven van call en put opties behoren dus tot het vwo examenprogramma.
Call- en put-opties
Wat de leerlingen precies moeten kennen en kunnen heeft het College voor Toetsen en Examens (CvTE) met hulp van het Cito door laten schemeren in de gepubliceerde voorbeeldopgave Pecunia Non Olet. Zowel het kopen als schrijven van call opties komen in deze opgave aan de orde. Er wordt bovendien getekend en gerekend.
Docenten bedrijfseconomie zouden kunnen beginnen met het maken van deze opgave. Maar waarschijnlijk haakt een groot deel af. Hoe zat het ook alweer met de optiepremie, expiratiedatum, uitoefenprijs en koers van het aandeel? En wat was ook alweer het verschil tussen een long call en een short call? Weet je het nog? En kun je het aan jouw leerlingen uitleggen?
Nu zouden we natuurlijk kunnen uitleggen hoe het precies zit maar een droge opsomming van informatie gaat niet helpen. Je moet het doen. Zeggen we dat ook niet altijd tegen onze leerlingen?
In de gratis demo van Cumulus bedrijfseconomie is de inhoud uit het onderwerp âbeleggenâ voor iedereen beschikbaar. Lessen, bijbehorende opgaven en actuele aanvullingen. We geven je hierbij huiswerk. Maak de volgende opgaven (deze zijn ook opgenomen in het werkboek voor 4 vwo):
1. Een call optie kopen (inclusief Een call optie kopen in een grafiek)
2. Een put optie kopen
3. Een gedekte call optie schrijven
4. Een ongedekte call optie schrijven
5. Een put optie schrijven
De voorbeeldopgave Pecunia Non Olet van het CvTE is tot slot de kers op de taart.
Geef opmerkingen door aan de Cumulus redactie
Heb je na het maken van de opgaven suggesties voor het verder verbeteren van de lessen en opgaven in het onderwerp âbeleggenâ? Geef het door aan de Cumulus redactie. Cumulus is namelijk continu in ontwikkeling. Een lesmethode is nooit af. De actualiteit haalt voorbeelden in, de syllabus wordt aangepast, docenten bedenken mooie, nieuwe lesideeĂ«n. Als docent kun je via het platform feedback geven of aanvullingen leveren op al het lesmateriaal. Samen met de redactie worden deze suggesties en verbeteringen verwerkt, wekelijks verschijnen er updates aan het lesmateriaal.
In de volgende blogpost gaan we in op het nieuwe onderwerpen âSamenlevenâ binnen het thema financiĂ«le zelfredzaamheid. Daarna is het thema âOndernemerschapâ aan de beurt.
Zoals altijd zijn we benieuwd naar reacties op dit blog. Reageer onder âcommentsâ!
Over Cumulus
Cumulus combineert de kracht van digitaal en papier in nieuwe lesmethodes economie en bedrijfseconomie. We onderscheiden ons op vijf belangrijke punten van de traditionele educatieve uitgeverijen.
#1: Je kunt alle inhoud downloaden, bewerken en delen binnen de school
Een goede lesmethode helpt docenten om betere lessen te geven, stimuleert het uitwisselen van kennis en ervaring, en geeft de docent de vrijheid om alle inhoud naar eigen inzicht aan te passen. Docenten kunnen daarom alle Cumulus inhoud downloaden en bewerken.
#2: Je profiteert van de bijdragen van andere docenten en de continue ontwikkeling van platform en inhoud
Een lesmethode is nooit af. De actualiteit haalt voorbeelden in, de syllabus wordt aangepast, docenten bedenken mooie, nieuwe lesideeën. Cumulus is daarom continu in ontwikkeling.
Als docent kun je via het platform feedback geven of aanvullingen leveren op al het lesmateriaal. Samen met de redactie worden deze suggesties en verbeteringen verwerkt, wekelijks verschijnen er updates aan het lesmateriaal.
#3: Je werkt met een slimme combinatie van digitaal en papier
Cumulus combineert het beste van digitaal en papier. Digitaal heeft veel voordelen: je profiteert van de continue doorontwikkeling van inhoud en platform, je kunt eenvoudig alle inhoud bewerken en delen, jij en jouw leerlingen hebben thuis en op school toegang via alle apparaten, je betaalt slechts ⏠7,- per leerling per jaar.
Voor (diepe) verwerking van de leerstof is en blijft papier nodig. Dat hoeven we aan docenten niet uit te leggen. Een leerling moet complexe, grote opgaven op papier maken, moet de belangrijkste theorie van papier kunnen lezen, moet informatie kunnen onderstrepen, moet kennis er bij kunnen schrijven. Cumulus biedt daarom drie belangrijke documenten op papier aan: het werkboek, Supersamengevat en toetsen. Docenten kunnen het werkboek en Supersamengevat zelf afdrukken of bestellen via Cumulus.
#4: Jij en jouw leerlingen hebben toegang via alle devices, thuis en op school
Cumulus is 'responsive' gebouwd. Dit houdt in dat elk apparaat (desktop, laptop, tablet, smartphone) de inhoud goed kan weergeven. Voor het gebruik in de klas raden we aan een beamer of smartboard te gebruiken.
Cumulus bevat mooie opdrachten waarbij een desktop, tablet of smartphone gebruikt moet worden maar wij zijn geen voorstander van structureel gebruik van tablets / smartphones door leerlingen in de les. Als er gewerkt wordt in de les, is dat vaak in het werkboek, op papier. De kracht zit natuurlijk in de afwisseling van digitaal en papier.
#5: Je betaalt slechts ⏠7,- per leerling per jaar
Een school ontvangt jaarlijks een bedrag rond de ⏠300,- per leerling per schooljaar voor schoolboeken. Ra, ra, ra, waarom kost een lesmethode gemiddeld ⏠25 - 30 per jaar? We schreven daar eerder een uitgebreid stuk over.
Cumulus doet het anders. Docenten en vaksecties moeten vrij zijn in het kiezen van vernieuwend en actueel lesmateriaal. Cumulus bedrijfseconomie is een complete, zelfstandige lesmethode maar kan ook eenvoudig naast een bestaande printmethode worden gebruikt. De prijs mag hierbij geen beperking zijn.
Meld je aan!
De ontwikkeling van Cumulus bedrijfseconomie is in volle gang. Oordeel zelf en probeer nu de gratis demo op cumulus.co. Op blog.cumulus.co houden wij je op de hoogte van de laatste ontwikkelingen.