Offline halen. Dat is het enige wat Sammie vandaag met deze blog wil doen. Haar zielenroerselen verbergen voor nieuwsgierige hulpverleners, studenten en mede dissers. Maar ach. Maar ja, zie dáár maar eens achter te komen: Hoe ze haar blogje op Tumblr offline kan zetten, terwijl ze toch haar meer dan 800 berichten (vier jaar lang gepost) behoudt. Dát lukt haar dus niet. Dus mocht u haar ooit tegenkomen op een gang, wachtkamer, of gesprekshokje: Negeer haar maar. Nee, ik bedoel natuurlijk deze blog, niet het mens erachter. Dit blogje telt niet mee, oké? Niet in de beeldvorming, niet in de beoordeling. Nergens niet in. Niet vandaag, niet morgen. Misschien later als ze zelf iets aan u laat lezen. Of in haar nieuwe boek haar voorwoord aan u opdraagt. Maar nu eerst gaat Sammie slapen. Althans een poging doen. Dat gaat niet werken. Dus ja, doen alsof dan maar. Dat werkt altijd. * Sammie leeft met #vette dis. Als antwoord schrijft ze zichzelf naar herstel en lees je hier een fractie uit haar nog niet gepubliceerde boek. #dissociatieve identiteitsstoornis #in therapie #1984
Ik had twee weken achterelkaar allebei de keren een uur lang een gesprek met de aardigste psychiater ooit, Yala en mijn familie.
Zulke gesprekken doe ik niet voor mezelf maar voor mijn dierbaren. Ik haat het, ik haat het, ik haat het diep maar soms moet je boven jezelf uitstijgen. Dus dit is een Ode aan de Goedheid in mij.
"Je bent aan de beurt", zegt Beerie terwijl ze naast me wacht.
Ik hoor mijn naam klinken. De rest van de wachtkamer is leeg maar recht voor ons is zojuist een vrouw gaan zitten die zichzelf getrakteerd heeft op hete thee.
Onbegrijpelijk vinden Beerie en ik het dat die vrouw uitgerekend nu recht voor ons aan dezelfde tafel gaat zitten.
Gelukkig kunnen we nu allebei naar onze afspraak lopen.
"Ik hoef niks te drinken hoor", zeg ik tegen de alleraardigste psychiater ooit die mij riep vanaf de gang. " Vind je het erg dat Yala en ik wel wat te drinken pakken?, vraagt hij terwijl hij al op het warm waterknopje van het supermoderne koffie en thee apparaat heeft gedrukt.
"Daar ga ik niet over he, wat jullie drinken", zeg ik omdat ik zijn vraag een beetje kinderachtig vind.
"Nou ik denk eerlijk gezegd dat ik geen drinken had gepakt als je dat niet wilde. Dat doe ik niet bij iedereen maar ik zou denken dat als Sammie op haar strepen zou gaan staan het echt belangrijk is."
Hij giegelt een beetje verlegen en ik ben alweer om. Wat een aardige vent is het ook. En ik hem maar niet durven aankijken tijdens het gesprek dat volgt.
Nou ja, af en toe dan als ik vurig iets van hem wil weten. Volgens mij zijn zijn ogen blauw maar ze kunnen ook groen zijn.
We zitten in de oude kamer van Dolly. Zij is inmiddels met pensioen. Er gaat een steek door mijn hart als ik de spreekkamer binnen kom. Niks straalt Dolly uit.
Yala vraagt wat ik van de kamer vind. "Het is goed opgeknapt he?". En de alleraardigste psychiater ooit zegt: Vond je de kamer eerst niet een beetje vol?
Op het ritme van de steek in mijn hart spreek ik de woorden: " Het kan beter of helemaal vol of helemaal leeg staan. Nu vallen dingen aan de muur heel erg op."
Een kutkamer is het nu Dolly er niet meer is, maar dat zeg ik maar niet. Haar kamer stond barstensvol. Mariabeelden, doosjes en schalen uit verre landen. Planten. Een grondventilator en een op tafel. Mooie glazen bollen, tekenpapier. Stiften, kleurpotloden. In haar kast had ze een lamineerapparaat, lege notitieboeken een pot pindakaas en soms cheese onionchips.
Dat waren pas tijden.
Maar die zijn voorbij.
Een nieuwe werkelijkheid heeft zich aangediend. 40 minuten zit ik er, mijn langste en meest bekrachtigende gesprek met de meest aardige psychiater ooit met Yala als gesprekspartner.
De details volgen wanneer ik er klaar voor ben maar één ding is zeker: het leven zal nooit meer hetzelfde zijn na vandaag.
Ik maak me zo'n zorgen over morgen en de morgen daarna. Je hebt het tot hier gered, verder zal ook wel lukken, denk je niet?
Ik weet niet of ik de hoogspanning doorsta, het radeloze niet weten of ik uit een basis besta.
Het is vooral het niet voelen van veiligheid in mij. Yala zei: alles ligt open. Ze bedoelde mijn verleden, de trauma's omdat ik zonodig traumatherapie moest.
