De Gantel en kanaal van Corbulo
Gantel stoomgebied en kanaal van Corbulo
De Gantel is een riviertje in het Westland dat onder andere loopt door Monster en Poeldijk. Deze stroom heeft onderdeel uitgemaakt van het Kanaal van Corbulo, een verbinding van de Oude Rijn vanaf Leiden tot de Maas bij Maassluis.
Enkele eeuwen voor Christus brak het water uit de Noordzee ter hoogte van Monster door de oever van de Maas heen. Daarbij is bijna het gehele Westland onder water komen te staan. Er ontstond in het veengebied een groot aantal vloedkreken (waaronder de Gantel) met afzettingen van zand en klei. Het gebied dat zich uitstrekte van Monster langs Poeldijk en Wateringen naar Delft en Pijnacker werd daardoor bedekt met vruchtbare klei en zand, het zogenaamde Ganteldek.
Om zich te beschermen tegen overstromingen bouwde men dijklichamen waarop later onder andere de plaatsen Poeldijk, Honselersdijk en Maasdijk ontstonden. Waarschijnlijk is in 1421 bij de Sint-Elizabeths vloed het krekengebied voor de laatste keer duidelijk natuurlijk vormgegeven.
De huidige Gantel is 8,6 km lang, begint vlak bij de Doddendaallaan gemeente Den Haag) en eindigt in de Monsterse Vaart bij ‘s-Gravenzande. Richting ‘s-Gravenzande verandert de naam van het riviertje in Groote Gantel.
Na Voorburg vervolgde het kanaal van Corbulo zijn weg door de veenstromen van de Gantel te volgen. Op veel plaatsen in het Westland zijn deze nauwelijks terug te vinden, maar doordat er ook een weg was gemaakt kunnen we het spoor nog enigszins terug vinden.
In Rijswijk volgde het kanaal de Winston Churchilllaan. Dan wordt het verloop weer onzeker mogelijk volgde het kanaal vanaf het Bogaardplein de oude Gantelkreek.
Tot de samenvoeging van gemeenten in het Westland in 2004, vormde de Gantel de zuidgrens van de gemeente Monster.
De verlanding van de Gantelkreek in de eerste eeuwen na Chr. maakte een nieuwe, kortere doorsteek naar Naaldwijk noodzakelijk.
Het tracé loopt parallel loopt aan de Romeinse weg: Oosteinde via de Heulweg in Wateringen naar de Middelbroekweg in Naaldwijk.
Zeker vanaf de 2e eeuw (oudste mijlpalen) is het laatste, korte tracé naar Naaldwijk het meest waarschijnlijk, omdat de Gantelkreek toen al volledig verland was.
Romeinse vindplaatsen in het Westland
Bij de vondst van de Mijlpalen van het Wateringseveld in Den Haag in 1997 werd een deel van een Romeinse weg blootgelegd die op een oeverwal van de Gantel was gelegen.
Aan de zuidzijde van deze Romeinse weg werd de rand van een kanaal aangetroffen, maar de breedte ervan kon vanwege bestaande bebouwing niet worden bepaald.
Naast het Kanaal van Corbulo, aangelegd rond 50, lag waarschijnlijk een jaagpad om vrachtschepen voort te trekken. Dat jaagpad is later uitgebouwd tot een Romeinse 'snelweg', een snelle landverbinding tussen Maas en Rijn die ook in gebruik bleef toen het kanaal mogelijk was verzand. De weg staat ook op de Peutingerkaart.
De omgeving van Poeldijk was in de Romeinse tijd druk bewoond. Dat bleek onder andere bij opgravingen in het plangebied van Poeldijkerhout in 2018, waar een heel lintdorp werd teruggevonden.
Dit is niet zo vreemd, want in het omliggende Westland lag een netwerk van handelsroutes. Bovendien was het gebied heel geschikt voor landbouw en veeteelt, mede dankzij de kreek de Gantel waarlangs de boeren woonden.
De vondsten schetsen een beeld van een welvarende bevolking. Hier is ook een militair diploma van een Cananefaat gevonden die na zijn diensttijd van 25 jaar terugkeerde naar zijn geboortegrond. De naam van de eigenaar is onbekend. Wel is te lezen dat het een Cananefaat was en dat zijn vader Amandus heette.
