Verplichte Gemeentelijke Fusie plannen
Als het in de krant staat, dan móét het wel de absolute waarheid zijn. We weten immers allemaal hoe 'onfeilbaar' kranten zijn, zoals de berichtgeving over het N-VA-voorstel dat gemeenten moeten fuseren tot eenheden van minimaal 40.000 inwoners vanaf 2030, onder het mom van efficiëntie en kostenbesparing. De discussie is hevig. Ondanks de belofte van vereenvoudiging en betere dienstverlening, roept dit plan ook zorgen op over grotere, minder behapbare gemeentelijke structuren.
En terwijl wij allemaal ons vastklampen aan onze lokale charmes en dorpse tradities, heeft de N-VA volgens de kranten al blijkbaar hun blauwdruk klaar voor een utopische gemeentelijke megapolis. Want wie droomt nou niet van het samensmelten van pittoreske dorpjes tot een bureaucratische moloch? Alsof het hebben van een lokale kruidenier en een dorpspomp plotseling vervangen moet worden door een administratief centrum waar je je eigen oma drie weken van tevoren moet boeken om een kopje thee te drinken.
Ik kan mijn dorpsgenoten van Latem en Deurle al horen juichen van blijdschap... Nee, natuurlijk niet. Niemand, maar dan ook niemand, in onze charmante gemeenschap staat te springen om opgeslokt te worden door een fusie met de buren... zucht. Alsof wij allemaal een fusie met de buurgemeenten als het ultieme droomscenario zien, neen. Want uiteraard, de lokale bakkers en slagers hebben geen grotere wens dan zichzelf in grijze haren te werken bij de gedachte aan zo’n samenvoeging. Latem en Deurlenaren, die toch echt niets beters te doen hebben, liggen natuurlijk nachtenlang wakker, hunkerend naar het glorieuze moment waarop ze eindelijk verslonden kunnen worden door De Pinte, Nazareth, Deinze, of welke ambitieuze postcodejager dan ook in de buurt. Ja hoor, topidee! NOT, als je de vele berichten van de lokale Latem & Deurlenaars mag geloven!
Zelfs huidig burgemeester Pieter Vanderheyden (Welzijn) wist in december 2022 de situatie te vatten toen hij zei: "Zolang er geen verplichting is, gaan we daar niet aan beginnen." Hij had natuurlijk net zo goed kunnen zeggen: "Fuseren? Over mijn dode ambtsketen!" Echt een gemiste kans om zich in de politiek duidelijk te onderscheiden? Maar toch, hij heeft helemaal gelijk, want laten we eerlijk zijn, er is géén enkel draagvlak in onze gemeente, helemaal nul, nada, noppes. Stel je voor dat we ons prachtige wapenschild van Sint-Martens-Latem en Deurle, ons trotse symbool sinds 1977, zouden moeten inruilen. Echt, wie bedenkt zoiets?
Het is de nieuwe lokale partij LEF die er bij mij enkele dagen geleden voor een flinke verslikking in mijn ochtendkoffie zorgde door een FB-bericht te plaatsen over mogelijks verplichte gemeentelijke fusie. De reactie op het bericht landde bij sommigen in de gemeente ongeveer net zo soepel als een boemerang in een porseleinkast. Neem nou Nico Kong, de voorzitter van N-VA Latem - Deurle . Hij schoot omhoog alsof hij door een wesp werd gestoken en verklaarde dat ook zijn partij elke fusie zou tegenwerken, koste wat kost. Volgens N-VA Latem & Deurle hoeven we in Latem nog niet direct de voetbalpaniekmodus aan te zetten, en belooft hij plechtig om elk teken van overhaast beleid te tackelen. Maar laten we eerlijk zijn: de lokale N-VA mag willen wat ze wil, als het in het Vlaamse regeerakkoord staat gegraveerd, dan is het game over en wordt het officieel beleid—punt uit! Het is een beetje alsof een tiener tegen zijn ouders zegt: "Ik wil dat niet!" maar uiteindelijk doen mama en papa toch lekker wat ze willen.
