in de donkere nacht zonder sterren
zing ik een slaapliedje
sussend jaag ik je de nacht in
onder de maan, zonder de sterren
je bent het enige hemellichaam dat ik zie
vind je de verlichting,
in jezelf
tussen de duisternis,
van het kluizenaarsbestaan?
zoek je in de diepste krochten
van je ziel, en alle kreukels
die het heeft verworven
naar een betekenis
van het grote niets?
het alles








