Afstudeerplan - under construction
ONDERZOEK
Mijn onderzoek in de tweede fase van Context was breed en intuïtief. Mijn onderzoeksgebied richtte zich op ‘buitenschoolse-educatie’. Ik heb verschillende visies van presentatie-instellingen en hun educatieve activiteiten onderzocht. Binnen dit onderzoek naar verschillende visies heb ik de overeenkomsten in kaart gebracht. (Zie: Ontrafel jouw CONTEXT.) Parralel hieraan ben ik opzoek gegaan naar educatieve projecten die mij aanspreken en waar ik enthousiast van word.
Gedurende fase twee kwam ik erachter dat ik een voorkeur heb voor kunstinstellingen die educatieve-activiteiten ontwikkelen vanuit een sterke visie die gericht is op de rol van hedendaagse kunst in relatie met de wereld. Hedendaagse thema’s die mij persoonlijk bezighouden zijn (inter)culturele uitwisseling en voedsel. In relatie tot deze thema’s heb ik verschillende bronnen verzameld (zie Tumblr en bronnen als: Global Art en projecten gericht op voedselvraagstukken).
Door de excursie naar Het Nieuwe Instituut ben ik mij gaan interesseren in ontwerpend + onderzoekend leren. (Zie: Onderzoekend en Ontwerpend leren). Ik ben nieuwsgierig naar de methodieken van deze leertheorie in relatie tot het makerschap.
Omdat de opzet van mijn CONTEXT onderzoek vrij breed was en ik nog met veel vragen bleef zitten aan het einde van fase twee heb ik mij in de laatste twee weken van CONTEXT gericht op ontwerpend en onderzoekend leren en ben ik met verschillende docenten in gesprek gegaan. In mijn afstudeerjaar wil ik mijn onderzoek richten op ontwerpend en onderzoekend leren, daarnaast heb ik aan de hand van onderstaande bevindingen mijn afstudeerplan zo veel mogelijk gekaderd.
BEVINDINGEN
Door uit te zoomen op mijn onderzoek voor CONTEXT heb ik gekeken naar de grote lijnen binnen mijn onderzoek. Wat opvalt is dat er grote ‘ontwikkelingen’ te ontdekken zijn. Ik heb mijzelf de vraag gesteld ‘Waar wil ik echt mee aan de slag in mijn laatste jaar aan de ABV en waar houd ik mij buiten school mee bezig?’
Ik kijk op macro, meso, en microniveau naar wat in onderzocht en verzameld heb en ik kijk hoe dit samenvalt met mijn rollen als maker, beschouwer en educator.
MACRO: Globalisering
Het verdwijnen van grenzen wereldwijd en de gevolgen hiervan voor wat wij doen, maken en hoe wij denken over kunst (vanuit ons Westerse - perspectief.
Bron: World Art Studies: Exploring Concepts and Approaches
MESO: Interculturalisering binnen de (kunst),
als gevolg van het verschuiven van grenzen veranderd de verhouding tussen verschillen culturen.
Bronnen: (publicatie)Tussen kunst en antropologie: kunsteducatie in een globaliserende wereld, (documentaire) 2Doc: Wit is ook een kleur, (publicatie): CultuurEducatie 48, interculturele dialoog en diversiteit, Altermoderne kunsteducatie, DIVERS - negen onderzoeken over interculturaliteit en de docentenopleidingen van de Amsterdamse Hogeschool voor de kunsten, (onderzoek): Tracks. Artistieke praktijk in een diverse samenleving.
MICRO: Specifieke kunst (educatieve) projecten, m.b.t. globalisering en interculturalisering.
Bronnen: (video): Pleidooi voor een meer diverse kunst geschiedenis - ARTtube, Excursie: Kunsthal Extra City, Ontrafel jouw CONTEX (zie Tent X Tate), Excursie: Presentatie-instelling: Framer Framed (Amsterdam)
Hoe verhouden bovenstaande bronnen zich tot mijn rollen als maker, beschouwer en educator?
MAKER Als maker ben ik gefascineerd door materiele uitingen van andere culturen. Dit hoeven niet per se kunstuitingen te zijn. Dit kan een materiaal, een traditie of gebruik zijn dat ik als ‘anders’ ervaar. Dit gebruik ik vaak als startpunt in mijn eigen proces.
Bron: eigen werk, beeldlab 2018
BESCHOUWER Ik kijk veel naar hedendaagse kunst en vormgeving. Dit zie ik ook weer als uiting van ‘iemand anders’ zijn cultuur. Beschouwen toont mij alternatieven. Werk waarbij concepten worden verkend, en grenzen vervagen tussen autonoom en toepast spreken mij aan. Het werk PIG 05049, van Christien Meindertsma is hier een goed voorbeeld van. Met haar werkt toont Meindertsma een geheel andere blik op het varken die wij binnen onze cultuur vooral als voedsel kennen.
Bron: PIG 05049, Christien Meindertsma (2008)
EDUCATOR Uitwisselingsprojecten waarbij culturele uitwisseling centraal staat vind ik interessant. (Zo nam ik zelf deel aan de Indonesian Arts and Culture Scholarship 2017 en studeerde ik een periode in Spanje.) Ook binnen educatieve programma’s vind ik het interessant wanneer er grenzen verkend en afgetast worden. Projecten waarbij experimenteel het eigen en het andere bevraagd worden doormiddel van maken inspireren mij. Een grote inspiratiebron is The Kitchen van Olafur Eliasson en zijn project: Institut fur Raumexperimente. (Zie: Description of my Utopia) Met dit project onderzocht hij de grenzen van wat ‘kunsteducatie’ anno nu zou kunnen zijn.