Daarnaast viel de stijl van LEF's berichtgeving blijkbaar bij hem net zo in de smaak als sokken voor Kerstmis. Maar eerlijk is eerlijk, politieke partijen die elkaar bekritiseren is als zuurstof voor de democratie; het houdt de vlam brandend en ons, de burgers, goed geïnformeerd. Zonder die kritiek zouden alle partijen gezellig rond het kampvuur zitten, kumbaya zingend. En zeg nou zelf, wat leren we daar nou van? Nee, laat ze maar lekker de degens kruisen - op een transparante manier natuurlijk. Zo weten wij precies waarvoor ze staan en wat er juist speelt in onze gemeenschap.
Als verplichte gemeentelijke fusieplannen écht doorgaan, laten we hopen dat alles helder is voor de gemeenteverkiezingen, zodat we in het stemhokje niet per ongeluk op onze buurgemeente stemmen! Want als ze de grote onthulling pas doen ná de verkiezingen, voelen we ons weer als de argeloze kiezer die de kleine lettertjes niet heeft gelezen. Maar op vandaag zijn fusies nog niet verplicht, maar bij N-VA zijn ze er stiekem van overtuigd dat het op den duur echt beter is om op te schalen. Schaalvergroting, zeggen ze, helpt om die oh zo dure en overbodige provincies eindelijk naar de geschiedenisboeken te verbannen.
Maar waarom begint men eerst niet met een grote voorjaarsschoonmaak in onze politieke belofte-archieven? Zo kunnen ze de oude beloften om de Provincies en de Senaat definitief af te schaffen eens lekker afstoffen. Die liggen daar toch maar, te wachten op een heldenrol. Er zijn al stappen gezet en beloften gedaan, maar blijkbaar liggen die nog ergens te wachten tussen de sofa-kussens van de politiek! En dit voordat ze hun bureaucratische vingers uitstrekken naar onze gezellige gemeentehuizen, lijkt dat toch een logischer beginpunt voor 'efficiëntie' en 'kostenbesparing'. Misschien kunnen ze beter hun energie steken in het verbeteren van de bestaande samenwerkingsverbanden tussen gemeenten. Dat zou kosten besparen en efficiëntie verhogen zonder de charme en autonomie van onze kleine dorpjes te verpletteren. Echt, wie heeft een gigantische gemeente nodig als je al een goed functionerend gemeentehuis hebt met de beste jaarlijkse kerstverlichting?
Het is duidelijk dat in de discussie over gemeentelijke fusies twee modellen tegenover elkaar staan: kleinschalig bestuur dicht bij de burger versus de N-VA’s droom van een almachtige planeconomie. Aan de ene kant hebben we knusse gemeenschappen waar je de burgemeester nog op de fiets tegenkomt, maar helaas ook de bestuurskracht van een natte dweil. Aan de andere kant staat het N-VA-model: grootschalige megagemeenten waar efficiëntie en kostenbesparing heilig zijn, maar waar je als burger een vergrootglas nodig hebt om je eigen bestuur te vinden.
En ja, we leven niet meer in de jaren vijftig, toen je alles onder de kerktoren kon regelen. De wereld is nu véél complexer, en met die complexiteit komt de behoefte aan nabij bestuur. Het vertrouwen in politiek wordt lokaal gemaakt of gekraakt. Dus, wat moet de volgende Vlaamse regering dan doen? Zeker niet vanuit hun ivoren toren Vlaanderen opdelen alsof het Afrika tijdens de kolonisering is. Nee, liever geen verplichte fusies die meer verzet dan applaus opwekken. Want laten we eerlijk zijn, het laatste wat we willen is een bestuurlijke revolutie waarbij we eindigen met nóg meer bureaucratie en nóg minder connectie met onze gemeenschappen.
Dé relevante vraag is waarom we grotere gemeentebesturen nodig hebben als regionale samenwerkingsverbanden al veel taken van kleinere besturen overnemen. Misschien ligt hierin het toekomstmodel? Hoewel ik normaal gesproken de politieke strapatsen uit de weg ga, heb ik hier toch bij deze mijn eigen kleine, bescheiden mening over gedeeld, omdat mijn geliefde gemeente me echt aan het hart gaat. Ik vind dan ook dat gemeenten waar nodig hun krachten moeten bundelen, maar tegelijkertijd het bestuur dicht bij de burger moeten houden. Verplichte fusies zijn absoluut het laatste wat men moet overwegen, aangezien dit meer weerstand dan waardering oproept!
20/07/2024












