Wait for it

seen from United States
seen from China
seen from Russia

seen from Belarus
seen from Germany

seen from Germany

seen from India

seen from Brazil

seen from United States

seen from United States

seen from United States

seen from United States

seen from United States
seen from China

seen from Canada
seen from Malaysia
seen from China
seen from China
seen from China
seen from United States
Wait for it
Nice! Our Hackable Cityplot installation at Iabr-2016-The Next Economy as seen by Niels Schrader from Mind Design (who did a great job when designing the animations) and photographer Roel Backert. Because the installation is continuously growing here's a selection of the images they made to keep you updated.
A talk about Home Economics and the future of housing.
“Can the house ever escape its economic status as an asset? Should our homes still be considered private spaces? How do new types of families and households produce new spatial needs? What are the models of ownership, finance and work that make these conditions possible? Self explores the moral, political and economic ramifications of property and ownership in neoliberal debt economies, and asks what role the architect might play in addressing widening social and spatial inequality in the built environment.”
The NEXT Economy - IABR
Naar twee jaarlijkse gewoonte verblijden we Rotterdam met een bezoek, specifiek voor een bezoek aan de Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam. Deze editie stond dan ook met stip aangeduid in de agenda. DE editie met Maarten Hajer als curator, dat legt de lat misschien net iets hoger. Ik wens het in deze reflectie niet te hebben over gedetailleerde statements, genuanceerde projecten enz. Waar het mij om te doen is, is de subtiele theoretische, paradigmatische ondertoon van de tentoonstelling. Deze ondertoon lijkt me tweeledig waarbij beide elementen dialectisch tot elkaar staan.
COALITIE - Deze ondertoon vinden we terug in het op zoek gaan naar nieuwe coalities. Bij het vormen van deze coalities laat men de bestaande hiërarchie, waarbij de markt domineerden is in een neoliberale context, los. De nieuwe coalities streven naar een horizontale samenwerking met evenwaardig partnerschap waar de verantwoordelijkheden vertrekken vanuit samenwerkingsovereenkomsten die de nieuwe relaties structuren. Horizontale samenwerkingen laten ook meer ruimte voor bredere coalities. Economische partners en bestuurlijke partners blijven vaak aan boord maar worden uitgebreid met burgers, coöperatieven, kenniscentra, onderwijsinstellingen, culturele partners enz.
Dit op zoek gaan naar nieuwe vormen van coalities omdat de oude masterplanning zowel geen burgerlijk als financieel draagvlak meer heeft is absoluut niet nieuw. Het is een herformuleren van een fundamentele vraag omtrent maakbaarheid die sedert de financiële crisis steeds sterker speelt omdat de fundamentele positie en daadkracht en slagkracht van de overheid afkalft, inkrimpt en beperkt wordt door een mondigere burger. In 2012 was het zelfs het centrale vraagstuk van de internationale architectuur Biënnale Rotterdam.
Maakbaarheid wordt door Pieter Saey[1] omschreven als “dat het welbewust aangaan van nieuwe sociale relaties zaken binnen het bereik brengt, die voordien niet eens tot de denkwereld behoorden, maakbaarheid dus als het scheppen van voorwaarden om nieuwe dingen te realiseren.“ Het aangaan van nieuwe coalities genereert dergelijke mogelijkheden om nieuwe vormen van sociale relaties aan te gaan en er het ruimtelijk draagvlak voor vorm te geven. Bijgevolg gaat deze Biënnale op zoek naar de uitwerking van een maakbaarheidsideaal waar de maakbaarheid vormgegeven wordt door een duidelijk proces met verschillende partners waardoor er draagvlak en daadkracht gegenereerd wordt op micro niveau. Meer bepaald project specifiek. Deze zoektocht naar mogelijkheden is net het verschil met de Biënnale van 2012 waar eerder het filosofische project primeerde.
