Informatiebijeenkomst over borstkanker en erfelijkheid
Oktober staat internationaal bekend als de borstkankermaand; een maand waarbij er wereldwijd extra aandacht is voor borstkanker.
seen from United States
seen from Sweden

seen from United States
seen from Italy
seen from United Kingdom
seen from China
seen from Italy
seen from United States

seen from Türkiye

seen from United States

seen from Malaysia

seen from Moldova
seen from Türkiye

seen from United States

seen from United States
seen from Italy
seen from United States
seen from Japan
seen from China
seen from United States
Informatiebijeenkomst over borstkanker en erfelijkheid
Oktober staat internationaal bekend als de borstkankermaand; een maand waarbij er wereldwijd extra aandacht is voor borstkanker.
'Bezint, eer ge begint', MMC blog, stagiaire Brigitte, deel 8
De kerstvakantie is voorbij.
De opleidingscoördinator drukte ons vooraf op het hart er extra van te genieten want het zou zomaar kunnen dat wij in de kerstvakantie van 2014 moeten werken.
Ik kan je vertellen dat het inderdaad genieten was. Een bezoekje aan de bios, de kroeg, het restaurant en de sauna deden me opnieuw beseffen dat er naast het onderwijs- en arbeidsleven nog een Bourgondisch leven was.
Op de groepsapp was het opvallend stil. Kennelijk waren al mijn studiegenoten toe aan rust in lijf en leden. Af en toe poogde iemand een gesprek op gang te krijgen en ontving als reactie een gelaten "hahaha..".
We konden er niet omheen; de kerstperiode was voor velen een tijd van bezinning geweest. Een tijd waarin rigoureuze besluiten werden heroverwogen, waarin ruzies werden bijgelegd, waarin de ander gevraagd werd het kerstdiner in gezamenlijkheid te nuttigen.
De kerst was eveneens een tijd van overwinning geweest; het jaar dat voor menigeen moeizaam begon, leek ten einde.
We hebben het weer overleefd, en het moment van goede voornemens is aangebroken. Met de verworven inzichten van 2013 gaan we met hernieuwde moed en in goede gezondheid het nieuwe jaar in.
Euhm..goede gezondheid..?
Op de tweede woensdag van het nieuwe jaar loop ik onwennig de afdeling op. In mijn hoofd probeer ik me de dagindeling te herinneren. Hoe ging het ook weer? Het is immers al weer even geleden. Eerst de rapportages lezen, dan overleggen, dan de controles doen, de verzorging.. Het begint me langzaam te dagen.
"Goedemorgen", begroet ik mijn collega's, die zeer waarschijnlijk niet van een Bourgondische vakantie hebben kunnen genieten. Ze groeten beleefd terug en vervolgen hun dagelijks gesprek.
"En nog de beste wensen!", roep ik er opgewekt achter aan.
De magie van een nieuw jaar lijkt te zijn verdwenen.
Ik word met de neus op het feit gedrukt dat er niets magisch schijnt te gebeuren in het ziekenhuis. Patiënten zijn er nog altijd ziek en voor velen is er geen gelukkig nieuwjaar aangebroken.
Het rijkelijke vocht dat het Bourgondische leven schenkt, is streng verboden. Een restaurant zullen zij, gekoppeld aan een infuuspaal, niet bezoeken. Om maar niet te spreken van een bezoek aan sauna of stoombad vanwege het infectiegevaar.
Mijn werkbegeleider komt op me af met de vraag wat mijn leerdoelen voor vandaag zijn. Nadat ik met haar in overleg ben gegaan, pak ik de controlepaal en maak voorzichtig mijn eerste patiënt in 2014 wakker.
'Roosterstress..', MMC blog, stagiaire Brigitte, deel 7
Op school worden wij, studenten Verpleegkunde, ons bewust gemaakt van een heleboel zaken. Van de grote tot de kleine bloedsomloop tot aan onze kennis van en positie binnen de verschillende maatschappelijke domeinen. Eén van die domeinen betreft het vitaleburgerschap. De centrale vraag hierbij is: wat doen we om onszelf in een goede en gezonde conditie te houden?