Maar ik heb geen basis of ze moet dieper gezonken zijn dan Atlantis. Iets waar ik tegenwoordig ook maar marginaal in geloof.
Laat me een verstandelijk gehandicapte zijn met een goed picto plan. Een golden retriever met een veilige hechting, een hoogbegaafde die zijn potentieel waarmaakt.
Geef mij golven wanneer ik schreeuw tegen zee, een slaapzak tegen de kou.
Maar vooral laat me slapen. Vannacht regent mijn naam van al de sterren af.
Ik weet niet meer hoe we er kwamen. We doolden door kamers totdat jij kwam.
Je nodigde iedereen uit in bed, de wildste gedachten spookten door je hoofd.
Niet de seksuele, maar alles wat je eens fout hebt gedaan.
De barbie die zichzelf zonder haren terugvond, bobje die je vergat te verschonen. De grote woorden die je gebruikte, het abstracte wat daarachter zat.
Ooit zal ik je bevrijden van je zonden.
Voor nu zijn wij een sleutel zonder deur. We dragen alle kennis, maar de uitvoering laat op zich wachten.
De stoelen in je slaapkamer zitten vol. Er staan mensen te bonken op de muren. Roepend naar de ziel in mij.
Zo groot als mijn zonden, zo groot mijn ziel maar bukken zonder te kotsen kan ik niet nu ze op straat op apengapen ligt.
De muren hebben geen deuren. Ik kan haar niet pakken. Meenemen. In een doosje doen. Haar bevrijden van haar zonden.
Ik kijk naar de nacht en zet jullie allemaal buiten. Ik heb geen deur nodig om mijn zonden uit te laten. Ik zet ze denkbeeldig bij het grof vuil. Stuk voor stuk, ieder mens dat mij kapot heeft willen maken.
Het word tijd dat jullie verdwijnen. Mijn bed is gemaakt voor 1 persoon.
Daantje heeft een hersenschudding en drie weken vakantie dus ze kwam niet.
Nu zit ik met opgebolde woede in mijn lijf. Het zal vast projectie zijn. Maar ik zit er wel mee.
Twee weken beeldbellen met Yala doet mij ook niet veel goeds. Dan moet ik steeds naar mijn hoofd kijken op het scherm en schaam me dood. Voor mijn eigen kop.
Dus dat liep op niks uit. Ik wil Daantje dinsdag niet in mijn huis met haar figuurlijke kruiskopprojectielontplofgeweer.
Wat te doen, wat te doen?
Het is nacht. De uilen huilen. De beren zijn bijenkorven aan het omkeren.
In mij woont een kieviet die zijn eerste ei nog moet leggen, een kanarie met een tennispetje op. Een olifant met een jarretel om zijn poot.
Ik hou van beren die bijenkorven omkeren.
Ik wil niet naar bed want dan moet ik morgen opstaan. Dan komt Daantje en het loopt helemaal niet lekker tussen ons.
Hoe gaat het?
Daar wil zij steeds een antwoord op, ze eist het en ik weiger daar nog langer antwoord op te geven. Omdat het mij triggert en doet denken aan andere tijden en omdat het haar taak niet is dat bij te houden in haar schriftje.
Dat doet Yala al. Yala is mijn psychotherapeut en Daantje is mijn ambulante begeleider van een andere instelling. Andere stichting.
Daantje wilde Yala bellen om kennis te maken. Ze zei letterlijk: "Dan kennen we elkaar alvast voor het geval ik contact moet opnemen als het niet goed met je gaat."
En ze zei: "Als mijn teamleider aan mij vraagt: Hoe gaat het nou echt met Sammie?, dan moet ik daar antwoord op kunnen geven.
Al bespreken jij en ik het maar een kwartiertje per maand."
Uh.. nee dus.
De woede raast door mijn lijf, omdat ik al zo vaak gezegd heb dat ik praktische hulp nodig heb. Nu moet ik Daantje morgen dat nogmaals duidelijk maken en dat een antwoord eisen op de
Hoe is het? vraag contra productief werkt. Sterker nog: het is een dealbreaker en ik heb al andere ambulant begeleiders die via PGB werken op het oog. Maatwerk heet dat.
Moet ik weer terug voor naar de gemeente maar we gaan het zien. Ik laat me niet meer badinerend in een hoek drukken en doe morgen mijn sterrenbeeld eer aan: een stier.
Terwijl ik liever een vuurvliegje ben.
Carla is met de Noorderzon vertrokken. Ik heb aangegeven dat er volgens mij geen klik is.
Het heeft zeven maanden geduurd. Na de zesde maand besloot ik niet meer aardig te doen. Toen vroeg ze of mij iets dwars zat en kwam het hoge woord eruit.
Vraag en ik zal antwoorden. Te eerlijk vaak.
"Volgens mij klikt het gewoon niet. Ik ben dood nerveus in mijn eigen huis als jij er bent. Dat wil ik niet."
Ze reageerde heel profi. Complimenteerde mij zelfs. Dat het goed was dat ik het aangaf.