About - Institute fur Raumexperimente
The Institut für Raumexperimente was affiliated with the Berlin University of the Arts from 2009 to 2014 as an experimental education and research project, led by its founding director Olafur Eliasson together with co-directors Christina Werner and Eric Ellingsen.
One of the central tenets in the methodology of the Institut für Raumexperimente was to curate learning situations of uncertain certainty.
Bron: The Kitchen, Olafur Eliasson
STAGEWENS
In mijn afstudeerjaar wil ik een buitenschoolse stage lopen. Mijn wens is om mijn stage bij een presentatie-instelling of een museum te lopen. Als het lukt wil ik van september t/m december 2018 (4 maanden), 3-4 dagen in de week stage lopen. Ik leg het accent op kunsteducatie. Binnen de stage en binnen mijn eigen onderzoek zou ik de mogelijkheden van ontwerpend + onderzoeken leren willen onderzoeken in relatie tot mijn maker/educatorschap.
Donderdag 7 juni ben ik op gesprek geweest bij Het Nieuwe Instituut. Ik heb hier de mogelijkheden besproken voor een stage op de educatieafdeling. In het gesprek heb ik mijn leerwensen uitgesproken. De mogelijkheden die zij als stageplek bieden zijn;
1) Vanuit formeel leren: Het ontwikkelen van een programma voor V.O.-bovenbouw, die aansluit bij het Nieuwe CKV.
2) Vanuit informeel leren: Het ontwikkelen van een beleidsplan m.b.t. de kwaliteit van een rondleiding die typisch HNI is + dit doorvoeren.
3) Vanuit informeel leren: Het opzetten van het nieuwe educatieve programma (gericht op maak-activiteiten) op ‘Het Dek’ (voor families + volwassenen) bij de komende tentoonstelling.
Van alle drie de projecten word ik enthousiast. Ik zie veel mogelijkheden bij HNI voor mijn onderzoek naar ontwerpend + onderzoekend leren omdat HNI haar onderwijs vormgeeft volgens de principes van het onderzoekend en ontwerpend leren. Maandag hoor ik of ik hier stage mag lopen.
Wanneer ik de stage niet krijg moet ik opzoek naar een andere buitenschoolse-instelling. Om inzicht te krijgen in andere mogelijkheden voor mijn onderzoek heb ik mijzelf de volgende vraag gesteld?
‘Wat kan ik met onderzoekend + ontwerpend leren in relatie tot de verschillende rollen?’
Makerschap
Dit betekent dat ik de methodiek van ontwerpen/onderzoekend leren in mijn eigen beeldende praktijk kan onderzoeken.
Educatorschap
Dit betekent dat ik een ‘programma/activiteit’ ontwikkel volgens de principes van onderzoekend en ontwerpend leren.
Beschouwer
Ik zie vanuit deze rol minder mogelijkheden omdat het een praktijk-gericht onderzoek is.
AFSTUDEERPROFIEL
Het afstudeerprofiel dat ik kies is V.O. bovenbouw (HAVO, VWO), buitenschools (15-18 jaar). Omdat ik voor buitenschoolse educatie kies kom ik snel uit bij museumeducatie en passend onderwijs.
Daarbij wil ik mij richten op ontwerpend + onderzoekend leren, hiermee ontwikkel je vaardigheden die goed passen bij lerenden binnen dit afstudeerprofiel. (Uit afstudeerprofielen: onderzoeksvaardig zijn en anderen dat kunnen aanleren.) Mijn eigen interesses gaan uit naar het onderwijzen van beeldend op een hoog niveau, met de nadruk op reflectie. (Dit heb ik ontdekt in mijn laatste stage) Vanuit mijn visie, vind ik naast ‘maken’, ‘engagement’ en het ontwikkelen van een kritische houding belangrijk.
Bron: afstudeerprofiel leerlingen bovenbouw HAVO-VWO binnen en buitenschools
BEELDLAB
Binnen beeldlab wil de principes van ontwerpend + onderzoekend leren onderzoeken binnen mijn eigen beeldende proces. Door de verschillende methodieken van ontwerpend + onderzoekend leren toe te passen op mijn proces wil ik onderzoeken wat dat mij procesmatig oplevert.
Daarnaast wil ik mij bezig houden met het thema ‘voedsel en cultuur’. De eerste periode (t/m december 2018) wil ik mij parallel aan mijn stage vooral richting op het ontwerpend + onderzoekend leren. Vanaf januari (2019) wil ik mij richten op mijn beeldende praktijk en kunsttheorie.
VERDELING STUDIELAST
STARTPUNT
In mijn afstudeerjaar wil ik de methodiek van onderzoekend + ontwerpend leren onderzoeken in relatie tot mijn eigen makerschap en een te ontwikkelen educatief programma (product/project).
Manier van werken
Mijn accenten liggen op de stage (kunsteducatie) en het ontwikkelen van een kunsteducatief product-, project- of programma. Het onderzoek dat ik hiervoor moet doen wil ik voeden met mijn eigen beeldende proces (bij beeldlab) waarin ik ook de principes van het onderzoekend of ontwerpend leren toepas.
Als laatste wil ik kijken of ik dit product, project- of programma, theoretisch kan onderbouwen vanuit theorieën die verwant zijn aan globalisering/interculturalisering in de kunst.

