PROBLEEM - Een tweede thematische lijn die te trekken is doorheen de verschillende projecten van de Biënnale is een zoektocht naar het oplossen van een aantal maatschappelijke problematieken zoals de klimaat problematiek met al zijn facetten gaande van energie productie tot circulaire patronen. Naast deze problematieken wordt eveneens ingegaan op gezondheid gekoppeld aan leefbaarheid en sociale inclusie van kansarme groepen.
Het expliciet verbinden van beide elementen is de sterkte van deze Biënnale. Het leidt tot de premisse dat om de voorbenoemde problemen op te lossen nieuwe coalities absoluut noodzakelijk zullen zijn. Bewust of onbewust ligt in deze samenwerking een schaal conflict verscholen. Het vormen van coalities gebeurt voornamelijk op stedelijk of zelfs wijkniveau omdat dit schaalniveau de specificiteit heeft om concrete doelen en plannen te maken zonder daarbij complexe overheidsinmenging te hebben die de horizontale hiërarchie doorbreekt. De maatschappelijke problematieken zijn echter van een globale schaal. We veronderstellen dus dat als we globale problemen willen aanpakken het lokale schaalniveau en de lokale specificiteit essentieel zijn. Duidelijk en aanvaardbaar denk maar aan de 'think global, act local' beweging. Anderzijds duidt het meer dan ooit aan dat het maakbaarheidsideaal waarbij de overheid als initiator optreedt zijn functioneren in vele domeinen heeft verloren.
REALITEIT - Hoe verhoudt zich dit tot de dag dagelijkse praktijk? Welke lessen kunnen we hier als stedenbouwkundige of als planner uit trekken? Verandert onze positie in het machtsdiagram?
1-De ruimtelijk planner wordt steeds meer facilitator in plaats van initiator. De dominantie van proces boven project leidt ons naar een dergelijke rol.
2-Als facilitator waakt hij over de mogelijkheden, over de communicatie van alle mogelijkheden. Met andere woorden hij geeft aan dat alle mogelijke scenario's op een evenwaardige manier onderzocht dienen te worden. Het afwegen van al deze scenario's vormt de basis voor argumentatie van eventuele collectieve beslissingen.
3-Het samenwerken en het faciliteren van dergelijke processen vergroot de expertise die noodzakelijk is om als ruimtelijk planner te fungeren. De sociale skills zullen domineren om de verschillende actoren op een daadkrachtige manier aan te sturen.
4- Specialisatie tussen stedenbouw en planning wordt steeds belangrijker omdat men de pragmatiek nodig heeft om lang lopende planningsprocessen draagkracht te geven. De volgorde waarin planning en stedenbouw zich tot elkaar verhielden verliest hierin echter zijn eenduidigheid.
4-Sociale kennis zal evenwel essentieel zijn om de kiemen van nieuwe coalities op te sporen. Het lezen van het sociale weefsel wordt belangrijk al dus impliceert dat, dat de planner zijn bureau verlaat en contact maakt met het terrein.
5-De kennis van de sociale werkelijkheid en de kennis van de wijze waarop men op een objectieve manier kennis over deze sociale werkelijkheid kan verzamelen zal in belang toenemen. Dit omwille van het belang van de lokaliteit, het belang van de verschillende actoren en omwille van de groeiende sociale polarisatie.
6-De traagheid is inherent aan de dialoog. Het wegvallen van dominante actoren zal dit dus versterken. De essentiële vraag is echter of dit een negatief effect betreft. De ruimtelijk planner die leert omgaan met traagheid, krijgt de ruimte om de creativiteit van de traagheid uit te buiten.
CONCLUSIE – Wil dit alles zeggen dat we als ruimtelijke planner onszelf, en onze manier van werken moeten heruitvinden. Niet echt. Ruimte blijft de materie waar we mee aan de slag gaan. Dat de methodiek zich zal inschrijven in maatschappelijke processen en dynamieken das de evidentie. We zullen onze creativiteit dus zowel voor de manier waarop als voor het ruimtelijk object kunnen inzetten.
[1] Saey, P. (1995). Omtrent de maakbaarheid van de samenleving door ruimtelijke planning: deel 1: er is maakbaarheid en er is maakbaarheid. Planologisch Nieuws, 15, 159-167.
Rotterdam from Erasmusbrug #netherlands #rotterdam #fujifilm #iabr #iabr2016 #010architecture (at Erasmusbrug)