DE SCHEPPING BELEVEN OP HET WAD
Tweemaal heb ik georganiseerd over drooggevallen zandplaten gelopen en door begaanbare geulen gewaad. Tot het middel in het water met een tas met droge kleding op mijn hoofd. Over de kwelders tot de enkels in de zuigende modder. Het loopt zwaar. Van het vaste land naar één van de eilanden. De eerste keer was dat Schiermonnikoog, de tweede keer een jaar later naar Ameland. 's Morgens vroeg om 5 uur. Wanneer de dag op het vaste land nog moet beginnen, loop ik met een groep wad. Op de kleffe wadplaten zette ik mijn spoor dat met hoogwater verdween in de tijd. Ik onderging daar die stilte het waddengebied zo eigen.
De rust bekruipt je wanneer de zon opkomt. De stralen zoeken een weg door de nevels. Enigszins afhakend van de groep waarmee ik onder leiding van een gids optrek daar en toen. Achterblijven en het gepraat voor me latend, want niet iedereen is onder de indruk van de omgeving. De stilte schijnt door hen gevuld te moeten worden. In de verte zie ik zeehonden wakker worden in de eerste zonnestralen en de laaghangende wolken van de morgen. Dit is het Wad. Dit is het gebied waar de tijd nauwelijks vat op heeft. Schijnt het. Het lijkt een omgeving uit de oertijd. Althans een periode van ver voor onze tijd nu en hier. Zo kan het er toen en daar hebben uit gezien.
Bij het zien van de foto's in het zakboekje van Janny Vellinga, Oertijd op het Wad - sfeerimpressie Bildtse Waddenkust, bekruipt me weer hetzelfde gevoel wat ik toen had in die andere maar eendere omgeving. Die serene stilte, waarbij je jezelf als indringer voelt in dat maagdelijk rustige landschap. Je kunt er een speld horen vallen bij wijze van spreken. Zo zal de wereld er voor de vierde scheppingsdag uit moeten hebben gezien. De aanwezigheid van de mens is er (nog) niet. Het is alleen natuur. Zand en water. Zo moet God zijn schepping op die derde dag gezien hebben. En Hij zag dat het goed was. Op de vijfde dag schiep Hij er dan nog vogels en vissen bij. Toen was het Wad af. Klaar, niet meer aankomen. Maar toch, de mens kwam nog.
Vellinga fotografeert het gebied als inspiratie voor haar schilderijen, later. Hoewel het Wad haar in de genen zit heeft ze toch dat herinneren nodig. Het kleine boek kan in de binnenzak om te grijpen en door te bladeren wanneer de verf op het doek moet en het landschap weer begrepen moet worden. Ik neem het boekje mee zodat ik een aandenken heb om de stilte in mezelf te zoeken en wanneer werk en wereld te druk wordt. Hoewel ik al kalm wordt wanneer ik tijdens mijn dagelijkse arbeid naar buiten kijk en het contemplatieve landschap rond mijn werkplek beschouw. Dan kan het platenboek in de binnenzak blijven, maar ik ben niet altijd daar uiteraard.
Het kan dienen als een reisgids naar toen, de oertijd, de rust van de natuur. Hoewel het er ook kan spoken, stormen en onweren. De stilte ver te zoeken is onder zware wolken en met harde tegenwind. Het Wad van Janny Vellinga is dat vooral niet. Het ligt er vredig en in zichzelf gekeerd bij. De zeevogels vliegen over, de wormen trekken een slijmerig spoor in het zand.
Niet alleen het grote geheel bekijkt Janny met haar lens. Het weidse landschap zet zij als een fotograferend landschapsschilder op de gevoelige plaat. Dat heeft geen bewerking achteraf nodig, het is mooi zoals het is. Maar ook let de kunstenaar op detail, gaat ze dieper de omgeving in - stappen dichterbij de schapen op de dijk, een krab, het zeewier, de meeuwen. De gebarsten klei, het kleverige slik. Het is sfeerbepalend dat sommige spreads, twee bladzijden naast elkaar in het boekje, als een puzzel passen. De horizon loopt erin door terwijl het twee verschillende opnamen zijn van een ander standpunt. Stemmig is het dat het boekje eindigt met een foto van bemodderde laarzen.
Bij de toch al stemmige beelden zet Vellinga woorden ter overdenking. Korte poëtische gedachten. Die zinnen werken op me in zoals de foto's dat zeker ook doen. Ik droom weg met de klanken van de woorden die nagalmen in het landschap. Het geeft nog meer rust in mezelf. Eigenlijk is deze van formaat kleine uitgave welhaast een therapeutische handleiding. Met en door het boekje kan ik even stil staan in de tijd, de ruimte in me opzuigen, mijn gedachten loslaten en inspiratie laten stromen. Ik zou in kleermakerszit op die wadplaat willen zitten en me al mediterend laten wegvoeren in die stilte van de tijd. "Zeewind geurt / geen moeten / geen zorgen / alle vrees / met één bries / weggevaagd".
Oertijd op het Wad, Sfeerimpressie Bildtse Waddenkunst, fotografie en poëzie van Janny Vellinga. Uitgeverij JF Books, 2020.










