Vinger.
Er bestaat een merkwaardig soort wanhoop die niet schreeuwt, niet stampt, niet met deuren slaat, maar zich eenvoudig terugtrekt in een gebaar dat zo klein is dat het bijna kinderlijk lijkt – een vinger die langzaam, doelgericht, met een vastberaden tederheid het oor binnengaat, alsof het lichaam zelf eindelijk besluit een luik te sluiten tegen de onophoudelijke inval van bestaan, tegen het…













