oostvoorne

seen from Türkiye
seen from United States
seen from United States

seen from United States

seen from United States
seen from Japan

seen from United States
seen from United States
seen from United States
seen from China

seen from United Kingdom

seen from United States

seen from United States

seen from United Kingdom
seen from China
seen from China
seen from United States

seen from Australia

seen from United Kingdom
seen from Mexico
oostvoorne
Di1 - slikken
Orale fase
Spieren
M. mylohoideus Spier waarvan de linker en rechterhelft een hangmat vormen onder de onderkaak. Verbonden tussen mandibulair (onderkaak) en hyoid bot (tongbeen) en de linker en rechterhelft die elkaar ontmoeten op een vezelige middenlijn. Functioneert als ondersteuning van de tong en tilt de tong omhoog naar het palatum durum.
innervatie: n. mylohoideus
M. styloglossus Spier dat op drie verschillende punten de tong (glossus) verbinden met het stylohoïd bot en deze spier heeft dus een rostraal hoofd, lang hoofd, en een kort hoofd. Functioneert om de tong terug te trekken (voor het slikken) en weer te laten zakken (totdat er geen risico meer is dat het eten tijdens de faryngeale fase weer terug in de mondholte gaat)
Innervatie: n. hypoglossus
M. hyoglossus Spier dat dat aan de basis van de tong (glossus) zit en aan het thyrohyoïde bot. Functioneert om de tong terug te trekken (voor het slikken) en weer te laten zakken (totdat er geen risico meer is dat het eten tijdens de faryngeale fase weer terug in de mondholte gaat)
Innervatie: n. hypoglossus
Orale fase
Eerst moet het eten eerste gekauwd en gelubriceerd worden met saliva, slikken is dan ook vrijwillig
1. punt van de tong wordt tegen het gehemelte aangeduwd 2. de voedselbolus wordt dorsaal en steeds verder caudaal geduwd doordat meer van de tong tegen het gehemelte wordt aangeduwd 3. de bolus wordt in de farynx geduwd
faryngeale fase
Spieren
Voorste keelsnoerders (m. pterygopharyngeus en m. palatopharyngeus) Lopen van processus pterygoïd/palatum molle naar de middorsale lijn van de farynx Functioneren om de farynx te verkorten en de larynx en oesophagus naar voren te trekken richting de basis van de tong, daarnaast zorgen ze ook voor constrictie van het rostrale gedeelte van de farynx (zodat de voedselbolus verder de farynx in wordt geduwd
Innervatie: n. glossopharyngeus en n. vagus
Middelste keelsnoerder (m. Hyopharyngeus) Loopt verticaal over de farynx heen tussen thyrohyoïd bot/ceratohyoïd bot naar de middorsale lijn van de farynx Functioneert voor constrictie van farynx om de bolus verder de farynx in te duwen.
Innervatie: n. glossopharyngeus en n. vagus
Achterste keelsnoerders (m. thyropharyngeus en m. cricopharyngeus) Lopen dorsaal en craniodorsaal over het laatse gedeelte van de farynx Functioneren voor constrictie van het laatste deel van de farynx om de voedselbolus in de oesophagus te duwen, daarnaast mengen de spiervezels van het meest caudale gedeelte met die van de oesophagus en vormt dit de bovenste slokdarmsfincter.
Innervatie: n. glossopharyngeus en n. vagius
Faryngeale fase
Als de voedselbolus in de farynx aankomt wordt het slikreflex geinetieerd door tastreceptoren. De volgende acties zijn dus een reflex (en gebeuren in minder dan 1 seconden) - Je ademt niet tijdens dit reflex
