Vanuit de ogen van een kind
Reinjan Mulder kijkt op twee mei 2014 op zijn blog reinjanmulder.nl1 terug op de recensie die hij schreef over ‘kinderjaren’ van Jona Oberski en op negentien januari 1978 in de NRC verscheen. ‘Kinderjaren’ is een boek over de tweede wereldoorlog geschreven vanuit de ogen van een klein joods jongetje. Mulder schrijft dat hij erg onder de indruk was van het boekje en noemt het vakkundig en subtiel geschreven. Hierover ben ik het zeker met hem eens.
Ten eerste is ‘kinderjaren’ echt uit de ogen van een kind geschreven. “Het bijzondere aan het boek is dat de vaak verschrikkelijke gebeurtenissen voornamelijk in hun uiterlijke verschijningsvorm voorkomen. Er wordt nauwelijks iets geïnterpreteerd. De novelle wordt zo een verslag van alleen maar directe waarnemingen. In simpele taal, in korte elementaire zinnen vertelt het jongetje wat hij ziet en hoort.” En “Deze koele, simpele benadering is niet, zoals je zou kunnen denken, een gevolg van het gebruikte perspectief: de wereld van een kind. Kinderen hebben juist de neiging om de feiten veel ingewikkelder te maken dan ze zijn. Ze fantaseren er van alles bij en ze hebben een overvloed aan verklaringen. Nee, in Kinderjaren zien we een wereldbeeld van iemand die zoveel vreselijke dingen heeft meegemaakt, dat hij daar alleen maar over kan praten als hij allerlei verfraaiingen en zwaarwichtige gevoelsuitingen achterwege mag laten.” schrijft Mulder. Dit is zeker waar.
Bijvoorbeeld toen het jongetje (wiens naam onbekend is) werd gepest terwijl hij in de zandbak speelde. “Ik schepte mijn emmertje vol om een grote taart te maken. Met mijn hand maakte ik een plekje mooi glad. De voeten kwamen bijna op mijn handen. Ik trok ze vlug terug en keek omhoog naar de jongen. Hij trapte alle taartjes stuk. Hij keek naar zijn voetstappen. Hij riep ‘haha’ en ‘zo’ en ‘lekker’. Ik keek naar ons raam. Mijn moeder was niet te zien. De winkeldeur was dicht. Mijn capuchon werd van mijn hoofd gerukt. ‘Haha, wat een jodenjas.’ Er kwam allemaal zand op mijn hoofd. Ik ging huilen.” Er wordt niet geschreven wat het jongetje denkt en voelt, alleen wat er gebeurt. Daardoor het je nog meer het gevoel dat je de gebeurtenis echt beleefd zoals een kind die door zoveel vreselijks heen is gegaan dat zou doen.
Ten tweede is het boek waarschijnlijk autobiografisch. Dat de schrijver ook echt heeft meegemaakt wat er in het boek gebeurt maakt alles heel realistisch en geloofwaardig. Zo schrijft Mulder: “Kinderjaren is opgedragen aan ‘mijn pleegouders die heel wat met me hadden uit te staan’. Deze opdracht, afgedrukt na het slothoofdstuk waarin wordt beschreven hoe het inmiddels zeven jaar oude jongetje bij een pleeggezin belandt, wekt de indruk dat het boek sterk autobiografisch is.” Dat denk ik ook. Jona Oberski is namelijk geboren in 1938 en was dus twee tot zeven jaar oud tijdens de tweede wereldoorlog, net als het jongetje in het boek. Zelf zegt Oberski, toen hem werd gevraagd of zijn debuut autobiografisch is, in zijn interview met het NRC dat werd gepubliceerd op zeventien maart 1995: “Hoe zou ik weten wat waar was? Elke herinnering is vervormd en vertekend en dat is maar goed ook. Het boek bevat fantasie en is toch waar.” Hij geeft dus inderdaad toe dat het herinneringen zijn, maar een beetje aangepast.
Ten slotte noemt Mulder het boek “Nergens eentonig”. Ook hier ben ik het mee eens. Het boek is namelijk opgedeeld in allemaal kleine hoofdstukjes van twee tot vijf bladzijdes. Elk hoofdstukje beschrijft een aparte gebeurtenis. De gebeurtenissen staan wel gewoon op volgorde, waardoor het verhaal goed te volgen is, maar elk hoofdstukje is toch anders. De ene keer is het jongetje blij, bijvoorbeeld omdat het zijn verjaardag is. De andere keer is het jongetje juist bang, of verdrietig, bijvoorbeeld omdat hij zijn vader niet meer mag zien in het concentratiekamp. Hierdoor is het verhaal gevarieerd.
Dus ik ben het zeker eens met Reinjan Mulder als hij ‘kinderjaren’ “een vakkundig en subtiel geschreven boek” noemt. Het boek is namelijk geschreven uit de ogen van een kind, realistisch doordat het grotendeels autobiografisch is en zeker niet eentonig.
1http://www.reinjanmulder.nl/2014/05/reinjan-mulder-over-het-debuut-van-jona-oberski-kinderjaren/










