Het zesde album alweer van de New Yorkse rapper/producer Deca. In 2013 charmeerde hij ons met ‘The Ocean’. Ook Okayplayer pikte het album op. Dit keer overtuigt Deca met ‘The Way Through’, een eigenwijs album dat zijn unieke stijl vetjes in de verf zet.
‘Om de wereld te veranderen moet je bij je inner self beginnen’, zei Deca ooit in een interview. De Herman Hesse-liefhebber is gefascineerd door filosofie, literatuur en spiritualiteit. Op ‘The Ocean’ nam hij een duik in het onderbewustzijn. Klinkt abstract, maar Deca slaagt er wonderwel in om een verhaal te vertellen, ook al gebruikt hij grootse metaforen. Ook dit album is gekleurd met termen die recht uit het Oud Testament komen. Eden, engelen en demonen passeren meermaals de revue. En dan dat existentialisme waar Camus het warm van zou krijgen: ‘When I saw the ground of all being in its true form, I prostrated myself and cried like a newborn’.
Deze plaat huist meer poëzie dan lyriek. Met een heldere stem en strakke flow dreunt Deca zijn verzen op over stevige, strompelende drumkicks en warme, melodieuze samples. Een ijzingwekkende viool of een stemmige piano zorgen voor een gepaste scheut mystiek.
‘The Way Through’ is niet het meest toegankelijke album, maar bekoort hoe dan ook. Het is geen vereiste, maar je hebt steeds de neiging om op zoek te gaan naar wat Deca precies bedoelt. Wat een zekere intellectuele inspanning vereist. ‘About the ocean that professed love to Ishmael. While siftin' through the serpent-like intestines of a sick whale.’, zal enkel een belletje doen rinkelen bij de literatuurliefhebber. Maar meer dan inhoud, staat esthetiek op de eerste plaats. Onthoud: dit is poëzie, vermomd als rap. Niet alles moet tot op het bot geanalyseerd worden. Of zoals hij zelf rapt: 'It’s wishful thinking that a song could heal a sick rose.'