Islaam's Verbod op het Onterecht Nemen van Levens en Angst Creëeren op Aarde
Van de tafseer van al-Allamah Abdur-Rahman ibn Naasir As-Sa'di:
Betreffende het verhaal van de profeet Moesa (Mozes) vrede zij met hem, zegt Allaah in de Nobele Quran:
“En hij kwam de stad binnen op een tijd dat haar mensen onachtzaam waren, en hij vond daar twee mannen die vochten: de één van zijn groep (de Kinderen van Israël) en de ander van zijn vijanden (de mensen van Fir'aun). Daarop vroeg degene van zijn groep hem om hulp tegen degene van zijn vijand. Toen sloeg Moesa hem met zijn vuist en doodde hem (per ongeluk). Hij zei: “Dit behoort tot het werk van de Satan: voorwaar, hij is een vijand die duidelijk doet dwalen.” [28:15]
“Hij zei: “Mijn Heer, voorwaar, ik heb mijzelf onrecht aangedaan, dus vergeef mij.” Daarop vergaf Hij hem. Voorwaar, Hij is de Vergevensgezinde, de Meest Barmhartige.” [28:16]
Tot het vers:
“Maar toen hij (Moesa) degene wilde grijpen, die een vijand van hen beiden was, zei deze: “O Moesa, wil jij mij vermoorden, zoals jij gisteren een ziel gedood hebt? Jij wenst slechts een tiran te worden op aarde en jij wenst niet tot de verzoeners te behoren.” [28:19]
In zijn tafseer (uitleg, commentaar) over deze verzen zegt al-Allamah Abdur-Rahman ibn Nasir As-Sa'di (rahimahullah):
En daaruit (d.w.z. de voordelen van deze verzen): het vermoorden van een niet-Moslim die een verdrag/akkoord of gewoonterecht heeft voor bescherming, is verboden(1), want voorzeker Moesa beschouwde het moorden van de ongelovige Kopt als een zonde en zocht de vergiffenis van Allaah ervoor.
En ook: Wie onterecht een leven neemt wordt beschouwd als een onderdrukker, zij die verdorvenheid/corruptie creëeren op aarde.
En ook: Wie onterecht een leven neemt en beweert dat hij hiermee het land wilt rectificeren en angst wilt aanjagen bij de zondigende mensen (de mensen van zonde) dan is hij voorzeker een leugenaar m.b.t dit (deze bewering) en is in plaats daarvan juist degene die verdorvenheid/corruptie creëert. Net zoals Allaah de uitspraak van de Kopt verhaalde (jij wenst slechts een tiran te worden op aarde en jij wenst niet tot de verzoeners te behoren) bij wijze van bevestiging, niet ontkenning.” [2]
1. Dit is ook expliciet gezegd door de Boodschapper van Allaah vrede zij met hem in de hadieth (overlevering) verzameld door Imam al-Bukhari in zijn Saheeh (nummer 2929 en 6524); Op gezag van Abdullaah ibn Amr radhi Allahu anhu die overleverde dat Allaah's Boodschapper sallallahu alayhi wa sallam heeft gezegd: “Wie een mu'ahid vermoord (een niet-Moslim die valt onder de eed van bescherming door Moslims) zal de geur van het Paradijs niet kunnen ruiken, dit terwijl de geur al geroken kan worden vanaf een afstand van 40 jaar (reizen).”
2. Bron van de tekst: Taysir al-Kariem ar-Rahman, pagina 678 - Shaykh Abdur-Rahman ibn Naasir As-Sa'di. [Toevoeging van vertaler: Via Ar-Rahmaniyyah Publishing]








