Over nonnen en nonnetjes
Niet alle vis is bakvis! Vissers beseften zich dat maar al te goed tijdens hun lange tochten over zee. Bij gebrek aan beter werden daarom zelfs de nonnetjes genomen. Nonnetjes hebben echter een sterke sluitspier. Vervelend voor de vissers, maar een leuk intro op dit verhaal. Dus...
Het nut van voortplanten
Als een soort of populatie moeite heeft met de voortplanting, om welke reden dan ook, loopt dat doorgaans slecht af. In de regel snelt zo’n eenheid, recht zo die gaat, op extinctie af. Het zal u met deze kennis van zaken vast niet verbazen dat het niet goed met de nonnen in ons land: die zijn zo goed als uitgestorven!
Met de nonnetjes daarentegen gaat het prima! De kleine tweekleppigen zijn er in overvloed. Een blik in het vloedmerk bewijst dat. Zonder moeite vindt u daar de gele, roze, oranje of witte concentrisch gestreepte schelpjes van deze soort. En dat is niet zo vreemd. Nonnetjes hebben er, in tegenstelling tot hun celibataire zwart-witte gedoste naamgenotes, namelijk helemaal geen moeite mee zich voort te planten. Sterker nog de soort heeft er een algemene aangelegenheid van gemaakt. In het voorjaar ejaculeren en ovuleren de nonnetjes er op los. Massaal spuiten de schelpdieren hun zaad- en eicellen het ruime sop in alwaar miljoenen willekeurige fertilisaties plaatsvinden. De nonnetjes vermenigvuldigen zich dus zonder geslachtsgemeenschap. Als onze nonnen dat nou ook eens zouden kunnen...
Een nonneetje (Limecola balthica) uit onze Noordzee.
Overige factoren
Of een maagdelijk conceptie de nonnen daadwerkelijk soelaas zou bieden, valt te betwijfelen. Helaas is het voortbestaan van een soort of populatie van meer factoren afhankelijk. Zo kunnen wijzigingen in de voedselketen of het biotoop even catastrofaal zijn als seksuele geheelonthouding. Een kleine verandering heeft vaak al grote gevolgen. Aan de hand van de populatiedynamiek van het nonnetje kunnen we dat goed illustreren.
De populatiedichtheid van het nonnetje scheelt nogal van jaar tot jaar. Het ene jaar huizen er bijna 100 nonnetjes op een vierkante meter, het andere jaar is dat ineens stukken minder. Onderzoek wijst er op dat de een kleine schommeling in temperatuur en lichtsterkte verantwoordelijk is voor deze fluctuatie.
In het kort zit dat zo:
Wanneer de temperatuur van het zeewater ongeveer 9 graden is, dan beginnen de schelpdieren met paaien. In het gunstige geval valt dat samen met het moment dat de algen beginnen te bloeien. Maar dat is zeker niet altijd het geval. In warme winters bereikt de zee al vroeg de 9 graden, maar is er nog onvoldoende licht om het fytoplankton flik te laten groeien. De ontwikkeling van de algen hangt namelijk niet van de watertemperatuur af, maar van de hoeveelheid licht die het water binnen kan dringen. In jaren wanneer laatstgenoemde het geval is heeft het gebroed van het nonnetje te weinig voeding om in grote getale te overleven. Na zo’n jaar daalt het aantal nonnetjes.
Gelukkig voor de nonnetjes wisselen de goede en de slechte jaren regelmatig af. Je kunt je voorstellen wat er zou gebeuren als dat niet zo is: wat er gebeurt wanneer de wintertemperatuur jaarlijks te vroeg te hoog is.
Voor onze nonnen zijn de omstandigheden door de ontkerkelijking van de samenleving al jaren verre van ideaal.
Verspreidingsgebied
Wie niet wil uitsterven moet er dus voor zorgen dat er voldoende nageslacht is en dat de leefomstandigheden toereikend zijn. Omdat dat laatste nooit een vaststaand feit is, omstandigheden veranderen, is het verstandig het risico te spreiden. Het verspreidingsgebied vergroten werkt wat dat betreft prima. Mocht het lokaal ergens misgaan, dan is er elders nog hoop.
Een nonnetje uit de Finse Golf (Tallinn).
Het nonnetje heeft dat goed begrepen. Vanuit het oorspronkelijk leefgebied, de Grote Oceaan, verspreidde het schelpdier zich vanaf het Vroeg Plioceen via de Beringstraat tot ver in de Atlantische Oceaan incluis de Oost- Baltische en Noordzee. Dus mocht onze zee ‘s winters structureel te vroeg opwarmen, dan is dat voor de plaatselijke populatie jammer, maar voor de nonnetjes in het algemeen geen probleem.
Misschien kunnen onze nonnen zich troosten met de gedachte dat ook zij in het verleden hun verspreidingsgebied enorm hebben vergroot. Wie weet...
Een fossiel nonnetje gevonden op de Zandmotor.
Bronnen
Het raadsel van het nonnetje in de Waddenzee
Reizend nonnetje beter af
Strandvondsten.nl














