Smart
5 oktober 2024
‘Wat vandaag gebeurt, kun je aan’. Ik wrijf de slaap uit m’n ogen en probeer te focussen op het digitale schermpje van mijn horloge. Het staat er toch echt.
Ik heb sinds deze week een spiksplinternieuwe smartwatch. Zo’n horloge dat je heel smart vertelt hoe hoog je hartslag is, hoeveel stappen je hebt gezet, en waar je ook je appjes op binnenkrijgt. Tenminste dat zou die moeten doen, want deze vrouw is niet zo smart als haar watch en de hele week al aan het klooien om gewoon de tijd tevoorschijn te toveren.
‘Wat vandaag gebeurt, kun je aan’. Ik laat mij weer in bed vallen en bedenk hoe en waar ik deze instelling kan uitzetten. Het laatste wat ik nodig heb als ik wakker wordt is een horloge dat tegeltjeswijsheden opdreunt.
Gisteren bij de roeitraining moest ik van de coach mijn hartslag in de gaten houden waarbij hij knikte richting mijn glimmende nieuwe sieraad. Mijn hartslag vinden lukt mij inmiddels op het apparaat, maar tijdens het roeien springt dat kloteding steeds op zwart waardoor ik als een koningin met mijn arm moet wuiven om mijn score te kunnen zien.
Hetzelfde probleem doet zich voor als ik met mijn zoon richting stad fiets en hij de tijd vraagt. Waar klokkijken altijd een automatisme was, is het nu een hele handeling. Ik schud en wiebel met mijn pols, hopend op die mooie lichtgevende paarse cijfers die ik ingesteld heb. ‘Kwart voor vier’ roep ik. ‘Oh heb je hem eindelijk aan de praat?’ Zegt mijn zoon grijnzend. Ik zeg maar niet dat ik de tijd op de klok van de Grote Kerk zag.
Eenmaal thuis wil hij mij wel even helpen. Gelukkig heb ik wel een heel smart kind die al snel ziet dat mijn polshorloge op spaarstand staat. Alleen bij het aantikken van het scherm zie je wat je doet. ‘Ik ben van de Gen Z generatie,’ legt mijn zoon uit. ‘Ik ben geboren met een smartphone in m’n hand en jij niet. Dus jij kan er niks aan doen mam, dat je niet zo handig bent met dit soort dingen.’
Dat blijkt de volgende ochtend. Alles is nu super smart ingesteld. Zo is het bijvoorbeeld aantoonbaar 10 over 7, en niet alleen op mijn wekker. ‘En, lekker geslapen?’ vraagt mijn man als hij na het douchen de slaapkamer binnenloopt. ‘Heerlijk’ zeg ik terwijl ik mij gapend uitrek. Mijn horloge springt aan en geeft mij mijn slaaprapport. Ik voel mij ineens heel moe. Ik heb heerlijk geslapen, maar m’n horloge vindt van niet.













