Waarom blijft de ene zin wel hangen en waarom de andere niet? Daar vertelde Jaap Torenaar over, creatief directeur bij ARA, columnist en schrijver. Jaap had de eer om het vak “Concept” af te trappen met een interessant verhaal over zijn ervaringen in de reclamewereld. Na het verhaal van Jaap vertelde Micheal Kouwenhoven over zijn werk en ervaringen bij “Eigen Fabrikaat” en “The pop of the campaign”. Een interessante en leerzame middag van de start van het vak Context in periode 2.
“Wiedewiedewiet, je hoort hem wel, maar je ziet hem niet”. En nee, dan heb ik het niet over zwarte piet, maar over de eerste gaspreker Jaap Torenaar. Ik als brave student ging vooraan zitten, zodat ik goed kon opletten en de gastsprekers goed zou kunnen verstaan. Maar Jaap zijn presentatie speelde vooral achter mij af, waardoor ik Jaap niet heb kunnen zien. Toch heb ik wel een goede indruk kunnen krijgen van Jaap, omdat hij ook zo af en toe even op zijn tekstblaadje kwam spieken, dat voor mij lag. Ik vind Jaap een wijze man, zijn hersens leken wel te kraken wanneer hij zijn kennis met ons deelde. Soms vond ik hem lijken op een komiek. Zo moest ik bijvoorbeeld wel lachen om de opmerking: “Ik dacht Jaap…., want ik heet Jaap, dus waarom zou ik denken Jan?”. Hij lulde erg veel, zoals hij zelf aangaf. Soms onzinnig en erg van de hak op de tak, maar toch heb ik interessante dingen van Jaap geleerd. Jaap vertelde over de kracht van taal. In zijn presentatie gaf hij antwoord op de vraag waarom de ene zin wel blijft hangen en de andere zin niet. Hij gaf handige tips voor een Communicatieadviseur. Zo heb ik geleerd dat grote ideeën kleine ideeën zijn. Elk idee moet je kunnen samenvatten in 3 of 4 zinnen. Daarnaast heb ik geleerd dat een zin eerder onthouden wordt als je er over na moet denken en dat je clichés moet vermijden. Maak het liefst gebruik van gekke woorden. Zo kende iedereen in de zaal en jij waarschijnlijk ook “Retteketet naar Beter Bed”. Het is belangrijk dat je andere woorden gebruikt, niet de standaard worden als kwaliteit, betrouwbaarheid, service etc. Want dan wordt een zin onthouden. Dat zijn voor mij kort de belangrijkste leerpunten van het verhaal van Jaap. Nu weet jij ook het succes achter waarom de ene zin wel blijft hangen en de andere niet!
Na Jaap zijn presentatie, dat een klein beetje uitliep, was het woord aan Micheal Kouwenhoven. Hij zat 10 jaar geleden op dezelfde plek als waar ik zit, op de schoolbanken van de Hogeschool Rotterdam. Leuk, een oud student die komt vertellen over zijn succes. Wie weet deel ik over 10 jaar mijn ervaringen met studenten van de school waar ik studeerde, dat lijkt me ontzettend gaaf (dus Hogeschool Rotterdam, bij deze nodig ik mijzelf alvast uit voor een presentatie over mijn successen over 10 jaar). Micheal vertelde over het proces van conceptontwikkeling. Zo vertelde hij over de briefing, debriefing, strategie, conceptontwikkeling, reviews en uitwerking en middelen. Micheal had een interessante Powerpoints met tussendoor leuke quotes als “Blijf jezelf ontwikkelen, ook buiten schooltijd”. Dat maakte zijn presentatie erg aantrekkelijk. Micheal gebruikte het podium waarvoor hij gebruikt moet worden, daarom Micheal zag ik gelukkig wel. Ik zat dus gelukkig niet voor niets keurig vooraan. “Clients are *** idiots”, nog een voorbeeld van zo’n leuke quote. Micheal vertelde ons dat je klanten moet behandelen alsof ze idioten zijn, lekker aardig dacht ik. Maar wat hij daarmee bedoelt is dat klanten niet dom zijn, maar vaak niet weten wat ze écht willen. Wees daarom altijd slimmer dan de klant en zorg dat je goed bent voorbereidt! Na lange brainstormsessies is het tijd om de opdrachtgever te overtuigen van jouw concept: de pitch. Tijdens de pitch verkoop je jouw idee. Presenteer met geloof en passie en laat geen twijfel zien, zoals Micheal aangaf. Toen Micheal hier over vertelde had hij mijn volle aandacht. Tijdens een stagedag bij Nationale Nederlanden heb ik de Communicatieafdeling moeten overtuigen van mijn idee, wat was dat gaaf om te doen! Leuk beroep voor later dacht ik toen, maar wat is dat voor beroep? Nu weet ik het, het beroep van Micheal: art director.
Jaap Torenaar en Micheal Kouwenhoven bedankt voor de leerzame presentaties.
Door mijn bezoek aan Nationale Nederlanden en B&S heb ik een goed idee gekregen van hoe mijn ideale stage er uit moet zien.
De werksfeer: Formeel vs. informeel
De grootte: 1 vs. 1000
Ervaring/leren: Nauwelijks vs. veel
De reistijd: 30 min vs. 90 min
Stagevergoeding: 0 euro vs. 500 euro p.m.
Werkzaamheden: 1 taak vs. afwisselende taken
Zelfstandigheid: Weinig vs. veel
Input: Meedenken vs. Uitvoeren
Werknemers: Jong vs. oud
Merk: Top of mind (A-merk) vs. onbekend
Ik zoek een stage met een informele werksfeer. Een stage waar het gezellig is en waar er ook ruimte is voor een grapje. Het liefst loop ik stage in een grote organisatie. Ik hoop in een grote organisatie nog meer ervaring op te doen, door meer mensen te leren kennen en ook kennis te maken met andere vakgebieden. Wanneer ik denk dé stage gevonden te hebben, heb ik het er wel voor over om te reizen, maar niet langer dan 90 minuten. Simpelweg, omdat ik denk dat ik dat niet vol ga houden 4 dagen per week, 5 maanden lang. Ik vind het belangrijk dat ik stagevergoeding krijg (zeg ik heel voorzichtig). In mijn stageperiode wil ik namelijk tijdelijk stoppen met mijn bijbaan om mij volledig te richten op mijn stage, maar ik zal toch geld moeten verdienen. Ik hou van afwisseling en meerdere taken. Wanneer ik mij bezig hou met 1 specifieke taak, ben ik bang dat ik mij ga vervelen. Daarnaast wil ik dat mijn werkzaamheden ook daadwerkelijk iets op leveren. Ik wil belangrijk en onmisbaar zijn, ook mijn bijdrage telt. Ik vind het dus belangrijk dat ik naast “meedenken”, ook mijn ideeën mag uitvoeren. Ik heb ondervonden dat ik graag samen werk met jonge mensen, omdat ik daar sneller een klik mee heb. En wie weet, hou ik, naast natuurlijk heel veel ervaring, een vriendin aan mijn stageperiode over.
