Keukenwet
Is het zweet, afwaswater of misschien zijn het tranen? Wat vast staat is dat de theedoeken van Dille en Kamille doordrenkt zijn van allerlei vochtige bestanddelen. Nat geworden door het enige watergevecht op aarde waar geen plezier mee gevonden wordt. De afwas.
Is elke student wel eens geconfronteerd met de afwas bijbaan waar hij of zij moest zwoegen voor enkele euro’s, én dat in een rumoerige keuken tijdens een warme zaterdag die eigenlijk bedoeld was voor ijsjes en studentikoze vrijheid? Waarschijnlijk niet. Toch zijn er veel studenten die de sponzen en doeken als wapens kiezen en de avonden al dansend ingaan op de natte keukenvloer, al spoelend, schrobbend, drogend en deze reeks herhalen tot de laatste gast zijn of haar vork neerlegt.
Deze dienaar van de keuken zal toch ooit enige eer moeten ontvangen? Minstens een nieuwe theedoek. Of een kleine fooi die gebruikt wordt voor de aanschaf van Robijn wasverzachter, die weer op zijn beurt de penetrerende geur van gerookte forel verwijdert. Het is in ieder geval duidelijk. De beloning voor de afwasheld moet een fysieke vorm krijgen. Een lichtbaken die de motivatie weer op scherp stelt.
Bij deze presenteer ik de onmisbare regel van de keukenwet, een houvast voor diegene die niets anders zien dan talloze opgestapelde bergen servies, het rustpunt voor de theedoekenstrijder die voor de onberispelijke weerspiegeling zorgt van elk tafelgoed.
Plaats deze essentiële tegel op iedere keukendeur, of prent deze woorden in de harten van deze nederige afwassers, die er immers voor zorgen dat de tafelgasten weer prachtige gerechten geserveerd krijgen op blinkend servies.














