De vuurpot
Op een toonbank, in ‘De Zwane’ Zie ‘k een koopren vuurpot staan, Blinkend, lijk een volle mane, Met twee houten ooren aan. ‘t Is een stuk voor oudheidkenners. Weinig klanten nog van ‘t huis; Sportgezinden, velorenners, Smoren pijpen met een truis. In de herberg raast een roker, Tegen wakken smoortabak, Droomt van bakkerskool en poker En haalt sulfers uit zijn zak. En hij scheeloogt, vol verlangen,
View On WordPress
















