Vox-Poppen, pest van de moderne journalistiek
Je kent het wel, het journaal heeft een item over de gestegen prijzen van spruitjes en omdat ze het item willen vullen vragen ze de mening van ‘de man in de straat’. Je ziet drie, zogenaamde doorsnee, Henk en Ingrids die een microfoon onder hun neus gedrukt krijgen en hun deskundige mening geven; “Schandalig, ik hou enorm van spruitjes maar met de huidige prijzen moet ik over op chinese kool.” De journalistieke term voor dit verschijnsel is ‘vox-poppen’, afgeleid van het latijnse ‘Vox Populi’ dat stem van het volk betekent.
Tot mijn grote ergernis zie je dit steeds vaker. Over praktisch elk onderwerp moet de mening van het volk gepeild worden. Gaat het nou over of we naar Kunduz moeten, of over de vertragingen op het spoor bij elk vlokje sneeuw, je kan het zo gek niet bedenken of er wordt een verslaggever de straat op gestuurd. Natuurlijk is het handig en interessant om te peilen hoe de bevolking ergens over denkt en daarvoor is iets heel handigs bedacht, een opiniepeiling. Netjes volgens de normen voor representatief onderzoek kan er een vrij goede indicatie worden gegeven over hoe een volk denkt over iets. Maar dit kost vaak tijd, moeite en geld, drie dingen die in de journalistiek steeds schaarser worden. Even een vox-popje kost amper moeite en is ook een stuk sprekender dan wat grafiekjes en diagrammetjes. Daarnaast is de mening van Henk en Ingrid natuurlijk veel makkelijker te verkrijgen door het ze direct te vragen, niks mis mee toch?
Juist alles mis mee! En wel om twee redenen. De eerste is dat de journalist, als hij een punt wil maken, zelf kan selecteren welke meningen hij in meer of mindere mate wil laten zien. En ten tweede, wat interesseert mij de mening van drie willekeurige voorbijgangers nou? Het geeft nou niet bepaald een representatief beeld.
Journalisten willen vaak, zeker in opiniërende stukken, een bepaald punt bewijzen. Als versterking van dit punt worden dan vaak willekeurige mensen gevraagd wat zij vinden van het onderwerp. Stel nou dat de journalist tien mensen heeft ondervraagd. Van deze tien mensen zijn het er drie met hem eens, vijf absoluut oneens en twee zijn niet helemaal zeker. De journalist kiest welke van deze interviews hij gaat uitzenden en kan in dit geval er dus voor kiezen om bijvoorbeeld alle drie de mensen die het wel met hem eens waren uitzenden en één die onzeker of oneens is. Hoppa, mooi verhaaltje er omheen en ja hoor! “Van de mensen door ons geïnterviewd is een groot deel het met deze stelling eens, spruitjes zijn veel te duur.” Journalistiek gezien natuurlijk onverantwoord maar hij zou vast niet de eerste zijn.
Ook vind ik over het algemeen dat de straatinterviews erg weinig bijdragen aan de journalistieke waarde van een stuk. Hoezo is het belangrijk dat Henk van drie hoog twee achter aan de Populierenlaan, het niet eens is met het feit dat we weer naar Afghanistan gaan? Alsof zijn mening representatief is voor half Nederland of op enig belangrijk vlak meetelt in de besluitvorming.
Daarom: snel minderen met de vox-pop-straatinterviewtjes en ons richten op echte journalistiek met echt onderzoek en data die er toe doet. Gebruik straatinterviews hoog uit nog als een illustratie die ondergeschikt staat aan de harde feiten.