Het grote verschil tussen de 2 bedrijven is dat Nationale-Nederlanden een – ra, ra, ra - nationaal bedrijf is en B&S een internationaal. Het internationale spreekt mij erg aan. Ik spreek Spaans en hoe gaaf zou het zijn als ik mijn Spaans kan onderhouden op mijn stage. Zo heeft Amy een Spaanse manager en spreekt ze vaak Engels op haar stage. Daarnaast spreekt de branche van B&S mij meer aan, dan “Pensioen” bij Nationale-Nederlanden. Ik ben er dus achter gekomen dat ik stage wil lopen bij een bedrijf die iets doet wat ik leuk vind. Daarnaast werken er bij B&S meer jonge mensen en meerdere stagiaires. Dit trekt mij veel meer. Nationale-Nederlanden kende ik en is een bekend bedrijf, van B&S had ik nog nooit van gehoord. Ik wil graag stage lopen bij een bedrijf dat bekend is, ik vond het daarom leuk bij Nationale-Nederlanden binnen te kijken. Daar in tegen levert B&S A-merken als Coca Cola, Heineken, Heinz en Unilever. Ook interessant! Nationale-Nederlanden ligt vlakbij mijn huis, iedere dag op de fiets naar mijn stage lijkt me wel wat! B&S ligt helaas wat verder weg en is moeilijk bereikbaar met OV, een groot nadeel.
“B&S in Dordt, iets met transporteren van eten en drinken van grote merken als Coca Cola en zo…” Dat was mijn antwoord toen mijn ouders vroegen langs welk bedrijf ik vanmiddag zou gaan en wat ze doen. Een beetje onwetend zat ik vanmiddag in de auto onderweg naar B&S in Dordrecht. Maar zonder verwachtingen kan het alleen maar mee vallen toch?! Nou en of, wat een gaaf bedrijf is B&S!
B&S levert wereldwijd levensmiddelen en luxe goederen voor nichemarkten. Ze kopen producten in en verkopen ze aan mensen in voornamelijk moeilijk bereikbare gebieden, zoals conflictgebieden en booreilanden: ’S werelds meest uitdagende locaties. Dat is nu mijn antwoord wanneer mij wordt gevraagd wat B&S doet. Zoals Anke Bongers aangaf, werd het voor haar pas na 2 maanden duidelijk waar B&S zich precies mee bezig houdt. Anke is werkzaam op de Marketing & Communicatie afdeling van B&S en houdt zich vooral bezig met arbeidsmarktcommunicatie. Samen met Amy Kooij, stagiaire Corporate Communicatie & Social Media, leidden zij het stagebezoek van vanmiddag. Middels een presentatie vertelde Anke over B&S en Amy over haar stage. Ze hadden mijn volle aandacht, vooral toen ze vertelde over hun SPAANSE manager, me gusta muchísimo! Amy vindt haar stage geweldig. Ze heeft haar eigen werkplek, met haar eigen laptop (is dit heel normaal of ben ik precies 2 bofkonten tegen gekomen?). Amy vertelde dat ze op haar stage vriendinnen heeft gemaakt en dat het ook daarom super gezellig is. Haar vriendinnen zijn ook stagiaires op dezelfde afdeling als Amy. Wat leuk, ik hoop ook vriendinnen te maken op mijn stage. B&S hecht waarde aan “the power of young professionals”, daarom werken er veel jonge mensen bij B&S. Amy heeft veel vrijheid, verantwoordelijkheid en werkt zelfstandig. Hierdoor voelt Amy zich belangrijk (gelukkig, ik ben dus niet de enige die zich graag belangrijk wil voelen op zijn stage). Amy leert heel veel bij B&S, zo heeft ze haar Engels verbeterd en zijn haar presentatie skills er op vooruit gegaan. “Engels verbeterd?! Gaaf, dus ook Amy heeft er profijt van dat B&S een internationale organisatie is. De werkzaamheden van Amy spreken mij ontzettend aan. Zo schrijft ze artikelen voor in het personeelsblad, houdt ze de Facebook, LinkedIn en website up-to-date, hielp ze mee met de voorbereiding van een personeelsmiddag, gaat ze langs Hogescholen om te vertellen over haar stage (hoe leuk!!), maakt ze foto’s van nieuwe medewerkers etc. en bewerkt ze vacatures in Indesign. Daarnaast werkt ze aan haar stageopdracht: het optimaliseren van de huidige online arbeidscommunicatie van B&S, gericht op studenten en starters op de arbeidsmarkt. Veel afwisselende opdrachten dus, dit zoek ik ook in mijn toekomstige stage.
Ja, ik zie het wel voor me om in september 2015 aan de slag te gaan als “de nieuwe Amy” bij B&S.
Als laatste wil ik graag nog even mijn belangrijkste inzicht van vandaag delen. Naast Corporate-, Intern- en marketingcommunicatie, bestaat er ook Arbeidsmarktcommunicatie. Dingen die ik leuk vind - zoals werving en selectie - hebben nu een naam! Huppakee, alsof ik nog niet genoeg deelgebieden had die ik leuk vind, is er een nieuw deelgebied bij: Arbeidsmarktcommunicatie. Help, ik kan niet kiezen!
“Heb jij al gehoord van de nieuwe ziekte? De ziekte die rondgaat in Nederland en vooral veel jonge slachtoffers kent? Het is de pensioengriep”.
Om mij te oriënteren op mijn stage, ben ik langs geweest bij Nationale-Nederlanden. Ik had een afspraak met Rens Huisman, een derdejaars Honours Communicatie student aan de Hogeschool Rotterdam die stage loopt op de communicatieafdeling Pensioen. Samen met mijn studiegenoot Stacy Böck hebben we Rens vragen gesteld om een indruk te krijgen van hoe zijn stageperiode er uit ziet. Een interessant interview waarin voor mij veel duidelijk werd. Daarnaast hebben we Rens mogen helpen bij zijn stageopdracht.
Rens volgt een stage+, een stage speciaal voor Honours studenten waarin je werkt aan meer complexe opdrachten. Zelf volgen Stacy en ik ook het Honours programme, het is goed om te weten dat we ook een stage+ kunnen volgen om meer uitdaging uit onze stage te halen. Rens is door te kiezen om stage te lopen bij Nationale-Nederlanden Communicatieafdeling Pensioen al een extra uitdaging aan gegaan, want zoals hij zelf ook aangeeft: pensioen is saai. Voor hem is het een uitdaging toch interesse te wekken voor dit product, voornamelijk onder de jongeren.
Nationale-Nederlanden werkt met het nieuwe werken en speelt in op de laatste trends en ontwikkelingen. Op Rens zijn eerste stagedag stond er een laptop voor hem klaar en was alles perfect geregeld. Rens is rond 8:15 op zijn stage en gaat rond half 6 naar huis. Lange dagen, vergeleken mijn schooldagen nu. Dat wordt voor mij, zeker als niet-ochtendmens, even wennen. Rens heeft vrij veel vrijheid en houdt zich bezig met verschillende projecten. Hij heeft het ontzettend naar zijn zin op zijn stage. Er is een prettige en gezellige werksfeer. 1 keer in de maand gaat hij met zijn afdeling (communicatie, onderzoek en marketing) gezamenlijk lunchen (uh toekomstige stage: ik ben dol op lunchen).
Tijdens je stage maak je een stageopdracht. Rens vertelde me dat je deze opdracht samen met de organisatie formuleert, je kan de opdracht dus ook een eigen invulling geven #geleerd. De vraag die centraal staat in de stageopracht van Rens is: “Hoe moet Nationale Nederlanden over pensioen praten naar jongeren?”. Wij mochten hem vandaag bij deze vraag helpen…
Hoe breng je iets wat jongeren niet willen horen, zodat ze het wel willen horen? Op welke manier verpak je een boodschap, zodat jongeren die ergens niet voor openstaan, toch willen luisteren? Na een lange brainstormsessie - met gevulde koek - kwamen we op verschillende antwoorden. Joop van 20 met Joop van 67 en Jeroentje Pensioentje vielen af. Het werd de #pensioengriep.