Nu komt Daantje. Ik mocht haar meteen toen ik haar zag. Ze heeft ook dikke benen en houdt van zwemmen en scouting. Da's een voorbeeld voor mij. Ik zou ook heel graag zwemmen maar ik durf niet met mijn honderd kilo lijf.
Misschien dat ze me kan helpen mijn angst te overwinnen. Misschien kunnen we een keer samen zwemmen bedenk ik me nu.
Haha wishfull thinking. Er moet heel wat gebeuren om het tientonnerige schip dat mijn lichaam heet in beweging te krijgen.
We gaan het wel zien. Ook al voelt het onnatuurlijk om iemand af te wijzen, toch ben ik blij dat ik het gedaan heb.
En ik heb er Daantje voor terug. Benieuwd wat voor avonturen wij gaan beleven.
Directheid heb ik nodig en duidelijkheid. Lichtheid en vooral: praktische hulp.
Ik toets in de zoekfunctie van mijn telefoon 'baby'tje' in. Ik weet wat er zal verschijnen.
Het is geen schattige babyfoto. Er staat in dat ik misbruikt ben als baby'tje, omdat mijn moeder mij dat vorig jaar verteld heeft.
Sindsdien staat mijn emotionele leven op zijn kop. Nog meer dan dat het al deed.
Hoe raap ik mezelf op nu ik dit weet? Hoe typ ik in hemelsnaam nieuwe blogs die mijn interne gevoelsleven weergeven?
Nog even en ik tik de duizend blogs aan. Iets waar ik erg naar uit heb gekeken, maar sinds ik 'het' weet is alles anders.
Iedere letter die ik typ voelt als een nieuwe glassplinter in mijn voet. Of als de haren van een prikcactus in mijn duim die ik er minutieus met een pincet uit moet trekken.
Ik zit vol schuldgevoel omdat ik boos ben op mijn moeder omdat ze het heeft laten gebeuren, mij mijn hele jeugd naar diegene heeft laten gaan die mij misbruikte.
Met nog meer misbruik als gevolg.
Vroeger dacht ik dat ik dit makkelijk op kon lossen, een quick fix door gebruik van alternatieve helingsmethodes, maar inmiddels weet ik wel anders.
Het geloof heeft mij een psychose gebracht. Het liefst wilde ik verdwijnen tussen vleugels van de engelen en helingskracht van rozekwartsen.
Maar die vleugels zijn er niet echt en rosekwartsen zijn fijn, ze geven me nog steeds een fijn gevoel begrijp me niet verkeerd, maar zij kunnen geen misbruik helen of kanker genezen zoals ik vroeger dacht. Daar bestaan operaties en misselijkmakende chemo therapieën voor. Zoals voor vroeg kinderlijk misbruik helen ook therapieën bestaan.
Ik vrees dat ik altijd een hondje met drie pootjes zal blijven. Een beetje gemankeerd maar wel net sterk genoeg om in het leven te kunnen staan.
Het was heel spannend. Carla zat schuin tegenover me op de kubus. Ik had maar een paar uur geslapen. Medicijnafbouw om weer een nieuwe anti depressivum op te kunnen bouwen.
Bijna krulde ik mijn voeten op de grond naar binnen op mijn bloedeigen bank. Het ging me te ver: de stress, het ongemakkelijk zijn, de verstikkende situatie.
Ik zou aan niemand verantwoording af moeten hoeven te leggen om mijn medicijngebruik, anders dan een psychiater, in mijn eigen huis.
Ik voel me klinisch opgenomen bij haar. Ze probeert bij te houden welke medicijnen ik slik en hoe duidelijk ik ongewild ook ben ze zit er steeds precies naast.
"Wat is er met de 29ste, dan is er toch iets met je medicijnafbouw?"
- Nee, dat is de 26ste dan heb ik het oude middel afgebouwd.
"O ja. Je vindt het niet erg als ik het opschrijf he?"
Wat moet ik dan zeggen: ^^/%^;%##÷#$%^^ Ga in je eigen huis opschrijven wat je wilt, maar mijn huis is een trauma vrije zone en iedere keer als ik je zie herbeleef ik mijn trauma's weer. Dat komt een beetje door mij en een groot deel door die vragen jou!
Zucht. Ik heb haar al verteld van de separeercel, de kliniek, de suicides, de dreigende sfeer. Dat ik daar allemaal aan terug moet denken als ik depressief ben en dat ik haar vragen heel erg vervelend vind.
Morgen ga ik de cirkel doorbreken. Ik doorbreek deze dynamiek. Ik weiger nog langer op haar vragen antwoord te geven en duw dr een afwasborstel in dr hand terwijl ik een theedoek pak.
Samen afwassen. Want daarvoor is ze gekomen: om mij praktisch te helpen in mijn huishouden.
Ik zette mijn voeten recht, dronk mijn glas leeg en ging uit de situatie mijn glas weer vullen die ik boven de afwasbak twee keer leegdronk. Morgen wordt alles anders. Morgen ben ik vrij.