Dag 162 we zijn nog moe Van de cursus die Vriend! gaat volgen, gister hadden we les 1
seen from Venezuela
seen from China

seen from United Kingdom

seen from Malaysia
seen from Netherlands
seen from Bolivia

seen from Türkiye
seen from Yemen
seen from Netherlands

seen from United States

seen from Greece
seen from United States
seen from United States
seen from Italy
seen from United States
seen from United States
seen from T1
seen from Uzbekistan
seen from Brazil
seen from China
Dag 162 we zijn nog moe Van de cursus die Vriend! gaat volgen, gister hadden we les 1
Fonts and diseases History
Les 1 Vragen
Vraag: Is het van belang voor een CMD'er om te weten over wat voor sensoren mensen beschikken, en waarom zoveel?
Antwoord: Ja, zo kan je als CMD'er rekening mee houden met welke sensoren van de gebruiker op dat moment gebruikt worden bij een ontwerp, zodat je hier je ontwerp op aan kan passen. Voorbeeld hiervan is Google maps, waarbij je een routebeschrijving kunt krijgen. Omdat je op dit moment visueel bezig bent met navigeren, krijg je de instructies via audio binnen.
Vraag: Bestaat er een analogie met User Interface Design (human-machine-interaction)?
Antoord: Het voorbeeld hierboven.
Vraag: Waarom is perceptie (dat wat mensen daadwerkelijk kunnen waarnemen) zo moeilijk te meten, hoe zou jij dit doen?
Antwoord: Omdat de aandacht van mensen over het algemeen snel verdwijnt. Ik zou een afbeelding voor korte tijd laten zien en aan iemand vragen hoeveel hij of zij zou kunnen vinden in de afbeelding.
Vraag: Als we vatbaar zijn voor gezichtsbedrog kun je dan wel multimedia maken die niet misleid?
Antwoord: Nee, maar dit heeft ook te maken met de interpretatie van je gebruikers. Sommigen zullen dit gezichtsbedrog niet ontdekken, anderen zullen het niet kunnen laten erop te letten.
Wij hebben bij de eerste opdracht geprobeerd de illusie te creëren dat er een voorwerp op een stuk papier ligt. Wij hebben dit gedaan door een voorwerp zo realistisch mogelijk te tekenen, schaduw toe te voegen, en dan het bovenste deel van de afbeelding uit te knippen. Als je vervolgens vanaf een bepaalde hoek naar het papier kijkt, lijkt het alsof het voorwerp op het papier ligt, niet dat het getekend is.
Ingevuld quiz formulier, de antwoorden zijn gehighlight.
Les 1
Eerste ‘pocket object’
Doorlopende opdracht Elke week maak je een klein pocket object. Het object bestaat uit materialen die je in je broekzak hebt zitten, in je tas, die je die week vindt op straat, tijdens het wachten, wandelen, zoeken: elastiekjes, takjes, papiertjes, boodschappenlijstjes, nagels, haren, kauwgom, takjes, draden, stof etc.
Het object kan gemaakt zijn van elk materiaal/materialen. Kijk goed naar de vormen. Het wordt een kleine ‘intieme’ ruimtelijke vorm. Want uitiendelijk gaat het misschien wel iets vertellen over jou!
Maak een aantal foto’s van het beeld - waar light het, op tafel, op de grond, ergens onder, op straat, tussen andere spullen?
* notitie: ik dacht dat het echt ‘n pocket object moest zijn in de zin van; echt in je broekzak passen. Vandaar dat het pocket object zo klein is. De docent was er positief over maar gaf aan dat het wel groter mocht dan dit en het een pocket object heette omdat het vele malen kleiner is dan de 3D objecten die je in de les gaat maken. (van minimaal 100 cm bij 70 cm)
Opdracht week 1 Bewegende beelden door Niels