1. de arcus palatopharyngeale (van het ostium intrapharyngeus) worden naar elkaar toe getrokken om te voorkomen dat er eten in de nasopharynx terecht komt en de tong blijft teruggetrokken om te voorkomen dat er eten terug in de mondholte komt 2. de stembanden worden naar elkaar toegetrokken en de larynx wordt naar voren getrokken tegen de basis van de tong aan, dit voorkomt dat er eten in de larynx/trachea komt en tegelijkertijd relaxeert de bovenste slokdarmsfincter 3. Er is een peristaltische golf die de voedselbolus door de farynx richting caudaal beweegt (de intrafaryngeale druk stijgt door de keelsnoerders waardoor de bolus verder wordt geduwd) 4. de bolus wordt door de gerelaxeerde bovenste slokdarmsfincter geduwd en komt in de slokdarm terecht
slokdarm fase
Spieren
Verschillende diersoorten hebben een verschillende verhouding van glad spierweefsel en dwarsgestreept spierweefsel, dit is relevant in verband met het gebruik van medicatie - hond: volledig dwars - paard: 2/3 dwars en 1/3 glad - rund: volledig dwars - kip: volledig glad (het is niet helemaal zwart/wit, maar dit moet je kennen)
Dwarsgestreept spierweefsel Dwars staat onder invloed van motorische neuronen van het somatische zenuwstelsel, de neurotransmitter is ACh (Acetyl Choline) en de receptor is de ACh-N receptor (nicotinerge receptor) De spiercellen hebben individuele neuromusculaire synapsen (motorunit = motorneuron + de spiervezels die hierdoor geinnerveerd worden)
vago-vagal reflex/reflexboog: efferente vezels/sensorische neuronen -> hersenstam -> afferente vezels/motorische neuronen - allemaal van n. vagus (parasympatisch)
Glad spierweefsel Glad staat onder invloed van motorische neuronen enteric nervous system. Het enteric nervous system staat onder invloed van interne reflexbogen en actiepotentialen gegenereerd door speciale cellen (cellen van cajal), maar ook onder invloed van het parasympatische en sympatische zenuwstelsel. De plexus myentericus is aanwezig tussen de longitudinale en circulaire spierlaag van de t. muscularis. De plexus submucosa (normaliter in t. submucosa) in betrokken bij secretie en niet aanwezig in de oesophagus.
Primaire peristaltiek
Geinitieerd door het slikcentrum 1. bovenste slokdarm sfincter sluit, om regurgitatie te voorkomen 2. peristaltiek richting caudaal en relaxatie van de onderste slokdarmsfincter (gevormd door de cardia van de maag) 3. de voedselbolus wordt door de onderste slokdarmsfincter in de maag geduwd
Dwarsgestreept spierweefsel Innervatie door somatomotorische neuronen van de n. vagus
Glad spierweefsel Ontvangen informatie van de parasympatische vezels van de n. vagus en reguleren deze dan lokaal via de plexus myentericus
Secondaire peristaltiek
Reflex als reactie op druk van rek van de wand van de oesophagus 1. relaxatie na de voedselbolus 2. constrictie voor de voedselbolus
Dwarsgestreept spierweefsel Vago-vagal reflex: efferente vezels/sensorische neuronen -> hersenstam -> afferente vezels/motorische neuronen - allemaal van n. vagus (parasympatisch)
Glad spierweefsel Reflex boog: sensorische receptor (zoals rek of druk) -> sensorische neuron -> synaps -> interneuron -> motorische neuron -> doelorgaan of cel (zoals de gladde spiercellen van de oesophagus) - sensorische neuron kan ook functioneren als sensorische receptor - synaps kan ook de interneuron overslaan en direct naar een motorische neuron gaan
Piriform recessus
Openingen langs beide kanten van de epiglottis zodat tijdens het drinken de orale fase het vloeistof naar de farynx duwt en dit dan door de piriform recessus heen kan stromen naar de oesophagus. De oesophagaele keelsnoerders zijn hier niet relevant. Er is wel milde peristaltiek in de oesophagus, maar de druk opgebouwd tijdens de orale fase is (vaak) genoeg om de vloeistof door de oesophagus naar de maag te brengen.
#golondrina #swallow #hirondelle #deglutire #slikken #cuicuitzcatl (en Santiago, Colima, Mexico)