NVDS — Geen goed excuus?
Onze basiswaarden worden zwaar op de proef gesteld. Ze staan onder druk, onder hoogspanning zelfs. En dat is goed! Want zelfs de allerdiepste fundamenten mogen niet aan falsificatie ontsnappen — zeker niet als falsifieerbaarheid zo’n essentieel pronkstuk is van het kritisch vermogen waarvan we onszelf zo graag verdenken.
(Ik verdenk, dus ik ben?)
Want wat is het toch fijn om uitgedaagd te worden! Heerlijk om zich tegengewerkt te weten! Ja, laat de grondvesten maar daveren!
Tegenspraak is fantastisch.
*
Het is al gezegd: we moeten de beschaving (blijven) bijschaven. Onverwachte vragen beantwoorden, onhoudbare antwoorden bevragen; inzichten herbekijken. De actualiteit helpt ons verder.
Dezer dagen stonden de scheiding der machten, en de vrijheid van meningsuiting vooraan (bovenaan; op de barricade): een Duitse meneer wilde een Turks punt maken, en slaagde glansrijk. Gedaver van grondwaarden.
Het leidde een conservatief (!) topman bijvoorbeeld tot een interessante oproep: “Als de leiders de waarden niet meer verdedigen, moet het volk het maar zelf doen.” Voor wie zich gesteund weet door een meerderheid, is het natuurlijk makkelijk zich achter het volk te scharen.
Hierdoor begrijpelijk gesterkt, probeerde hij ook eigenhandig de discussie te openen, én te sluiten: “We gaan toch nooit discussiëren over het recht om op basis van satire en vrijheid van meningsuiting zaken aan de orde te stellen?”
Hij slaagde niet in zijn opzet.
Misschien evolueert de Belgisch-Europees-Westerse balans meer en meer in een leiderloze richting. Iedereen doet maar zijn ding. We lossen het allemaal zelf maar op. Is dat dan democratisch? Dat is niet duidelijk.
Luister even naar deze insteek, over cultuursubsidies: “Paternalisme is immers (!) niet aanvaard, omdat we in een liberale democratie veronderstellen dat iedereen zelf mag kiezen wat het goede leven voor hem of haar inhoudt. De overheid heeft zich daar niet mee te moeien.”
Met andere woorden: vrijheid, blijheid. Precies waar BDW zich tegen uitsprak in een essay over hypocrisie.
Hij had het ook ‘de deugd van ironie’ kunnen noemen.
*
Is ironie eigenlijk ‘typisch’ westers? ‘Fundamenteel’ Europees? Surreëel ‘Belgisch’? Ik vind dat interessante vragen.
Vragen die om een antwoord, euh, vragen. Waar vinden we die? Of moeten we ze uit-vinden? Het begint, laten we daarvan uitgaan, met een zoektocht. En die zoektocht begint, zoals altijd, bij het woord.
Er is, en nu heb ik het inderdaad even over mezelf, best wat intellectuele geschiedenis aan mij voorbij gegaan (toen de lat nog hoger lag, zullen we maar zeggen). Ik heb best een schone hoop tweedehands boeken klaarstaan om nog eens te lezen (is filosofie niet altijd tweedehands?), en ik geloof (ja ja wis en waarachtig) dat die lectuur mij zelfs iets zal opleveren. De kennis en het inzicht die mij staan op te wachten, moeten wel goed van pas komen — moeten winstgevend zijn, al is het maar in immateriële zin.
(Alle boeken spreken je tegen. En als ze dat niét doen, spreken ze zichzelf tegen. Probeer maar. Herken uzelf.)
Ze helpen je bijvoorbeeld om te zeggen wat je wil: in de formulering toont zich de meester. En dat is waar het schoentje wringt. Waar vinden we nog meesterschap?
Een leidende beleidsmaker formuleert de taak van het onderwijs zo: “De opdracht is om onze leerlingen in te leiden in onze waarden.” In die zin zijn we allemaal leerlingen, en zullen we altijd leerlingen moeten blijven, wat toch een béétje een contradictie is, maar het is een mooi streven. De vraag die ik blijf stellen, is: wat zijn onze waarden? Staan die vast, buiten of boven de partijgrenzen? Zijn ze apolitiek? Meta-democratisch?
Post-Europees?
Neem nu dit interessante cliché: “Wij hebben onze religie laten schieten, maar laten het vaak na om de leegte op te vullen.” Een dooddoener, voorzeker.
Ik zeg maar iets: wij, alweer. ‘Wij’ impliceert ‘ik’, maar ‘ik’ heb (bijvoorbeeld) geen religie "laten schieten" — ze is er nooit geweest. Dat wil dan toch zeggen dat die ‘leegte’ er zelfs niet is?
Bovendien, ik stel de vraag maar: moet elke leegte worden opgevuld?
Er was in het katholiek onderwijs blijkbaar ook een leegte. Zij willen meer aandacht en ruimte (bref: een “volwaardige plek”) voor moslimmetjes op hun scholen. En... reactie? Eén van de “fundamenten... van de Vlaamse samenleving” wordt hier onderuit geslagen, quoth the BDW.
Welk fundament dat dan mag wezen, is niet duidelijk. In elk geval niét die van vrijheid van godsdienst, zoals Vlaams Vlaams Belang-fractieleider Chris Janssens beweert: “in geen enkel moslimland [is] de vrijheid van godsdienst of meningsuiting... gewaarborgd” — en dus moet je de verspreiding van islam (nochtans ook een godsdienst, denk ik) tegengaan. Met name in het katholiek onderwijs!
Scheiding van kerk en staat, scheiding der machten, scheiding van goederen. Wie wil er nog aan uit kunnen? En waaraan moeten we éérst ontsnappen, om samen vrij te zijn?
Ik vroeg het mij in januari 2015 ook al af: heeft beschaving een meervoud?