Met een waanzinnig uitzicht over de stad, werkten we ons idee uit. Verdieping 37, was ik ooit zo hoog geweest?
Na de uitwerking gingen we, net zoals alle andere medewerkers van Nationale-Nederlanden, lunchen. Dat zorgde voor file bij de lift en een gezellige drukte in de kantine. Ik realiseerde me hoe groot Nationale-Nederlanden is, gaaf! Wat Rens zo leuk vind aan een grote organisatie is dat hij samenwerkt met andere afdelingen en daarom ook buiten zijn vakgebied veel leert. Dat is o.a. waarom ik graag stage loop in een grote organisatie.
Nadat ik had genoten van mijn 2 witte bammetjes met worst was het tijd om de communicatieafdeling Pensioen te overtuigen van ons idee. De pensioengriep: wat zijn de symptomen en hoe kom je er van af?
Wij, als 1 middag Communicatieadviseurs, adviseren Nationale-Nederlanden in te spelen op angst. De jongeren moeten realiseren dat het belangrijk is om nu al over je pensioen na te denken en deze realisatie bereik je door een angst appeal te verwerken in de boodschap. Zo lang je een uitweg/escape biedt. De pensioengriep speelt hier op in.
Spannend, presenteren voor een échte Communicatieafdeling met échte Communicatieadviseurs. Gelukkig luidden er na de presentatie positieve reacties op ons idee. Wie weet is de #pensioengriep straks een begrip dat alle jongeren kennen. Het presenteren vond ik erg leuk. Het was net alsof ik mijn campagne probeerde te verkopen en er na mij anderen zaten te popelen om hun campagne te presenteren, dus ik moest de beste presentatie hebben.
Het doel van mijn bezoek aan Nationale-Nederlanden was dat ik inzicht kreeg in hoe een stageperiode er uit ziet, natuurlijk heb ik dat inzicht ook gekregen. Maar nog belangrijker, ik weet nu het antwoord op de vraag: wat is pensioen eigenlijk? Nu ik me hebt verdiept in het pensioen, realiseer ik mij dat het belangrijk is om er zo vroeg mogelijk over na te denken. Later wil ik nog steeds de dingen kunnen doen ik leuk vind, maar daar ben ik zelf verantwoordelijk voor. Ook ik had de pensioengriep, maar ik ben na vandaag bijna genezen! #geleerd
Nationale-Nederlanden is een bedrijf dat voorziet in verzekeringen, pensioenen, (bank)sparen, hypotheken, beleggingen en leningen. Ieder product heeft zijn eigen communicatieafdeling. Nationale-Nederlanden behoort tot de grootste financiële dienstverleners van Nederland en maakt sinds kort Nationale Nederlanden samen met ING deel uit van NN Group N.V. Wat een geluk dat ik precies langs mocht bij deze grote organisatie.
Rens Huisman, bedankt voor de leuke en leerzame middag!
Zoals periode 1 van start ging met Projectweek A ben ik periode 2 gestart met Projectweek B.
In het 3e jaar ga ik stage lopen. Om een stage te vinden die het beste bij mij past, moet je je zo vroeg mogelijk oriënteren. Projectweek B staat daarom in teken van stage oriëntatie. Hiervoor heb ik allerlei opdrachten gedaan om te kijken waar mijn interesses daadwerkelijk liggen. Deze opdrachten heb ik gemaakt (#1B) aan de hand van het model van de logische niveaus:
1. Zingeving/Missie
2. Identiteit
3. Overtuigingen
4. Capaciteiten
5. Gedrag
6. Omgeving
#1B Mijn #leerdoel voor deze Projectweek B is: Een goede indruk krijgen van wat ik van een stageplek kan verwachten, zodat ik mijn interesses goed kan afbakenen.
Zingeving/missie
Uit een werkwaardentest die ik heb gedaan kwamen mijn topwaarden naar voren:
- Aanzien en waardering
- Competitie
- Zelfstandigheid
Mijn neutrale waarden zijn: beloning en zekerheid, concrete resultaten, samenwerken, hard werken, creatief en vernieuwend en betekenisvolle bijdragen.
Identiteit
Aan de hand van mijn vaardigheden heb ik rollen gevonden die daar bij aansluiten.
- Motiveren Projectleider
- Plannen en organiseren Event manager
- Gesprek voeren Persvoorlichter
- Klantgerichtheid Sales manager
- Leiderschap Eindredacteur
De vaardigheden leiderschap en motiveren sluiten bij elkaar aan. Zo is het belangrijk dat een leider zijn team weet te motiveren voor projecten. Zonder gemotiveerd team, geen goed eind resultaat. Bij de vaardigheid plannen en organiseren vond ik event manager. Een event manager geeft de leiding en moet zijn team weten te motiveren, wat dus ook aansluit op mijn andere vaardigheden. Op de vaardigheid gesprek voeren vond ik persvoorlichter, dit lijkt mij een interessant beroep, omdat ik de journalistiek leuk vind. Bij klantgerichtheid kwam salesmanager naar voren. Ik vind het leuk om te verkopen en doe het graag, maar als salesmanager zie ik mijn toekomst niet. Ik vind de uitkomst interessant, omdat ik het goed aansluit bij wat ik leuk vind.
Overtuigingen
Wat vind ik belangrijk dat vriendinnen over mij zeggen na 3 jaar? Dit heb ik geformuleerd aan de hand van een paar vragen.
- Wat wil ik dat ze zeggen over onze relatie?
Dat ik de vriendin ben waar je je geheimen kwijt kan en waar je mee kan lachen en huilen. Dat ik de vriendin ben die altijd voor je klaar staat.
- Over mijn karakter?
Dat ik de vriendin ben die lief en eerlijk is. Dat ik houd van gezelligheid en dat ik enthousiast en spontaan ben.
- Over wat ik heb bereikt?
Dat ik de vriendin ben die gaat voor wat ze wil en zich niet zomaar uit het veld laat staan. Dat ik mijn doelen wil behalen.
- Over mijn eigenaardigheden?
Dat ik de vriendin ben die af en toe doorslaat in haar enthousiasme, waardoor ze zelf in de “problemen” raakt.
- Over wat ik voor hen heb betekend?
Dat ik de vriendin ben die niet kan ontbreken in de jeugdherinneringen.
Capaciteiten
Op 123.test.nl heb ik een test gemaakt over welke 5 vaardigheden ik beschik. Bij de vaardigheden heb ik een taak verzonnen die ik in mijn stage zou kunnen ondernemen.
- Motiveren Een pauze activiteit verzinnen
- Plannen en organiseren Organiseren van een bedrijfsuitje
- Gesprek voeren Vergaderingen bijwonen
- Klantgerichtheid Contact met klanten
- Leiderschap Aansturen van een team
Gedrag
In Projectweek A heb ik een kleurentest gedaan. Hieruit kwam naar voren dat ik een “geel” persoon ben. In deze typologie kan ik mij volledig vinden, ik herkende mezelf meteen in deze kleur. De kwaliteiten die ik wil gaan inzetten in mijn stage, typerend voor een geel persoon, zijn mijn enthousiasme en spontaniteit. Met dit karakter eigenschap hoop ik dat ik lekker in de groep lig en mensen mij waarderen. Mijn enthousiasme is tegelijkertijd een valkuil. Zo ben ik vaak zo enthousiast over een onderwerp dat ik overhaaste beslissingen neem, zonder na te denken of het wel mogelijk is.