Hij moet rond 165/166 naar zijn geboortegrond zijn teruggekeerd. Het diploma is teruggevonden in het afbraakpuin van wat waarschijnlijk zijn woning is geweest na zijn terugkeer als veteraan. Waar eerst een lemen inheemse boerderij stond, heeft hij een stenen pand laten bouwen van ongeveer 15 x 17,5 meter met een zwaar tufstenen fundament.
Andere bijzondere vondsten zijn voorwerpen van 2e eeuw, aardewerk die wijzen op zoutraffinage, oftewel het zuiveren van zout.
Een andere opmerkelijke vondst is een liefdevol begraven hond. Een teruggevonden spitsgracht doet vermoeden dat hier ook voor kortere of langere tijd militairen waren gelegerd..
De sterke Romeinse invloed blijkt onder andere uit de aanwezigheid van een waterbassin, van waaruit een goot overdekt met dakpannen naar het gebouw liep. Het water was bedoeld voor een verwarmd vertrek waarin een bad heeft gestaan.
Bij de Naaldwijkse haakwal boog het kanaal af en liep hoogstwaarschijnlijk via het Vlietje, van de Vlietpolder naar de Lee waar het uitmondde in de Maas.
Het Helinium is de naam van de brede monding van Maas en Waal in de romeinse tijd. Tussen de Rijn in het noorden en de Schelde in het zuiden stroomden de Maas en Waal gezamenlijk via een breed estuarium tussen Hellevoetssluis en Naaldwijk in zee. Deze geweldig grote monding werd door de Romeinen het Helinium genoemd, een benaming die tot na de middeleeuwen in gebruik was.
Helinium is de vernederlandste aanduiding van een naam die in de Romeinse literatuur slechts eenmaal is overgeleverd. Plinius duidde met Helinium de rivier de Maas aan: hij noemt in zijn Naturalis historia Helinium en Flevum, waartussen zich de eilanden der Bataven bevinden. Echter, Helinium zowel als Flevum werden door hem gebruikt in de verbogen vorm van de accusativus: .. , Marsaciorum, quae sternuntur inter Helinium ac Flevum, zodat de taalkundig correcte Latijnse namen van deze riviermondingen in de nominativus Helinius, respectievelijk Flevus zijn.
In 2003 werd in verband met de bouwplannen voor een scholengemeenschap ten westen van de Hoogwerf-vindplaats een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd, resulterend in de vondst in 2004 van delen van een bronzen plaat, vermoedelijk een fragment van een sokkel van een standbeeld van keizer Claudius.
Bronzen plaat met aanduiding Classis Germanica
In de Romeinse tijd liep de Helinium, de toenmalige Maas langs Naaldwijk. In verband met vondsten van bouwmateriaal met stempels van de Classis Germanica en de tekst CLASSISAV(GVSTA) op de bronzen plaat van 2004 wordt vermoed dat de Romeinse Rijnvloot aan deze kant van het kanaal een vlootbasis had.
In de omgeving van Naaldwijk vermoeden archeologen een vlootstation van de Classis Germanica, de Rijnvloot van het Romeinse leger. Een precieze plek is nog niet gevonden.
Deze Classis Germanica had zijn vlootbasis in Keulen. In de omgeving van Naaldwijk moet een zeer strategisch punt hebben gelegen: hier kwam het Kanaal van Corbulo uit in het Helinium, de brede monding van Maas en Waal.
Vele vondsten die met de vloot in verband kunnen worden gebracht, ondersteunen dit vermoeden. Zo is een groot aantal dakpanstempels met de opdruk CGPF (Classis Germanica Pia Fidelis) bij Naaldwijk gevonden en wordt de classis genoemd op een plaat van het voetstuk van een daar opgegraven keizerbeeld.
Bronzenhand, onderdeel standbeeld, gevonden in Naaldwijk
Van dit beeld is de meer dan levensgrote hand teruggevonden. Ook de hoeveelheid opgegraven militaire uitrustingsstukken vormen een duidelijke aanwijzing voor militaire aanwezigheid in de omgeving van Naaldwijk.
Naast de vloot zou hier ook een cohort zijn gelegerd, die verantwoordelijk was voor de coördinatie en bevoorrading van de forten in de duinen.
Behalve het vlootstation lag hier van 70 tot 230 een Cananefaatse nederzetting. In de tweede helft van de derde eeuw woonde er een groep Germanen uit Noord-Nederland. Hun voornaamste activiteit was het op grote schaal omsmelten van metalen voorwerpen van naburige Romeinse nederzettingen.