Cestoden - algemene levenscyclus
Taenia solium
Taenia saginata
Taenia taniaeformis
Taenia multiceps
Echinococcus granulosus
Echinococcus multilocularis
Dipyldium caninum
Anoplocephala perfoliata
Monieza expansa
Cyclus
Geslachtelijke voortplanting in de darmen van de eindgastheer 1/2/3/4. weinig wormen, maar veel eieren 5/6. veel wormen, maar weinig eieren
De eieren/proglottiden (lichaamssegmenten gevuld met eieren) komen kruipen uit de anus of komen in de feces terecht
Ei wordt opgegeten door de tussengastheer en wordt een oncosfeer, waarmee ze door de lymfe/bloed van de TGH bewegen 1. varken of mens 2. rund 3. knaagdier 4. schaap/geit (of rund) 5. heel veel, waaronder mens, rund, varken, etc. 6. knaagdier (of mens) 7. vlooien of luizen 8/9. gras/mos mijten
De oncosfeer ontwikkelt tot een blaasworm/metacestode en sommige planten hier ongeslachtelijke voort (➕) 1/2. cysticercus in spierweefsel 3. strobilocercus in lever ➕ 4. coenurus in hersenen ➕ 5/6. hydatideblaas in lever/longen ➕ 7. cysticercoïd in hemocoel 8/9. cysticeroïd in darmen
De tussengastheer wordt opgegeten door de eindgastheer 1/2. mens 3. kat 4/5. hond 6. vos (of hond, wasbeer, of kat) 7. hond, kat of mens 8. paard 9. schaap
In de eindgastheer ontwikkelt de protoscolex van de blaasworm tot een scolex, dit hecht zich aan de darmwand, en uit de scolex groeien de lichaamssegmenten 3. grootste = max 15m 6. kleinste = enkele mm 7. groot = 50cm
In de darm vindt geslachtelijke voortplanting plaats
Dus
Trematoden zijn platwormen
Trematoden hebben een indirecte levenscyclus
TGH en EGH hebben altijd een (incidentele) prooi-jager relatie
Trematoden zijn hermafrodiet, dus één volwassen worm kan geslachtelijk voorplanten
Blaaswormen zorgen voor meer klinische symptomen dan de volwassen worm
ei/proglottiden -> oncosfeer -> blaasworm/metacestode -> volwassen












