Minder stufi voor buitenlandse studenten
Wat mij betreft, mag het Nederlandse volk erg trots zijn op zijn losgeslagen ministerie van Onderwijs. Onder leiding van minister van Bijsterveldt zijn wij de afgelopen tijd door dit ministerie bekogeld met de 1040-urennorm, bezuinigingen op passend onderwijs, de langstudeerboete en het afschaffen van de basisbeurs in de masterfase. Deze keer staan de spotlights echter gericht op staatssecretaris Zijlstra, die van het hosselen van een studiefinanciering voor Europese jongeren die in Nederland willen gaan studeren een mission impossible wil maken.
Wanneer je naast een studie 8 uur werkt, kan je tegenwoordig als student uit de Europese Unie een basisbeurs van maar liefst 266 euro krijgen, maar Zijlstra wil dit verhogen naar 14 uur. “Het is een politiek signaal naar Nederlandse studenten. Voor hen komen strengere regels wat betreft de studiefinanciering, het valt niet uit te leggen als deze er niet ook komen voor buitenlandse studenten.”, aldus deze monsieur terrible.
Hoewel de studiekosten hier ten opzichte van andere landen redelijk hoog zijn, begint Nederland steeds populairder te worden bij studenten uit bijvoorbeeld Duitsland en Groot-Brittannië. Dit komt met name door de lagere collegegelden, een hogere numerus fixus en gunstige studiefinancieringsregelingen. Zijlstra verkiest kwaliteit boven kwantiteit: “We moeten niet willen dat studenten om financiële redenen naar Nederland komen, maar we moeten kwaliteit naar Nederland zien te halen.”
Met deze maatregel hoopt het ministerie de kosten voor studiefinanciering aan studenten uit andere landen van de Europese Unie flink terug te laten lopen. In 2006 bedroegen de kosten nog 6 miljoen euro, terwijl deze vorig jaar met 20 miljoen euro zijn opgelopen.