Er werd mij gevraagd wat mijn grootste nachtmerrie is van hoe collega’s met elkaar omgaan. Mijn nachtmerrie is dat mensen mij niet zien staan en mij zien als minderwaardig (want ik ben toch maar een stagiaire). Dat collega’s langs elkaar heen leven en alleen oog hebben voor eigen successen. Dat collega’s niet gezellig met elkaar een praatje houden, maar dat het stil is op kantoor. Waar ik elke dag heen moet en elke dag opnieuw tegen op kijk. Waar niemand bij begroet als ik binnenkom en niemand mij gedag zegt als ik weg ga. En waar ik niks nieuws leer. Of te wel, dat er een grimmige werksfeer hangt, waarin ik mij niet thuis voel.
#1B Uit mijn nachtmerrie kan ik mijn #idealestage concluderen:
Op mijn stage is het gezellig en kan ik het met veel mensen kan vinden, het is een omgeving waarin ik mij thuis voel en waarin ik veel leer en ervaring op doe.
Omgeving
Op 123.test.nl heb ik verschillende testjes gedaan. Zo ook een test die inzicht geeft in welke aspecten ik belangrijk vind in een werkomgeving. Hieruit kwam naar voren dat ik het prettig vind om te werken in een mensgerichte- en ondernemende werkomgeving.
In deze uitslag kan ik mij goed vinden. Ik vind het leuk om zo goed mogelijk te presteren en ik vind het fijn als mijn prestaties (en ik zelf) opgemerkt en gewaardeerd worden. Dit is typerend voor beide werkomgevingen. Daarnaast kwam uit de test naar voren dat een praktische werkomgeving bij mij past. Zo heb ik geen 9 tot 5 mentaliteit achter een bureautje, maar hou ik van afwisselend werk.
Daarnaast heb ik gekeken welke cultuur het beste bij mij past. Zoals uit de werkomgeving test naar voren kwam, vind ik het prettig om te werken in een mensgerichte omgeving. Niet gek, dat ik mij dan ook het meeste thuis voel in een mensgerichte cultuur. Deze cultuur richt zich op de betrokkenheid van de werknemers door goede interne verhoudingen en er wordt veel tijd besteed aan persoonlijke ontwikkeling. Wanneer ik het gevoel heb dat ook ik belangrijk en onmisbaar ben, zal ik beter presteren, omdat ik mij dan fijn voel. Opmerkelijk is de keerzijde van deze cultuur: de 9 tot 5 mentaliteit. Terwijl ik net heb aangegeven dat ik deze mentaliteit niet heb, is dit wel kenmerkend bij deze cultuur.
#1B Welke aspecten vind je relevant bij het zoeken van een stage?
De werksfeer: gezellig vs. grimmig
De grootte: 1 vs. 1000
Zelfstandigheid: niks vs. veel
Ervaring/leren: nauwelijks vs. heel veel
De locatie: 1 km vs. 100 km
Stagevergoeding: 0 euro vs. 300 euro per maand
#1C Bronnen die mij inspireren voor het oriënteren op een stage:
- De testjes in "Handout: Opdrachten tijdens workshop Projectweek B"
Deze testjes zijn een goede oriëntatie geweest op wat voor stage ik zoek. Ik heb een duidelijker beeld gekregen van wat ik belangrijk vind in een stage.
Met mijn propedeuse op zak ben ik vol nieuwe positieve energie begonnen aan jaar 2! Een nieuwe klas, nieuwe leraren, nieuwe boeken en nieuwe inzichten over het Communicatievakgebied. Jaar 2, ik heb er zin in!
Zo dat was het dan, jaar 1 zit er op. Wat is de tijd voorbijgevlogen! De vakantie-modus kan aan en ik kan mijn titel van eerstejaars Communicatie studente bijna aanpassen naar tweedejaars. Ik heb het jaar goed doorstaan en heb al mijn toetsen weten te halen met mooie cijfers. Voor mijn Propedeuse mis ik echter nog 1 laatste cijfer... De beoordeling van dit blog!
Professionele Vaardigheden
Dit jaar stonden er 6 vaardigheden centraal. Voor elke vaardigheid heb ik een doelstelling moeten formuleren, waar ik gedurende periode aan zou werken. Hieronder een overzicht van mijn doelstellingen dit afgelopen jaar, die later in dit blog worden beschreven:
Informatievaardigheid
In 8 weken wil ik op een goede, efficiënte en zo snel mogelijke manier betrouwbare informatie vinden.
Creativiteit
In 8 weken wil ik niet alleen creatief denken, maar ook creatief bezig kunnen zijn.
Gesprekstechnieken
In 8 weken wil ik leren de LSD techniek vaker toe te passen, door de boodschap van een ander samen te vatten, om zo misverstanden te voorkomen.
Vergaderen
In 8 weken wil ik een goede vergadering kunnen leiden, waarin ik orde kan houden.
Rapporteren
In 8 weken wil ik een duidelijk, goed geschreven rapport kunnen inleveren, zonder spelfouten en lange zinnen.
Presenteren
In 8 weken wil ik een presentatie kunnen houden die een indruk achter laat en mensen wakker houdt.
De vaardigheden, maar dan uitgebreid
In de eerste periode zijn we bezig geweest met alle vaardigheden, op rapporteren na. Elke week stond er een andere vaardigheid centraal, waar we de basistheorie over hebben geleerd.
In periode 2 hebben we de vaardigheid presenteren behandeld. Ook kwam de vaardigheid vergaderen kort aan bod. Ik moest een presentatie voorbereiden over mijn essay die ik heb geschreven voor project onderwijs in periode 1. Voor mijn presentatie kreeg ik allerlei tips en trucs om een zo goed mogelijke presentatie te geven. Deze tips en trucs waren nieuw voor mij en ik heb er veel van geleerd. Uiteraard heb ik deze tips en trucks ook toegepast in mijn presentatie. Een voorbeeld: ik heb geleerd dat je met de opening van je presentatie meteen de kijkers moet prikkelen en tijdens je presentatie moet zorgen voor interactie met de kijkers. Vandaar dat ik mijn presentatie begon met een remix van sms-geluiden en de klas vroeg of zij ook gek werden van deze geluiden. Zij waren het met me eens, omdat je de hele dag niet anders hoort dan het geping van je telefoon. Deze vaardigheid heb ik goed weten te ontwikkelen, omdat ik nog vaak een presentatie heb moeten geven. Bij deze presentaties heb ik de tips en trucs opgevolgd die ik heb geleerd voor deze vaardigheid. Voor mijn presentatie kreeg ik een 8. Ik heb mijn doelstelling deze periode zeker weten te behalen,
Daarnaast kwam vergaderen kort aan bod. Omdat er veel tijd heeft gezeten in de vaardigheid presenteren, hebben we weinig tijd gehad om de vaardigheid vergaderen te bespreken. Met mijn vergadergroepje hebben we 1 keer een korte vergadering gehouden. Dit verliep erg slecht, omdat we ons niet hadden voorbereid. De notulist en voorzitter werden op moment suprême gekozen en er waren geen agendapunten. Je snapt natuurlijk wel dat een vergadering dan niet gaat werken. In deze periode heb ik dus niet aan de vaardigheid vergaderen voldaan. Op natschool staat een reader over vergaderen. Deze reader vind ik erg handig en nadat ik deze had doorgelezen had ik veel geleerd over de opzet van een vergadering. Gelukkig heb ik deze vaardigheid wel kunnen ontwikkelen in periode 4, toen stond er wekelijks een vergadering op de planning. Met mijn groep hebben we een verdeling gemaakt voor de notulist en voorzitter, zodat iedereen kon oefenen. Ik vind het leuk om de vergadering te leiden en de vergadering liep goed. Mijn doelstelling heb ik dus in een andere periode alsnog weten te halen. Notulist zijn vind ik minder leuk. Ik ben zo druk bezig met typen, dat ik de vergadering bijna niet bijwoon, omdat ik geen tijd heb om mijn stem in te brengen. In afbeelding 1, zie je de agenda die ik heb opgesteld toen ik voorzitter was van een vergadering in periode 4.
