Neem als voorbeeld William Topaz McGonagall, die tegenwoordig doorgaat voor de slechtste Britse dichter allertijden. McGonagall, een wever met weinig scholing, kreeg in 1877 goddelijke inspiratie. 'Schrijf, schrijf,' zei een stem in zijn verbeelding tegen hem. Niet gehinderd door talent of aanleg zette hij zich zo goed hij kon aan de opdracht. Hij schreef over de spoorlijnen en bruggen van Edinburgh en Dundee. Hij rouwde om diverse scheepsrampen. Waar hij ook over schreef, zijn metrum was onvoorspelbaar, zijn rijm was pijnlijk geforceerd, zijn register was onbedoeld komisch. Hij stuurde zijn werk naar koningin Victoria en verzocht tevergeefs om een audiëntie. Toch twijfelde hij nooit aan zijn geschiktheid voor de post van hofdichter. Hij had niet alleen recht op die functie, hij was er immers ook voor voorbestemd!











