Over spirits, bartools en bitters: het ABC van de beginnende bartender
De Belgische cocktailbeweging hoeft niet alleen een zaak te zijn voor whizzkids met een snor, bretellen en een vlinderdas, die exclusieve drankjes mixen in een donkere speakeasy. Ook ú bent welkom op het feestje. Hieronder vertellen we precies wat u nodig heeft.
We richten ons tot één van de eerder vermelde whizzkids, om u op weg te helpen: Olivier Jacobs, de patron van de Gentse speakeasy Jigger’s. Een jigger is overigens een maatbeker met twee open helften: een onmisbaar werktuig om cocktails mee te maken. Olivier was de beste barman van België in 2011 en 2012, en in 2014 zat Jigger’s in de top-tien van meest invloedrijke bars in Europa, volgens het toonaangevende Cocktails Spirits uit Parijs. Met die accolades kunnen we wel nog even doorgaan, maar om een lang verhaal kort te maken: Olivier kent er iets van.
Nochtans dreigde dit een wel héél kort verhaal te worden, toen we hem vroegen wat een amateur-bartender nodig heeft om drankjes te bereiden. “Ijs is eigenlijk het belangrijkste”, aldus Olivier. “En om je drank ermee te shaken, kun je twee theetassen op elkaar zetten. Dat zal ook wel gaan.” Zelfs als hij op een onbewoond eiland was gestrand, zou deze kerel nog een manier vinden om cocktails te maken, zoveel is zeker. Maar voor de volledigheid geven we u toch een lijstje mee van onmisbare bartools, waarmee u naar hartenlust kunt beginnen shaken, stirren, muddlen en strainen.
- Boston Shaker: een shaker die normaal uit een glazen helft en een tinnen helft bestaat. In Jigger’s gebruikt Olivier een Boston met twee tinnen helften: “Een tin-on-tin noemen we dat”, zegt hij. “Heel geschikt voor drankjes met eiwit: een whisky sour, of een pisco sour, waarbij er lucht in het drankje geshaket moet worden. Er bestaat ook nog een three-piece cobbler, die goed is voor shortdrinks, zoals daiquiri’s of cosmopolitans, of een Parisian Shaker, maar in principe kun je met een Boston alles doen.”
- Een strainer: een cobbler heeft een ingebouwde zeef, maar bij een Boston Shaker heeft u een extra zeefje nodig, om de mixdrank te scheiden van het ijs en de andere ingrediënten die u in de shaker gebruikt heeft.
- Een barlepel: een lange lepel waarmee u drankjes kunt omroeren of stirren. Olivier is een adept van Japanse barlepels, die aan de ene kant een lepel hebben, en aan de andere kant een scherpe, drietandige vork. “In een bar is het visuele aspect heel belangrijk,” verduidelijkt hij, “en het voordeel van de Japanse tools die we hier gebruiken, is dat ze zowel mooi als efficiënt zijn.” De beginnende bartender hoeft echter niet diep in de buidel te tasten om het dure Japanse materiaal te gebruiken: een normale barlepel volstaat.
- Een jigger: het ‘barmaatje’ of de dubbele maatbeker waar we het eerder over hadden. “Waarschijnlijk nog de belangrijkste bartool die je nodig hebt,” aldus Olivier, “om hoeveelheden mee af te meten.” De helft met het grootste volume heet de jigger; de andere helft is de pony. Ze komen in verschillende formaten; de meest courante configuratie is die met 2 en 4 centiliter.
- Een muddler of stamper: populaire cocktails zoals mojito’s, cuba libre’s en caipirinha’s hebben een basis van limoenen en suiker, die samen gemuddled of uitgeperst worden met een houten of kunststof staaf.
Sappen, bitters, siropen en spirits:
De bar van Jigger’s is voorzien van een indrukwekkend arsenaal van zelfgelabelde flesjes in allerlei formaten: zelfgemaakte siropen, bitters en sappen.
Bitters zijn het bartenderequivalent van peper en zout; de ingrediënten die de smaken in een drankje verbinden en benadrukken. Maar moet een beginnende bartender zich daar zorgen om maken?
Olivier: “Het is inderdaad de specerij van de bartender. Met bitters van het merk Angostura, die je in Delhaize vindt, kom je al een heel eind. Vooral in klassieke cocktails kun je ze gebruiken.”
Olivier: “Die kun je zelf maken. Het is wel tijdrovend, maar niet zo moeilijk om te doen. Neem bijvoorbeeld ananassiroop: je snijdt een ananas in stukken, en je legt ze in een pot met suikersiroop. De dag nadien heb je superlekkere ananassiroop, die je bijvoorbeeld in een piña colada kunt gebruiken.”
En welke spirits heeft de cocktailamateur nodig?
Olivier: “Diegene die ze zelf graag drinken (lacht). Als je met de klassiekers wil beginnen: een goeie bruine rum, een Schotse whisky, een Amerikaanse whiskey, een London Dry-gin, een jenever is ook wel geestig. Net als een triple sec, om margarita’s mee te maken, en een flesje vermout die je in de koelkast bewaart, voor je manhattans.”
Vergeet uw beginnende bar niet uit te rusten met – véél – ijs, vers fruit, en de juiste glazen. Een goede top-vier om mee te beginnen, bestaat uit het iconische martiniglas op een voetje, een stevig, rond old-fashionedglas, een groot highballglas en een klein shotglas. Als naslagwerk voor de amateur en de beginnende bartender raadt Olivier het boek The Joy Of Mixology aan, van auteur Gary Regan. “Het is leuk om te lezen, en niet te moeilijk”, zegt hij. “Regan stak er een tabel in van de klassiekers, en van de variaties op de klassiekers. Hij geeft ook uitleg over de ingrediënten, en waar ze vandaan komen.”
Foto O. Jacobs: (c) Zaza Bertrand