Afbeelding 1) Agenda vergadering P.O. 4
In periode 3 werd de vaardigheid rapporteren besproken en kwamen we terug op de vaardigheid creativiteit. Iedere groep kreeg een onderwerp gekoppeld aan een bestaand rapport waar we feedback op moesten geven. We moesten ons in het onderwerp verdiepen, in deze les kwam dus de vaardigheid informatievaardigheid aan bod. We hebben een creatieve sessie gehouden en ondergaan om tot creatieve oplossingen te komen. Daarnaast hebben we een infographic gemaakt van de weg die wij gevolgd hebben tot ons eindresultaat. Daarnaast kwam rapporteren kort aan het bod. We hebben opnieuw de reader moeten leren en hier een Socrative test over moeten maken. Ik heb de Socrative met een voldoende afgesloten, zonder naar de reader van rapporteren te kijken, omdat ik de regels nog wist van periode 1.
De vierde periode draaide om de vaardigheid gesprekstechnieken. In les 1 hebben we een SMART doelstelling moeten formuleren, waar we deze periode aan zouden werken. Mijn doelstelling luidt: In een periode van 8 weken wil ik leren de LSD techniek vaker toe te passen, door de boodschap van een ander samen te vatten, om zo misverstanden te voorkomen. In de lessen ben ik niet met deze doelstelling bezig geweest. Buiten de lessen om, voornamelijk op school, wel. We hebben deze periode weer veel moeten samenwerken en tijdens het samenwerken is het belangrijk dat je elkaar goed begrijpt. Helaas, zijn er tijdens het project onderwijs wel enkele misverstanden opgetreden deze periode. Zo was er een misverstand over de taakverdeling in week 2 en een misverstand over het inleveren van het eindresultaat. Ik heb geprobeerd het verhaal van anderen samen te vatten, zo dat het nogmaals voor iedereen duidelijk werd wat er die week moest gebeuren. Toch was mijn samenvatting niet goed overgekomen, omdat de taken dubbelop werden uitgevoerd. Gelukkig was dit niet zo’n groot probleem, de taken kunnen beter dubbelop worden uitgevoerd, dan niet. Het andere misverstand is ontstaan via Whatsapp. Het is lastig om afspraken op Whatsapp uit te voeren, omdat je de ander niet ziet of spreekt en elkaar verkeerd kan begrijpen. Ik heb geleerd dat je belangrijke dingen beter niet via Whatsapp kunt bespreken, maar in het “echt”. Dan kun je de LSD techniek beter toepassen en misverstanden beter voorkomen. Het is ook vaak voorgekomen dat ik de ander juist begrepen door het toepassen van de LSD techniek en het verhaal van de ander samen te vatten. Soms kwam het voor dat mijn samenvatting van het verhaal niet helemaal klopte, gelukkig werd ik dan gecorrigeerd. Ook heb ik het samenvatten van de LSD techniek toegepast op de mail, zie afbeelding 2. Ik heb telefonisch contact gehad met DUO en moest naar aanleiding van mijn telefoontje een e-mail sturen. In deze mail heb ik nog eens op papier gezet wat mij aan de telefoon werd verteld. Op deze manier weet ik of ik de informatie van DUO heb begrepen.
Afbeelding 2) Mail volgens LSD samenvatting naar DUO
Eindstand vaardigheden
Als ik kijk naar alle 6 vaardigheden ligt rapporteren bij het meest. Ik vind het leuk om te schrijven en een verslag op te stellen die voldoet aan de eisen van rapporteren. Ik heb de Socrative test met een voldoende afgesloten, zonder nog eens in de reader te kijken. Daarnaast is mijn scriptie beoordeeld met een 8 en heb ik niets hoeven aanpassen in tegenstelling tot andere klasgenoten. Dit bewijst dat ik de vaardigheid rapporteren voldoende genoeg beheers.
Het afgelopen jaar heb ik de vaardigheid creativiteit het meest ontwikkeld. Niet alleen heb ik creatief moeten denken, ik heb ook creatieve producten moeten inleveren. Op deze creatieve producten ben ik nog het meest trots. Deze periode heb ik een digitaal magazine gemaakt met Indesgin, een programma waarmee ik heb leren werken in periode 3. Ik sta versteld van mijn eigen kunsten en ik ben trots op het eindresultaat. Ik had nooit gedacht dat ik zoiets zou kunnen maken, voordat ik hier naar school ging.
Mijn minst ontwikkelde vaardigheid is informatievaardigheid. Ik heb vooral aan deze vaardigheid gewerkt in periode 4 tijdens het onderzoek/deskresearch voor mijn scriptie, maar in andere perioden heb ik deze vaardigheid minder ontwikkeld dan de andere. Dit is tevens ook de vaardigheid die mij het minst aantrekt, waarschijnlijk dat dat de reden is voor mijn matige ontwikkeling.
In jaar 2 zou ik graag aan deze vaardigheid, informatievaardigheid, willen werken. Ik wil graag meer leren werken met databanken, voor het zoeken naar informatie. Daarnaast zou ik ook de vaardigheid gesprekstechnieken meer willen ontwikkelen. Ik vind dat deze vaardigheid het minst aan bod is gekomen het hele jaar. We hebben het kort gehad over interviewen, maar daar hebben we het hele jaar al aan moeten werken, dus ik heb liever een andere techniek willen leren. De LSD techniek is het enige wat mij is bijgebleven, overigens vind ik dit wel een hele fijne techniek om toe te passen en ben ik blij dat ik deze techniek heb geleerd. Graag zou ik nog meer technieken willen leren.
Het leerdoel voor het hele jaar van het vak Professionele Vaardigheden is: “Je krijgt als student Communicatie inzicht in een aantal benoemde Professionele Vaardigheden die voor een communicatieprofessional nodig zijn en kan deze in eenvoudige situaties toepassen.”
Aan dit leerdoel heb ik voldaan. Ik kan alle vaardigheden in eenvoudige situaties toepassen, omdat ik de basis van elke vaardigheid beheers. Graag zou ik mezelf voor een paar vaardigheden meer willen ontwikkelen, maar ik vind ook dat ik voor sommigen vaardigheden meer dan de basis beheer.
En nog meer vaardigheden: gesprekstechnieken
In periode 4 stond de vaardigheid gesprekstechnieken centraal. Ik moet toegeven dat ik deze periode niet heel interessant vond. Zo hebben we bijvoorbeeld een goed en een slecht interview moeten opzoeken, maar ik kon allang een goed en een slecht interview uit elkaar houden. Een leuke les, omdat we hard hebben moeten lachen om de slechte interviews, maar niet erg leerzaam. Ik heb dit jaar veel interviews moeten houden voor project onderwijs. Zo heb ik mensen ondervraagd op straat en heb ik leraren geïnterviewd. Ik vond dit erg leuk om te doen, omdat je je kennis verbreed over het onderwerp van het interview en ik het leuk vind om met mensen te praten. Ik vind het opmerkelijk dat Professionele Vaardigheden de gesprekstechniek interview pas in de laatste periode behandeld, omdat je er al veel eerder mee bezig bent.
