Zie, Ik maak iets nieuws
seen from China

seen from United Kingdom
seen from United States
seen from Netherlands

seen from Malaysia

seen from Russia
seen from United Kingdom
seen from United States
seen from United Kingdom

seen from United Kingdom
seen from China
seen from Egypt
seen from United States
seen from France

seen from Australia
seen from United States
seen from United States
seen from France

seen from United States
seen from Austria
Zie, Ik maak iets nieuws
Kom achter Mij
Homilie voor de 10e zondag door het jaar A
zaterdag 6/zondag 7 juni 2026 – Rauw/Rosselaar/Hulsen lezingen: Hosea 6,1a.3-6 Romeinen 4,18-25 Mattheüs 9,9-13 Volg Mij. Broeders en zusters, de roeping van Mattheüs gebeurt ogenschijnlijk heel eenvoudig: Jezus wandelt voorbij en zegt: Volg Mij. En meteen staat de man op (jawel, Mattheüs gebruikt hier het zelfde werkwoord als voor de verrijzenis!), en volgt Hem. Twee…
De Heer roept
“Toen riep de Heer”. Dat is het thema van deze overdenking.
We vragen ons allemaal wel eens af of de Heer ons roept en zo ja, waartoe dan? En hoe horen wij dat Hij ons roept? Horen we een stem uit de hemel of is er een stem in ons hart die zegt dat we dit of dat moeten doen of zeggen? Of roept God ons via andere mensen, of misschien als we de Bijbel lezen? Dat zijn allemaal vragen die we ons zelf wel eens stellen.
We lezen in de Bijbel meerdere malen dat God mensen roept. Denkt u maar aan Abraham, Jakob, Mozes, Jesaja en de andere profeten. Ze werden soms geroepen om een moeilijke en onzekere weg te gaan. Ze moesten uit hun comfort zone komen en vertrekken uit hun situatie. Denkt u maar aan Abraham en Jakob. Of denkt u maar aan Mozes. Hij moest tot de farao spreken, de wereldheerser in die tijd. Hij zei: “Ik kan het niet”, maar God zei: “Je kunt het wel. Ik zal met je zijn”. Denkt u maar aan Jesaja. Hij moest profeet worden en Gods woord spreken. Ook hij zei: “Ik kan het niet. Stuurt U maar een ander”. Maar God zei ook tegen hem: “Je kunt het wel. Ik zal je begeleiden”.
God roept niet altijd mensen die er van zichzelf van overtuigd zijn dat ze geroepen zijn. Soms zijn ze jong en ze zijn onzeker over zichzelf. “Kan ik het wel?”, vragen ze zich af.
In 1 Samuël 3 lezen we hoe de jonge Samuël door de Heer wordt geroepen. Dat gebeurt op een bijzondere manier. Samuël ligt te slapen in het heiligdom in Silo. De nacht is al ver gevorderd. De godslamp gaat bijna uit. Dat is de lamp die de aanwezigheid van God symboliseert en die telkens ontstoken moet worden. Denkt u maar aan de Paaskaars in de kerk. Die brandt om ons te bepalen bij het feit dat Jezus Christus werkelijk is opgestaan uit de dood en dat Hij met ons wil zijn.
Als Samuël slaapt, gebeurt er iets. De schrijver van het eerste Samuëlboek zegt er niet bij hoe dit allemaal precies in zijn werk is gegaan. Hij laat het mysterie het mysterie. Hij schrijft alleen in onze tekst van vanmorgen: “Toen riep de heer Samuël”. Hoe riep God Samuël? Hoorde Samuël een stem uit de hemel? Of hoorde hij een innerlijke stem? Maar Samuël denkt dat het Eli is die hem roept. Eli is oud en bijna blind en heeft misschien wel hulp nodig. Hij gaat naar Eli toe, maar die zegt dat hij hem niet geroepen heeft. Dit gebeurt tot drie keer toe. Drie keer roept God Samuël. Drie is een heilig getal, ook het getal van de volheid. God roept. Er kan geen misverstand bestaan. Maar Samuël begrijpt het nog niet. Hij is nog jong en had nog niet zoveel Godservaring. Hij kende God misschien wel uit de heilige schriften, maar het was nog niet voorgekomen dat God Zich rechtsreeks tot hem richtte.
Hij had er misschien ook niet aan gedacht dat dat ooit zou kunnen gebeuren. Hij heeft hier een bijzondere Godservaring zonder dat hij dit op dit moment direct beseft. Maar de oude Eli begrijpt wel wat hier aan de hand is. Hij beseft dat God Zelf hier spreekt. En hij geeft aan de jonge Samuël dan het advies: “Als je nog een keer een stem hoort, zeg dan: “Spreek heer, uw dienaar luistert”. Hij moet zijn eigen naam waarmaken. De naam Samuël betekent: “God heeft gehoord”. Ooit had God het gebed van zijn ouders verhoord en hun een kind geschonken. Nu moet Samuël zelf ook de stem van God verstaan.
Ja, het is voor ons soms moeilijk om Gods stem te verstaan. We horen zoveel stemmen, zoveel meningen. God stem raakt soms op de achtergrond en wordt onverstaanbaar. Hoe kunnen we Gods stem verstaan? We mogen bidden om zijn Geest of Hij ons leidt en doet beseffen dat God tot ons spreekt of ons zelfs roept tot een bepaalde taak. We mogen er ook met anderen over spreken wat Gods stem is in deze tijd. Als gemeente kunnen we elkaar daarin bijstaan. In feite was Samuël daar ook over in gesprek met de oude Eli.
