Rente en het korte termijn denken
In elke economie zou het tijdperspectief belangrijk moeten zijn. Van de meeste producten mag verwacht worden dat ze zo lang mogelijk meegaan. Van de middelen die nodig zijn om deze producten te maken, zoals natuurlijke hulpbronnen en menselijke arbeid, mag hetzelfde verwacht worden. We zouden, met andere woorden, wensen dat zo'n eenvoudige ethische norm als de duurzaamheid van producten en productiemiddelen ingebakken zitten in de wetten van de economie.
Maar dat zit het niet.
De reden is de manier waarop rente werkt. Een eenvoudig voorbeeld maakt dit duidelijk. Dit voorbeeld is een iets gewijzigde variant van een voorbeeld uit het fraaie boek "Rethinking Money" van Lietaer en Dunne. Nemen we aan dat de waarde van het geld constant blijft en dat er over een periode van, zeg, 100 jaar en dat geen renteschommelingen zijn. Dan zal een bedrag van 100 euro na 100 jaar sparen leiden tot een som van ongeveer 13150 euro. Dat wil zeggen dat een bedrag van 13150 euro over 100 jaar op dit moment 100 euro waard is.
Stel verder dat er een bedrijf is is, we noemen het Snel NV, dat producten maakt die in 10 jaar gemaakt kunnen worden (denk aan bomen, hout dus) en dat elk product daarna 100 euro opbrengt. Als we in Snel N.V. investeren dan levert dat ons na tien jaar 100 euro op. Hadden we 61 euro op de bank gezet, dan hadden we na tien jaar door de rente ook 100 euro verdiend. Die 100 euro die het het bedrijf ons oplevert is ons op dit moment dus 61 euro waard.
Neem nu een tweede bedrijf, we noemen het Duurzaam NV, die vergelijkbare producten maakt, maar dit bedrijf heeft 100 jaar nodig om ze te maken (denk aan eikenbomen die veel langzamer groeien dan de bomen van Snel N.V.). De opbrengst van deze boom na 100 jaar stellen we op 1000 euro. Dat houdt in dat de winst na 100 jaar voor beide bedrijven exact hetzelfde is. Er is in dit voorbeeld geen reden om voor het ene of het andere bedrijf te kiezen.
Toch zal er geïnvesteerd worden in Snel N.V. omdat 1000 euro over 100 jaar ons nu slechts 7.60 euro waard is. Immers, starten we met 7.60 euro dan zal het spaarbedrag (met 5 % rente) na 100 jaar ook gelijk zijn aan 1000 euro. Dat toekomstige bedrag van 1000 euro is ons op dit moment dus slechts 7.60 euro waard! De eerste investering valt op dit moment beter te verkopen dan de laatste. Het is domweg meer waard. De investeerder zal dus kiezen voor Snel N.V. en Duurzaam N.V. links laten liggen.
De korte termijn is dankzij de manier waarop rente werkt een stuk lucratiever. Niet omdat mensen nu eenmaal kortzichtig zijn, maar omdat korte termijn investeringen, mutatis mutandis, gewoon meer waard zijn dan in principe evenwaardige langere termijn investeringen. Een bedrijf dat op korte termijn winst maakt krijgt de investering, zelfs als op de wat langere termijn een duurzaam bedrijf even winstgevend is. De reden daarvoor is het bestaan van rente, of, preciezer gezegd, het bestaan van samengestelde rente.
Het is een droevig feit. Of het nu een noodzaak is, een norm die we ons zelf en anderen opleggen of gewoon een vrijblijvend doel, een feit is dat het binnen brengen van zoveel mogelijk geld ons doen en laten in verregaande bepaald. En dat doel is heel vaak strijdig met ethisch gezien eenvoudige en juiste wensen, zoals de duurzaamheid van producten. Deze mismatch wordt niet, zoals zovelen gemakshalve beweren, veroorzaakt door de slechtheid van de mens, niet door zijn aangeboren hebzucht of door een aangeleerde kortzichtigheid. Nee. De kortzichtigheid wordt zelf veroorzaakt worden door de manier waarop ons geld werkt. De kern zit in het bestaan van rente of, meer algemeen, in de manier waarop ons geldstelsel werkt.
De ellende van rente beperkt zich niet tot duurzaamheid. Door de eeuwen heen is de rente als iets duivels gezien. Door geld uit te lenen en later in grotere hoeveelheid terug te vragen dwing je enerzijds af dat mensen hun uiterste best moeten doen om het geleende geld terug te betalen, anderzijds maak je het mogelijk dat een groep van mensen zich volledig kunnen richten op het verdienen van geld met geld. De eerste groep vervalt al snel tot een vorm van horigheid, de andere groep zal zijn aandacht afwenden van het produceren van goederen en diensten waar mensen daadwerkelijk iets aan hebben. Dit mechanisme is al eeuwen geleden doorzien door grote filosofen als Aristoteles maar ook door de leiders van de Middeleeuwse katholieke kerk die rente als een soort doodzonde verboden.
Oog in oog met de dreigende catastrofes is het de hoogste tijd om samen met deze denkers weer eens goed na te denken over de manier waarop ons geld werkt. Ons geldstelsel is dringend aan een herziening toe. Het is daarom ronduit schandalig dat de herziening van dit stelsel geen thema is in de politiek. Men accepteert het zonder ook maar een keer met de ogen te knipperen. Men probeert binnen de kaders ervan de wereld leefbaar te maken. Helaas zijn die kaders verrot.
Het is alsof de kapitein van een boot die rechtstreeks op een waterval afkoerst zegt dat we wat minder hard moeten varen. Het is alsof een kok die een soep te zout vindt zegt, dat er wat minder zout bij koet. Het is, kortom, van de zotte.