De les met de gesprekstechniek intervisie heb ik helaas gemist, wel heb ik de PP doorgenomen en met andere klasgenoten over deze les gepraat. Het doel van intervisie is om problemen die er zijn met vaardigheden op te lossen. Gelukkig liep ik niet tegen problemen aan, dus was deze les op die manier niet relevant voor mij. Wel had ik andere kunnen helpen met mijn geniale oplossingen natuurlijk… Maar ik geloof dat ieder zijn probleem gelukkig verholpen is. Ook hebben we aan het eind van de periode de gesprekstechniek klantgesprek behandeld. Er zijn verschillende tips voorbij gekomen die handig zijn voor een klantgesprek. Met de gesprekstechniek argumenteren ben ik altijd wel bezig. Argumenteren vind ik erg belangrijk. Je moet kunnen onderbouwen waarom je iets wel of niet leuk vind of waarom je voor een keuze hebt gekozen. Op deze opleiding leer je goed argumenteren en ik ben er al een stuk beter in geworden dan voorheen.
Ik vind het jammer dat er geen beoordeling is in de vorm van een schriftelijke toets, op die manier ben ik verplicht alle informatie te leren en steek ik er meer van op.
Feedback geven en ontvangen
Feedback geven en ontvangen, voordat ik Communicatie ging studeren, heb ik hier nog nooit echt bij stilgestaan. Natuurlijk gaf je andere opbouwende kritiek, net zoals ik dat kreeg, maar nooit geweten dat er regels zijn voor het geven en ontvangen van feedback. Met deze regels kwam ik dit jaar pas in contact en ik heb dit jaar veel feedback moeten geven en ontvangen. En als ik er over na denk is “feedback” in mijn beleving misschien wel het meest gesproken woord van deze opleiding. In de lessen van Professionele Vaardigheden hebben we deze regels voor het geven en ontvangen van feedback geleerd. De meest belangrijke regel voor het geven van feedback is dat je de ander niet mag beschuldigen of beledigen, de feedback moet opbouwend zijn. Daarnaast gaat het om het gedrag van de persoon en niet om de persoon zelf, ook dit vind ik een erg belangrijk punt. Ik zou het zelf ook niet leuk vinden om beledigd te worden, daar heb ik ook niks aan, daarom is het belangrijk dat je dat bij een ander ook niet doet. Feedback is namelijk een kans om te leren en geen aanval. Ik vind feedback geven d.m.v. de 4 G’s van feedback (gedrag, gevoel, gevolg en gewenst) een handige techniek. Hier hebben we in periode 2 veel mee geoefend. Je geeft aan wat de situatie is (gedrag), daarna beschrijf je wat jij er van vind (gevoel), je verteld wat dat voor gevolgen heeft (gevolg) en daarna vertel je wat de ander beter kan doen (gewenst). Deze techniek lijkt op de techniek die we hebben geleerd in periode 4: het beschrijven van het gedrag, effect, verandering en resultaat.
Het ontvangen van feedback vind ik lastig als de ander niet zo gecharmeerd is van mijn eindresultaat. Toch sta ik altijd open op feedback, omdat het een goede manier is om (van je fouten) te leren. Het is daarom belangrijk dat je goed luister naar de feedback en het misschien zelfs noteert. Als ik het niet eens ben met mijn feedback, kan ik er nog wel eens tegen in gaan en uitleggen waarom ik die keus bijvoorbeeld gemaakt heb. Dat is tegen de regels, omdat je de feedback moet ontvangen als kennisgeving en je niet moet verontschuldigen of argumenteren. Hier probeer ik steeds beter mee om te gaan. Ik vind het wel een groot verschil om van een leraar of om van een klasgenoot feedback te ontvangen. Feedback van een leraar vind ik fijner en neem ik meer serieus. Of ik nu blij ben met de feedback of niet, het is netjes om de ander altijd te bedanken voor het geven van feedback. Ik vind het namelijk fijn dat een ander er open voor staat om mij feedback te geven, waar ik wel/of misschien niet iets van kan leren.
Feedback op blog van Diede Visser
Van Diede Visser, een klasgenote, heb ik feedback gekregen op mijn blog. Ik wil haar hier graag voor bedanken. De feedback was erg positief en de verbeterpuntjes (de tips) heb ik meteen veranderd, ik heb dus geleerd van de feedback. Zo heb ik meer foto's op mijn blog toegepast en ben ik (misschien) van plan meer te gaan bloggen, omdat ik na het lezen van de feedback er opeens weer zin in had! Het heeft mij een boost gegeven. Als bewijsvoering heb ik ook Diede haar blog feedback gegeven, volgens de 4 G's van feedback:
Gedrag: Ik zie dat Diede leuk en duidelijk kan schrijven. Wat ik erg leuk vond om te lezen was de manier waarop ze zichzelf aan haar lezers voorstelt. Ze heeft zich zelf grappige bijnamen gegeven en vervolgens uitgelegd waarom deze bij haar passen, erg creatief! Diede heeft voldaan aan alle eisen voor de beoordeling van Professionele Vaardigheden. Ook plaatst Diede allerlei foto's die passen bij het verhaal in het blog.
Gevoel: Omdat haar blog leuk leest, krijg ik een prettig gevoel. Ik wil doorlezen, ik ben benieuwd naar haar ervaringen. Dit komt door de aantrekkelijke manier van schrijven. De blog wordt nog leuker door de foto's, foto's van Diede zelf. Door deze foto's ben je geneigd door te lezen.
Gevolg: Het aantrekken en informeren van lezers, althans je hebt er in ieder geval 1 lezer bij: mij!
Gewenst: Ik heb ver naar beneden moeten scrollen en de pagina moeten laden om al haar blogs te lezen. Daarnaast zijn de tekstblokken erg verticaal, wat ik niet prettig vind leren. Indien mogelijk (als de tool het toelaat), zou ik het fijn vinden om blogs ook naast elkaar te zien, in een meer horizontale richting.
Tops: Keep on writing, ik kan zien dat je plezier hebt in het schrijven, om deze reden is het leuk om te lezen. Keep on posting photo's, het is erg leuk om passend beeldmateriaal te zien bij je teksten. Keep on blogging, ik denk dat je lezers kunt inspireren en informeren met jouw ervaringen, blijf ze daarom delen.
Tips: Blijf letten op de spelling, slordigheidjes kunnen afleiden en dat is zonde van je mooie werk!
Benieuwd geworden naar Diede haar blog? Lees hem via deze link: http://diedevisser.wordpress.com
Dit was het dan, mijn laatste deadline voor mijn laatste cijfer om mijn Propedeuse te halen. Hopelijk hebben jullie mijn blog met plezier gelezen, tot volgend schooljaar!
Periode 3 zit er al weer bijna op en na de meivakantie gaat periode 4 al weer van start. Wat is dit jaar snel gegaan! Ik heb in voorgaande periodes al veel geleerd en ik hoop dat periode 4 ook interessant en informatief gaat worden.
In periode 4 krijg ik de volgende vakken:
- Engels
- Professionele Vaardigheden
- Project D: mediaproductie
- Scriptie
Engels heb ik deze periode afgerond met een 7, dat vak moet dus de volgende periode ook wel goedkomen. Omdat ik de Engelse taal redelijk beheer, denk ik niet dat dit vak al te moeilijk zal worden.
