Naked Song 2013: Broken Twin, Dylan Sneed & Jonathan Jeremiah
Broken Twin: Puntje van de stoel zit na 7 nummers niet meer zo lekker
Als opener van de kleine zaal wordt met Broken Twin geen hapklare brok geserveerd. De Deense Majke Voss Romme speelt live samen met violist van Under Byen: Nils Gröndahl. De EP van deze Scandinavische schone verscheen al in 2012 en is sinds dit jaar ook op Spotify te beluisteren. Het vier nummers tellende werk is gestoeld op piano en viool, maar deze nummers voeren niet de boventoon in de set van vandaag. De schuchtere Deense weet de zaal continu op het puntje van de stoel te krijgen met haar mystieke soundscapes en rotsvaste stem.Â
Broken Twin, op 15 juni 2013 tijdens Naked Song, in het Muziekgebouw.
Broken Twin is op de EP heel intrigerend. De muziek, die invloeden kent uit het oeuvre van Feist en Antony & The Johnsons, leunt vooral op piano en de ijzersterke stem van de jonge zangeres. Het pianogeluid is soms wat mistroostig en met teksten als ‘How can you lose, something you choose, to not have’ gaat de zangeres regelmatig de diepte in. Op die manier weet ze, ondanks het lieflijke voorkomen, de soms wat mystieke kanten van het noorden van Europa over te brengen.
De zaal is doodstil wanneer Broken Twin begint met haar optreden. De stilte wordt enkel verbroken door laatkomers en het klikken van de fotografen. Deze stilte is imponerend en past perfect bij het geluid dat Broken Twin neerzet. De toevoeging van de violist is wel een hele belangrijke. Hij bedient de vele effectpedalen die ervoor zorgen dat het geluid van piano en viool een stuk dieper klinkt dan enkel deze twee instrumenten. Bovendien klinkt Broken Twin nimmer vals en zingt ze geen noot te veel. Haar klassieke schoonheid achter het keyboard zorgt er bovendien voor dat het kijken naar deze zangeres geen moment verveelt.
De zenuwen spelen Broken Twin waarschijnlijk wel wat parten. Geen moment weet ze de spanning te doorbreken door interactie met de zaal. De muziek die ze brengt is erg breekbaar en zorgt ervoor dat je elk klein missertje hoort. De nummers met piano als hoofdmoot zijn sterk, met gitaar wat minder. Het vierde nummer van de set is een negatieve uitschieter. Rommelig gitaarspel zorgt ervoor dat de concentratie verslapt. Dat is ook wel weer prettig omdat de set verder geen moment ruimte geeft om van dat puntje van de stoel af te komen en achterover te leunen.
Conclusie
De interactie met het publiek is erg minimaal. Met enkel ‘Thank you for your patience, thank you for coming’ kom je er niet. De liedjes zijn erg sterk en zeker ‘Out Of Air’ is prachtig. Ook het laatste nummer, waarin violist Gröndahl zittend op de grond met zijn keel zorgt voor soundscapes die de pianoklanken omlijsten, is een hoogtepunt. Al met al kent de set haar pieken en dalen, waarbij de pieken echter wel veel hoger reiken dan de dalen diep zijn.
Cijfer
7+
Dylan Sneed: Sympathieke Amerikaan overtuigt vooral met ouder werk
Texaanse zanger die zijn roots niet onder stoelen of banken schuift. Zijn nummers stromen over van de Americana en met zijn Texaanse tongval krijgt het geheel al gauw een cowboy gevoel. Dylan Sneed staat geprogrammeerd op de Effenaar Stage op een rumoerig moment van de dag, verschillende gasten komen net aan en uit de grote zaal klinken de laatste klanken van Ken Stringfellow en zijn gasten. Sneed laat zich daar niet door afleiden en heeft zichzelf een doel gesteld: tijdens deze laatste Nederlandse show moet hij zijn overgebleven stapeltje albums kunnen verkopen.
Dylan Sneed, op 15 juni 2013 tijdens Naked Song, in het Muziekgebouw.
Muziek
Americana dus. Met een authentieke Texaanse tongval, een vlotte babbel en mondharmonica weet de Amerikaan het toegestroomde publiek goed te vermaken. Zeker door set-opener ‘Girls Just Wanna Have Fun’ lukt het hem om de aandacht van de zaal te krijgen. Zijn eigen nummers zijn niet allemaal even sterk als de Ciny Lauper-cover. Vooral zijn nieuwere nummers zijn wat dertien in een dozijn.