Samuël doet wat Eli hem heeft gezegd. En dat gebeurt er wat. Dan klinkt Gods stem. Dan hoort Samuël zijn boodschap. Maar het was een moeilijke boodschap – een boodschap die Samuël misschien nog niet eerder had gehoord. God zou het vonnis over Eli’s familie voltrekken. Waarom? Vanwege het wangedrag van Eli’s zonen. Eli was ook schuldig. Hij had weggekeken en niet ingegrepen. Hij wist dat zijn zonen God minachtten en heeft hen niet terechtgewezen. Daarom kan hun schuld met geen enkel offer worden ingelost.
Vooral dat laatste is een moeilijke boodschap. Vergeeft God ons dan niet als we berouw hebben? Hij is toch genadig en barmhartig? Juist dit vieren we aan het avondmaal. Christus heeft het offer van zijn leven gebracht en wij worden daardoor verzoend met God. Maar hoe kan God dit nu over Eli en zijn familie zeggen?
Wij denken soms dat God niets hoort en niets ziet en alles over zijn kant laat gaan, maar zo is het niet. We lezen in de Bijbel ook over zijn oordeel, hoe moeilijk we dat ook vinden. Als wij Gods gebod in de wind slaan en willens en wetens niet luisteren naar zijn stem en als we daar ook geen berouw over hebben, dan plaatsen we onszelf buiten Gods genade.
Het is een moeilijke boodschap die God aan de jonge Samuël geeft. Nee, door God geroepen te zijn is lang niet altijd gemakkelijk. Dat heb ik talloze malen moeten ervaren. Je moet soms een moeilijke boodschap brengen, je moet soms proberen de ogen van mensen te openen voor de heilloze weg die ze aan het begaan zijn. En dan kan het gebeuren dat mensen boos worden en zeggen: “Waar bemoei je je mee. Ik bepaal zelf wel wat ik doe en zeg”. Natuurlijk, we hebben allemaal onze eigen verantwoordelijkheid en niemand kan die van ons afnemen. Maar Gods Woord wil ons de richting wijzen die God wil dat we gaan.
Dat was de taak van de profeten. Geen gemakkelijke taak. Veel profeten werden daar om gehoond, in de gevangenis gegooid of zelfs gedood.
Maar waarom roept God ons, mensen? Hij roept ons om Hem te dienen. Hij roept ons om de naaste te dienen. Er is veel aan de hand in deze wereld. Het onrecht is met de handen te tasten. We denken soms: het gaat van kwaad tot erger. We zijn soms blind en doof. Maar we mogen bidden: “Spreek Heer, uw dienaar luistert”.
Het gaat er ook niet om hoe precies God ons roept. Dat kan zijn door middel van een stem in je hart, dat kan zijn door een Bijbelvers, dat kan zijn door een gesprek met iemand, dat kan zijn door brood en wijn aan het avondmaal. De vraag is meer: luisteren wij naar Gods stem? Verstaan wij die? Bidden wij om zijn Geest dat Hij ons dit duidelijk maakt?
En als wij gehoor geven aan Gods roeping, mogen we ook weten: God zal mij bijstaan in een moeilijke opdracht, Hij zal mij bijstaan om de juiste woorden te spreken in een moeilijke situatie. Zo heb ik het vaak ervaren.
Ja, we mogen antwoorden op Gods roepstem. We mogen Hem zeggen: “Spreek Heer, uw dienaar luistert”.
Mandaat
Homilie voor de 4e zondag van Pasen C - Roepingenzondag
zaterdag 10/zondag 11 mei 2025 – Balen/Hulsen lezingen:Handelingen 13,14.43-52 Openbaring 7,9-14b-17 Johannes 10,27-30 Broeders en zusters, op de vierde zondag van Pasen wordt sinds 1963 in het bijzonder gebeden voor roepingen tot het gewijde dienstwerk als bisschop, priester en diaken. Mettertijd is men op deze zondag ook meer aandacht beginnen geven aan de roeping tot het…
Homilie voor de 5e zondag door het jaar C
zondag 9 januari 2025 – Balen/Hulsen lezingen: Jesaja 6,1-2a.3-8 1 Korintiërs 15,1-11 Lucas 5,1-11 Beminde broeders en zusters, we zijn in de doorlopende lezing van de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinthe aanbeland in het vijftiende hoofdstuk. Dat zullen we verder beluisteren tot aan de veertigdagentijd. Dit hoofdstuk heeft vooral aandacht…
Homilie voor de 17e zondag door het jaar B
zaterdag 27/zondag 28 juli 2024 – Olmen/Hulsen lezingen: 2 Koningen 4,42-44 Efeziërs 4,1-6 Johannes 6,1-15 Broeders en zusters, wie mij al wat beter kent, weet dat één van mijn hobby’s koken is. Toch laat ik de uitgelezen kans liggen om deze zondag uitgebreid over eten te spreken. De verhalen van de broodvermenigvuldigingen bij Jezus en de profeet Elisa zouden daar een uitstekende…