Professionele Vaardigheden is het enige vak dat ik het hele jaar door krijg. Periode 1 en 2 vond ik erg leuk, periode 3 vond ik helaas wat minder interessant. Mede omdat het onderwerp mij minder aansprak. Ik ben benieuwd welk onderwerp er centraal gaat staan in periode 4.
Voor het laatste projectonderwijs moet ik een digitaal tijdschrift maken. Hier kan ik mijn creatieve kunsten weer voor uit de kast halen. Het lijkt mij een leuk project en ik heb er veel zin in. Ik heb een leuk projectgroepje en ik denk dat we een creatieve samenstelling hebben.
Ook moet ik een scriptie schrijven, wat ik erg leuk vind. Mijn scriptie schrijf ik over de vermiste Boeing 777. Ik ga inspelen op de crisiscommunicatie en de reputatiemanagement voor de Malaysia Airlines. Vanaf het moment dat het vliegtuig was verdwenen, heb ik me veel in dit onderwerp verdiept. Ik vond het erg interessant, want hoe kan zo’n groot toestel spoorloos van de wereld verdwijnen, terwijl we met man en macht zoeken? Toen ik het onderwerp van mijn scriptie moest inleveren, wist ik meteen wat mijn onderwerp ging worden. De verdwijning is erg actueel en er is makkelijk een communicatiecomponent aan vast te binden. Overigens vind ik de crisiscommunicatie en de reputatiemanagement erg interessant.
Wat ga ik voor het schrijven van mijn scriptie in periode 4 meenemen op basis van creativiteit, informatievaardigheid en rapporteren?
- Creativiteit: een mooie lay-out creëren en creatief schrijven
- Informatievaardigheid: bronnen zoeken via databanken en kranten en nieuwsfragmenten terug kijken
- Rapporteren: volgens de reader van rapporteren het rapport opstellen en mijn rapport kritisch nakijken op fouten, zoals ik andermans werk zou nakijken
De derde periode zit er alweer bijna op.. of moet ik schrijven dat hij net is begonnen? In lesweek 5 kwam ik erachter dat het de bedoeling was dat je een reflectie schrijft over een paar onderwerpen en dat die reflecties jouw eindcijfer zullen bepalen voor Professionele Vaardigheden periode 4. Oeps, dat was mij even ontgaan. Snel de handleiding erbij gepakt en deze maar is goed doorgelezen.
In deze periode staan er 3 onderwerpen centraal: creativiteit, informatievaardigheid en rapporteren. Aan de hand van deze 3 onderwerpen heb ik 3 leerdoelen geformuleerd.
Bij het schrijven van mijn verslagen heb ik deze leerdoelen meegenomen, zo kan ik erachter komen of ik mijn doelen heb behaald.
Mijn leerdoelen van deze periode zijn als volgt:
Informatievaardigheid
Op een goede, efficiënte en zo snel mogelijke manier betrouwbare informatie vinden.
Creativiteit
Niet alleen creatief denken, maar ook creatief bezig kunnen zijn.
Rapporteren
Een duidelijk, goed geschreven rapport kunnen inleveren, zonder spelfouten en lange zinnen.
CREATIVITEIT
Dat deze opleiding zo veel te doen had met creativiteit daar had ik geen idee van. Dat wil niet zeggen dat ik het niet leuk vind. Ik vind het leuk om creatief bezig te zijn en om creatief te denken. Vroeger al was ik altijd erg creatief bezig, op allerlei manieren. Zo tekende, knutselde en kleide ik graag, schreef ik gedichten, verhalen en eigen toneelstukjes, maar ook verzon ik altijd nieuwe spelletjes en had ik een hele rijke fantasie, die ik graag naspeelde.
Op deze opleiding is het belangrijk creatief te zijn, vooral om creatief te denken. Zo heb ik in het project onderwijs van periode 2 en 3 campagnes moeten verzinnen, dat vond ik erg leuk en leerzaam. Lekker je fantasie erop los laten en brainstormen met je projectgroep om tot leuke en creatieve campagnes te komen. Naast dat ik bezig ben geweest met creatief denken, ben ik ook creatief bezig geweest met mijn handen. Ik heb deze periode een basis cursus Adobe Illustrator, InDesign en Photoshop gevolgd en ben daar goed mee aan de slag geweest. Zo heb ik o.a. een logo ontworpen, een brochure, een albumhoes en een poster gemaakt. Ik vind het erg leuk om hier mee aan de slag te zijn, maar wat ik toch jammer vind is dat ik weinig geduld heb, ik wil altijd gelijk het eindresultaat zien, maar daar moet je eerst heel precies voor werken en dat geduld heb ik niet altijd. Dat is dus een goed leerpunt.
Van de opleiding in het algemeen kom ik even terug op het vak waarvoor ik dit reflectieverslag schrijf: Professionele Vaardigheden. De eerste les is ons verteld dat deze periode anders is dan de vorige 2 periodes, de slagingskans voor deze periode ligt lager, omdat deze periode te makkelijk wordt ingeschat. Ik ben dan ook heel benieuwd naar de resultaten van de klas aan het eind van deze periode. We willen natuurlijk graag kunnen zeggen: “Kijk eens, wat er werd gezegd in de eerste les, is niets van waar!”.
Laat ik snel terug komen op het onderwerp van mijn eerste reflectieverslag: creativiteit. In de eerste les moesten we groepjes vormen en kreeg ieder groepje een case voorgelegd. Mijn groepje, 4 meiden, kregen de case “bloemen&living”, voor dit bedrijf moesten we de zichtbaarheid vergroten van de niet-traditionele bruid. Om op creatieve oplossingen te komen, hebben we een creatieve sessie gehouden in de les. Aan de hand van de techniek “negatief brainstormen” waren we op een aantal leuke oplossingen gekomen. Het is niet de eerste keer dat ik een creatieve sessie heb gehouden, maar wel de eerste keer met deze techniek. Ik vind creatief brainstormen een goede techniek om tot ideeën te komen. De vraag die centraal stond was dus “Hoe zorgen we ervoor dat bloemen&living niet zichtbaar is”. Hieronder heb ik de ideeën geformuleerd aan de hand van de creatieve sessie:
- In zwarte busjes, zonder reclame rijden we naar de plaats van bestemming.
Idee à We rijden in een met graffity bespoten busje naar de plaats van bestemming. Op het busje staat groot onze naam, staan grote mooie bloemen en heeft opvallende zomer kleuren.
- We werken met niet opvallende, saaie mensen die geen indruk achter laten.
Idee à werken met verstandelijke gehandicapte. Zij maken de bloemstukken met behulp van mensen met ervaring in dit vak. Vaak vinden mensen dit “schattig” en de verstandelijke gehandicapten kunnen aan de slag in de maatschappij.
- We maken éénzelfde wit bloemstuk.
Idee à We maken alle soorten bloemstukken die de klant kan bedenken, we maken alles voor een themabruiloft. VB: bloemstukken van bestek voor een horecaondernemer. Zwarte bloemstukken voor een gothic bruiloft.
Ik vind het leuk om een creatieve sessie te houden en je fantasie te gebruiken. Ik heb geleerd “out of the box” te denken, niets is onmogelijk. Uiteindelijk moet je idee wel realiseerbaar zijn, maar in de creatieve sessie kan en mag alles.
