Ik begon 2018 optimistisch. Na een jaar waarin de verschillen rondom landbouw waren uitvergroot en partijen soms lijnrecht tegenover elkaar stonden, had ik het vertrouwen dat we in 2018 de samenwerking zouden hervinden. Terugkijkend is dat gelukt!
Gezonde stallen
We hebben een gezamenlijk belang als het gaat om de veehouderij. Dat belang is gezonde stallen. Gezond voor omgeving, voor de dieren en voor de mensen die werken in de stallen. Kortom, gezond voor buur, beest en boer. In 2018 heb ik diverse van deze stallen (in aanbouw) mogen bezoeken en prijzen mogen geven.
Zo gaf ik een agrofoodpluim voor de vernieuwende varkensstal van Kees van der Meijden. Deze stal is schoon en zeer brandveilig. Keten Duurzaam Varkensvlees kreeg een subsidie en had in 2016 al een agrofoodpluim gewonnen. Ze werken niet alleen aan gezonde stallen, maar ook aan lekker en betaalbaar varkensvlees. Het familievarken kreeg een lening en ik mocht er in Boekel de eerste steen leggen. Ik vind het familievarken het meest bijzonder. Zij gaan heel ver in het verbeteren van dierenwelzijn. En ze ontwerpen een stal als een Lego bouwpakket, zodat stallen bouwen sneller en goedkoper wordt.
Biologisch rundvee
Ook in de rundveehouderij heeft Brabant bedrijven om trots op te zijn. Bioboerderij ‘t Schop en biologische melkveehouder Jack Verhulst kregen beide een agrofoodpluim. Onderstaande foto lijkt zo spontaan, maar ik heb heel wat rondjes tussen de koeien door gelopen om zo’n leuke foto te krijgen. Iets wat overigens geen straf is, aangezien mijn dagen toch vooral gevuld zijn met stukken lezen en vergaderen.
Strenge regels voor mest
Mest is een beladen onderwerp. Het vertrouwen van mensen in de provincie is op dit gebied niet altijd even groot. Ik heb steeds gezegd: mestbewerking moet schoon en veilig zijn. Daarom hebben we in 2018 extra gezondheidsregels voor mestbewerking vastgesteld. Die regels gelden helaas alleen als de provincie over de vergunning gaat. Gemeenten moeten hun eigen aanvullende regels opstellen.
Regels moeten we ook handhaven. Daarom hebben we in 2015 alle vergunningverlening voor mestbewerking stil gelegd in afwachting van nieuw beleid. Drie gemeenten, Oss, Aalburg en Landerd, zijn hiertegen in beroep gegaan. Afgelopen december besloot de Raad van State ons in het gelijk te stellen. Deze drie mestbewerkingsinstallaties worden dus niet gebouwd.
Goede ontwikkelingen stimuleren en in de schijnwerpers zetten. Bij ontwikkelingen die we niet willen, regels opstellen en onze rug recht houden. Ook als er gemeenten zijn die wel mestbewerking willen zoals Oss. Zo krijgen we gezonde, toekomstbestendige landbouw in Brabant.
Stel je eens voor dat we iets slims kunnen bedenken voor mest. Iets waardoor:
- dieren in een frisse stal staan
- de boer in een frisse stal werkt
- buren frisse lucht ademen
- mest minder stinkt bij het uitrijden
- mest zorgt voor een gezonde bodem
- kunstmest overbodig wordt
- de waterkwaliteit verbetert
Iets wat ook nog voordeel oplevert voor de boer. Dat zou toch prachtig zijn?!
In feite is dit de visie uit de mestdialogen. Afgelopen vrijdag gingen we samen met deskundigen, jonge boeren en enkele ambtenaren en politici op zoek. We deden inspiratie op en geven er een vervolg aan: we gaan kijken of het in de praktijk echt gaat werken. Bekijk het filmpje als je meer wilt weten!
Even ter geruststelling voor de zwartkijkers: natuurlijk zorgt dit niet voor minder mest. Want bij teveel mest gaat het om teveel stikstof en teveel fosfaat. Dat wordt hierdoor niet minder. Er zal dus nog steeds iets moeten gebeuren om het mestoverschot aan te pakken. In Brabant gaan we ervoor zorgen dat er geen dieren bij komen op de zandgronden. En dat er zelfs een lichte afname zal zijn. Dat is revolutionair te noemen! Geen enkele provincie heeft dit geregeld. En het rijk heeft ook nog niets geregeld. De een zal het veel te weinig vinden, de ander al veel te veel. Het is een historische stap. En de tijd zal leren welke stappen daar op volgen.