Mijn studiegroepje dat uit vier dames bestaat, is enthousiast aan de slag gegaan met taken die we elkaar toebedelen. Met lumineuze ideeën, praktische fantasie en een efficiënte creativiteit hebben we de koppen bij elkaar gestoken. We smeden plannen en voeren deze uit, en allemaal binnen schooltijd...
Ik kan niet ontkennen dat we prima ons weg weten te vinden binnen het rooster. Ongewenste witte vlakken worden nauwlettend in de gaten gehouden; bij menig docent wordt dan navraag gedaan naar de mogelijkheid om de les te verschuiven.
Meer dan eens is het voorgekomen dat wij vervroegd en tevreden de school uitliepen. En ik vraag me meer dan eens af of deze schedule efficiency een wezenlijk onderdeel uitmaakt van het vitale burgerschap. Tussenuren doen namelijk afbreuk aan de kwaliteit van onze aandacht bij de les. En die kwaliteit van aandacht is toch wel belangrijk voor het onthouden en toepassen van de lesstof.
Wat doen we nog meer om in good shape te blijven? De media staan er vol van. Vandaag de dag lijkt er veel aandacht te zijn voor een gezonde lifestyle management. Voeding en beweging maken daar al sinds jaar en dag onderdeel van uit maar tegenwoordig is daar ons geestelijk welbevinden aan toegevoegd. Hoe kan het ook anders in deze tijd van stress?
De dames uit mijn studiegroepje besloten de factor 'stress' als thema te nemen en benaderen me met de vraag of ik, als yogadocent-in-opleiding, een les mindfulness gecombineerd met yoga wil verzorgen voor onze groep.
"Ja natuurlijk wil ik dat!", is mijn enthousiaste antwoord. Per slot van rekening zal het lesgeven uit één van mijn toekomstige activiteiten bestaan.
Na weken van voorbereiden, waarin ik oefeningen heb uitgeschreven vanuit mijn eigen lesmateriaal en literatuur heb opgezocht bij de gemeentelijke bibliotheek, rest me nog een geschikte ruimte te vinden.
Locatie Willem de Rijkelaan in Eindhoven is een schitterend complex en heeft een industrieel en transparant uiterlijk aan de voorzijde. Ondanks haar brede uitmeting kampt men er met ruimtegebrek.
Aan mij wordt voorgesteld om gebruik te maken van de gymzaal. De ruimte vind ik groot en kil voor een eerste ervaring met yoga. Ook roostertechnisch komt het slecht uit; de gymzaal is beschikbaar van half vier tot half zes. En daarvóór hebben we maar liefst twee tussenuren...
Ik ben van mening dat wanneer we aan yoga doen, is aandacht voor lijf en leden aan te bevelen. Dus ook hier hebben we ons ingezet voor een roosterwijziging. We besluiten om de yogales in het leslokaal te doen.
Je moet je voorstellen dat het lokaal is ontdaan van bureau en stoel en de yogamatjes in kringvorm zijn neergezet. Wanneer iedereen in kleermakerszit op de grond plaatsneemt, ontstaat er een basale rust. Een inleiding in de wereld van de mindfulness volgt. We doen een korte oefening in het ervaren van het moment en gaan daarna over in de yoga asana's.
Na een half uur verschillende houdingen te hebben aangenomen, spreek ik de ontspanning in. De studenten gaan liggen en ik sluit de lamellen. Een zacht muziekje klinkt door de speakers. Ik zie sommigen zich volledig ontspannen, slechts een enkeling krijgt het niet voor elkaar.
Wanneer de stilte aanbreekt, kijk ik tevreden in de rondte. Ik vraag me af hoe mijn klasgenoten omgaan met stress. Velen van ons zijn niet in de gelegenheid om ten tijde van stress liggend te ontspannen. Maar dat is volgens mij niet perse nodig. Het gaat om de bewustwording van stress en de opslag ervan ergens in je lichaam. Net zoals de irritatie van studenten om een rooster vol witte vlakken..
Pavlov, MMC blog, stagiaire Brigitte, deel 4