Naast dat ik een creatieve sessie heb ondergaan, heb ik ook de creatieve sessie van een andere groep geleidt. Zij kregen de creatieve techniek “de zeven hoeden van Bono”. De bedoeling van deze techniek is dat iedereen een kleur hoed krijgt, elke kleur staat voor een andere eigenschap. Zo staat de rode hoed voor positief en de zwarte hoed voor negatief. Je dient je aan je eigenschap te houden gedurende sessie. We liepen meteen al tegen een probleem aan; de zwarte hoed werkte niet zo goed. Door de zwarte hoed werden alle ideeën meteen afgekraakt en kwamen de andere hoeden niet meer met andere oplossingen. We hebben de zwarte hoed gewisseld voor een andere kleur en toen verliep de sessie beter.
Ik vind een creatieve sessie ondergaan, leuker dan een creatieve sessie leiden. Ondanks dat ik het leuk vind om leiding te geven, taken te verdelen en inspringen als het niet gaat, vind ik het ook leuk om zelf met creatieve oplossingen te komen. Als leidinggevende gaat dat op dat moment niet, terwijl ik vol creatieve ideeën zat.
LEERDOEL
Mijn leerdoel op basis van creativiteit was: “niet alleen creatief denken, maar ook creatief bezig kunnen zijn”. Ik kan met trots zeggen dat ik dit leerdoel zeker heb behaald. Deze periode ben ik erg creatief bezig geweest, met mooie eindresultaten tot gevolg. Hieronder volgen een tweetal afbeeldingen van mijn eindresultaat voor het vak Mediaproductie. Ook is de Infographic een mooi voorbeeld van de creativiteit die ik beheers.
INFORMATIEVAARDIGHEID
Informatievaardigheid… Dat woord alleen al, klinkt toch saai? Althans dat is mijn persoonlijke mening. Het woord zegt het al, informatievaardigheid houdt in dat je over vaardigheden moet beschikken om informatie op te zoeken, te evalueren en zorgvuldig te gebruiken. Ik ben vrij naïef en geloof de grootste onzin. Als er op internet staat dat een olifant paars is, had ik dat vroeger gerust overgenomen en in mijn werkstukje geplakt. Dat is natuurlijke een grote fout, want lang niet alles dat op internet staat is waar. Je moet altijd je bronnen nakijken, want is het wel een betrouwbare bron? Dit werk vind ik erg saai, maar het is misschien wel de allerbelangrijkste stap. Op deze opleiding heb ik geleerd hoe je kan nagaan of een bron betrouwbaar is. Ook heb ik geleerd dat er meer sites bestaan naast Google om bronnen te vinden. Zo zijn er allerlei databanken waar je handige informatie vind. Maar toch blijft Google mijn grootste vriend…
In de les van Professionele Vaardigheden heb ik een zoekstrategieformulier moeten invullen aan de hand van de case. Dit had ik al eens eerder gedaan voor het vak “Inleiding Communicatie”. Toen vond ik het al geen leuke opdracht en ik ben erachter gekomen dat ik het nog steeds geen leuke opdracht vind. Als ik eerlijk ben, snap ik nog steeds het nut er niet helemaal van. Het is nooit goed uitgelegd waar het zoekstrategieformulier voor is en hoe het je kan helpen. Misschien ook wel omdat het zoekstrategieformulier wel heel duidelijk en voor de hand liggend is, maar ik heb er niet veel aan gehad. Als ik ga zoeken naar nuttige bronnen, zoek ik zonder er al te veel bij na te denken en kom ik ook op allerlei goede, betrouwbare en informatieve bronnen uit. Daar heb ik het zoekstrategieformulier niet bij nodig… Maar toch zie ik hier een leerpunt in. Het zoekstrategieformulier is er niet voor niks, dus blijkbaar toch wel handig. Daarom wil ik toch leren om dit formulier te gebruiken om te kijken of ik d.m.v. het formulier toch meer en nuttigere bronnen vind.
LEERDOEL
Mijn leerdoel was “op een goede, efficiënte en zo snel mogelijke manier betrouwbare informatie vinden”. Als ik eerlijk ben, heb ik dit leerdoel niet behaald. Zo als aangegeven heb ik bijvoorbeeld het zoekstrategieformulier niet efficiënt gebruikt. Ook heb ik alleen Google geraadpleegd voor informatie over mijn case. De volgende keer wil ik databanken raadplegen. Desondanks heb ik wel betrouwbare bronnen gevonden, maar wil ik op een andere manier bij deze bronnen terecht komen.
RAPPORTEREN
Mijn derde reflectieverslag schrijf ik over mijn kunsten op het gebied van rapporteren. Rapporteren vind ik, net als het woord informatievaardigheid, saai klinken, maar toch vind ik het leuk om een rapport te schrijven. Vroeger vond ik het ook altijd leuk om werkstukken te schrijven. Ik begon dan ook meteen met het schrijven van mijn werkstuk en mijn werk lag binnen een week op het bureau van de meester. Op de basisschool schreef je een werkstuk over je hond en op de middelbare school schreef je je profielwerkstuk. Aan al deze werkstukken heb ik met veel plezier gewerkt. Natuurlijk is een rapport schrijven veel meer dan een werkstuk over je hond. In periode 2 maakte ik kennis met rapporteren. Maar dat er zoveel regeltjes waren, dat wist ik niet. Er is zelfs een rapport geschreven over rapporteren met al deze regeltjes. Dit rapport ken ik inmiddels uit mijn hoofd en ik weet precies welke regels je moet toepassen, maar natuurlijk blijf ik ook foutjes maken. Voor het vak Communicatie en Mediaplanning heb ik met een groepje een communicatieplan moeten schrijven voor een bestaand bedrijf genaamd “Banis Verhuizingen”, dit communicatieplan is inmiddels ingeleverd. Ik heb met veel plezier aan dit rapport gewerkt en ik hoop dat al het harde werk terugkomt in het cijfer.
In de les van Professionele Vaardigheden moest ik een bestaand rapport over de gekozen case (Bloemen&Living) nakijken. Ik heb het rapport erbij gepakt en voor de zekerheid ook de reader van Rapporteren op Natschool en ben begonnen met nakijken. Of ik het rapport goed heb nagekeken, weet ik niet, omdat we het verder nooit hebben besproken in de les. Meteen op het eerste blad, het omslagblad, vond ik al een fout: de ondertitel ontbreekt. Heerlijk, lekker met rood markeren op iemand anders werk. Ik vind het leuk om andermans werk na te kijken, misschien vooral omdat ik het dan beter weet dan de ander en dat voelt goed. Ook op blad twee, het titelblad, ontdekte ik meteen een fout: de studentennummer, klas en opleiding ontbraken. En ook op het derde blad was het raak, want in de inleiding was er geen opdrachtomschrijving omschreven. Verder heb ik een aantal spelfouten ontdekt, maar daar heb ik doorheen gelezen. Toch vind ik het raar dat derdejaarsstudenten nog zulke belangrijke fouten maken. Ik ben benieuwd welke fouten er worden ontdekt in het rapport dat ik heb geschreven voor Banis Verhuizingen, pas dan mag ik er echt een uitspraak over doen.. Maar het is en blijven derdejaarsstudenten. Ik hoop het in mijn derde jaar beter te doen.
LEERDOEL
Mijn leerdoel voor rapporteren was: “een duidelijk, goed geschreven rapport kunnen inleveren, zonder spelfouten en lange zinnen”. Of mijn leerdoel is geslaagd, dat moet ik zien aan mijn cijfer. Maar voor mijn gevoel heb ik dit leerdoel zeker behaald. Ik ben erg trots op het eindresultaat van het rapport van Banis Verhuizingen. Ook heb ik naar mijn idee het rapport van de case goed nagekeken en er belangrijke fouten uitgehaald.