scene, week 2
Haar kinderen staan ongeduldig voor de deur te wachten. Ze hebben hun jasjes al aan, als ze hurkt om de veters van haar dochter te strikken. Ze ziet hoe haar dochters’ voet nog nauwelijks in de schoen past. Ze zal een briefje voor haar man achterlaten om hem te zeggen dat hij met haar schoenen moet gaan kopen. Tranen wellen op in haar ogen, die ze snel wegslikt voordat ze opstaat. Ze geeft haar niets vermoedende kinderen een warme kus op hun gloeiende, zachte wangen en opent de deur. Een liefdevolle groet van beiden wordt haar toegewuifd voordat ze de buitenlucht in wandelen. Ze kijkt hen na, slaat haar vest dicht, en voelt hoe de koude wind langs haar lichaam waait. Het valt haar op dat de bomen de kou ook opgemerkt hebben, nu hun blad geel, rood en bruin gekleurd is. Ze sluit de deur achter zich en loopt naar het aanrecht. Vervolgens worden de ontbijtspullen van haar kinderen afgeruimd en in de gootsteen gezet. Dat moet hij vanavond maar met ze afwassen, stelt ze. Opnieuw ontstaat er een brok in haar keel. Ze ruimt hun speelgoed op in de kast en loopt de trap op naar de slaapkamer. Zorgvuldig haalt ze de knielange, zwarte rok uit de kledingkast samen met haar ecru gekleurde blouse van zijde. Ze stapt uit haar nachtjapon en aait met haar hand langs haar been. In de badkamer pakt ze de bus scheerschuim van haar man, bedekt haar benen met het chemische goedje en glijdt een scheermes langs haar linkerbeen. Het ritueel wordt herhaald bij haar rechterbeen en oksels. Het geleende scheermes legt ze terug bij de spiegel. Ze kijkt op en ziet twee rood doorlopen ogen terug kijken. Met haar hand trekt ze haar voorhoofd strak, waardoor de rimpels daar tijdelijk verdwijnen. Twijfelend opent ze haar make-up tas. Toch bedekt ze de blauwe kringen onder haar ogen met een poeder, en strijkt met een borsteltje langs haar wimpers. Met een licht rode stift kleurt ze haar lippen in, zet twee strepen op haar wangen en wrijft de vlekken uit. In de slaapkamer worden haar benen met een lotion gevoed. Vervolgens glijdt ze een panty langs haar benen omhoog, stapt in de zwarte knielange rok, en knoopt haar zijden blouse dicht. Ze bewonderd het resultaat in de spiegel. Een oude grammofoon in de hoek wordt met een langspeelplaat herenigd, het geluid van strijkinstrumenten galmt door de ruimte. Pergolesi, Stabat Mater herinnert ze zich. Het klassieke stuk heeft ze ooit samen met haar man mogen bewonderen in het concertgebouw van Amsterdam. Ze zet de kraag van haar blouse op, en strijkt haar rok glad. Als ze naar de zolder toe loopt, werpt ze een laatste blik in de slaapkamer van haar kinderen, en sluit de deur er naartoe. De trap naar zolder heeft twaalf treden die ze aftelt. Twaalf, elf, bij het grijpen van de leuning ziet ze hoe haar hand trilt. Negen, acht, haar hoofd vult zich met de stem van de opera zangeres. Vier, drie, er lijkt gewicht van haar schouders af te vallen bij iedere stap die ze zet. Twee, één, met opgeheven schouders opent ze de deur naar het balkon en springt.