De vrolijke nummers, al tokkelend op gitaar zijn zeer vermakelijk. Zeker gecombineerd met zijn praatjes tussendoor weet hij zich de Effenaar-stage snel eigen te maken. Anekdotes over lange afstanden in Nederland - twee uur rijden naar de stad is voor een Texaan natuurlijk een peuleschil - maken hem tot een zeer sympathieke verschijning. Nummers van zijn album 'Texodus', en met name de titeltrack luisteren heel prettig weg.
Na een aantal nummers verslapt eigenlijk automatisch de aandacht. Of dit nu puur komt doordat het niveau daalt of doordat het rumoer rond de Effenaar-stage toeneemt is moeilijk te zeggen. Aantoonbaar is wel dat het publiek het na een nummer of vijf wel gezien heeft. Zeker in nieuwe liedjes komt weinig originaliteit naar boven.
De nodige yee-ha’s en hell yeah’s ten spijt, de show komt nooit echt helemaal van de grond. De Texaan heeft met 'Texodus' een aantal hele behoorlijke liedjes op zijn naam staan en de breekbare cover van Cindy Laupers jaren 80-klassieker klinkt prima, maar dat is niet genoeg. Dat dit nummer als eerste in de set gespeeld wordt is een wat makkelijke keuze en doet afbreuk aan zijn eigen nummers. Sneed is een vermakelijke verschijning op het podium maar zijn nummers beklijven te weinig, de doelstelling om al zijn platen te verkopen wordt dan ook niet behaald.
Jonathan Jeremiah: Britse zanger wederom solo op zijn best
Lange wachtrijen voor de ingangen van de grote zaal al voor negenen tonen aan dat zich met Jonathan Jeremiah een echte headliner aandient. Nadat MC Lucas de Man de zaal op fenomenale manier heeft opgewarmd klinkt bij opkomst van Jeremiah en zijn vierkoppige band een oorverdovend applaus en is zelfs voor aanvang van het concert al een staande ovatie te ontwaren, dat belooft wat.
Jonathan Jeremiah, op 15 juni 2013 tijdens Naked Song, in het Muziekgebouw.
Jonathan Jeremiah programmeren op een festival dat bekend staat als een plek waar je échte singer-songwriters kunt zien en ontdekken, is geen voorspelbare keuze. Jeremiah maakt soulvolle popmuziek die op een warme zondag lekker weg luistert. Met bescheiden radiohitjes als ‘Happiness’ en ‘Heart of Stone’ weet hij in ieder geval de grote zaal van het muziekgebouw behoorlijk vol te trekken.
Jeremiah is solo op zijn best. Dat heeft hij al verscheidene keren bewezen. Toch kiest hij er nog steeds voor om een voltallige band mee te nemen. Wanneer hij solo echter ‘How Half-Heartedly We Behave’ ten gehore brengt laat hij zien dat hij niet meer begeleiding nodig heeft dan enkel zijn eigen gitaar. Vooral in het begin van de set is de band wat rommelig. Na het solo nummer lijken de muzikanten ook wakker geschud en met ‘Gold Dust’ van zijn laatste album weet de band eindelijk te overtuigen.Â
De band die Jeremiah bij zich heeft versterkt hem niet, en dat is nog zacht uitgedrukt. Vooral in een van zijn grootste hits ‘Heart of Stone’ bewijst de band zijn frontman een slechte dienst. De drummer en bassist zitten er een paar keer naast waardoor het nummer gewoon niet over komt. Daarbij komt dat het repertoire van Jeremiah zich niet perfect leent voor een festival als dit. Dat valt echter niet echt toe te schrijven aan de artiest zelf, ware het niet dat het live ook allemaal maar wat voort kabbelt. Dit is muziek die je op de achtergrond prima kunt horen, maar waar je niet echt voor gaat zitten om naar te luisteren.
Jonathan Jeremiah zou er goed aan doen om eens solo een tour te doen. Ondanks geslaagde concerten met het Metropole Orkest klinkt de Brit op zijn best wanneer hij alleen met een gitaar om zijn nek op het podium staat. Zijn oeuvre bevat prima liedjes maar uiteindelijk komt het optreden mede door een matige band niet echt los.
Cijfer:
6,5