Vandaag staat er een nieuwe activiteit op het programma: ik ga een ochtend met de voedingsassistente meelopen.
Het is gebleken dat een nauwe samenwerking tussen voedingsassistente en verpleegkundige ten goede komt aan de zorg en het herstel van de patiënt.
Op de eetmomenten houdt de voedingsassistente zo nodig de vochtbalans van de patiënt bij. Dit noteert ze op een blad dat aan de voet van het bed hangt. Ook zijn er patiënten die, om wat voor reden ook, honger noch dorst hebben. Het is dan de taak van de voedingsassistente om te proberen deze mensen aan te moedigen iets te nuttigen. Verder zijn er patiënten met een strikt dieet of patiënten die, voorafgaand aan een operatie of onderzoek, juist nuchter moeten zijn. In de meeste gevallen reageren patiënten enthousiast bij het horen van de rollende voedingskar, en op de een of andere manier doet het me denken aan het Pavlov-effect.
Via een zijpad kom ik in een korte gang terecht waar artsen en unithoofd kantoor houden. Ik hoor gerommel in de keuken en tref twee keuvelende dames aan. De pruttelende koffieautomaat, het gekletter van kopjes en lepeltjes en het stomende theewater zorgen voor een huiselijke sfeer. Mmmm, denk ik tevreden, dit gaat helemaal goed komen.
Ik steek mijn hand uit en stel me voor aan de twee vrouwen. Onderzoekend kijk ik rond. In de keuken staan karretjes die beladen worden met kannen koffie, thee, pakken sap en melkproducten. De grote kar staat op de gang. Door middel van een dikke snoer in het stopcontact wordt de inhoud koel gehouden.
De kar is log en neemt veel ruimte in beslag. Niet zo verwonderlijk, als je ziet wat er achter de schuifladen tevoorschijn komt. Bruin brood, witbrood, krentenbrood, peperkoek, beschuit, crackers, verschillende soorten vlees- en zoetbeleg, drie soorten botertjes, bouillonsoepjes, fruit... Het voert te ver dit allemaal te benoemen maar je mag er vanuit gaan dat er veel keus is.
Wanneer alles klaar staat, legt de voedingsassistente me de werkzaamheden uit. Ze geeft me vriendelijk korte instructies en meldt dat ik de patiënten altijd moet vragen wat ze willen eten. Dan nodigt ze me uit de grote kar te duwen. Ik zet mijn voeten schrap tegen de gladde vloer. Met mijn armen duw ik het gevaarte in beweging. Nog wat onzeker stuur ik de kar richting de deur. De wielen piepen uit protest, kennelijk heeft hij moeite met zijn nieuwe bestuurder. Manoeuvrerend rijd ik door de klapdeuren en haal opgelucht adem bij het zien van een lange rechte gang.
Waar beginnen we? Links of rechts?
De afdeling hanteert een verdeelsysteem dat per dag verandert; op even dagen worden de voorliggende kamers als eerst bediend, op oneven dagen de achterliggende.
Nu moet ik je vertellen dat ik regelmatig twee kanten opkijk om me te vergewissen van mijn fysieke positie ten opzichte van de kamers. Gelukkig fungeert de balie als mijn navigator.
De voedingsassistente zoeft met de kleine kar vooruit en verdwijnt een kamer in. Ik parkeer mijn kar tegen de wand van de gang en vraag me af in welke kamer ze nu is beland. Hoe zat het ook weer met het verdeelsysteem? Welke dag is het überhaupt? Ik besluit om elke kamer af te gaan.
Wanneer ik de voedingsassistente gevonden heb, loopt ze vrolijk de gang weer op. Ze duwt me een pen en een post-it blokje in handen en vraagt me vriendelijk te noteren wat men wil eten. Waar zal ik beginnen, vraag ik, beduusd van zoveel vertrouwen in een eerstejaarsleerling. Ga jij maar links dan doe ik rechts, is haar antwoord. En weg is ze.
Gesterkt door de ervaring voor hetere vuren te hebben gestaan, steven ik op de aangewezen kamer af. Triomfantelijk bedenk ik me: zie je wel, dit gaat helemaal goed komen!