ontwikkelen in jenny holzer, guus ziet mij plotseling, startsein: wat is kwetsbaar? hoe stel ik me echt kwetsbaar op, zonder dat het nep wordt?
Ik was heel, heel bang voor het ontwikkelassessment. Guus als onvoorspelbare factor, en Hans die ik de volgende dag weer gewoon onder ogen moest komen. Wat als hij plotseling zou zien dat ik helemaal niet ‘zo’ was? Waren mijn interpersoonlijke vaardigheden het allerbelangrijkst? Ik had al allemaal horrorverhalen gehoord dat er gehuild werd, dus ik ging met een flinke dosis zenuwen die kant op. Met terugwerkende kracht kan ik natuurlijk gemakkelijk stellen dat het heus niet zo erg is geweest. En ik herinnerde mezelf aan het feit dat de hele middag niet om mij ging, en dat anderen het vast net zo spannend zouden vinden.
Ik vond het heel eng en lastig om iets te zeggen over mezelf tegen aan anderen die ik nauwelijks of niet ken. De twee groepen leven natuurlijk heel gescheiden van elkaar, hoe zouden die in godsnaam iets over mij kunnen zeggen? En Guus heeft mij nauwelijks gezien, hoe zou dat gaan?
Het liep eventjes wat anders, want het geluid deed het niet dus er was weinig te verstaan van het filmpje dat ik gemaakt had. Dat was jammer, maar er volgde een gesprek van bijna veertig minuten over mij en Guus merkte al heel snel op dat ik me helemaal niet liet zien. “We zijn er nog niet, we zijn nog niet bij Anna.” Ik had een filmpje gemaakt dus natuurlijk bepaal ik wat je ziet. Natuurlijk ga ik knippen en plakken. Natuurlijk zie je mij niet.
Guus stelde hele rake vragen, probeerde echt door mij heen te prikken. Ik vertelde dat ik presenteren, of voor onze klas staan plotseling heel eng vond: ik haalde de presentatie van onderwijskunde aan. Dat was in de collegezaal, en ineens greep het hoogteverschil mij heel erg aan. Guus reageerde in eerste instantie sceptisch en ik bleef hem ontwijken, maar ik haalde even adem en toen biechtte ik op dat ik last had van de ruimtelijkheid van mijn lichaam, in vergelijking met de rest. Ik ben een kop groter dan anderen uit onze klas, veel groter en mijn kleren vallen nooit goed, te strak en te los waar ik het niet mooi vind. Dat terzijde, ik heb een hekel aan de ruimte die ik inneem. De anderen reageren heel lief, probeerden mij te laten zien waarom wat ik zei niet per se waar hoefde te zijn.
We hebben het gehad over Jenny Holzer en de manier waarop zij het publiek confronteert met haar teksten, en dat wil ik ook. Hans leek daar ook heel enthousiast over te zijn - voor de rest heeft hij ook niets opgeschreven en Guus evenmin.
Ik merk wel dat ik zo stil ben. En ik wil niet alles op borderline afschuiven, maar ik ben nog niet zo gegroeid. Ik kan Lotte niet aanraden om meer te ontspannen, want dat komt niet in mij op. Ik ben nog niet heel erg ontwikkeld, cognitief denk ik, en ik wil niet zeggen dat ik voldoe aan alle kenmerken van de fixed mindset, maar ik handel voornamelijk uit angst. Een vriendin vertelde dat haar moeder ook borderline heeft, en haar dochter niet kon opvoeden. Zo voel ik me ook. Hoe kan ik iemand anders geruststellen als ik mezelf nog niet geholpen heb? Hoe help ik mezelf? Vragen om met mijn psycholoog te bespreken, denk ik.
Ik mag liever voor mezelf zijn. Ik mag meer tijd nemen, ik mag hulp vragen, ik mag er zijn. Ik word gewaardeerd, en het is waardevol om onzeker te zijn en dat te bespreken met anderen. Dat niet alleen neem ik mee, ik kijk ook op een hele andere manier naar mijn klasgenoten. Ik was echt verbaasd door de manier waarop we elkaar herkenden en aanvulden. Daarnaast heeft het tot ontzettend leuk contact geleid met mijn klasgenoten: we zijn nog even gaan reflecteren bij de Kale Jonker en gaan zelfs naar een concert in november.











